Zoek in het NTvT archief

Er zijn 642 zoekresultaten gevonden.

  • Gebruik van wetenschappelijke tijdschriften en vakbladen door tandheelkundestudenten in Nederland

    P. Panahi Moghaddam, W.G. Brands, H.S. Brand

    9 februari 2018

    NTvT februari 2018 Onderzoek en wetenschap

  • In welke mate raadplegen tandheelkundestudenten in Amsterdam, Groningen en Nijmegen wetenschappelijke tijdschriften en vakbladen? In onderhavig onderzoek werd dit geïnventariseerd door middel van een digitale vragenlijst. Aan het onderzoek hebben 333 tandheelkundestudenten (respons 20%) deelgenomen, waarvan 69% ervaring had met het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek. Van de studenten was 65% geabonneerd op een tandheelkundig tijdschrift. Van de Nederlandstalige tijdschriften werden het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde en het Nederlands Tandartsenblad frequent door studenten geraadpleegd. Internationale publicaties werden vooral door masterstudenten geraadpleegd, zij het minder frequent dan Nederlandse publicaties. Uit het onderzoek bleek dat 77% van de studenten het belangrijk vindt dat aandacht wordt geschonken aan het ontwikkelen van wetenschappelijke vaardigheden tijdens de studie. Het lijkt dan ook aan te raden vroeg in het tandheelkundig curriculum aandacht te besteden aan het ontwikkelen van wetenschappelijke vaardig­heden, zodat tandheelkundestudenten leren adequaat publicaties te selecteren en te interpreteren.

  • Onderzoek naar mogelijke succesvariabelen bij de behandeling van kokhalspatiënten

    E.A. Veldt, J. H. Vermaire, C.M.H.H. van Houtem, A. de Jongh

    9 februari 2018

    NTvT februari 2018 Onderzoek en wetenschap

  • Een buitenproportioneel sensitieve kokhalsreflex kan een adequate tandheelkundige behandeling in de weg staan. Omdat een evidencebased behandeling voor deze aandoening vooralsnog niet voorhanden is, werden patiënten- en succesvariabelen van de behandeling onderzocht. Dit gebeurde door bij 40 personen die in een Centrum voor Bijzondere Tandheelkunde waren behandeld vanwege extreme kokhalsproblematiek, 2 jaar na de behandeling zowel een dossieronderzoek uit te voeren als interviews af te nemen. Bij de helft van de respondenten bleken de kokhalsklachten verdwenen of hanteerbaar geworden, terwijl van de andere helft de klachten gelijk waren gebleven. Het maakte daarbij niet uit welke interventie er werd ingezet. Om erachter te komen hoe en bij wie kokhalsklachten het best kunnen worden behandeld, is onderzoek onder grotere patiëntengroepen noodzakelijk.

  • Externe cervicale wortelresorptie

    C.J. Warnsinck, H. Shemesh

    9 februari 2018

    NTvT februari 2018 Onderzoek en wetenschap

  • Externe cervicale wortelresorptie begint aan het worteloppervlak ten gevolge van clastische activiteit in het cervicale gebied, heeft een progressief karakter en de pulpa raakt bij dit proces pas in een laat stadium betrokken. De etiologie en pathogenese van externe cervicale resorptie zijn niet precies bekend. Mogelijk predisponerende factoren zijn onder meer orthodontie, trauma, intern bleken, onderbroken glazuurcementgrens, bruxisme, hypoxie. Een ‘pink spot’ is vaak het eerste klinische verschijnsel en het tweedimensionale röntgenbeeld presenteert zich meestal als een vage radiolucentie met onscherpe begrenzing. Conebeamcomputertomografie is een steeds belangrijker hulpmiddel bij de diagnose, de prognose en de behandelingsplanning van externe cervicale resorptie. Voor de behandeling ervan kan gekozen worden voor een externe of interne benadering, afhankelijk van de grootte van het defect.

  • De bilaterale sagittale splijtingsosteotomie (BSSO) is een operatietechniek die wordt gebruikt om hypoplasie, hyperplasie of scheefgroei van de onderkaak te corrigeren. Het risico op complicaties bij de BSSO met splijttang en splijthevels, de zogenoemde splijttang-splijtheveltechniek, en de voorspelbaarheid van deze techniek werden geanalyseerd. De gemiddelde prevalentie van complicaties bij klassieke BSSO-technieken werd door middel van een literatuuronderzoek vastgesteld. Met klassieke technieken kwam een bad split voor in 2,3% van de geopereerde zijden, verwijdering van het osteosynthesemateriaal vanwege klachten bij 11,2% van de patiënten en permanente gevoelsstoornissen van het verzorgingsgebied van de nervus mentalis bij 33,9% van de patiënten. Bij BSSO met splijttang en splijthevels kwam een bad split voor in 2,0% van de geopereerde zijden, noodzakelijke verwijdering van osteosynthesemateriaal bij 5,6% van de patiënten en permanente gevoelsstoornissen van de onderlip bij 9,9% van de patiënten. Verwijdering van derde molaren tijdens BSSO geeft mogelijk een kleine verhoging van het risico op een bad split, maar heeft geen invloed op andere complicaties. Geconcludeerd kan worden dat een BSSO uitgevoerd met de splijttang-splijtheveltechniek een betrouwbare techniek is, met een opvallend lage prevalentie van permanente gevoelsstoornissen van de onderlip.

  • Preventieve tandheelkunde 9. Niet-Restauratieve Caviteitsbehandeling: voortschrijdend inzicht of controversieel?

    R.J.M. Gruythuysen, A.J.P. van Strijp

    5 januari 2018

    NTvT januari 2018 Onderzoek en wetenschap

  • Niet-Restauratieve Caviteitsbehandeling leeft nog te weinig in de kindertandheelkunde. Inmiddels is er een aanzienlijke hoeveelheid kwantitatief en kwalitatief onderzoek dat het succes van de behandeling bewijst. Sommige zorgverleners passen de methode met succes toe, terwijl anderen geen vertrouwen hebben in deze niet-invasieve caviteitsbehandeling en de voorkeur blijven geven aan het restaureren van cariëslaesies. Genoemde redenen hiervoor zijn onder andere Niet-Restauratieve Caviteitsbehandeling is veel gedoe, de (ouder van de) patiënt werkt niet mee en de vergoeding is niet adequaat. Kinderen hebben echter baat bij mondzorgverleners die stellen dat een kind recht heeft op een etiologische behandeling, waarbij de oorzaak van het cariësproces wordt aangepakt, en dat niet-restauratieve behandeling daartoe bij uitstek een goede ondersteuning biedt. Deze benadering past binnen de kaders die de beroepsethiek en de wet stellen. Behalve mondzorgverleners hebben alle betrokken instanties in het beroepenveld en daarbuiten de morele en maatschappelijke plicht recht te doen aan de impliciete vraag van het kind naar deze omslag in de mondzorg.

  • De rol van fotodynamische therapie bij de behandeling van het stadium I en II lipcarcinoom

    T.E.M. van Doeveren, M.B. Karakullukçu, I.B. Tan, W.H. Schreuder

    5 januari 2018

    NTvT januari 2018 Onderzoek en wetenschap

  • De mond voorspoelen met water of poetsen met een droge tandenborstel, draagt niet bij aan een verbeterde tandplaque verwijdering bij het tandenpoetsen. Ook poetsen volgens een specifieke poetsvolgorde draagt daaraan niet bij. Spoelen met water of water drinken heeft een direct effect op de slechte ochtendadem. De combinatie van tandenpoetsen, tong reinigen en een mondspoelmiddel laat na 24 uur een effect zien op de slechte ochtendadem ten opzichte van alleen poetsen met tandpasta. Het gebruik van een mondspoelmiddel met de specifieke ingrediënten chloorhexidine en essentiële oliën, heeft een positief effect op de reductie van gingivitis. Het gebruik van vergelijkbare mondspoelmiddelen als koelvloeistof in ultrasone apparatuur heeft geen toegevoegd effect op het behandelresultaat bij parodontitispatiënten. Water is een effectieve koelvloeistof.

  • Serie: Hora est. Preventie en behandeling van parodontale aandoeningen en slechte adem

    E. van der Sluijs, D.E. Slot, G.A. van der Weijden

    5 januari 2018

    NTvT januari 2018 Onderzoek en wetenschap

  • De mond voorspoelen met water of poetsen met een droge tandenborstel, draagt niet bij aan een verbeterde tandplaque verwijdering bij het tandenpoetsen. Ook poetsen volgens een specifieke poetsvolgorde draagt daaraan niet bij. Spoelen met water of water drinken heeft een direct effect op de slechte ochtendadem. De combinatie van tandenpoetsen, tong reinigen en een mondspoelmiddel laat na 24 uur een effect zien op de slechte ochtendadem ten opzichte van alleen poetsen met tandpasta. Het gebruik van een mondspoelmiddel met de specifieke ingrediënten chloorhexidine en essentiële oliën, heeft een positief effect op de reductie van gingivitis. Het gebruik van vergelijkbare mondspoelmiddelen als koelvloeistof in ultrasone apparatuur heeft geen toegevoegd effect op het behandelresultaat bij parodontitispatiënten. Water is een effectieve koelvloeistof.

  • De impact van vuurwerk: achtergronden van het aangezichtsletsel

    L. Dubois, M. Bahalou Hore, R.P. Tjiook, M.P. Mourits, R. Kloos, R. Brons

    8 december 2017

    NTvT December 2017 Onderzoek en wetenschap

  • Ondanks de bekendheid van de gevaren van vuurwerk, ontstaan elke jaarwisseling vuurwerkongevallen waarbij de slachtoffers een diversiteit aan letsels oplopen. Naast brandwonden komen letsels aan vingers en/of handen het meest voor. Maar ook oogletsel, waarbij tevens het aangezicht kan zijn aangedaan, komt frequent voor. De verwondingen ontstaan vooral door destructieve werking van de drukgolf die vrijkomt bij een explosie. De beste preventieve maatregel zou een verbod zijn op het afsteken van vuurwerk door een amateur. Tot die tijd is het aan te raden tijdens de jaarwisseling buiten een vuurwerkbril te dragen om in elk geval oogletsel door legaal vuurwerk te voorkomen.

  • DSQ-13-jeugd: meetinstrument voor patiënt­tevredenheid van adolescenten, jongvolwassenen en ouders over tandartsbezoek

    C.M.H.H. van Houtem, A.A. Schuller, J.H. Vermaire, C.P.F. van Kempen, G.H.W. Verrips

    8 december 2017

    NTvT December 2017 Onderzoek en wetenschap

  • De Dental Satisfaction Questionnaire (DSQ) is een vragenlijst bestaande uit 31 items die patiënttevredenheid over het tandartsbezoek meet. Door middel van factoranalyse (principale componentenanalyse) werd het aantal items van de DSQ gereduceerd tot 13 items, die samen de DSQ-13-jeugd vormen. Het eerste doel was om de psychometrische eigenschappen van de DSQ-13-jeugd te onderzoeken; het tweede om de tevredenheidsscores op de verschillende domeinen tussen en binnen enkele groepen (23-jarigen, 17-jarigen en ouders van 5-jarigen) te vergelijken. De DSQ-13-jeugd heeft 4 domeinen die patiënttevredenheid over het tandartsbezoek meten. De interne consistentie van deze domeinen was hoog, de correlatie tussen de domeinen laag tot middelmatig en de overeenstemming tussen de gevonden factorstructuur bij de diverse populaties hoog. De verschillen in tevredenheid tussen en binnen de subgroepen bleken gering. De DSQ-13-jeugd is een betrouwbaar instrument om de patiënttevredenheid over het tandartsbezoek te meten bij adolescenten, jongvolwassenen en ouders van jonge kinderen in stedelijk gebied.

  • Incisietechnieken bij verwijdering van geïmpacteerde derde molaren in de onderkaak

    J.T. Wes, J.P. Verweij, T. van der Ploeg, J.P.R. van Merkesteyn, J.J. de Mol van Otterloo

    8 december 2017

    NTvT December 2017 Onderzoek en wetenschap

  • In de literatuur zijn verschillende incisietechnieken beschreven om geïmpacteerde derde molaren in de onderkaak te verwijderen, bijvoorbeeld de flapincisie, de envelopincisie, de distale incisie en de gemodificeerde envelopincisie. Het doel van het onderzoek was het in kaart brengen van de door mka-chirurgen gebruikte incisie­technieken in Nederland bij verwijdering van geïmpacteerde derde molaren in de onderkaak. Alle leden van de Nederlandse Vereniging van Mondzieken, Kaak- en Aangezichtschirurgie (NVMKA) werd een enquête gestuurd. Er kon worden aangeven welke incisietechniek standaard werd gebruikt bij het verwijderen van respectievelijk een mesiaal, rechtstandige of een distaal geïmpacteerde derde molaar in de onderkaak. Van de 323 verzonden enquêtes werden er 172 geretourneerd (53,3% respons). De flapincisie en de distale incisie waren de meest gebruikte incisies door mka-chirurgen (in opleiding) in Nederland. Het academisch opleidingscentrum lijkt een blijvende impact te hebben op de manier van verwijdering van de derde molaar. Tevens lijkt een mka-chirurg de behandeling vaker in zittende positie uit te voeren dan een mka-chirurg in opleiding.

Selecteer zoekcriteria