Zoek in het NTvT archief

Er zijn 370 zoekresultaten gevonden.

  • Hoofdpijn: classificatie en diagnose

    P.A.T. Carbaat, E.G.M. Couturier

    4 november 2016

    NTvT Pijn in de orofaciale regio Thema

  • Er zijn vele soorten hoofdpijn en bovendien hebben veel mensen verschillende soorten hoofdpijn tegelijkertijd. Een adequate behandeling is alleen mogelijk op basis van de juiste diagnose. Technisch en inhoudelijk is de huidige diagnostiek van hoofdpijn gebaseerd op de ‘International Classification of Headache Disorders’ (ICHD-3-beta) die is opgesteld onder auspiciën van de International Headache Society. Deze classificatie gaat uit van primaire en secundaire hoofdpijnen. De meest voorkomende primaire hoofdpijnen zijn spanningshoofdpijn, migraine en clusterhoofdpijn. Toepassing van eenduidige diagnostische begrippen is essentieel om te komen tot de meest geëigende behandeling van de verschillende soorten hoofdpijn.

  • Multidisciplinaire behandeling van aangezichtspijn

    J. W. Geurts, J. Haumann, M. van Kleef

    4 november 2016

    NTvT Pijn in de orofaciale regio Thema

  • De diagnostiek en behandeling van aangezichtspijn kan complex zijn. De differentiële diagnose is zeer uitgebreid. Multidisciplinaire diagnostiek en behandeling is daarbij vaak aangewezen. Het onderzoek van psychologische componenten hoort bij de diagnostiek van chronische pijn. Psychologische factoren kunnen namelijk een rol spelen bij chronificatie van de pijn, maar kunnen ook een gevolg zijn van de aanhoudende pijn. Patiënten met persisterende orofaciale klachten moeten worden gezien door een behandelteam bestaande uit een mka-chirurg, een neuroloog, een anesthesioloog/pijnspecialist, een tandarts-gnatoloog, een orofaciaal fysiotherapeut en een psycholoog of een in pijn gespecialiseerde psychiater. Behandelopties worden besproken, waarbij ook onderzoeksliteratuur over de effectiviteit hiervan in beschouwing wordt genomen. De algemene conclusie is dat er nog veel onderzoek moet worden gedaan naar oorzaak en behandeling van orofaciale pijn.

  • Pijn is een complex fenomeen en de ontrafeling van de onderliggende mechanismen, waarbij perifere en centrale inflammatie een grote rol spelen, leidt tot nieuwe inzichten en nieuwe therapeutische mogelijkheden. Perifere inflammatie wordt gekenmerkt door de afgifte van een grote variëteit aan stoffen en ontstekingsmediatoren, zoals prostaglandines, cytokinen en groeifactoren. De nociceptoren op de uiteinden van de C-vezels registreren de veranderingen in het lokale milieu. Het zijn de specifieke receptoren en transducer-eiwitten op de nociceptor die voor een depolarisatie zorgen en daarmee een actiepotentiaal via de C-vezel naar het centrale zenuwstelsel sturen. Bij aankomst van deze actiepotentiaal zal in het centrale zenuwstelsel eveneens een ontstekingsreactie optreden waarbij microgliale cellen een grote rol spelen. De interactie tussen geactiveerde microgliale cellen met het centrale sensitisatie-proces (NMDA-receptor) kan tot chronificatie van de pijn leiden.

  • Classificatie van pijn in het orofaciale en craniofaciale gebied

    R.S.G.M. Perez

    7 oktober 2016

    NTvT Pijn in de orofaciale regio Thema

  • Pijn is een multidimensionaal subjectief verschijnsel dat niet buiten de context van een individu opererend in een specifieke omgeving begrepen kan worden. Hierdoor wordt het objectief gezien lastig aan leidende criteria voor classificatie te voldoen. Over het algemeen geldt dat beschikbare classificatiesystemen pijn in al haar complexiteit slechts ten dele kunnen vatten. Er bestaan verschillende algemene en specifieke classificatiesystemen. In 2017 wordt de International Classification of Diseases uitgebreid met aan chronische pijn gerelateerde classificatiemogelijkheden. Voor toepassing in Nederland is recentelijk door een commissie, die is ingesteld door de Dutch Pain Society, een voorstel gedaan voor het ontwikkelen van een definitie- en classificatiesysteem voor chronische pijn.

  • Pijnmeting bij orofaciale pijn

    R.S.G.M. Perez

    7 oktober 2016

    NTvT Pijn in de orofaciale regio Thema

  • Pijn is een complex neurofysiologisch verschijnsel dat invloed heeft op psyche en gedrag, en omgekeerd daar ook door wordt beïnvloed. Interindividuele verschillen in modulatie, interpretatie en expressie bemoeilijken de vergelijking van pijn tussen personen. Pijn is een subjectieve ervaring en kan op veel verschillende manieren door de patiënt worden geuit. Daarnaast dient rekening te worden gehouden met beïnvloedende factoren vanuit het biopsychosociale perspectief: de interactie tussen somatische, psychologische en sociale factoren bepaalt de uiteindelijke pijnbeleving en het pijngedrag. Meting van pijn vereist daarom een multidimensionele benadering, waarin op verschillende niveaus van observatie de pijn en daarmee samenhangende problematiek in kaart wordt gebracht

  • Dentogene pijnklachten

    J.A. Baart, J.F.L. Bosgra

    7 oktober 2016

    NTvT Pijn in de orofaciale regio Thema

  • Van tandartsen wordt verwacht dat zij pijnklachten vanuit het gebit kunnen herkennen en behandelen. Bij kortdurende, acute pijnklachten is de oorzaak soms snel gevonden terwijl dit bij chronische pijn meestal veel lastiger is. Vooral bij deze laatste categorie moet extra kritisch worden gekeken naar de diagnostiek en moet worden gezocht naar zoveel mogelijk reversibele interventies. Een gerichte anamnese, een pijndagboek en een proefanesthesie kunnen helpen de vermoedelijke oorzaak van de pijn te achterhalen. Zorgvuldig extra- en intraoraal onderzoek is nodig om tot een goede diagnose te kunnen komen. Röntgenologisch onderzoek kan deze diagnose eventueel bevestigen. Dentogene pijnklachten kunnen een pulpaire, parodontale of pericoronaire oorzaak hebben. De behandeling van de pijnklacht kan – afhankelijk van de oorzaak - bestaan uit het doen van een endodontische of parodontale behandeling, of extractie van het gebitselement. Bij orofaciale pijn van dentogene origine wordt gestreefd naar een causale aanpak van de pijn. Als de oorzaak van de pijn bekend is, kan ook gerichte pijnstilling worden voorgeschreven.

  • Panoramische röntgenopnamen in de tandheelkundige diagnostiek

    P.F. van der Stelt

    8 april 2016

    NTvT Geavanceerde toepassingen van radiologie in de tandheelkunde Thema

  • Naast bitewing- en periapicale röntgenopnamen worden panoramische röntgenopnamen vaak toegepast in de tandheelkundige praktijk. Een panoramische röntgenopname komt op andere wijze tot stand dan projectie-opnamen zoals bitewing- en periapicale röntgenopnamen. Als gevolg hiervan is de detailscherpte veel minder en treedt er in verschillende gebieden van de afbeelding overlap van structuren op. Hierdoor wordt de diagnostische bruikbaarheid beperkt tot het herkennen van afwijkingen, waarbij kleine details minder een rol spelen. Voordeel van een panoramische röntgenopname is dat structuren over een groot gebied in onderlinge samenhang worden afgebeeld. Vanwege de mindere detailscherpte en de hogere stralingsdosis voor de patiënt vergeleken met een serie intraorale röntgenopnamen, is de panoramische röntgenopname niet geïndiceerd bij een periodieke controle. Als de klinische inspectie daar aanleiding toe geeft en als aanvulling op intraorale röntgenopnamen kan een panoramische röntgenopname echter wel zinvol zijn bij afwijkingen die zich uitstrekken over een groter gebied, zoals tumoren en ontwikkelingsstoornissen.

  • De synergie van radiologie en CAD/CAM

    W.J. van der Meer

    8 april 2016

    NTvT Geavanceerde toepassingen van radiologie in de tandheelkunde Thema

  • Bij de planning van behandelingen kunnen data verkregen met conebeamcomputertomografie en andere driedimensionale technieken worden gecombineerd in één model. In dat model kunnen uitgebreide behandelingen worden gepland en prothetische voorzieningen worden voorbereid. De planning en productie van de uiteindelijke prothetische constructie kan vervolgens met behulp van Computer Aided Design en Computer Aided Manufacturing plaatsvinden. Het is de verwachting dat door de technologische ontwikkelingen dergelijke processen een steeds grotere rol zullen gaan spelen aan de tandartsstoel.

  • Scholing in de tandheelkundige radiologie

    W.J.M. van der Sanden, C.M. Kreulen, W.E.R. Berkhout

    8 april 2016

    NTvT Geavanceerde toepassingen van radiologie in de tandheelkunde Thema

  • Röntgendiagnostiek is een essentieel onderdeel van de dagelijkse praktijkvoering. Vanwege het potentieel schadelijke karakter van ioniserende straling wordt het klinisch gebruik van de röntgenopname ingekaderd door klinische richtlijnen en wettelijke regelgeving. Studenten krijgen een intensieve theoretische en praktische training in praktische en theoretische radiologie, met als doel het verkrijgen van het certificaat ‘Eindtermen Stralingshygiëne voor Tandartsen en Orthodontisten’. Aanbevolen wordt uitbreiding van het onderwijs met de vereiste kennisgebieden ter verkrijging van het certificaat ‘Eindtermen Stralingshygiëne voor het gebruik van CBCT-toestellen door tandartsen’. Tandartsen-algemeen practici worden geconfronteerd met veranderende wet- en regelgeving, op alle vlakken van de praktijkvoering. Een van de grootste wettelijke veranderingen op het gebied van de tandheelkundige radiologie is het in werking treden van het ‘Besluit stralingsbescherming’ in 2014. Een grote groep tandartsen wordt daarnaast geconfronteerd met de overgang van conventionele naar digitale röntgenbeelden, met alle uitdagingen en veranderingen in de dagelijkse praktijk van dien.

  • Conebeamcomputertomografie: is meer ook beter?

    P.F. van der Stelt

    8 april 2016

    NTvT Geavanceerde toepassingen van radiologie in de tandheelkunde Thema

  • Conebeamcomputertomografie is een opnametechniek die nu ongeveer 20 jaar beschikbaar is binnen de tandheelkunde. De mogelijkheid om structuren driedimensionaal af te beelden is voor veel afwijkingen in het maxillofaciale gebied van belang. Daar staat tegenover dat de stralingsdosis van een conebeamcomputertomografie-onderzoek hoger is dan die van meer conventionele opnametechnieken. Bij de indicatiestelling dient hiermee rekening te worden gehouden. Omdat met conebeamcomputertomografie een groter gebied wordt afgebeeld op de opname dan bij de traditionele opnamen, bestaat de mogelijkheid dat er afwijkingen worden getoond die buiten het directe ervaringsterrein van tandartsen liggen. Om deze redenen is aanvullende kennis vereist voor gebruikers van een conebeamcomputertomografietoestel.

Selecteer zoekcriteria