Zoek in het NTvT archief

Er zijn 66 zoekresultaten gevonden.

  • Wensgeneeskunde en wenstandheel­kunde: medisch-ethische aspecten

    D.J. Witter, J.J. Kole, W.G. Brands, N.H.J. Creugers

    7 december 2018

    NTvT december 2018 Visie

  • Met wensgeneeskunde worden medische (be)handelingen zonder direct medische noodzaak aangeduid. Bij dergelijke behandelingen kunnen medisch-ethische principes onder druk komen: de autonomie van de patiënt wanneer wensen voortkomen uit sociale druk, ‘het goeddoen’ als het (achterliggende) doel en de gevolgen onduidelijk zijn, en ‘het niet-schaden’ als dit onmogelijk blijkt. Ook rechtvaardigheid komt in het gedrang wanneer vooral mensen met een betere sociaaleconomische achtergrond gebruik kunnen maken van wensgeneeskunde. Ongeacht of het wensgeneeskunde of reguliere geneeskunde betreft, respect voor de menselijke waardigheid en persoonlijke integriteit van de patiënt blijft leidend. Vanuit deugd- en zorgethiek worden kwaliteiten benadrukt om een goed zorgverlener te zijn, zoals zorgzaamheid, compassie, solidariteit, eerlijkheid en persoonlijke inzet. Er is veel ethisch debat over wensgeneeskunde. Enkele belangrijke aspecten die daarbij naar voren komen, zijn dat risico’s op schade beperkt zouden moeten blijven, de menselijke waardigheid en integriteit zouden moeten worden gerespecteerd, dat mensen echt worden geholpen en dat het rechtvaardigheidsprincipe overeind blijft .

  • Wensgeneeskunde en wens­tandheelkunde: wat wordt ermee bedoeld?

    D.J. Witter, W.G. Brands, J.J. Kole, N.H.J. Creugers

    9 november 2018

    NTvT november 2018 Visie

  • Met wensgeneeskunde worden medische handelingen aangeduid die zonder direct medische noodzaak worden uitgevoerd. Bij wensgeneeskunde overheerst de wens van de patiënt, maar het wordt indirect ook bevorderd door zorgverleners, (farmaceutische) producenten en zorgverzekeraars. Vaak betreft wensgeneeskunde verbetering van het uiterlijk of van prestaties, daarom wordt het ook wel als verbetergeneeskunde aangeduid. Het onderscheid tussen reguliere geneeskunde en wensgeneeskunde is vaag: de grens tussen ziekte en gezondheid, tussen normaal en abnormaal functioneren is niet scherp te trekken en bovendien tijd- en plaatsgebonden. Wensgeneeskunde valt buiten het basispakket van zorgverzekeraars en wordt door de patiënt zelf betaald. Dat ‘zelf betalen’ is echter geen allesbepalend criterium voor wensgeneeskunde. Door biotechnologische ontwikkelingen neemt de omvang van wensgeneeskunde toe. Een aantal tandheelkundige behandelingen zou als wenstandheelkunde kunnen worden aangemerkt, bijvoorbeeld in het kader van cosmetische tandheelkunde, orthodontie of implantologie. Wensgeneeskundige behandelingen genezen weliswaar geen ziekte, maar kunnen wel de gezondheid bevorderen.

  • Het nieuwe klachtrecht in de praktijk

    W.G. Brands, J.M. van der Ven, S.G.R. Banus

    5 oktober 2018

    NTvT oktober 2018 Visie

  • De meeste patiënten die een officiële klacht tegen een tandarts in dienen doen dit via het klachtrecht. Dit klachtrecht is per 1 januari 2017 ingrijpend gewijzigd, met als doel de klachtenregeling meer laagdrempelig te maken en de patiënt een financiële genoegdoening te verschaffen. In deze bijdrage is voor de klachtenservice waarbij de meeste tandartsen zijn aan­gesloten, die van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevor­dering der Tandheelkunde, nagegaan in hoeverre de mogelijkheid tot schade­vergoeding een aanzuigende werking heeft gehad. Daarnaast is bezien of de regeling laagdrempeliger is geworden. Tot slot zou, wanneer het klachtrecht aantrekkelijker wordt, mogen worden verwacht dat er minder klachten bij de tuchtrechter zouden worden ingediend. Daarom is het aantal tuchtklachten over 2016 vergeleken met de cijfers over 2017.

  • Imago van huisartsen versus tandartsen in Nederland

    A. de Vries, W.G. Brands, H.S. Brand

    7 september 2018

    NTvT september 2018 Onderzoek en wetenschap

  • Het imago van de beroepsgroepen huisarts en tandarts in Nederland werd met een vragenlijst onderzocht. Deze werd in 4 steden en online afgenomen. In totaal zijn 270 vragenlijsten geanalyseerd. Tandartsen werden meer gezien als zakenmensen, als solisten, die de belangen van de patiënt minder vooropstelden, communicatief minder goed waren, meer met pijn werden geassocieerd, afstandelijker waren, minder open stonden voor inspraak en men minder kon vertrouwen dan huisartsen. Ook voelden de ondervraagden zich minder veilig bij een tandarts dan bij een huisarts. De respondenten geven huisartsen gemiddeld een significant hoger cijfer dan tandartsen. De beroepsgroep tandarts scoort slechter dan de beroepsgroep huisarts op 11 van de 12 stellingen. Alleen op de professionaliteit scoorde de beroepsgroep tandarts niet significant anders dan de beroepsgroep huisarts. Dit betekent dat het imago van de beroepsgroep tandarts slechter is dan dat van de beroepsgroep huisarts.

  • Gebruik van wetenschappelijke tijdschriften en vakbladen door tandheelkundestudenten in Nederland

    P. Panahi Moghaddam, W.G. Brands, H.S. Brand

    9 februari 2018

    NTvT februari 2018 Onderzoek en wetenschap

  • In welke mate raadplegen tandheelkundestudenten in Amsterdam, Groningen en Nijmegen wetenschappelijke tijdschriften en vakbladen? In onderhavig onderzoek werd dit geïnventariseerd door middel van een digitale vragenlijst. Aan het onderzoek hebben 333 tandheelkundestudenten (respons 20%) deelgenomen, waarvan 69% ervaring had met het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek. Van de studenten was 65% geabonneerd op een tandheelkundig tijdschrift. Van de Nederlandstalige tijdschriften werden het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde en het Nederlands Tandartsenblad frequent door studenten geraadpleegd. Internationale publicaties werden vooral door masterstudenten geraadpleegd, zij het minder frequent dan Nederlandse publicaties. Uit het onderzoek bleek dat 77% van de studenten het belangrijk vindt dat aandacht wordt geschonken aan het ontwikkelen van wetenschappelijke vaardigheden tijdens de studie. Het lijkt dan ook aan te raden vroeg in het tandheelkundig curriculum aandacht te besteden aan het ontwikkelen van wetenschappelijke vaardig­heden, zodat tandheelkundestudenten leren adequaat publicaties te selecteren en te interpreteren.

  • Medicamenten en mondzorg 3. Vergoeding en bevoegdheid tot voorschrijven

    A. Vissink, C. de Baat, F.K.L. Spijkervet, W.G. Brands

    9 december 2016

    NTvT december 2016 Onderzoek en wetenschap

  • Geadviseerd door het Zorginstituut Nederland en de Wetenschappelijke Adviesraad van dit instituut beslist de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport of een medicament wel of niet wordt opgenomen in het basispakket van de verplichte zorgverzekering. Bij deze beoordeling ligt de nadruk op de therapeutische waarde ten opzicht van de in Nederland geldende standaardbehandeling, de budgetimpact en de kosteneffectiviteit. Bij aandoeningen die niet of onvoldoende reageren op een standaardbehandeling loopt men echter tegen de grenzen van dit systeem aan en wordt een noodzakelijke behandeling in voorkomende gevallen niet vergoed. Met betrekking tot het voorschrijven van medicatie hebben tandartsen receptuurbevoegdheid zolang zij in het BIG-register staan ingeschreven; daarentegen hebben mondhygiënisten geen receptuurbevoegdheid en moeten zich beperken tot het hooguit adviseren van vrij verkrijgbare medicamenten. Bij het voorschrijven moeten tandartsen zich uiteraard beperken tot die medicamenten waarvan zij de werking overzien en waarmee zij voldoende ervaring hebben opgebouwd. Mocht een tandarts vinden dat het medicament dat hij wil voorschrijven zijn kennis te boven gaat, dan kan het beste met een mond-, kaak- en aangezichtschirurg, huisarts of medisch specialist worden overlegd of dit medicament kan worden voorgeschreven en zo ja, door wie.

  • Essentiële zaken voor de preventieassistent

    W.G. Brands, H. Rodijk-Van Hunen

    9 september 2016

    NTvT september 2016 Media

  • Boek

    D.M. Voet Essentials voor de preventie­assistent. De basis bij het dagelijks handelen Houten: Bohn Stafleu van Loghum, 2016 214 bl. € 39,90ISBN 978 90 368 0954 2 In 11 hoofdstukken plus een bijlage geeft de auteur van dit boek een overzicht van de meest essentiële zaken die een prev...

  • Volgens de Wet kwaliteit klachten en geschillen zorg (WKKGZ) moeten calamiteiten door instellingen worden gemeld bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ). Natuurlijk is het belangrijk dat zorgaanbieders kunnen leren van fouten van hun collega’s, herstel, van hun concurrenten. Maar waarom moeten calamiteiten dan openbaar worden gemaakt? Onderlinge uitwisseling onder auspiciën van de IGZ kan toch ook?

  • Congresverslag

    Op 10 juni 2016 verzorgde de Van Hoytema Stichting een congres met als thema ‘Team zorg(t) voor het  parodontium’. Het congres was groots aangepakt met 2 parallelprogramma’s, een voor tandartsen en mondhygiënisten en een voor assistenten. Dit verslag betreft het eerste pr...

  • Bij de vraag of een bepaalde behandeling is geïndiceerd moeten tandartsen zich afvragen in hoeverre de behandeling past binnen een zorgdoel. Is dit niet het geval, dan wordt de indicatie doorgaans afgewezen omdat deze in strijd is met de professionele standaard. Op tandartsen die een dergelijke indicatie toch overwegen, rust de plicht de patiënt niet alleen op algemene risico’s van een bepaalde behandeling te wijzen, maar ook op de extra risico’s in verband met de risicovolle indicatie.

Vorige 1 2 3 4 5 6 7 Volgende

Selecteer zoekcriteria