Zoek in het NTvT archief

Er zijn 27 zoekresultaten gevonden.

  • Hoewel composiet- en indirecte restauraties al vele jaren gebruikt worden in de mondzorg, is er een gebrek aan klinische onderzoeken waarin de overleving van deze in de algemene praktijk geplaatste restauraties wordt onderzocht. De belangrijkste doelstelling van dit promotieonderzoek was de invloed van mogelijke aan de praktijk/behandelaar-, patiënt- en gebitselement/restauratie gerelateerde risicofactoren op de levensduur van directe restauraties te onderzoeken. Een grote database van elektronische patiëntendossiers van algemeen practici binnen het practice based researchnetwerk Nijmegen (PBRN) maakte het mogelijk de onderzoeksvragen te beantwoorden. Behandelaars binnen het PBRN plaatsten restauraties met een levensduur van gemiddeld 12 jaar, maar er bestonden aanzienlijke verschillen tussen behandelaars. Individuele patiëntrisicofactoren zoals algemene gezondheidsscore, parodontale status, risico op bruxisme en vooral cariësrisico, spelen een grote rol bij het falen van een restauratie. Restauraties in molaren, restauraties met meerdere behandelde vlakken en restauraties geplaatst in endodontisch behandelde gebitselementen hebben een groter risico op een interventie.

  • Serie: Hora est. Neutrofielen in de mond: een dubbelsnijdend zwaard

    P. Rijkschroeff

    1 maart 2019

    NTvT maart 2019 Onderzoek en wetenschap

  • De neutrofiel is een witte bloedcel waarvan bekend is dat deze micro-organismen kan opnemen en intern kan doden. In dit promotieonderzoek werd de werking van orale neutrofielen in kaart gebracht. Onderzocht is hoe neutrofielen kunnen bijdragen aan het in standhouden van een gezonde mond en wat de rol is van deze cellen bij het ontstekingsproces. Bij het ontstaan van gingivitis worden specifieke genen geactiveerd die coderen voor neutrofielenfuncties. Daarbij bleken neutrofielen een regulerende en communicerende rol te hebben in het aantrekken van andere componenten van het immuunsysteem. In het bijzonder werd aangetoond dat mensen die beschikken over eigen dentitie, meer functionele neutrofielen in de mond hebben in vergelijking met edentate patiënten.

  • Serie: Hora est. De ontwikkeling en evaluatie van de WitGebit app

    J.F.M. Scheerman

    8 februari 2019

    NTvT februari 2019 Onderzoek en wetenschap

  • Het hoofddoel van het promotieonderzoek was het ontwikkelen en evalueren van de WitGebit app, een smartphone app ter bevordering van het mondgezondheidsgedrag en de mondhygiëne bij jongeren in de leeftijd van 12 tot 16 jaar die vaste orthodontische apparatuur dragen. ‘Intervention Mapping’ (IM) werd toegepast om op een planmatige wijze de app te ontwikkelen en te evalueren. Volgens IM start de ontwikkeling met een analyse van het gezondheidsprobleem en de daaraan gerelateerde psychosociale factoren en het gezondheidsgedrag. Om de psychosociale factoren van het mondhygiënegedrag van de doelgroep in kaart te brengen, is systematisch literatuuronderzoek met meta-analyse, cross-sectioneel klinisch onderzoek en kwalitatief onderzoek verricht. Om via de app deze psychosociale factoren te beïnvloeden en voortdurende gedragsondersteuning mogelijk te maken, werden verschillende gedragsveranderingstechnieken in deze app verwerkt. De app geeft feedback over het mondgezondheidsgedrag van gebruikers en stelt gebruikers in staat hun gedrag te evalueren en te monitoren. Uit een gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek bleek dat de app de mondhygiëne na 12 weken verbeterde bij jongeren met vaste orthodontische apparatuur.

  • Enkeltandsvervanging in de esthetische zone van de bovenkaak is een betrouwbare behandeloptie, maar recessie van de midbuccale mucosa leidt regelmatig tot een suboptimaal esthetisch eindresultaat. Verdikking van de buccale mucosa door het aanbrengen van een bindweefseltransplantaat kan mogelijk het eindresultaat verbeteren. In dit promotieonderzoek werd derhalve onderzocht wat het effect van het aanbrengen van een bindweefsel­transplantaat is op de conditie en de esthetiek van de peri-implantaire weefsels bij enkeltandsvervanging in de esthetische zone. Bij direct geplaatste en gerestaureerde implantaten resulteerde het aanbrengen van een bindweefsel­transplantaat tot iets minder recessie van de midbuccale mucosa. Dit effect werd niet gezien bij conventioneel geplaatste implantaten in een geaugmen­teerde extractiealveole. Met andere woorden: het aanbrengen van een bindweefsel­transplantaat had weinig effect op het esthetische eindresultaat en moet niet als een standaardprocedure worden toegepast.

  • Een overkappingsprothese op implantaten is de aangewezen behandeling bij patiënten met klachten over hun conventionele gebitsprothese. Alhoewel er veel bekend is over het functioneren van een overkappingsprothese op implantaten in de onderkaak, is er minder bekend over het functioneren van een overkappingsprothese in de bovenkaak. In dit promotieonderzoek werden verschillende aspecten van een overkappingsprothese op 4 implantaten in de bovenkaak belicht. Uit een systematisch literatuuronderzoek bleek dat een met een overkappingsprothese (boven of onder) op implantaten de kauwfunctie verbeterde, de maximale bijtkracht toenam en de patiënttevredenheid toenam. Tevens bleken implantaten geplaatst met een maximale dehiscentie van tweederde van het implantaatoppervlak na 5 jaar nog goed te functioneren. Een overkappingsprothese op een staafmesostructuur ging gepaard met minder marginaal botverlies, een betere subjectieve kauwfunctie en een betere patiënttevredenheid dan een overkappingsprothese op locators. De verschillen waren echter klein en vanuit het perspectief van de kosteneffectiviteit zou een overkappingsprothese op locators geen verkeerde keuze zijn.

  • Serie: Hora est. Verkorte tandboog en levenskwaliteit

    A.E. Gerritsen

    7 september 2018

    NTvT september 2018 Onderzoek en wetenschap

  • De vraag van dit promotieonderzoek was of het verkorte-tandboogconcept inmiddels een achterhaalde behandelstrategie is. Om hierop antwoord te vinden, werd een systematisch literatuuronderzoek naar de mondgezondheidgerelateerde levenskwaliteit van mensen met ontbrekende gebitselementen verricht, dossieronderzoek uitgevoerd en een enquête-onderzoek gehouden onder mensen met en zonder een verkorte tandboog om de bestendigheid en het klinisch verloop van verkorte tandbogen en specifiek de invloed van verkorte tandbogen op levenskwaliteit te onderzoeken. Ten slotte werd met semigestructureerde interviews de beleving en gevoelens ten aanzien van afwezige molaren en prothetische vervanging onderzocht. Patiënten met verkorte tandbogen ervaren een vergelijkbare mondgezondheidgerelateerde levenskwaliteit als mensen met complete tandbogen, verkorte tandbogen kunnen 30 jaar en langer goed functioneren. Bij gezamenlijke besluitvorming om het verkorte-tandboogconcept toe te passen, is het van belang dat onderliggende thema’s die een rol kunnen spelen bij het hebben of behandelen van verkorte tandbogen ter sprake komen.

  • Serie: Hora est. Innovaties in de restauratieve tandheelkunde: nodig of overbodig?

    U. Schepke

    6 juli 2018

    NTvT juli en augustus 2018 Onderzoek en wetenschap

  • Prothetische tandartsen staan voor een dilemma: zij moeten op de hoogte zijn van de nieuwste ontwikkelingen om moderne zorg te kunnen bieden, maar moeten ook kunnen herkennen welke van de vele innovaties overbodig zijn. In dit promotieonderzoek stond de rol van digitale productie en behandelingen binnen de restauratieve tandheelkunde, in het bijzonder de orale implantologie, centraal. Uit de diverse onderzoeken bleek onder andere dat patiënten het nemen van een digitale afdruk prettiger vonden dan een afdruk met afdrukpasta en dat een digitale afdruk bovendien sneller gaat. Moderne restauratiematerialen zijn vaak gemaakt van keramieken, zoals het witte en esthetisch fraaie zirkoniumdioxide (3Y-TZP). Het bleek dat zirkoniumdioxide opbouwen voor implantaatkronen na 1 jaar klinisch gebruik geen tekenen van degradatie vertoonden en min of meer even sterk waren als aan het begin. Gefreesde composietkronen die eraan werden verlijmd hechtten echter niet goed aan dat keramiek.

  • Doel van dit onderzoek was de nauwkeurigheid te bepalen van prechirurgisch onderzoek van de mandibula met conebeamcomputertomografische beelden. Voor chirurgische behandelingen in de mandibula is het van belang de positie van de canalis mandibularis te bepalen zodat schade aan de nervus alveolaris inferior kan worden voorkomen. Deze zenuw kan het beste worden onderzocht met behulp van panoramische, gereconstrueerde beelden in combinatie met dwarsdoorsnedes van reconstructiebeelden. Om de nervus alveolaris inferior tijdens een behandeling te beschermen wordt aan de hand van dit onderzoek een veiligheidszone van minimaal 1,13 mm geadviseerd. Bij het verrichten van afstandsmetingen bleek er vooral een vergroting van de werkelijkheid te zijn die groter was bij kleine afstanden. (Semi)automatische detectie van de canalis mandibularis bleek nog niet te kunnen worden gebruikt in de kliniek. Wanneer op een CBCT-scan een linguale positie van de canalis in combinatie met een versmalling van de canalis ter plaatse van het contactpunt met de wortel van een derde molaar wordt waargenomen, neemt het risico op schade aan de zenuw toe. CBCT-scans dienen alleen in specifieke casus te worden gebruikt.

  • Een Amsterdamse populatie van patiënten met middengezichtsfracturen werd onderzocht. Verkeersongevallen waren de meest voorkomende oorzaak, gevolgd door geweld en vallen. Zygomafracturen kwamen het vaakst voor. De meerderheid van de chirurgisch behandelde patiënten bestond uit mannen in de leeftijd van 20 tot 29 jaar. Naast fractuurverplaatsing lijken leeftijd, comorbiditeit en het al dan niet aanwezig zijn van functionele problemen van invloed te zijn op de indicatie voor chirurgie. Van de van de chirurgisch behandelde patiënten bleek 8,1% ook hersenschade te hebben. Het betrof vaak jonge mannen met aangezichtsletsel door een verkeersongeval. Sinus frontalisfracturen kwamen bij hen het meeste voor, hetgeen het kreukelzone-effect van de middengezichtsbeenderen ter bescherming van de hersenen in twijfel trekt. Complicaties kwamen veel voor bij deze ernstig getraumatiseerde patiënten en zijn onder te verdelen in ‘vroege’ en ‘late’ complicaties met verdere onderverdeling in infectie, bloeding, functionele en cosmetische klachten.

  • Serie: Hora est. Het effect van radiotherapie op de morfologie van de orale mucosa

    P.J. Asikainen, A.M. Kullaa, A. Koistinen, E.A.J.M. Schulten, C.M. ten Bruggenkate

    2 maart 2018

    NTvT maart 2018 Onderzoek en wetenschap

  • De behandeling van mondkanker bestaat doorgaans uit chirurgische verwijdering van de tumor, eventueel gevolgd door radiotherapie. Doel van dit promotieonderzoek was de effecten van radiotherapie op de orale weefsels, in het bijzonder de oppervlakkig gelegen epitheelcellen van het mondslijmvlies (orale mucosa) te onderzoeken. Eerder is met elektronenmicroscopisch onderzoek aangetoond dat onbestraalde orale mucosacellen bij sterke vergroting microplicae (ribbels of plooien) bezitten. Deze microplicae vormen samen met diverse speekselcomponenten een beschermende laag, die functioneert als verdediging tegen bijvoorbeeld micro-organismen. Door radiotherapie beschadigen deze microplicae of kunnen zelfs helemaal verdwijnen. Uit het onderzoek bleek dat dit bestralingseffect zowel bij dieren als bij mensen optrad. Naarmate de radiatiedosis toenam (50 Gy of meer) was de destructie van de microplicae ernstiger. Bij een dosis van 60 Gy of meer bleken ze zelfs helemaal te verdwijnen. Dit proces zou mogelijk een belangrijke rol spelen bij het ontstaan van osteoradionecrose van de kaak en bij het verlies van tandwortelimplantaten na radiotherapie.

Vorige 1 2 3 Volgende

Selecteer zoekcriteria