Mondhygiëneprogramma’s voor mensen met een verstandelijke beperking

Bijzondere tandheelkunde

Open PDF (125.04 KB)

In dit uitgebreide systematisch literatuuronderzoek werd nagegaan hoe effectief mondhygiëneprogramma’s voor mensen met een verstandelijke beperking (VB) zijn. Een belangrijke vraag, aangezien mensen met een VB vaak een slechtere mondhygiëne hebben dan de algemene populatie, ook als ze hulp krijgen bij het poetsen.

Onderzoeken werden geselecteerd die op verschillende manieren verbetering van de mondhygiëne trachten te bereiken waaronder het gebruik van speciale handtandenborstels (zoals de Superbrush of driekopstandenborstel) of van elektrische tandenborstels; training van verzorgers en/of van de mensen met een VB zelf; en het gebruik van geïndividualiseerde poetsplannen.

Er werden 34 onderzoeken geïncludeerd met in totaal 1.795 mensen met een VB en 354 verzorgers. Van de onderzoeken waren 19 gerandomiseerd (RCT), 15 waren dat niet (NRS). De onderzoeken evalueerden gingivitis- en plaquescores, of de kennis, het gedrag en de attitude van verzorgers en/of mensen met een VB. Cariës en kwaliteit van leven werden niet gemeten. De meeste onderzoeken waren klein en alle hadden een hoog of onduidelijk bias-risico.

De enige bevinding met een gemiddelde bewijskracht was dat geen verschil in plaque- en gingivitisreductie werd gevonden tussen poetsen met elektrische en handtandenborstels. Verder zou het poetsen door een verzorger met een Superbrush in plaats van een gewone handtandenborstel tot meer reductie van gingivitis kunnen leiden op de middellange termijn (zeer lage bewijskracht) en zou het trainen van verzorgers in mondhygiëne hun kennis op de middellange termijn hebben verbeterd, maar werd daarbij geen verbetering van de gingivitisscore gevonden (lage bewijskracht).Die verbeterde wel bij het gebruik van geïndividualiseerde poetsplannen (één NRS) (zeer lage bewijskracht).

Conclusie. Hoewel sommige onderzoeken bewijs voor effectiviteit lieten zien, is het onduidelijk wat dit voor de mondhygiëne van een individuele patiënt betekent. De bewijskracht was over het algemeen laag tot zeer laag, wat betekent dat toekomstig onderzoek andere uitkomsten zou kunnen laten zien. Een gemiddelde bewijskracht werd alleen gevonden voor gelijke effectiviteit van elektrische en handtandenborstels in de reductie van gingivitis bij mensen met een VB op de middellange termijn. Meer en beter onderzoek van mogelijk effectieve mondhygiëneprogramma’s is nodig. Beslissingen over de dagelijkse mondverzorging moeten vooralsnog worden gebaseerd op de professionele expertise van de mondzorgverlener en op de individuele noden en voorkeuren van de persoon met een VB en diens verzorgers.

Bron

Waldron C, Nunn J, Mac Giolla Phadraig C, et al. Oral hygiene interventions for people with intellectual disabilities. Cochrane Database Syst Rev. 2019; 5: CD012628.

Hartelijk dank voor uw reactie. Uw reactie zal in behandeling genomen worden en na controle worden geplaatst.

Info
bron
Ned Tijdschr Tandheelkd december 2019; 126: 701
rubriek
Excerpten
Gerelateerd