×

Chirurgie niet noodzakelijk bij unilaterale condylaire hyperplasie

7 november 2019 Geen reacties

Unilaterale condylaire hyperplasie (UCH) is een aandoening die gekenmerkt wordt door progressieve asymmetrie van de mandibula. De incidentie is onduidelijk, maar er wordt geschat dat zich jaarlijks ongeveer 2-10 hyperactieve gevallen melden. De aandoening is self-limiting en wordt veroorzaakt door een op groei gelijkend proces van hyperactiviteit in een van de condylen. Het doel van het proefschrift van Jitske W. Nolte was om meer inzicht te krijgen in de etiologie van deze aandoening en om handvaten aan te reiken voor een classificatie en behandeling.

Nolte laat zien dat ten gevolge van hyperactiviteit in de condylus of het vermeende groeicentrum, verschillende deformiteiten van de mandibula op kunnen treden. Deze kunnen echter worden beschouwd als fenotypische kenmerken van hetzelfde ziekteproces. De oorzaken van de pathologische botvermeerdering in het groeicentrum blijft echter onduidelijk. In haar onderzoek vond Nolte wel dat somatische mosaïcisme, een biologisch fenomeen waarbij genetische mutaties kunnen ontstaan, de lokale overgroei bij patiënten met UCH zou kunnen verklaren.

In de literatuur is nog geen eenduidige classificatie voor UCH-patiënten te vinden. Voor de screening wordt momenteel veelal gebruikgemaakt van een panoramische röntgenopname, wat een goede reproduceerbaarheid heeft. De top en de hals van de condylus zijn echter de minst betrouwbare regio’s om röntgenologisch te beoordelen en op het tweedimensionale beeld kunnen geen volumes gemeten worden. Het gebruik van conebeam Computer Tomogrammen (CBCT’s) bleek een bruikbare en accurate modaliteit voor kwantificatie en evaluatie van mandibulaire asymmetrie en was bruikbaar voor objectieve monitoring. Objectieve kwantificatie van wekedelenasymmetrie met behulp van 3D-stereofotogrammetrie was valide gebleken om mandibulaire asymmetrie te beoordelen. Het is met deze techniek mogelijk om patiëntgroepen met faciale asymmetrie in UCH te vergelijken en de progressie en evaluatie van behandelresultaten te volgen.

Op basis van haar onderzoek concludeert Nolte dat niet bij alle patiënten met UCH chirurgie voor correctie noodzakelijk is. Partiële condylectomie met een postoperatieve remodellingperiode van 6 maanden wordt aanbevolen voor patiënten met actieve UCH. Secundaire, correctieve chirurgie kan noodzakelijk zijn na evaluatie van resterende asymmetrie.

Op 6 november 2019 promoveerde Jitske W. Nolte aan de Universiteit van Amsterdam op haar proefschrift ‘Challenges in unilateral condylar hyperplasia’. Promotor was prof. dr. A.G. Becking en copromotor was prof.dr T.J.J. Maal.

Leestip: Eerder gepubliceerde artikelen van Jitske W. Nolte in het NTVT waren:
- ‘Unilaterale Condylaire hyperactiviteit’ in de editie van oktober 2012
- ‘Een gingivahyperplasie op basis van neurofibromatose’ in de editie van april 2012
- ‘Verrassende witte laesies’ in de editie van september 2011