Zoek in het NTvT archief

Er zijn 346 zoekresultaten gevonden.

  • Pijnmeting bij orofaciale pijn

    R.S.G.M. Perez

    7 oktober 2016

    NTvT Pijn in de orofaciale regio Thema

  • Pijn is een complex neurofysiologisch verschijnsel dat invloed heeft op psyche en gedrag, en omgekeerd daar ook door wordt beïnvloed. Interindividuele verschillen in modulatie, interpretatie en expressie bemoeilijken de vergelijking van pijn tussen personen. Pijn is een subjectieve ervaring en kan op veel verschillende manieren door de patiënt worden geuit. Daarnaast dient rekening te worden gehouden met beïnvloedende factoren vanuit het biopsychosociale perspectief: de interactie tussen somatische, psychologische en sociale factoren bepaalt de uiteindelijke pijnbeleving en het pijngedrag. Meting van pijn vereist daarom een multidimensionele benadering, waarin op verschillende niveaus van observatie de pijn en daarmee samenhangende problematiek in kaart wordt gebracht

  • Dentogene pijnklachten

    J.A. Baart, J.F.L. Bosgra

    7 oktober 2016

    NTvT Pijn in de orofaciale regio Thema

  • Van tandartsen wordt verwacht dat zij pijnklachten vanuit het gebit kunnen herkennen en behandelen. Bij kortdurende, acute pijnklachten is de oorzaak soms snel gevonden terwijl dit bij chronische pijn meestal veel lastiger is. Vooral bij deze laatste categorie moet extra kritisch worden gekeken naar de diagnostiek en moet worden gezocht naar zoveel mogelijk reversibele interventies. Een gerichte anamnese, een pijndagboek en een proefanesthesie kunnen helpen de vermoedelijke oorzaak van de pijn te achterhalen. Zorgvuldig extra- en intraoraal onderzoek is nodig om tot een goede diagnose te kunnen komen. Röntgenologisch onderzoek kan deze diagnose eventueel bevestigen. Dentogene pijnklachten kunnen een pulpaire, parodontale of pericoronaire oorzaak hebben. De behandeling van de pijnklacht kan – afhankelijk van de oorzaak - bestaan uit het doen van een endodontische of parodontale behandeling, of extractie van het gebitselement. Bij orofaciale pijn van dentogene origine wordt gestreefd naar een causale aanpak van de pijn. Als de oorzaak van de pijn bekend is, kan ook gerichte pijnstilling worden voorgeschreven.

  • Panoramische röntgenopnamen in de tandheelkundige diagnostiek

    P.F. van der Stelt

    8 april 2016

    NTvT Geavanceerde toepassingen van radiologie in de tandheelkunde Thema

  • Naast bitewing- en periapicale röntgenopnamen worden panoramische röntgenopnamen vaak toegepast in de tandheelkundige praktijk. Een panoramische röntgenopname komt op andere wijze tot stand dan projectie-opnamen zoals bitewing- en periapicale röntgenopnamen. Als gevolg hiervan is de detailscherpte veel minder en treedt er in verschillende gebieden van de afbeelding overlap van structuren op. Hierdoor wordt de diagnostische bruikbaarheid beperkt tot het herkennen van afwijkingen, waarbij kleine details minder een rol spelen. Voordeel van een panoramische röntgenopname is dat structuren over een groot gebied in onderlinge samenhang worden afgebeeld. Vanwege de mindere detailscherpte en de hogere stralingsdosis voor de patiënt vergeleken met een serie intraorale röntgenopnamen, is de panoramische röntgenopname niet geïndiceerd bij een periodieke controle. Als de klinische inspectie daar aanleiding toe geeft en als aanvulling op intraorale röntgenopnamen kan een panoramische röntgenopname echter wel zinvol zijn bij afwijkingen die zich uitstrekken over een groter gebied, zoals tumoren en ontwikkelingsstoornissen.

  • De synergie van radiologie en CAD/CAM

    W.J.van der Meer

    8 april 2016

    NTvT Geavanceerde toepassingen van radiologie in de tandheelkunde Thema

  • Bij de planning van behandelingen kunnen data verkregen met conebeamcomputertomografie en andere driedimensionale technieken worden gecombineerd in één model. In dat model kunnen uitgebreide behandelingen worden gepland en prothetische voorzieningen worden voorbereid. De planning en productie van de uiteindelijke prothetische constructie kan vervolgens met behulp van Computer Aided Design en Computer Aided Manufacturing plaatsvinden. Het is de verwachting dat door de technologische ontwikkelingen dergelijke processen een steeds grotere rol zullen gaan spelen aan de tandartsstoel.

  • Scholing in de tandheelkundige radiologie

    W.J.M. van der Sanden, C.M. Kreulen, W.E.R. Berkhout

    8 april 2016

    NTvT Geavanceerde toepassingen van radiologie in de tandheelkunde Thema

  • Röntgendiagnostiek is een essentieel onderdeel van de dagelijkse praktijkvoering. Vanwege het potentieel schadelijke karakter van ioniserende straling wordt het klinisch gebruik van de röntgenopname ingekaderd door klinische richtlijnen en wettelijke regelgeving. Studenten krijgen een intensieve theoretische en praktische training in praktische en theoretische radiologie, met als doel het verkrijgen van het certificaat ‘Eindtermen Stralingshygiëne voor Tandartsen en Orthodontisten’. Aanbevolen wordt uitbreiding van het onderwijs met de vereiste kennisgebieden ter verkrijging van het certificaat ‘Eindtermen Stralingshygiëne voor het gebruik van CBCT-toestellen door tandartsen’. Tandartsen-algemeen practici worden geconfronteerd met veranderende wet- en regelgeving, op alle vlakken van de praktijkvoering. Een van de grootste wettelijke veranderingen op het gebied van de tandheelkundige radiologie is het in werking treden van het ‘Besluit stralingsbescherming’ in 2014. Een grote groep tandartsen wordt daarnaast geconfronteerd met de overgang van conventionele naar digitale röntgenbeelden, met alle uitdagingen en veranderingen in de dagelijkse praktijk van dien.

  • Conebeamcomputertomografie: is meer ook beter?

    P.F. van der Stelt

    8 april 2016

    NTvT Geavanceerde toepassingen van radiologie in de tandheelkunde Thema

  • Conebeamcomputertomografie is een opnametechniek die nu ongeveer 20 jaar beschikbaar is binnen de tandheelkunde. De mogelijkheid om structuren driedimensionaal af te beelden is voor veel afwijkingen in het maxillofaciale gebied van belang. Daar staat tegenover dat de stralingsdosis van een conebeamcomputertomografie-onderzoek hoger is dan die van meer conventionele opnametechnieken. Bij de indicatiestelling dient hiermee rekening te worden gehouden. Omdat met conebeamcomputertomografie een groter gebied wordt afgebeeld op de opname dan bij de traditionele opnamen, bestaat de mogelijkheid dat er afwijkingen worden getoond die buiten het directe ervaringsterrein van tandartsen liggen. Om deze redenen is aanvullende kennis vereist voor gebruikers van een conebeamcomputertomografietoestel.

  • De gecombineerde orthodontisch restauratieve behandeling

    M.A.R. Kuijpers, B. Loomans

    6 november 2015

    NTvT Multidisciplinaire aanpak in de orthodontie Thema

  • Bij patiënten met agenesie of met glazuurafwijkingen in het front is vaak een gecombineerde orthodontisch restauratieve behandeling nodig om tot een goed esthetisch resultaat te komen. Hoe beide het beste gerealiseerd kunnen worden, maar ook hoe het resultaat behouden kan blijven, vraagt om overleg tussen tandarts en orthodontist. Het orthodontisch behandeltraject dient al op jonge leeftijd in samenspraak met de tandarts die de restauratieve behandelingen uitvoert, te worden opgesteld. Omdat bij deze jonge patiënten de verdere gelaatsgroei en gebitsontwikkeling nog moeten worden afgewacht, dienen mogelijk toekomstige restauratieve en/of orthodontische behandelingen ook in de planning te worden meegenomen, evenals de wijze van orthodontische retentie. Bij patiënten met schisis is het daarnaast nog van belang om de wijze van retentie van de breedte van de boventandboog tijdig in de behandelingsplanning op te nemen omdat deze zeer gevoelig is voor recidief.

  • Orthodontische extrusie voorafgaand aan implantologie in de esthetische zone

    B.C.M. Oosterkamp, B.J. Polder

    6 november 2015

    NTvT Multidisciplinaire aanpak in de orthodontie Thema

  • Vervanging van een verloren gebitselement in de esthetische zone door een implantaat vormt in meerdere opzichten een uitdaging. Voor herstel en behoud van bot en weke delen worden verschillende procedures toegepast, variërend van immediate plaatsing van een fronttandimplantaat met een beperkte augmentatie tot een uitgebreid behandeltraject met botopbouw al of niet in combinatie met bindweefseltransplantaten. Een andere behandeloptie is orthodontische extrusie. Hiermee kunnen bot en weke delen in zowel horizontale als verticale richting worden gecreëerd, waarmee verlies van verticale aanhechting kan worden gecompenseerd en primaire stabiliteit van het implantaat kan worden gewaarborgd. Aan de hand van een casus wordt de procedure voor orthodontische extrusie beschreven. In een interdisciplinair behandelplan kan orthodontische extrusie een goede behandeloptie zijn en immediate plaatsing van een fronttandimplantaat mogelijk te maken.

  • Autotransplantaten in plaats van implantaten? Het geheim van het parodontale ligament

    D.S. Barendregt, M. Leunisse

    6 november 2015

    NTvT Multidisciplinaire aanpak in de orthodontie Thema

  • Autotransplantaten worden veel toegepast in de Scandinavische landen. De behandelindicatie betreft vooral jonge patiënten bij wie gebitselementen met open apices worden verplaatst naar gebieden met agenesiën. Het grote voordeel is het vitale parodontale ligament, waardoor deze gebitselementen meegroeien. In Rotterdam zijn de afgelopen 11 jaar bij vergelijkbare indicaties ook transplantaties van gebitselementen met afgevormde apices uitgevoerd. Op korte en lange termijn zijn de resultaten gelijk aan de gepubliceerde gegevens in de onderzoeksliteratuur. De afgevormde apices blijken net zo succesvol als de open apices. Het verschil met de resultaten in de onderzoeksliteratuur betreft vooral de indicaties voor de transplantatie. Deze beperken zich niet alleen tot de molaarstreek. Binnen dezelfde indicatie zijn in vergelijking met implantaten de resultaten beter, zowel de transplantaties met open als met gesloten apices. Op basis van deze kennis zijn autotransplantaten binnen de tandheelkunde een indicatie geworden op iedere leeftijd en indien mogelijk een betere behandeloptie dan implantaten.

  • Verlenging van de onderkaak: bilaterale sagittale splijtingsosteotomie versus distractieosteogenese

    V. Akkerman, J.P. Ho, E.M. Baas, J. de Lange

    6 november 2015

    NTvT Multidisciplinaire aanpak in de orthodontie Thema

  • In de jaren 90 werd intraorale distractieosteogenese geïntroduceerd als alternatief voor de bilaterale sagittale splijtingsosteotomie ter verlenging van de onderkaak. Verondersteld werd dat distractie­osteogenese tot stabielere resultaten en minder sensibiliteitsstoornissen van de onderlip zou leiden. Wetenschappelijk bewijs voor deze stelling ontbrak echter. In recent gepubliceerde prospectieve onderzoeken is aangetoond dat bilaterale sagittale splijtings­osteotomie niet inferieur is aan distractieosteogenese met betrekking tot stabiliteit en sensibiliteitsverlies van de onderlip. Verder blijkt dat bilaterale sagittale splijtingsosteotomie leidt tot minder pijn bij de patiënt en lagere totale kosten. Geconcludeerd kan worden dat bilaterale sagittale splijtingsosteotomie moet worden beschouwd als de standaardtherapie voor verlenging van de onderkaak tot 10 mm bij niet-syndromale patiënten.

Selecteer zoekcriteria