Ervaringen met integrale zorgverlening aan thuiswonende kwetsbare ouderen

Gerodontologie

Open PDF (193.17 KB)

Interventies voor integrale zorgverlening aan kwetsbare ouderen bestaan uit de benodigde multidisciplinaire zorgactiviteiten die op basis van een individueel geriatrisch onderzoek zijn vastgesteld. In dit artikel beschrijft de auteur aan de hand van de resultaten van 3 verschillende, recent in het kader van het Nationaal Programma Ouderenzorg uitgevoerde interventies bij thuiswonende kwetsbare ouderen de ervaringen met deze vorm van zorgverlening in Nederland.

De selectie van participanten voor de 3 interventies, met kwetsbaarheid als criterium, geschiedde door thuiswonende ouderen 1. per telefoon te interviewen met behulp van de PRISMA-7-vragenlijst, 2. per post te verzoeken de Groningen Frailty Indicator in te vullen en te retourneren en 3. het persoonlijke digitale medische patiëntendossier te raadplegen. Aan de hand van een individueel geriatrisch onderzoek en in overleg met andere zorgverleners werden door verpleegkundigen en praktijkondersteuners voor iedere participant de nodig geachte zorgactiviteiten bepaald en vervolgens gedurende 12 of 24 maanden uitgevoerd. Ter evaluatie gebruikten ze diverse onderzoeksvariabelen, zoals levenskwaliteit, functionele beperkingen, psychisch welbevinden, sociale participatie, eigen beoordeling van de gezondheid, opnamen in een medisch centrum, depressiviteit, valangst, zorgafhankelijkheid, mortaliteit, kosteneffectiviteit en tevredenheid over de zorgverlening. Op geen van de evaluerende onderzoeksvariabelen van de 3 interventies werd een statistisch significante verbetering geconstateerd tussen de metingen van voor en na de interventies.

Met deze teleurstellende ervaringen is bewezen dat deze methode van integrale zorgverlening geen kwalitatieve meerwaarde heeft ten opzichte van de gebruikelijke zorgverlening, althans in Nederland. Daarmee is nog niet bewezen dat deze methode ook in andere landen tot mislukken is gedoemd. Het zou ook kunnen dat de evaluatieperiode van maximaal 24 maanden te kort was om succes te boeken of dat de doelgroep beter naar bepaalde grote gezondheidsrisico’s had moeten worden gedefinieerd. Wellicht had in de interventies naast de medische zorgverlening ook de sociale zorgverlening aandacht moeten krijgen. Deze overwegingen van de auteur nodigen uit tot nader, specifieker en internationaal onderzoek.

Bron

  • Hoogendijk EO. How effective is integrated care for community-dwelling frail older people? The case of the Netherlands. Age Ageing 2016; 45: 585-588.

Hartelijk dank voor uw reactie. Uw reactie zal in behandeling genomen worden en na controle worden geplaatst.