Autotransplantatie van gebitselementen met reeds afgevormde radices

Open PDF (3.90 MB)

Parodontologie

Sinds de introductie van autotransplantie van gebitselementen in de achttiende eeuw is er veel onderzoek gedaan naar de toepassingsgebieden van deze techniek om ontbrekende gebitselementen te vervangen. Ten opzichte van een implantaat met onbeweeglijke osseo-integratie vanwege ontbrekend parodontium zou deze techniek in theorie kunnen resulteren in gebitselementen met parodontium en zo kunnen bijdragen aan betere esthetische uitkomsten en adaptie aan skelettale groei. Recente literatuur laat zien dat gebitselementen met nog niet-afgevormde radices na transplantatie een vergelijkbare prognose hebben als implantaten. Echter, sommige onderzoeken suggereren dat gebitselementen met afgevormde radices vaker verloren gaan en/of kampen met complicaties, zoals infectiegerelateerde wortelresorptie en ankylose.

Met een uitgebreid systematisch literatuuronderzoek is geprobeerd te achterhalen wat bekend is over de uitkomsten van autotransplantatie van gebitselementen met reeds afgevormde radices in termen van overleving (behoud of verlies) en succes (wortelresorptie en/of ankylose). Secundair werd ook geanalyseerd of factoren zoals antibiotica, het tijdstip van de endodontische behandeling, splinten en type gebitselement van invloed zijn op de reeds genoemde uitkomstmaten.

Op basis van strikte inclusie- en exclusiecriteria werden uit 11.466 artikelen 26 onderzoeken geselecteerd. Met behulp van een meta-analyse werden de afzonderlijke onderzoeksresultaten samengevoegd en geëvalueerd. Op basis van deze analyse bleek dat 98,0% van alle getransplanteerde gebitselementen na 1 jaar nog in situ was. Na 5 jaar was dit percentage echter gedaald naar 90,5. Verder toonden 2,1% van de gebitselementen na 1 jaar tekenen van wortelresorptie en 1,2% tekenen van ankylose. Uit het onderzoek werd niet duidelijk of dit ook de gebitselementen waren die na 1 en/of 5 jaar verloren waren gegaan. Bovendien bleek het gebruik van systemische antibiotica, gemiddeld genomen, bij te dragen aan hogere overlevings- en succespercentages. Ook het uitvoeren van een endodontische behandeling voor de transplantatie resulteerde in de helft minder gevallen van wortelresorptie dan een endodontische behandeling die 2 weken na de transplantatie was uitgevoerd. Splinten van gebitselementen na transplantatie, en dan voornamelijk langer dan 2 weken, gaf betere overlevingspercentages, maar het aantal gebitselementen dat ankylotisch werd, was hoger dan het aantal gebitselementen dat alleen overhecht werd. Als laatste werd geanalyseerd of er, kijkend naar de 1- en 5-jaarsoverlevingspercentages, verschil in gebitselementtype was. Hoewel de verschillen relatief klein waren, lieten frontelementen (5-jaar: 96,9%) betere resultaten zien dan premolaren (5-jaar: 92,3%) en molaren (5-jaar: 84,3%).

Geconcludeerd wordt dat autotransplantatie van gebits­elementen met afgevormde radices een goede behandel­optie kan zijn met relatief weinig mislukkingen. Echter, systemische antibiotica, endodontische behandel- en splintingmodaliteiten, en gebitselementtype lijken het uiteindelijke resultaat van autotransplantatie te beïnvloeden.

Bron

Chung WC, Tu YK, Lin YW, Lu HK. Outcomes of autotransplanted teeth with complete root formation: a systematic review and meta-analysis. J Clin Periodontol 2014; 41: 412-423.

Hartelijk dank voor uw reactie. Uw reactie zal in behandeling genomen worden en na controle worden geplaatst.