Herstel en revalidatie na een totale laryngectomie

Monitoring van de postoperatieve zorg, herstel en revalidatie na een totale laryngectomie bij patienten met vergevorderde strottenhoofdkanker of onderste keelholtekanker, is van groot belang  Veelal wordt een totale laryngectomie tegenwoordig als laatste redmiddel ingezet na een behandeling met (chemo)radiotherapie. Liset Lansaat richtte haar onderzoek op het starten van orale voeding en de kans op het onstaan van faryngocutane fistelvorming (FCF), een ernstige postoperatieve complicatie. Hoofd-halschirurgen starten meestal relatief ‘laat’, op 10-12 dagen na operatie, met orale voeding. Gedacht wordt dat dit  FCF kan voorkomen of de kans erop doet afnemen. Lansaat vergeleek 2 patiëntengroepen, waarbij de ene groep laat de orale voeding kreeg en de andere groep vroeg (2-4 dagen postoperatief). Uit de resultaten bleek dat vroeg starten met orale voeding veilig is en niet leidt tot een significante toename van FCF. Tevens heeft Lansaat getracht de incidentie van FCF na een totale laryngectomie te onderzoeken aan de hand van patiëntgegevens van alle 8 primaire Nederlandse hoofd-halscentra. Geïncludeerd werden 324 patiënten die een totale laryngectomie hadden ondergaan. De incidentie van FCF van de gehele onderzoekspopulatie was 25,9%.

Ook deed Lansaant onderzoek naar allerlei aspecten van stemprothesen, waaronder een nieuwe automatische spreekklep waarmee zowel ‘handenvrij’ als handmatig afsluiten van het tracheostoma kan worden gesproken. De patiënten oordeelden positief over dit apparaat.

Op 19 juni 2019 promoveerde Liset Lansaat aan de Universiteit van Amsterdam op haar proefschrift ‘Postlaryngectomy care, recovery and rehabilitation aspects’. Promotor was prof. dr. M.W.W. van den Brekel en copromotor was prof. dr. F.J.M. Hilgers.

Hartelijk dank voor uw reactie. Uw reactie zal in behandeling genomen worden en na controle worden geplaatst.