De BSSO versus distractieosteogenese

Academisch proefschrift

Open PDF (71.02 KB)

E.M. Baas
Bilateral sagittal split osteotomy versus distraction osteogenesis for mandibular advancements
Amsterdam: Universiteit van Amsterdam, 2015
141 bl. geïl. ISBN 978 94 91197 345

 

 

 

 

De bilaterale sagittale splijtingsosteotomie (BSSO) is een standaardprocedure voor de correctie van mandibulaire hypoplasia. Ondanks allerlei modificaties van de operatietechniek kunnen belangrijke complicaties optreden. Naast blijvend letsel aan de nervus alveolaris inferior (NAI) kan een naar voren verplaatste onderkaak ‘teruglopen’. Begin jaren 90 van de vorige eeuw werd de distractieosteogenese toegepast om de kaak te verlengen bij patiënten met extreme mandibulaire hypoplasie. Bij deze techniek wordt de kaak doorgenomen en vervolgens worden de 2 kaakdelen geleidelijk uit elkaar geduwd. Op het grensvlak ontstaat spontaan bot. Met deze techniek zou minder schade optreden van de NAI en stabielere resultaten worden bereikt.

Begin van deze eeuw verscheen er een explosie van publicaties rondom de toepassing van de distractietechniek zonder wetenschappelijk robuust bewijs dat deze techniek beter zou zijn dan de conventionele BSSO. Voor het voorliggende proefschrift is prospectief gerandomiseerd klinisch onderzoek, een zogenoemd ‘randomized clinical trial’ (RCT), verricht met als vraagstelling of de distractietechniek een serieus of beter alternatief zou zijn voor de conventionele BSSO. Bij 65 patiënten met mandibulaire hypoplasie werd bij 30 patiënten een distractie uitgevoerd en 35 patiënten ondergingen een BSSO. Bij onderzoek naar sensibiliteit van de onderlip en kin werd er geen verschil gevonden tussen beide groepen. Met behulp van cefalometrie werd de skelettale stabiliteit onderzocht. De positie van de onderkaak na een BSSO bleek niet significant te verschillen van die van de distractiegroep. Verder bleken de patiënten van de distractiegroep meer pijn te hebben, gebruikten ze meer pijnstillers en hadden ze meer infecties dan de patiënten van de BSSO-groep.

Alleen al de keuze voor de methode van dit onderzoek verdient lof. Er zijn maar weinig RCT’s in de mka-chirurgie die kritisch en wetenschappelijk op een verantwoorde manier een techniek analyseren, laat staan de ene met de andere techniek vergelijken. De auteur is daar goed in geslaagd. De hoofdstukken zijn goed leesbaar en gepubliceerd in internationale tijdschriften. Ik zou zeggen: verplichte kost voor mka-chirurgen en orthodontisten.

Hartelijk dank voor uw reactie. Uw reactie zal in behandeling genomen worden en na controle worden geplaatst.