mei 2005
Auteurs:
L. Feenstra
Bron:
NTvT mei 2005; 112: 162 - 167
Opmerking:

Thema: Sport en mondgezondheid 2

Rubriek:
Samenvatting:
 

Voor het begrijpen van de problemen die zich bij duikers in het hoofd-halsgebied kunnen voordoen, is kennis nodig van een aantal natuurkundewetten. In beginsel vallen de duikproblemen in het hoofd-halsgebied onder het verschijnsel barotrauma. Barotrauma is weefselbeschadiging die optreedt als gevolg van drukverschil tussen de desbetreffende weefsels en aangrenzende gashoudende holten. De meest voorkomende problemen doen zich voor in afgesloten ruimten, zoals de gehoorgang, het middenoor, het binnenoor, holten in gebitselementen en de bijholten. Daarnaast kunnen de kaakgewrichten, de nervus facialis en de orale slijmvliezen problemen veroorzaken.

Auteurs:
W.A. Scheper, F. Lobbezoo, M.A.J. Eijkman
Bron:
NTvT mei 2005; 112: 168 - 172
Opmerking:
Thema: Sport en mondgezondheid 2
Rubriek:
Samenvatting:
 
Duikers kunnen een aantal uiteenlopende aan duiken gerelateerde orale problemen krijgen. Ten eerste problemen ten gevolge van drukverschillen. Hieronder vallen barodontalgie en odontocrexis. Barodontalgie is pijn in de gebitselementen door het verschijnsel barotrauma. Odontocrexis is het door barotrauma loskomen of breken van een restauratie of het afbreken van een deel van een gebitselement. Tevens kunnen problemen ontstaan door cementen waarmee gegoten restauraties zijn vastgezet, door een ontsteking in het orofaciale gebied en door een nog niet goed genezen orale wond. Ten tweede zijn er problemen gerelateerd aan het duikersmondstuk. Om het mondstuk op zijn plaats te houden, moet de onderkaak meestal in een positie buiten de centrale relatie worden geplaatst. Het vaak aannemen en lang handhaven van deze positie kan een rol spelen in het ontstaan of verergeren van kaakgewrichtsklachten. Een slechte pasvorm van het mondstuk kan ook slijmvliesafwijkingen induceren. Aangeraden wordt een individueel mondstuk te vervaardigen. Ook voor duikers die een gebitsprothese dragen en voor duikers met vaste orthodontische apparatuur is een individueel mondstuk aan te bevelen.
Auteurs:
W.A. Scheper, M.A.J. Eijkman
Bron:
NTvT mei 2005; 112: 173 - 176
Opmerking:
Thema: Sport en mondgezondheid 2
Rubriek:
Samenvatting:
 
Een mondbeschermer is nuttig om letsels van gebitselementen en zachte mondweefsels en de daarbij komende emotionele belasting en de vaak hoge kosten te voorkomen. Sporters zijn zich over het algemeen goed bewust van het nut van een mondbeschermer. Desondanks draagt maar een klein deel van de sporters die een risicovolle sport beoefenen daadwerkelijk een mondbeschermer. Het wel of niet dragen wordt voor een belangrijk deel bepaald door het comfort van de mondbeschermer. Een mondbeschermer moet dus zo comfortabel mogelijk zijn, maar dan nóg is er voor een sporter veel motivatie nodig om de mondbeschermer daadwerkelijk te dragen. Het stimuleren van die motivatie behoort tot de taken van ouders, trainers, (club)artsen en (club)tandartsen. Vooral trainers blijken een grote invloed te hebben op sporters. Bij kinderen geldt dat de ouders de meeste invloed hebben. Ook tandartsen-algemeen practici behoren het tot hun takenpakket te rekenen om sporters en/of hun ouders, hun trainers en hun clubartsen te informeren over de risico’s van mondletsels bij sommige sporten en over de mogelijkheden een individuele mondbeschermer te vervaardigen. Uiteraard moeten zij ook beschikbaar zijn om zowel voor een individuele sporter als in clubverband voor alle actieve clubleden die dat wensen, een mondbeschermer te vervaardigen.
Auteurs:
C. de Baat, R. Peters, C.M. van Iperen-Keiman, M.de Vleeschouwer
Bron:
NTvT mei 2005; 112: 177 - 180
Opmerking:
Thema: Sport en mondgezondheid 2
Rubriek:
Samenvatting:
 
Aangezichtsbeschermers worden vooral gebruikt door beoefenaars van een sport waarbij al of niet met opzet veel lichamelijk contact plaatsvindt, waarin hoge snelheden worden bereikt of waarbij grote risico’s bestaan van lichamelijk contact met een harde bal of een slaghout, een sport met een door medespeler(s) en tegenstander(s) gebruikt beschermmiddel of met een rond het sportterrein geplaatste afscheiding. Tot de aangezichtsbeschermers behoren commercieel verkrijgbare, per tak van sport gestandaardiseerde helmen. Het vervaardigen van individuele aangezichtsbeschermers beperkt zich voornamelijk tot mondbeschermers. Voor incidentele gevallen is er een vraag naar een uitgebreidere aangezichtsbeschermer. Meestal gaat dit om bescherming van een orofaciaal letsel, bijvoorbeeld een chirurgisch gestabiliseerde fractuur. Om een uitgebreidere individuele aangezichtsbeschermer te kunnen vervaardigen, is een nauwkeurig model nodig van het gehele frontale deel van het hoofd. Dit kan worden verkregen door het maken van een in gips uitgegoten afdruk of met behulp van stereolithografie. Op een dergelijk model kan de aangezichtsbeschermer worden ontworpen en daarna worden uitgevoerd in een in alle opzichten veilig materiaal als vacuümgetrokken hoogslagvast polyvinylchloride of polycarbonaat.
Auteurs:
M.A.J. Eijkman
Bron:
NTvT mei 2005; 112: 181 - 183
Opmerking:

Thema: Sport en mondgezondheid 2

Rubriek:
Samenvatting:
 

Doel van dit kwalitatieve onderzoek was na te gaan in hoeverre acht tandartsen-algemeen practici, twee vrouwen en zes mannen, die allen op het gebied van sport Nederland vele malen hebben vertegenwoordigd, een relatie zien tussen het bedrijven van (top)sport en hun beroepsuitoefening. Zeven van de acht respondenten zagen grote overeenkomsten met hun beroepsuitoefening. Vooral als het gaat om zaken als gedisciplineerd en planmatig bezig zijn, het streven naar perfectie, het hebben van een groot concentratievermogen en de eigenschap zich te richten op taakrelevante zaken, zoals het nastreven van doelen en het consequent bezig zijn met training en oefening. Verder merkten sommigen op dat zij in de beroepsuitoefening aan de ene kant voortdurend bezig zijn grenzen te verleggen, terwijl zij aan de andere kant beperkingen hebben leren kennen. In de discussie wordt aandacht besteed aan de kwaliteitsaspecten van het verlenen van mondzorg, aan de vraag wat onder topmondzorg moet worden verstaan en aan de vraag welke de persoonlijkheidskenmerken zijn van tandartsen die topmondzorg verlenen.

Auteurs:
R.H.B. Allard
Bron:
NTvT mei 2005; 112: 184 - 187
Opmerking:
Thema: Sport en mondgezondheid 2
Rubriek:
Samenvatting:
 
De juridische kant van de behandeling van sportletsels onderscheidt zich op een aantal aspecten van een normale tandheelkundige behandeling. Zonodig moet de sporter worden geadviseerd over de noodzaak van een tijdige aansprakelijkheidsstelling, vooral over de mogelijke gevolgen op lange(re) termijn. Ook moet worden nagegaan welke verzekeringen de schade dekken. De overdracht van de behandeling door de eerste-hulp-verlener aan de eigen huistandarts moet zorgvuldig gebeuren. Hierbij moet in het bijzonder aandacht worden besteed aan het waarborgen van een goed vervolgtraject. De zorgplicht van de eerste-hulp-verlener als de patiënt geen eigen huistandarts heeft, strekt zich uit tot het pijnvrij houden en bij letsel aan een gebitselement tot behoud van het gebitselement. Sportletsels komen meestal in het weekend voor, dat wil zeggen in een niet-normale praktijksituatie. Er kan dan eerder – mits gemotiveerd – van de praktijkrichtlijn worden afgeweken.
Auteurs:
S.L. Liem
Bron:
NTvT mei 2005; 112: 188 - 189
Opmerking:

Thema: Sport en mondgezondheid 2

Rubriek:
Samenvatting:
 

Sportduiken brengt risico’s met zich mee. In deze bijdrage komen websites aan bod met informatie over de veiligheid en de gezondheid van mensen bij het sportduiken. Veel nuttige informatie is te vinden op de websites van het Divers Alert Network en van de Nederlandse Vereniging voor Duikgeneeskunde.

Auteurs:
B. Stegenga
Bron:
NTvT mei 2005; 112: 190 - 191
Rubriek:
Samenvatting:
 
Samenvatting van de inaugurele rede uitgesproken door B. Stegenga bij het aanvaarden van het ambt van bijzonder hoogleraar Klinische Epidemiologie in de Tandheelkunde, vanwege de Stichting Bevordering Tandheelkundige Kennis, aan de Rijksuniversiteit Groningen op dinsdag 22 februari 2005.
Bron:
NTvT mei 2005; 112: 192 - 197
Rubriek:
Samenvatting:
 
Bron:
NTvT mei 2005; 112: 198 - 199
Rubriek:
Samenvatting:
 
Prelum Uitgever