Zoek in het NTvT archief

Er zijn 35 zoekresultaten gevonden.

  • Serie: Medicamenten en mondzorg. Mechanismen van interacties van medicamenten

    A. Vissink, C. de Baat, D.J. Brinkman, W. Roggen, B. Stegenga, F.K.L. Spijkervet

    4 januari 2019

    NTvT januari 2019 Onderzoek en wetenschap

  • Interacties tussen medicamenten of van een medicament met een ander product dat een patiënt gebruikt, kunnen leiden tot het onwerkzaam worden van een medicament of tot versterking van de bijwerkingen. Door een goede anamnese weet een tandarts vaak wel welke medicamenten een patiënt gebruikt en kan daarmee bij het voorschrijven van een medicament rekening worden gehouden. Zelfzorgmiddelen en specifieke voedingsmiddelen worden vaak niet spontaan door een patiënt gemeld, maar kunnen wel interacties aangaan met een medicament dat wordt voorgeschreven. Een tandarts moet op de hoogte zijn van de interacties die een voorgeschreven medicament kan aangaan met de andere medicamenten en producten die een patiënt gebruikt. Tandartsen moeten daarom actief naar deze medicamenten en producten vragen en deze gegevens vastleggen in het patiëntendossier.

  • In memoriam dr. Boudewijn Stegenga

    F.K.L. Spijkervet, C.P. Bots

    15 november 2018

    NTvT Actueel

  • 25 september 1955 – 27 oktober 2018

    Na een ziekbed van bijna een jaar is NTvT-redacteur dr. Boudewijn Stegenga op 27 oktober als gevolg van zijn ongeneeslijke ziekte overleden. Boudewijn Stegenga startte in 1978 met de studie Tandheelkunde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Al in die tijd ontwikkelde hij zijn grote interesse voor de...

  • Mandibulaire functie na condylectomie voor unilaterale condylaire hyperplasie

    T.J. Schipper, P.U. Dijkstra, F.K.L. Spijkervet

    8 juni 2018

    NTvT juni 2018 Onderzoek en wetenschap

  • Unilaterale condylaire hyperplasie is een zeldzame groeistoornis die uitgaat van het groeicentrum van de processus condylaris met asymmetrie van het aangezicht tot gevolg. De primaire behandeling bestaat uit een condylectomie. In dit cross-sectionele onderzoek werden beperkingen in mandibulaire functie en de mondgezondheidgerelateerde levenskwaliteit gemeten met de Mandibulair Function Impairment Questionnaire en de Oral Health Impact Profile (NL49). Er werden 17 patiënten geïncludeerd die tussen 1997 en 2012 in het Universitair Medisch Centrum Groningen werden behandeld met een condylectomie vanwege een unilaterale condylaire hyperplasie. De mediane (IQR) score op de Mandibulair Function Impairment Questionnaire (8,0 [1,0; 15,0]) en de Oral Health Impact Profile (25,0 [3,0; 53,0]) waren laag in vergelijking met scores bij andere aandoeningen. Een hogere leeftijd werd geassocieerd met meer beperkingen in mandibulaire functie (rs = 0,588 (p = 0,013)). Na een condylectomie bij unilaterale condylaire hyperplasie blijken de functiebeperkingen en de afname van de mondgezondheidgerelateerde levenskwaliteit gering.

  • Diagnose Sjögren betrouwbaar met echo vast te stellen

    Het promotieonderzoek van Konstantina Delli richtte zich op de diagnostiek en de behandeling van het Syndroom van Sjögren, alsmede op de betrouwbaarheid van online patiënteninformatie. Op basis van een meta-analyse concludeert Delli dat echografisch onderzoek een betrouwbare techniek is bi...

  • Hora est 9. De waarde van tandheelkundig focusonderzoek bij oncologiepatiënten

    J.M. Schuurhuis, F.K.L. Spijkervet, A. Vissink, M.A. Stokman

    5 mei 2017

    NTvT mei 2017 Onderzoek en wetenschap

  • Zowel bij patiënten die vanwege een tumor in het hoofd-halsgebied radiotherapie ondergaan als bij patiënten die vanwege hematologische aandoeningen worden behandeld met hoge doses chemotherapie, wordt vooraf een tandheelkundig focusonderzoek verricht. Dit focusonderzoek heeft als doel afwijkingen in de mond op te sporen, de zogenoemde orale foci. Deze foci kunnen tijdens of na de kankerbehandeling leiden tot problemen. Een zorgvuldig, geprotocolleerd tandheelkundig focusonderzoek blijkt zeer zinvol voor patiënten die hoofd-halsradiotherapie moeten ondergaan. Er moet speciale aandacht worden geschonken aan de beoordeling van het parodontium, omdat de kans op het optreden van botgenezingsstoornissen na radiotherapie in het hoofd-halsgebied verhoogd is bij patiënten met parodontitis. Bij patiënten met een hematologische aandoening behoeven asymptomatische, chronische foci niet te worden behandeld voorafgaand aan of tijdens de oncologische behandeling, omdat deze foci in tegenstelling tot wat tot nu toe werd aangenomen geen extra ziektelast met zich meebrengen.

  • Gelokaliseerde (juveniele) spongiotische hyperplasie van de gingiva: een minder bekende aandoening

    K. Delli, J.J. Doff, A. Vissink, F.K.L. Spijkervet

    3 februari 2017

    NTvT februari 2017 Casuïstiek

  • Een 49-jarige vrouw presenteerde zich met een oppervlakkige, ulcererende aandoening van ongeveer 7 x 3 mm op de marginale rand van de labiale gingiva ter hoogte van gebitselement 11. De aandoening was tweemaal gerecidiveerd na beperkte chirurgische verwijdering. Naar aanleiding van een nieuw, ruim excisiebiopt werd door de patholoog aanvullend onderzoek verricht, waarbij de diagnose gelokaliseerde (juveniele) spongiotische hyperplasie van de gingiva werd gesteld. De pathogenese van deze aandoening is nog onduidelijk. Een karakteristiek kenmerk is het gelokaliseerd en solitair voorkomen van de aandoening. Gelokaliseerde (juveniele) spongiotische hyperplasie van de gingiva wordt vooral gezien op de marginale labiale gingiva van de bovenkaak. De aandoening kan spontaan in regressie gaan, maar gewoonlijk is chirurgische excisie geïndiceerd vanwege het cosmetisch storend aspect dan wel een lokaal mondhygiëneprobleem. De kans op recidief is groot, vooral als de aandoening niet radicaal is verwijderd.

  • Marleen IJzerman-Schuurhuis promoveerde op 7 december 2016 aan de Rijksuniversiteit Groningen op het proefschrift ‘Evidence of dental screening for oral foci of infection in oncology patients’. Promotoren waren prof. dr. F.K.L. Spijkervet en prof. dr. A. Vissink. Dit promotieonderzoek wo...

  • Medicamenten en mondzorg 3. Vergoeding en bevoegdheid tot voorschrijven

    A. Vissink, C. de Baat, F.K.L. Spijkervet, W.G. Brands

    9 december 2016

    NTvT december 2016 Onderzoek en wetenschap

  • Geadviseerd door het Zorginstituut Nederland en de Wetenschappelijke Adviesraad van dit instituut beslist de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport of een medicament wel of niet wordt opgenomen in het basispakket van de verplichte zorgverzekering. Bij deze beoordeling ligt de nadruk op de therapeutische waarde ten opzicht van de in Nederland geldende standaardbehandeling, de budgetimpact en de kosteneffectiviteit. Bij aandoeningen die niet of onvoldoende reageren op een standaardbehandeling loopt men echter tegen de grenzen van dit systeem aan en wordt een noodzakelijke behandeling in voorkomende gevallen niet vergoed. Met betrekking tot het voorschrijven van medicatie hebben tandartsen receptuurbevoegdheid zolang zij in het BIG-register staan ingeschreven; daarentegen hebben mondhygiënisten geen receptuurbevoegdheid en moeten zich beperken tot het hooguit adviseren van vrij verkrijgbare medicamenten. Bij het voorschrijven moeten tandartsen zich uiteraard beperken tot die medicamenten waarvan zij de werking overzien en waarmee zij voldoende ervaring hebben opgebouwd. Mocht een tandarts vinden dat het medicament dat hij wil voorschrijven zijn kennis te boven gaat, dan kan het beste met een mond-, kaak- en aangezichtschirurg, huisarts of medisch specialist worden overlegd of dit medicament kan worden voorgeschreven en zo ja, door wie.

  • Na een kort ziekbed is op 6 juni 2015 professor Geert Boering overleden. Boering groeide op in Norg als zoon van de dorpssmid. Zijn vader had nog de klassieke manier van opleiden gevolgd: leerling, gezel, meester. Zijn moeder werkte bij een rijke familie in Norg. De levenslessen van zijn moeder en d...

  • Sjögren-patiënten hebben baat bij biologische medicijnen

    Uit het promotieonderzoek van Petra Meiners blijkt dat patiënten met het syndroom van Sjögren baat hebben bij het gebruik van zogenoemde biologische geneesmiddelen (‘biologicals’). Het betroffen rituximab en abatacept. Meiners gebruikte in haar onderzoek nieuwe meetmethoden waarmee voor het ee...

Vorige 1 2 3 4 Volgende

Selecteer zoekcriteria