Cariës in aangrenzende approximale vlakken na restauratie

Cariologie

Open PDF (369.64 KB)

Cariologie

Om het risico van cariësontwikkeling bij approximale vlakken in contact met nieuw geplaatste klasse II-composietrestauraties te kunnen beoordelen, werden 750 approximale oppervlakken, gaaf of met een cariëslaesie die zich beperkte tot het glazuur, bijna 5 jaar geobserveerd (gemiddeld 4,9 jaar, sd 0,67). Het onderzoek vond plaats in Noorwegen in een kliniek voor georganiseerde mondzorg. Het onderzoek werd uitgevoerd bij jongeren onder de 17 jaar. De resultaten werden klinisch en röntgenologisch beoordeeld.

02cariologie_kopperud_web.jpg
Schematische weergave van resultaten. Links: een gaaf aangrenzend vlak blijft gaaf (38,8%) of ontwikkelt een glazuurlaesie (34,0%) dan wel een dentinelaesie (27,2%. Rechts: een aangrenzend vlak met glazuurlaesie stabiliseert (57,3%) of ontwikkelt een dentinelaesie (42,7%).

Na de observatieperiode bleek 38,8% van de gave contactvlakken (GC, n = 417) gaaf gebleven. Bij 34,0% van de vlakken beperkte de ontstane cariëslaesie zich tot het glazuur en bij 27,2% van de vlakken ontstond een cariëslaesie in het dentine. Uit de groep met glazuurcariës (GlaC, n = 333) bleef van de vlakken met glazuurcariës 57,3% in het glazuur, terwijl 42,7% tot in het dentine was doorgedrongen (afb.). Verder bleek dat het risico van aantoonbare cariësontwikkeling in beide groepen (GC/ GlaC) groter was bij een hogere DMFT-score bij aanvang van het onderzoek. In beide groepen had de behandelend tandarts een aanzienlijke invloed op de ontwikkeling van cariës. De invloed van andere variabelen waren minder consistent. In de GC-groep was het risico van cariësontwikkeling groter bij patiënten met een slechte of matige mondhygiëne, ­restauraties in de bovenkaak en rechts in de mond ver­vaardigde restauraties. In de GlaC-groep waren deze factoren minder prominent aanwezig. Opmerkelijk is dat meer dan de helft van de aangetaste glazuurlaesies in de GlaC-groep gedurende de observatietijd zich niet uitbreidde naar het dentine.

Geconcludeerd kan worden dat zowel patiënt- als tandartsgerelateerde variabelen risicofactoren zijn voor de cariësontwikkeling op approximale vlakken die in contact komen met nieuw geplaatste klasse II-composietrestauraties. Uit het onderzoek kan de les worden getrokken dat het inzetten op maximale preventie de kans op schade van aangrenzende approximale vlakken kan beperken.

Bron

  • Kopperud SE, Espelid I, Tveit AB, Skudutyte-Rysstad R. Risk factors for caries development on tooth surfaces adjacent to newly placed class II composites -a pragmatic, practice based study. J Dent 2015; 43: 1323-1329.

Hartelijk dank voor uw reactie. Uw reactie zal in behandeling genomen worden en na controle worden geplaatst.

Info
bron
Ned Tijdschr Tandheelkd juni 2017; 124
rubriek
Excerpten
Gerelateerd