Auteurs:
B. Prahl-Andersen
Bron:
NTvT juli 2005; 112: 242 - 246
Rubriek:
Samenvatting:
In dit artikel wordt de omvang van de vraag naar en het aanbod van zorgverlening aan kinderen met een cheilo-, gnatho- en/of palatoschisis in Nederland beschreven en geplaatst in een internationale context. De incidentie van schisis ligt in Nederland rond de 1,8 per 1.000 levend geboren kinderen. In 2004 was het zorgaanbod geconcentreerd in 15 schisisteams. De behandeling van kinderen met een schisis is langdurig en complex. Bovendien is er een grote variatie in reactie op de diverse behandelmethoden. Dit zijn duidelijke redenen om longitudinale patintgegevens, inclusief de patinttevredenheid, te verzamelen en te analyseren. De zorgverlening in Nederland kan in ergelijking met die in andere westerse landen goed worden genoemd, doch: het kan altijd beter.
Auteurs:
J.S.J. Veerkamp
Bron:
NTvT juli 2005; 112: 247 - 250
Rubriek:
Samenvatting:
De American Academy of Pediatric Dentistry, de Amerikaanse vereniging van kindertandartsen, geeft regelmatig herzieningen en uitbreidingen van haar protocollen en richtlijnen uit. Dit artikel is een van commentaar voorziene Nederlandse samenvatting van een speciale uitgave van het tijdschrift. Pediatric Dentistry met gevalueerde protocollen en specialistische artikelen die richtinggevend zijn voor het algemeen aanvaarde gedrag van de Amerikaanse kindertandartsen. De protocollen voor de behandeling van kinderen zijn aangepast aan de moderne tijd, maar weinig concreet omschreven. Voor de toepasbaarheid van deze protocollen en richtlijnen in de Nederlandse klinische kindertandheelkunde wordt aanbevolen meer op de leeftijd en het bijbehorende gedrag van een kind te letten en het handelen te baseren op de resultaten van klinisch onderzoek.
Auteurs:
M.A.J. Eijkman
Bron:
NTvT juli 2005; 112: 251 - 255
Rubriek:
Samenvatting:
Het doel van het proefschrift ‘Tandarts en patiëntenvoorlichting; een terreinverkenning in de (T.)G.V.O.’ was in 1979 vooral (tand)artsen, bandheelkundestudenten en mondhygiënisten inzichten en praktische mogelijkheden aan te reiken die hun in de praktijk van de patiëntenvoorlichting van nut konden zijn. In de afgelopen 25 jaar is deze lijn van denken voortgezet. Twee grote literatuuronderzoeken zijn in boekvorm gepubliceerd. Daarnaast werd een aantal onderzoeken uitgevoerd. Vastgesteld wordt dat heden ten dage individueel gerichte patiëntenvoorlichting niet meer uit de tandartspraktijken is weg te denken. Massale publiekscampagnes om de bevolking aan te zetten tot gebitsbewust gedrag worden in vergelijking met de periode 1970-1985 daarentegen thans vrijwel niet meer uitgevoerd. Tandpasta-en kauwgumreclames via radio en televisie zijn echter gebruikelijke media-uitingen geworden om de bevolking aan te moedigen deze producten te gaan gebruiken. Verder is gebleken dat de communicatie door tandartsen en de tevredenheid over de verleende mondzorg in de opinie van de patiënten nauw met elkaar zijn verbonden. Door de invoering van de Wet geneeskundige behandelingsovereenkomst heeft patiëntenvoorlichting, in vergelijking met 25 jaar geleden, nu ook een juridisch karakter gekregen.
Auteurs:
K.N.A. Michiels, T.B.M.de Rijcke, H.G.A. Bredewoud, A.E. Koch, I. van der Waal
Bron:
NTvT juli 2005; 112: 256 - 257
Rubriek:
Samenvatting:
Een 51-jarige man hield klachten na een endodontische behandeling aan gebitselement 22. Besloten werd tot een chirurgische apicale endodontische behandeling. Uit het histopathologische onderzoek van het daarbij verwijderde periapicale weefsel bleek sprake van een osteosarcoom. Retrospectief was op de rntgenfoto voorafgaand aan de endodontische behandeling reeds een voor een maligniteit verdacht beeld zichtbaar.
Auteurs:
P. de Baat, M.P. Heijboer, C. de Baat
Bron:
NTvT juli 2005; 112: 258 - 263
Rubriek:
Samenvatting:
Botten zijn cruciaal voor het menselijk lichaam en hebben een skelet-, een beenmerg- en een metabole functie. Pijpbeenderen ontwikkelen zich door endochondrale ossificatie. Platte beenderen ontstaan door endesmale osteogenese. Botweefsel bestaat voornamelijk uit hydroxylapatiet en verschillende extracellulaire eiwitten die een matrix vormen. Twee biologische mechanismen die de sterkte van bot bepalen zijn modellering en remodellering. Modellering kan de vorm en grootte van bot veranderen door vorming van bot op bepaalde plaatsen via osteoblasten en afbraak van bot op andere plaatsen via osteoclasten. Remodellering zorgt voor de ombouw van bot, ook via osteoclasten en osteoblasten. De processen van modellering en remodellering worden aangestuurd door de belasting die op het bot wordt uitgeoefend, waarbij spieren voor de grootste belasting zorgen. Osteoblasten ontwikkelen zich uit mesenchymale stamcellen. Er zijn veel stoffen bekend die dit proces reguleren. Rijpe osteoblasten kunnen botmatrix vormen en differentiren daarna tot osteocyten. Osteocyten hebben als taak de architectuur an het bot in stand te houden en ervoor te zorgen dat bot zich kan aanpassen aan mechanische en chemische invloeden. Osteoclasten komen voort uit hematopotische stamcellen. Er zijn veel stoffen bekend die de vorming en functie van osteoclasten reguleren. Ten slotte bestaat er nog een ingewikkeld interactiemechanisme tussen osteoclasten en osteoblasten. Afbraak van bot begint met hechting van osteoclasten aan het botoppervlak. Hierna ondergaan de osteoclasten specifieke morfologische veranderingen. Het afbraakproces begint met het afbreken van hydroxylapatiet. Daarna beginnen de osteoclasten met de afbraak van de organische matrix.
Bron:
NTvT juli 2005; 112: 264 - 270
Rubriek:
Samenvatting:
Bron:
NTvT juli 2005; 112: 271 - 272
Rubriek:
Samenvatting: