Auteurs:
C. van Loveren
Bron:
NTvT april 2007; 114: 154 - 154
Opmerking:
Thema: Evidence-based tandheelkunde
Rubriek:
Samenvatting:
Er bestaat een brede maatschappelijke interesse om de kwaliteit van de gezondheidszorg en dus ook van de tandheelkunde te verhogen en transparanter te maken. ‘Evidence-based’ tandheelkunde kan hier een belangrijke bijdrage aan leveren en dient derhalve een belangrijke rol binnen de tandheelkundige beroepsuitoefening te spelen. Een belangrijke component van evidence-based tandheelkunde is transparantie. Hoe is men gekomen tot een bepaalde behandelstrategie, hoe was de kwaliteit van de diagnostiek, welke beslissingen zijn er genomen en hoe betrouwbaar was de informatie waarop dit alles is gestoeld?
Auteurs:
B. Stegenga, P.U. Dijkstra
Bron:
NTvT april 2007; 114: 155 - 160
Opmerking:
Thema: Evidence-based tandheelkunde
Rubriek:
Samenvatting:
De laatste decennia hebben de klinische domeinen (etiologie, diagnostiek, prognostiek en therapie) zich, in methodologische zin, enorm ontwikkeld. Hierdoor stellen wetenschappelijke tijdschriften steeds hogere eisen aan de kwaliteit van de publicaties en de daaraan ten grondslag liggende onderzoeksopzet. Op evidentie gebaseerde richtlijnen voor de praktijk worden, ook binnen de tandheelkunde, in toenemende mate ontwikkeld en toegepast. Een ‘evidence-based’ praktijkvoering is opgebouwd uit een aantal stappen, met een beantwoordbare klinische vraagstelling als uitgangspunt voor de zoekstrategie die leidt tot het identificeren van de beschikbare relevante publicaties. Na kritische beoordeling daarvan op basis van criteria van validiteit, betrouwbaarheid en toepasbaarheid, is men in staat de evidentie te wegen. Deze evidentie wordt vervolgens geïncorporeerd in de beantwoording van de klinische vraagstelling en de op basis hiervan te nemen beslissing voor de individuele patiënt. Door de ontwikkelingen binnen de maatschappij, het mondiger worden van patiënten als kritische consument en bezuinigingen bij de overheid en de zorgverzekeraars in de afgelopen jaren neemt de invloed van de evidentie afkomstig uit de medische en tandheelkundige literatuur op de praktijkvoering enorm toe. Het is niettemin de clinicus die de afwegingen maakt, beslissingen neemt en deze verantwoordt, op basis van de beschikbare evidentie en de kwaliteit daarvan, de voorkeuren en waarden van de patiënt, de actuele klinische situatie en de maatschappelijke stroming.
Auteurs:
I.H.A. Aartman, C. van Loveren
Bron:
NTvT april 2007; 114: 161 - 165
Opmerking:
Thema: Evidence-based tandheelkunde
Rubriek:
Samenvatting:
In het proces van ‘evidence-based’ tandheelkunde moet van elk gevonden artikel dat is geselecteerd op basis van een zoekactie worden bepaald hoeveel zeggingskracht het heeft. Dit wordt gedaan op grond van het gebruikte onderzoeksontwerp. De interne validiteit hiervan geeft de mate aan waarin alternatieve verklaringen voor de gevonden resultaten verantwoordelijk kunnen zijn. Op basis van de interne validiteit kunnen onderzoeksontwerpen geplaatst worden op de zogenaamde ladder van ‘evidence’. Hoog op deze ladder staat onderzoek met veel zeggingskracht, laag op de ladder onderzoek dat veel alternatieve verklaringen toelaat. Klinisch experimenteel onderzoek (gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek, cross-over design en split-mouth onderzoek), waarin de onderzoeker een verandering aanbrengt of een interventie pleegt en de overige factoren constant houdt, heeft een hoge interne validiteit. In observationeel onderzoek (cohortonderzoek, patiënt-controleonderzoek, cross-sectioneel onderzoek, patiëntenserie en casusonderzoek), waarin groepen vanuit de bestaande situatie worden bestudeerd en vergeleken, kan vertekening optreden, resulterend in een lagere interne validiteit, waardoor dit onderzoek lager op de ladder van evidence staat. Voor het op waarde schatten van een onderzoek is enig begrip van wat deze onderzoeksontwerpen inhouden onontbeerlijk.
Auteurs:
I.H.A. Aartman, C. van Loveren
Bron:
NTvT april 2007; 114: 166 - 171
Opmerking:
Thema: Evidence-based tandheelkunde
Rubriek:
Samenvatting:
Om als tandarts-algemeen practicus een geldig antwoord te kunnen geven op een vraag gesteld volgens de ‘probleem-interventie-comparison-outcome’ (PICO)-systematiek, kunnen vragen worden gesteld die de validiteit, het belang en de toepasbaarheid van een onderzoek betreffen. De validiteit wordt bepaald door de plek van het onderzoek op de ladder van ‘evidence’, en door een methodologische kwaliteitsbeoordeling, waarbij de uitvoering van het onderzoek wordt beoordeeld op basis van een aantal criteria. Een gerandomiseerd gecontroleerd klinisch onderzoek kan beoordeeld worden op randomisatieprocedure, blindering
van patiënten, effectbeoordelaars en behandelaars, en uitval. Bij cohortonderzoek en patiënt-controleonderzoek zijn de criteria waarop een artikel beoordeeld kan worden vergelijkbaarheid van de groepen, onafhankelijkheid van de metingen en duur en volledigheid van de follow-up. Bij alle soorten onderzoek is het daarnaast van belang dat de kwaliteit van de meetmethoden goed is. De beoordelingscriteria voor systematisch literatuuronderzoek zijn een heldere vraagstelling, een duidelijk beschreven en te dupliceren zoekactie van artikelen en een onafhankelijke beoordeling van de methodologische kwaliteit van de artikelen.
Ten slotte moet de tandarts-algemeen practicus bij het bepalen van de toepasbaarheid letten op de steekproef en het type
patiënt dat is gebruikt in het onderzoek.
Auteurs:
C. van Loveren, I.H.A. Aartman
Bron:
NTvT april 2007; 114: 172 - 178
Opmerking:
Thema: Evidence-based tandheelkunde
Rubriek:
Samenvatting:
Om een klinische vraag te beantwoorden is de PICO-systematiek een effectieve procedure. ‘P’ staat voor probleem of patiënt,
‘I’ voor interventie, ‘C’ voor comparison (vergelijking) en ‘O’ voor outcome (uitkomst). Eerst wordt de PICO-vraag geformuleerd, daarna wordt het domein (therapie/preventie, diagnose, etiologie/risico of prognose) vastgesteld waartoe de vraag behoort, alsmede het type onderzoek waarmee de vraag moet worden beantwoord. Vervolgens worden in- en exclusiecriteria geformuleerd om het probleem of de specifieke patiëntfactoren zo nauwkeurig mogelijk vast te leggen. Alvorens in literatuurbestanden te kunnen zoeken moet de PICO-vraag omgezet worden in trefwoorden. Gevonden artikelen dienen op hun wetenschappelijke kwaliteit en bruikbaarheid voor de beantwoording van de vraag te worden beoordeeld. Na deze procedure kan een ‘evidence-based’ antwoord op de oorspronkelijke vraag worden gegeven.
Auteurs:
W.J.M. van der Sanden, M.E.L. Nienhuijs, T.G. Mettes
Bron:
NTvT april 2007; 114: 179 - 186
Opmerking:
Thema: Evidence-based tandheelkunde
Rubriek:
Samenvatting:
Klinische praktijkrichtlijnen zijn een bij uitstek geschikt middel voor het op een effectieve en efficiënte manier op peil houden van de kennis over een specifiek klinisch onderwerp. Zij zijn opgebouwd uit de klinische expertise van de dagelijkse praktijk, het wetenschappelijke bewijs uit publicaties en de mening van patiënten. Samen vormen zij de kern van het gedachtegoed van de ‘evidence-based’ tandheelkunde. De ontwikkeling van klinische praktijkrichtlijnen dient te geschieden volgens een vast protocol. Hierbij wordt gebruikgemaakt van systematische literatuuroverzichten. De Cochrane Collaboration is een organisatie die dergelijke literatuuroverzichten ontwikkelt. Klinische praktijkrichtijnen zijn een cruciaal onderdeel van evidence-based tandheelkunde. Evidence-based tandheelkunde dient geïntegreerd te worden in de opleiding en de dagelijkse praktijk van de tandheelkunde. De oprichting van een landelijk centrum voor de evidence-based ontwikkeling én implementatie van klinische praktijkrichtlijnen, in samenwerking met andere zorgdisciplines, zou hoogste prioriteit moeten krijgen om kwaliteitszorg en waarborging van het tandheelkundig handelen in eigen hand te houden.
Auteurs:
P.A. Mileman, W.B. van den Hout
Bron:
NTvT april 2007; 114: 187 - 194
Opmerking:
Thema: Evidence-based tandheelkunde
Rubriek:
Samenvatting:
De toepassing van ‘evidence-based’ tandheelkunde op diagnostiek moet ertoe leiden dat er minder foutieve beslissingen worden genomen. Het aantal foutieve beslissingen wordt niet alleen bepaald door de diagnostische accuratesse, maar ook door de kans dat de ziekte aanwezig is. Is deze kans laag dan kan het uitvoeren van een diagnostische test leiden tot meer foutieve beslissingen en behandelingen dan wanneer wordt afgezien van testen en behandelen. Hierbij moet ook de waardering voor de mogelijke tandheel-kundige uitkomsten in aanmerking worden genomen. Deze kan worden bepaald door een patiënt zijn waardering van een bepaalde tandheelkundige situatie op een visueel analoge schaal te laten aanwijzen. Hoewel de besliskundige aanpak een weerslag begint te krijgen in diagnostische richtlijnen dient de toepassing ervan in de tandheelkunde nog verder te worden ontwikkeld en onderzocht.
Bron:
NTvT april 2007; 114: 195 - 197
Opmerking:
Correspondentie over deze rubriek aan: redactie@ntvt.nl.
Kopieën van in deze rubriek besproken artikelen zijn tegen kostenvergoeding op aanvraag verkrijgbaar bij: L.J.H. Hofman, Bibliotheek Tandheelkunde, Philips van Leydenlaan 25, postbus 9101, 6500 HB Nijmegen, tel. 024-3614131.
Rubriek:
Samenvatting:
Restauratieve tandheelkunde: Klasse I- en II-composietrestauraties na 17 jaar. Kindertandheelkunde: Stand van zaken van ‘molar incisor hypomineralisation’. Orthodontie: Het plakken van brackets op porselein. Mondziekten en kaakchirurgie: Liphypertrofie als bijwerking van ciclosporine. Gerodontologie: Voeding en kwaliteit van leven van edentaten.
Bron:
NTvT april 2007; 114: 198 - 198
Rubriek:
Samenvatting:
Beperking van erosie door fluoride - ‘Oral medicine’ in de praktijk.
A. Vieira: Erosive enamel wear. Macleod I,Crighton A: Quintessentials. Oral surgery & oral medicine 3. Practical oral medicine.