Zoek in het NTvT archief

Er zijn 662 zoekresultaten gevonden.

  • Herkenning van wekedelenopaciteiten op een panoramische röntgenopname: dystrofische calcificaties

    E.H. van der Meij, W.E.R. Berkhout, G.C.H. Sanderink, J.G.A.M. de Visscher

    8 februari 2019

    NTvT februari 2019 Onderzoek en wetenschap

  • Regelmatig worden op een panoramische röntgenopname opake structuren gezien die niet in het bot maar in de weke delen zijn gelegen. De differentiële diagnose van dergelijke opaciteiten is divers en bevat vaak voorkomende maar ook zeldzame afwijkingen. Vanwege de diversiteit is het klinisch duiden van een wekedelenopaciteit vaak lastig. Er wordt onderscheid gemaakt in heterotopische calcificaties, heterotopische ossificaties en corpora aliena. Heterotopische calcificaties worden onderverdeeld in 3 groepen, te weten dystrofische, idiopathische en metastatische calcificaties. In dit artikel wordt de nadruk gelegd op de radiologische en klinische kenmerken van dystrofische calcificaties en hoe deze op een panoramische röntgenopname kunnen worden herkend. Bij dystrofische calcificaties slaan calciumzouten neer in chronisch ontstoken of necrotisch weefsel.

  • De inhoud van publicaties in het Nederland Tijdschrift voor Tandheelkunde. Een patroonanalyse over de tijd

    P. van der Wouden, G,J.M.G. van der Heijden, H. Shemesh, P.A.A. van den Besselaar

    8 februari 2019

    NTvT februari 2019 Onderzoek en wetenschap

  • In 2018 bestond het NTVT 125 jaar. Een aanleiding om eens systematisch in kaart te brengen welke onderwerpen het NTVT sinds het jaar 2000 onder de aandacht heeft gebracht. Deze onderwerpen werden vervolgens vergeleken met Nederlandse tandheelkundige publicaties in de internationale literatuur én met de belangrijkste mondzorgdeelgebieden. Hieruit bleek dat in het NTVT het aandeel van bepaalde deelgebieden zoals sociaaltandheelkundige onderwerpen in die 18 jaar was toegenomen en andere onderwerpen zoals fundamenteel wetenschappelijke onderwerpen, minder aandacht kregen. Onderzoek uit bepaalde deelgebieden liet in deze analyse een sterke internationale oriëntatie zien. Daarnaast bleek er een beperkte samenhang tussen deelgebieden waar de grootste zorgkosten mee gemoeid zijn (zoals cariologie en preventieve tandheelkunde) en de onderzoeksinspanning. Dit gold zowel voor internationale publicaties als publicaties in het NTVT.

  • Serie: Hora est. De ontwikkeling en evaluatie van de WitGebit app

    J.F.M. Scheerman

    8 februari 2019

    NTvT februari 2019 Onderzoek en wetenschap

  • Het hoofddoel van het promotieonderzoek was het ontwikkelen en evalueren van de WitGebit app, een smartphone app ter bevordering van het mondgezondheidsgedrag en de mondhygiëne bij jongeren in de leeftijd van 12 tot 16 jaar die vaste orthodontische apparatuur dragen. ‘Intervention Mapping’ (IM) werd toegepast om op een planmatige wijze de app te ontwikkelen en te evalueren. Volgens IM start de ontwikkeling met een analyse van het gezondheidsprobleem en de daaraan gerelateerde psychosociale factoren en het gezondheidsgedrag. Om de psychosociale factoren van het mondhygiënegedrag van de doelgroep in kaart te brengen, is systematisch literatuuronderzoek met meta-analyse, cross-sectioneel klinisch onderzoek en kwalitatief onderzoek verricht. Om via de app deze psychosociale factoren te beïnvloeden en voortdurende gedragsondersteuning mogelijk te maken, werden verschillende gedragsveranderingstechnieken in deze app verwerkt. De app geeft feedback over het mondgezondheidsgedrag van gebruikers en stelt gebruikers in staat hun gedrag te evalueren en te monitoren. Uit een gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek bleek dat de app de mondhygiëne na 12 weken verbeterde bij jongeren met vaste orthodontische apparatuur.

  • De MTI-scanner: een EPD-geïntegreerde kwaliteits- en veiligheidsmodule voor medisch tandheelkundige interacties

    W.M.H. Rademacher, Y. Aziz, D.E. van Diermen, F.R. Rozema

    4 januari 2019

    NTvT januari 2019 Onderzoek en wetenschap

  • Door de vergrijzing zal de mondzorgverlener steeds vaker geconfronteerd worden met medisch gecompromitteerde patiënten. Zowel de lichamelijke aandoeningen als het medicijngebruik kunnen consequenties hebben voor de mondgezondheid of de tandheelkundige behandeling. In de praktijk is het vaak ondoenlijk om alle medisch tandheelkundige interacties paraat te hebben. Om de mondzorgverlener te ondersteunen bij het leveren van veilige zorg, is er een hulpmiddel ontwikkeld. De medisch tandheelkundige interacties-scanner ondersteunt zowel patiënt als mondzorgverlener bij het afnemen van de medische anamnese en koppelt de daarbij verkregen informatie aan beschikbare literatuur. Hierdoor wordt het mogelijk om de zorgverlener te voorzien van patiënt-specifieke aanbevelingen over potentiële medicatiebijwerkingen, intraorale manifestaties van lichamelijke aandoeningen en het voorkomen van acute situaties.

  • Serie: Medicamenten en mondzorg. Mechanismen van interacties van medicamenten

    A. Vissink, C. de Baat, D.J. Brinkman, W. Roggen, B. Stegenga, F.K.L. Spijkervet

    4 januari 2019

    NTvT januari 2019 Onderzoek en wetenschap

  • Interacties tussen medicamenten of van een medicament met een ander product dat een patiënt gebruikt, kunnen leiden tot het onwerkzaam worden van een medicament of tot versterking van de bijwerkingen. Door een goede anamnese weet een tandarts vaak wel welke medicamenten een patiënt gebruikt en kan daarmee bij het voorschrijven van een medicament rekening worden gehouden. Zelfzorgmiddelen en specifieke voedingsmiddelen worden vaak niet spontaan door een patiënt gemeld, maar kunnen wel interacties aangaan met een medicament dat wordt voorgeschreven. Een tandarts moet op de hoogte zijn van de interacties die een voorgeschreven medicament kan aangaan met de andere medicamenten en producten die een patiënt gebruikt. Tandartsen moeten daarom actief naar deze medicamenten en producten vragen en deze gegevens vastleggen in het patiëntendossier.

  • Een goede tandarts-patiëntrelatie bevordert de mondgezondheid van de patiënt. Voor het opbouwen en onderhouden van zo’n relatie zijn goede communicatieve vaardigheden essentieel. Allereerst is een open, empathische houding belangrijk, waarbij tandartsen zich ervan bewust zijn dat fouten gemaakt kunnen worden in de interpretatie van gedrag. Goede observatievaardigheden zijn nodig om (non-)verbale signalen op te merken die aanwijzingen geven over hoe het verhaal van de patiënt geïnterpreteerd moet worden. Door non-verbaal, paralinguaal en verbaal luistergedrag te vertonen, kan een tandarts laten zien dat hij aandacht voor de patiënt heeft. Bij het bespreken van bevindingen is het verder voor patiënten belangrijk dat zij een duidelijke uitleg krijgen en gelegenheid hebben om vragen te stellen. Het is dan verstandig om aandacht te besteden aan verwachtingen die de patiënt van de behandeling heeft, de voor- en nadelen van behandelopties te benoemen en transparant te zijn bij het optreden van complicaties.

  • Herkenning en melding van kindermishandeling door orthodontisten

    N. van Wezel, A. Bos, J.J.M. Bruers

    7 december 2018

    NTvT december 2018 Onderzoek en wetenschap

  • In 2013 werd de meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld ingevoerd, die zorgverleners verplichtte melding te doen bij verdenking van kindermishandeling of huiselijk geweld. In 2014 is hierover onder tandartsen een enquête uitgevoerd. Over het gebruik van de meldcode onder orthodontisten was echter nog niets bekend. In december 2015 is naar leden van de NVvO een enquête verstuurd. De enquête bestond uit 20 items over het toepassen van de meldcode en ervaringen met patiënten. De meeste orthodontisten waren op de hoogte van de meldcode (83%) en hadden deze in de praktijk geïmplementeerd (64%). Toch vonden orthodontisten het moeilijk om signalen van kindermishandeling te herkennen. Voornamelijk vanwege het gebrek aan ervaring op dit gebied. De meeste orthodontisten die mishandeling vermoedden, ondernamen actie, voornamelijk door advies te vragen aan Stichting Veilig Thuis.

  • Enkeltandsvervanging in de esthetische zone van de bovenkaak is een betrouwbare behandeloptie, maar recessie van de midbuccale mucosa leidt regelmatig tot een suboptimaal esthetisch eindresultaat. Verdikking van de buccale mucosa door het aanbrengen van een bindweefseltransplantaat kan mogelijk het eindresultaat verbeteren. In dit promotieonderzoek werd derhalve onderzocht wat het effect van het aanbrengen van een bindweefsel­transplantaat is op de conditie en de esthetiek van de peri-implantaire weefsels bij enkeltandsvervanging in de esthetische zone. Bij direct geplaatste en gerestaureerde implantaten resulteerde het aanbrengen van een bindweefsel­transplantaat tot iets minder recessie van de midbuccale mucosa. Dit effect werd niet gezien bij conventioneel geplaatste implantaten in een geaugmen­teerde extractiealveole. Met andere woorden: het aanbrengen van een bindweefsel­transplantaat had weinig effect op het esthetische eindresultaat en moet niet als een standaardprocedure worden toegepast.

  • Serie: Medicamenten en mondzorg.Systematisch literatuuronderzoek naar effect van medicatie op de speekselklieren

    A. Wolff, R.K. Joshi, J. Ekström, D. Aframian, A.M.L. Pedersen, G. Proctor, N. Narayana, A.  Villa, Y.W. Sia, A. Aliko, R. McGowan, R. Kerr, S.B. Jensen, A. Vissink, C. Dawes

    9 november 2018

    NTvT november 2018 Onderzoek en wetenschap

  • Evidencebased overzichten van medicamenten die medicatie-geïnduceerde disfunctie van de speekselklieren, zoals hyposialie of het gevoel van een droge mond (xerostomie) veroorzaken, ontbreken. Voor het samenstellen van een lijst met medicamenten die de speekselklierfunctie beïnvloeden werd in elektronische databases gezocht naar relevante literatuur (tot juli 2013). Van de 3.867 gevonden artikelen voldeden 269 artikelen aan de inclusiecriteria (relevantie, kwaliteit van de onderzoeksmethoden, bewijskracht). In totaal 56 actieve stoffen met een grotere bewijskracht en 50 actieve stoffen met een matige bewijskracht voor het veroorzaken van een speekselklierdisfunctie werden in deze artikelen beschreven. Hoewel xerostomie algemeen als resultaat werd vermeld, was zelden het objectieve effect op de speekselsecretie gemeten. Xerostomie was bovendien vooral gerapporteerd als negatieve bijwerking in plaats van als het beoogde resultaat van medicatiegebruik. Van de medicatie met een gedocumenteerd effect op de speekselklierfunctie of -symptomen werd een uitgebreid overzicht samengesteld dat voor mondzorgverleners behulpzaam kan zijn bij het evalueren van patiënten met monddroogheidsklachten.

  • Een overkappingsprothese op implantaten is de aangewezen behandeling bij patiënten met klachten over hun conventionele gebitsprothese. Alhoewel er veel bekend is over het functioneren van een overkappingsprothese op implantaten in de onderkaak, is er minder bekend over het functioneren van een overkappingsprothese in de bovenkaak. In dit promotieonderzoek werden verschillende aspecten van een overkappingsprothese op 4 implantaten in de bovenkaak belicht. Uit een systematisch literatuuronderzoek bleek dat een met een overkappingsprothese (boven of onder) op implantaten de kauwfunctie verbeterde, de maximale bijtkracht toenam en de patiënttevredenheid toenam. Tevens bleken implantaten geplaatst met een maximale dehiscentie van tweederde van het implantaatoppervlak na 5 jaar nog goed te functioneren. Een overkappingsprothese op een staafmesostructuur ging gepaard met minder marginaal botverlies, een betere subjectieve kauwfunctie en een betere patiënttevredenheid dan een overkappingsprothese op locators. De verschillen waren echter klein en vanuit het perspectief van de kosteneffectiviteit zou een overkappingsprothese op locators geen verkeerde keuze zijn.

Selecteer zoekcriteria