{"zoekterm":null,"zoekresultaten":[{"id":"3859","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Nieuwe folder over verwijderen derde molaren voor clinici","titel_key":"nieuwe_folder_over_verwijderen_derde_molaren_voor_clinici","subtitel":"","samenvatting":"Hossein Ghaeminia promoveerde 23 juni 2017 op zijn proefschirft ‘‘Management of third molars: indication, diagnostics & complications’. Nu heeft hij zijn conclusies gebundeld in een folder die in de klinische praktijk kan worden gebruikt. “Met deze folder zouden we zenuws...","content":"

Hossein Ghaeminia promoveerde 23 juni 2017 op zijn proefschirft ‘‘Management of third molars: indication, diagnostics & complications’. Nu heeft hij zijn conclusies gebundeld in een folder die in de klinische praktijk kan worden gebruikt. “Met deze folder zouden we zenuwschade zelfs kunnen voorkomen”<\/i>, aldus Ghaeminia.<\/p>\r\n

De folder<\/a>  is een handleiding voor zowel tand- of mka-arts als patiënt om de afweging voor het wel of niet verwidjeren van een klachtenvrije derde molaar beter te kunnen maken. Daarnaast kunnen patiënten aan de hand van de folder beter worden voorgelicht over de individuele risico’s. De folder bestaat uit een beslisboom met argumenen voor en tegen het verwijderen van de derde molaar, de risicofactoren voor complicaties en de middenlen om infecties te voorkomen.<\/p>\r\n

Wat dat laatste betreft had Ghaeminia al in zijn proefschrift geconcludeerd dat na het extraheren van een derde molaar het spoelen van de extractie-aveole met kraanwater een ontsteking kan voorkomen. “In vergelijking met andere opties zoals antibiotica, is spoelen met kraanwater een relatief goedkope en eenvoudige manier om een ontsteking na het verwijderen van de molaar te voorkomen. Patiënten kunnen dit ook zelf thuis doen”<\/i>, aldus Ghaeminia.<\/p>\r\n

(Bron: Radboud Universiteit, 20 juni<\/a>)<\/p>","datum":"2017-06-29 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4325","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170628_thk_folder_over_verwijderen_derde_molaar_voor_clinici_webjpg.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/nieuwe-folder-over-verwijderen-derde-molaren-voor-clinici","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170628_thk_folder_over_verwijderen_derde_molaar_voor_clinici_webjpg.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170628_thk_folder_over_verwijderen_derde_molaar_voor_clinici_webjpg.jpg"},{"id":"3839","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Promotie K. Zygogiannis","titel_key":"promotie_k_zygogiannis","subtitel":"Klinische resultaten en pati\u00ebnttevredenheid van direct belaste mini-implantaten","samenvatting":"Kostas Zygogiannis onderzocht het behandelconcept voor implantaatgedragen overkappingsprothesen in de onderkaak waarbij de implantaten na plaatsing direct worden belast, en dan in het bijzonder het gebruik van 4 zogenoemde ‘mini dental implants’ (MDI’s) van 2,1 mm. Bij het gebruik ...","content":"

Kostas Zygogiannis onderzocht het behandelconcept voor implantaatgedragen overkappingsprothesen in de onderkaak waarbij de implantaten na plaatsing direct worden belast, en dan in het bijzonder het gebruik van 4 zogenoemde ‘mini dental implants’ (MDI’s) van 2,1 mm. Bij het gebruik van deze MDI’s is er geen aparte implantaatopbouw noodzakelijk, hetgeen de restauratieve fase vereenvoudigd en waardoor de kosten voor de patiënt lager zijn.<\/p>\r\n

Zygogiannis onderzocht of deze mini-implantaten even succesvol zijn en tot evenveel patiënttevredenheid leiden als de tot nu toe algemeen aangeboden standaardbehandeling met 2 eveneens direct met een overkappingsprothese belaste, met elkaar verbonden implantaten met standaardafmetingen. Naar aanleiding van zijn vindingen lijkt dit inderdaad het geval te zijn. Er bleken geen significante verschillen tussen de 2 soorten implantaten te zijn wat betreft de klinische parameters (marginaal botverlies, pockets, bloedingsneiging, plaquescores) en prothetische complicaties. De patiënttevredenheid was voor beide behandelmethoden significant hoger vergeleken met de voorgaande situatie met een conventionele gebitsprothese.<\/p>\r\n

Op 26 juni 2017<\/a> promoveerde Kostas Zygogiannis aan de Vrije Universiteit Amsterdam op zijn proefschrift ‘Mandibular overdentures retained by immediately loaded mini dental implants: expanding the treatment options for the edentulous patient<\/a>’. Promotor was prof. dr. D. Wismeijer en copromotoren waren dr. I.H.A. Aartman en dr. A. Tahmaseb Eghbali.<\/p>","datum":"2017-06-26 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4254","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170626_pers_promotie_k_zygogiannis_webjpg.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/promotie-k-zygogiannis","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170626_pers_promotie_k_zygogiannis_webjpg.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170626_pers_promotie_k_zygogiannis_webjpg.jpg"},{"id":"3840","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Promotie D.J.M. Niesten","titel_key":"promotie_d_j_m_niesten","subtitel":"Waarom kwetsbare ouderen niet meer naar de tandarts gaan","samenvatting":"Op 23 juni 2017 promoveerde ir. Dominique J.M. Niesten aan de Radboud Universiteit in Nijmegen op haar proefschrift ‘Oral health care and oral health related quality of life of frail and care-dependent older people’. Promotor was prof. dr. N.H.J. Creugers en copromotoren waren dr. D.J. W...","content":"

Op 23 juni 2017<\/a> promoveerde ir. Dominique J.M. Niesten aan de Radboud Universiteit in Nijmegen op haar proefschrift ‘Oral health care and oral health related quality of life of frail and care-dependent older people<\/a>’. Promotor was prof. dr. N.H.J. Creugers en copromotoren waren dr. D.J. Witter en dr. E.M. Bronkhorst. In een van de komende edities van het NTvT wordt haar onderzoek uitgebreider besproken in de serie ‘Hora est’.<\/p>","datum":"2017-06-23 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4255","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170623_pers_promotie_d_j_m_niesten_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/promotie-d-j-m-niesten","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170623_pers_promotie_d_j_m_niesten_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170623_pers_promotie_d_j_m_niesten_web.jpg"},{"id":"3841","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Promotie H. Ghaeminia","titel_key":"promotie_h_ghaeminia","subtitel":"Derde molaren wel of niet verwijderen?","samenvatting":"Veel klachtenvrije derde molaren worden verwijderd. Omdat er een gebrek aan wetenschappelijk bewijs hiervoor is, onderzocht Hossein Ghaeminia de effectiviteit van het verwijderen van klachtenvrije derde molaren. Hij concludeert dat er per patiënt een afweging moet worden gemaakt. Enerzijds bren...","content":"

Veel klachtenvrije derde molaren worden verwijderd. Omdat er een gebrek aan wetenschappelijk bewijs hiervoor is, onderzocht Hossein Ghaeminia de effectiviteit van het verwijderen van klachtenvrije derde molaren. Hij concludeert dat er per patiënt een afweging moet worden gemaakt. Enerzijds brengt chirurgische verwijdering risico’s op complicaties met zich mee, zoals wondinfecties en schade aan de zenuw van de onderlip en kin. Anderzijds kan het laten zitten van een klachtenvrije derde molaar op termijn te leiden tot meer schade aan de buurelementen.<\/p>\r\n

Ghaeminia geeft in zijn proefschrift aan welke patiënten risico lopen op de genoemde complicaties na verwijdering van de derde molaren. Tevens ontwikkelde hij een classificatie waarmee aan de hand van röntgenopnamen een inschatting kan worden gemaakt van de kans op zenuwschade. Hierdoor kunnen patiënten beter worden voorgelicht over de individuele risico’s op complicaties. Ook de afweging voor het wel of niet verwijderen van een derde molaar kan met deze classificatie beter worden gemaakt. Tot slot doet Ghaeminia handreikingen om  zenuwschade en infecties te voorkomen.<\/p>\r\n

Op 23 juni 2017<\/a> promoveerde Hossein Ghaeminia aan de Radboud Universiteit in Nijmegen op zijn proefschrift ‘Management of impacted third molars: indication, diagnostics and complications<\/a>’. Promotoren waren prof. dr. G.J. Meijer en prof. dr. S.J. Bergé. Copromotoren waren dr. T.J.J. Maal en dr. T.G.P.H. Mettes.<\/p>","datum":"2017-06-23 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4256","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170623_pers_promotie_h_ghaeminia_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/promotie-h-ghaeminia","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170623_pers_promotie_h_ghaeminia_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170623_pers_promotie_h_ghaeminia_web.jpg"},{"id":"3851","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Veiligheidsincidenten in de mondzorg op \u2018Never event\u2019-lijst","titel_key":"veiligheidsincidenten_in_de_mondzorg_op_never_event_lijst","subtitel":"","samenvatting":"Een omvattende lijst met gebeurtenissen die in de mondzorg absoluut niet mogen voorkomen, is zelden ontwikkeld. Britse onderzoekers hebben hiertoe een poging gedaan. Een literatuuroverzicht, 8 bijeenkomsten met 250 praktiserende tandartsen en discussies in een Delphi-groep met specialisten dienden a...","content":"

Een omvattende lijst met gebeurtenissen die in de mondzorg absoluut niet mogen voorkomen, is zelden ontwikkeld. Britse onderzoekers hebben hiertoe een poging gedaan. Een literatuuroverzicht, 8 bijeenkomsten met 250 praktiserende tandartsen en discussies in een Delphi-groep met specialisten dienden als materiaal om een zogenoemde ‘never event’-lijst voor de mondzorg op te stellen. Een ‘never event’ refereert aan een overeengekomen lijst van incidenten op het gebied van de patiëntveiligheid, die ‘niet hadden moeten gebeuren als de benodigde preventieve maatregelen waren genomen’. Dit zou de bewustwording van patiëntveiligheid bevorderen.<\/p>\r\n

Uiteindelijk werden 507 gebeurtenissen genoemd die in 7 thema’s werden samengevat. De meest aansprekende ‘never events' waren het afnemen van een medische anamnese verzuimen, gebrekkige hygiënemaatregelen en infectiecontrole in de praktijk en een verkeerd gebitselement extraheren.<\/p>\r\n

Dit onderzoek werd gepubliceerd in de Britisch Dental Journal 2017; 222: 782-788<\/a>.<\/p>","datum":"2017-06-21 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4266","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170623_nb_veiligheidsincidenten_in_de_mondzorg_op_never_event_lijst_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/veiligheidsincidenten-in-de-mondzorg-op-never-event-lijst","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170623_nb_veiligheidsincidenten_in_de_mondzorg_op_never_event_lijst_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170623_nb_veiligheidsincidenten_in_de_mondzorg_op_never_event_lijst_web.jpg"},{"id":"3852","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Psychologische stress en traumatische ongevallen ","titel_key":"psychologische_stress_en_traumatische_ongevallen","subtitel":"","samenvatting":"Mensen die een ongeval hebben gehad, hebben nogal eens psychosociale trauma’s die door hun artsen worden onderschat. In een ziekenhuis in Londen werden dergelijke patiënten tussen 2012 en 2014 2 maal geïnterviewd, te weten direct na hun ongeluk (219 patiënten) en 8 maanden (109 ...","content":"

Mensen die een ongeval hebben gehad, hebben nogal eens psychosociale trauma’s die door hun artsen worden onderschat. In een ziekenhuis in Londen werden dergelijke patiënten tussen 2012 en 2014 2 maal geïnterviewd, te weten direct na hun ongeluk (219 patiënten) en 8 maanden (109 patiënten) daarna. Vooral posttraumatische strresstoornis (PTSS) en depressieve stoornissen kwamen bij deze patiënten dikwijls voor. Direct na het ongeluk rapporteerden respectievelijk 27% en 33% van de ondervraagden deze klachten, na 8 maanden was dat 27% en 31%.<\/p>\r\n

Omdat gebleken is dat mensen na een traumatisch ongeval een verhoogde kans op psychologische stress hebben, suggereren de onderzoekers dat de behandelende (mka-)chirurgen aandacht aan de verschijnselen daarvan zouden moeten geven en dat het bieden van psychologische hulp in een vroeg stadium voor deze patiënten nuttig kan zijn. In de BMJ Open (2017; 7: e014712)<\/a> werd het onderzoek en de resultaten door Bhui et al beschreven.<\/p>","datum":"2017-06-21 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4267","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170623_nb_psychologische_stress_en_traumatische_ongevallen_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/psychologische-stress-en-traumatische-ongevallen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170623_nb_psychologische_stress_en_traumatische_ongevallen_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170623_nb_psychologische_stress_en_traumatische_ongevallen_web.jpg"},{"id":"3853","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Toename van hoofd-halskanker in Canada tussen 1993-2010","titel_key":"toename_van_hoofd_halskanker_in_canada_tussen_1993_2010","subtitel":"","samenvatting":"Canadese onderzoekers stelden vast dat in de periode 1993 en 2010 het aantal patiënten met  hoofd-halskanker in de provincie Ontario, Canada, sterk is toegenomen. Dit blijkt uit hun publicatie in Head & Neck (2017; 30 mei).\r\nOpvallend was de afname van hoofd-halstumoren die gerelateerd...","content":"

Canadese onderzoekers stelden vast dat in de periode 1993 en 2010 het aantal patiënten met  hoofd-halskanker in de provincie Ontario, Canada, sterk is toegenomen. Dit blijkt uit hun publicatie in Head & Neck (2017; 30 mei)<\/a>.<\/p>\r\n

Opvallend was de afname van hoofd-halstumoren die gerelateerd zijn het rookgedrag van deze patiënten,maar dat er juist een aanzienlijke toename was te zien in tumoren die gerelateerd zijn aan het humaan papillomavirus. Bijzonder was tevens dat de onderzoekers constateerden dat het aantal nieuwe gevallen van speekselkliertumoren was toegenomen. Ten slotte bleek de 5-jaarsoverleving voor alle tumoren in de periode 1993-2010 te zijn verbeterd.<\/p>","datum":"2017-06-21 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4268","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170623_nb_toename_van_hoofd_halskanker_in_canada_tussen_1993_2010_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/toename-van-hoofd-halskanker-in-canada-tussen-1993-2010","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170623_nb_toename_van_hoofd_halskanker_in_canada_tussen_1993_2010_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170623_nb_toename_van_hoofd_halskanker_in_canada_tussen_1993_2010_web.jpg"},{"id":"3854","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Speekselpeptiden mogelijk inzetbaar voor osseo-integratie implantaten","titel_key":"speekselpeptiden_mogelijk_inzetbaar_voor_osseo_integratie_implantaten","subtitel":"","samenvatting":"Speekselpeptiden kunnen mogelijk worden ingezet voor een verbeterde osseo-integratie van tandheelkundige implantaten. Deze conclusie trok een onderzoeksteam in Nederland dat de invloed van speekselpeptidenop op tandheelkundige implantaten onderzocht. Eerder had het team al aangetoond dat op een oppe...","content":"

Speekselpeptiden kunnen mogelijk worden ingezet voor een verbeterde osseo-integratie van tandheelkundige implantaten. Deze conclusie trok een onderzoeksteam in Nederland dat de invloed van speekselpeptidenop op tandheelkundige implantaten onderzocht. Eerder had het team al aangetoond dat op een oppervlak van glas het speekselpeptide histatine-1 (Hst1) het vermogen van de humane cellen zich te hechten en te verspreiden bevordert. Nu onderzocht het team of de toevoeging van Hst1 hechting van cellen aan het oppervlak van tandimplantaten bevordert.<\/p>\r\n

Het bleek dat Hst1 de hechting en spreiding van orale epitheliale cellen en fibroblasten aan titanium en hydroxyapatiet, bevorderde.<\/p>\r\n

Het onderzoek is gepubliceerd in de Journal of Dental Research<\/i> (2017; 96: 430-436)<\/a>.<\/p>","datum":"2017-06-21 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4269","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170623_nb_speekselpeptiden_mogelijk_inzetbaar_voor_osseo_integratie_implantaten_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/speekselpeptiden-mogelijk-inzetbaar-voor-osseo-integratie-implantaten","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170623_nb_speekselpeptiden_mogelijk_inzetbaar_voor_osseo_integratie_implantaten_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170623_nb_speekselpeptiden_mogelijk_inzetbaar_voor_osseo_integratie_implantaten_web.jpg"},{"id":"3857","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Zwangerschap, een ervaring op zich\u2026","titel_key":"zwangerschap_een_ervaring_op_zich","subtitel":"Column","samenvatting":"Twaalf weken geleden kwam ik tot de ontdekking dat ik zwanger ben. Na een paar gelukstranen en vreugdesprongen gingen mijn gedachten kort terug naar de tijd dat ik in de Verenigde Staten onderzoek deed naar ernstige gegeneraliseerde gingivitis bij zwangere vrouwen en de relatie met een verhoogde kan...","content":"

Twaalf weken geleden kwam ik tot de ontdekking dat ik zwanger ben. Na een paar gelukstranen en vreugdesprongen gingen mijn gedachten kort terug naar de tijd dat ik in de Verenigde Staten onderzoek deed naar ernstige gegeneraliseerde gingivitis bij zwangere vrouwen en de relatie met een verhoogde kans op vroeggeboorte en\/of een laag geboortegewicht. Ik bedacht me dat ik in het tweede trimester van de zwangerschap echt goed moet gaan oppassen op mijn mondhygiëne, want uit onderzoek is gebleken dat het voorkomen van gingivitis de belangrijkste preventieve maatregel is. Trouw elke dag tweemaal daags elektrisch tandenpoetsen en dagelijks stokers gebruiken, dat moest wel lukken, dacht ik. Twee weken later begon de misselijkheid en het overgeven. Dagelijks wel 5 á 6 keer! Op dit moment ben ik 16 weken zwanger en is het overgeven alweer flink afgenomen, maar nog steeds word ik zo nu en dan ontzettend misselijk.<\/p>\r\n

Tegen al mijn patiënten heb ik altijd gezegd dat een goede mondhygiëne om gingivale aandoeningen tijdens de zwangerschap te voorkomen het allerbelangrijkste is, maar over preventie van erosie heb ik het nooit gehad. Het lijkt een ondergeschikt onderwerp te zijn. Zelf heb ik namelijk nooit beseft hoe ontzettend heftig de misselijkheid en het overgeven kan zijn, tot ik het nu zelf ervaren heb. Ook tijdens mijn eerste bezoek bij de verloskundige werd enkel en alleen gevraagd of ik een gezonde mond had.<\/p>\r\n

Grappig eigenlijk, dat ik me nu zo’n 10 jaar lang verdiep in de wondere wereld van de tandheelkunde en dan dit moet constateren door eigen ervaring. De werkzame mannen binnen de tandheelkunde zullen deze ervaring van gierende hormonen door je lijf met vervelende symptomen nooit krijgen. Dus alle mondzorgverleners die dit lezen: vergeet bij zwangere patiënten het belang van preventie van erosie niet te bespreken!<\/p>","datum":"2017-06-21 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4272","auteurs":[{"id":"1057","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"L. Vermeulen","titel_key":"l_vermeulen","old_id":"0","voorvoegsel":"L.","achternaam":"Vermeulen"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/column_juni_2017_afb_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/zwangerschap-een-ervaring-op-zich","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/column_juni_2017_afb_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/column_juni_2017_afb_web.jpg"},{"id":"3855","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Effect van whitening tandpasta's onderzocht","titel_key":"effect_van_whitening_tandpasta_s_onderzocht","subtitel":"","samenvatting":"Uit een systematisch literatuuronderzoek naar het effect van een whitening tandpast ten opzichte van een  gewone tandpasta bleek dat bijna alle wetenschappelijk onderzochte whitening tandpasta’s in meer of mindere mate een witmakend effect hadden.\r\nDe kleur van de gebitselementen werd doo...","content":"

Uit een systematisch literatuuronderzoek naar het effect van een whitening tandpast ten opzichte van een  gewone tandpasta bleek dat bijna alle wetenschappelijk onderzochte whitening tandpasta’s in meer of mindere mate een witmakend effect hadden.<\/p>\r\n

De kleur van de gebitselementen werd door gebruik van een een zogenoemde whitening tandpasta significant lichter. De onderzoekers stelden vast dat dit effect voornamelijk het gevolg is van een vermindering van de verkleuring op het tandoppervlak.<\/p>\r\n

Het literatuuronderzoek verscheen op 2 juni 2017 in de International Journal of Dental Hygiene (epub ahead of print)<\/a>.<\/p>","datum":"2017-06-16 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4270","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170616_nb_tandpasta_s_hebben_een_bleekeffect_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/effect-van-whitening-tandpasta-s-onderzocht","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170616_nb_tandpasta_s_hebben_een_bleekeffect_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170616_nb_tandpasta_s_hebben_een_bleekeffect_web.jpg"},{"id":"3856","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"E-sigaret blijkt ook DNA te beschadigen","titel_key":"e_sigaret_blijkt_ook_dna_te_beschadigen","subtitel":"","samenvatting":"Amerikaanse onderzoekers van de University of Connecticut kwamen tot de conclusie dat e-sigaretten net zo schadelijk kunnen zijn als gewone sigaretten.\r\nDe onderzoekers vergeleken e-sigaretten met en zonder nicotine en gewone sigaretten met en zonder filter. Voor het meten van effecten op menselijk ...","content":"

Amerikaanse onderzoekers van de University of Connecticut kwamen tot de conclusie dat e-sigaretten net zo schadelijk kunnen zijn als gewone sigaretten.<\/p>\r\n

De onderzoekers vergeleken e-sigaretten met en zonder nicotine en gewone sigaretten met en zonder filter. Voor het meten van effecten op menselijk DNA gebruikten zij een 3D-geprint apparaat, waarin de reactie in het menselijk lichaam wordt nagebootst. Uit de metingen bleek dat e-sigaretten met een op nicotine gebaseerde vloeistof potentieel net zo schadelijk voor het DNA waren als gewone sigaretten zonder filter. Daarnaast concludeerden ze dat de damp van e-sigaretten zonder nicotine evenveel DNA-schade veroorzaakten als gewone filtersigaretten. De onderzoekers denken dat dit komt door de chemische toevoegingen in de e-sigaretdamp. Celmutaties door DNA-schade kunnen leiden tot kanker.<\/p>\r\n

De onderzoekers wijzen erop dat de mate van DNA-schade afhangt van de hoeveelheid damp die wordt geïnhaleerd, de andere toevoegingen aan de e-sigaretampul, of er wel of geen nicotine in zit en nog een aantal andere factoren. Het onderzoek is gepubliceerd in ACS Sensors<\/i> (2017; 2: 670–678)<\/a>.<\/p>\r\n

(Bron: EurekAlert, 12 juni 2017<\/a>)<\/p>","datum":"2017-06-16 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4271","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170616_med_e_sigaret_blijkt_ook_dna_te_beschadigen_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/e-sigaret-blijkt-ook-dna-te-beschadigen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170616_med_e_sigaret_blijkt_ook_dna_te_beschadigen_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170616_med_e_sigaret_blijkt_ook_dna_te_beschadigen_web.jpg"},{"id":"3838","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Rob Burgersdijk ontvangt Dr. Th. Dentz medaille","titel_key":"rob_burgersdijk_ontvangt_dr_th_dentz_medaille","subtitel":"","samenvatting":"Op donderdag 8 juni 2017 werd tijdens het congres ‘Dahlen, wanneer en hoe’, door de Nederlandse Wetenschappelijke Vereniging van Tandartsen (NWVT) de Dr. Th. Dentz medaille uitgereikt aan prof. dr. Rob Burgersdijk.\r\nBurgersdijk ontving de medaille vanwege zijn wetenschappelijke prestatie...","content":"

Op donderdag 8 juni 2017 werd tijdens het congres ‘Dahlen, wanneer en hoe’, door de Nederlandse Wetenschappelijke Vereniging van Tandartsen (NWVT) de Dr. Th. Dentz medaille uitgereikt aan prof. dr. Rob Burgersdijk.<\/p>\r\n

Burgersdijk ontving de medaille vanwege zijn wetenschappelijke prestaties en uitzonderlijke kwaliteiten, die vooral betekenis hebben voor de beroepsuitoefening door tandartsen-algemeen practici en die de patiënten ten goede komen. De staat van dienst van Burgersdijk is volgende de NWVT indrukwekkend. Zo was hij van 1967 tot 2008 staflid aan de afdeling Conserverende tandheelkunde en van 1982 tot 2005 hoogleraar Restauratieve tandheelkunde in het bijzonder de kindertandheelkunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij vervulde diverse bestuurlijke functies binnen allerlei organisaties en werkgroepen, zowel facultair, universitair als ook buiten de universiteit. Enkele voorbeelden daarvan zijn: voorzitter van kamer Tandheelkunde-VSNU, voorzitter Ivoren Kruis, voorzitter werkgroep ‘Integratie medisch klinisch onderwijs en tandheelkundig onderwijs’, voorzitter project Gehandicaptenzorg NMT\/IK en momenteel voorzitter van de Federatie voor Tandheelkundig Wetenschappelijke Verenigingen.<\/p>\r\n

De Dr. Th. Dentz medaille wordt sinds 1927 uitgereikt en is de oudste en hoogste tandheelkundige onderscheiding in Nederland. De medaille is nu voor de 22ste keer uitgereikt. De eerste medaille werd aan Dr. Theodore Dentz toegekend omdat hij werd gezien als de grondlegger van de universitaire tandheelkundige opleiding in Nederland.<\/p>","datum":"2017-06-13 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4253","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170608_rob_burgersdijk_ontvangt_dentz_medaille_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/rob-burgersdijk-ontvangt-dr-th-dentz-medaille","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170608_rob_burgersdijk_ontvangt_dentz_medaille_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170608_rob_burgersdijk_ontvangt_dentz_medaille_web.jpg"},{"id":"3847","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Vaccin influenza scoort 29% effectiviteit in Nederland","titel_key":"vaccin_influenza_scoort_29_effectiviteit_in_nederland","subtitel":"","samenvatting":"De effectiviteit van het influenzavaccin in Nederland gedurende de influenzaseizoenen 2003\/2004 tot en met 2013\/2014 blijkt 29% te zijn. Het influenzavaccin had een gemiddelde effectiviteit wanneer er sprake was van een vaccinmatch (40% effectiviteit) en een lage effectiviteit bij een mismatch (20% ...","content":"

De effectiviteit van het influenzavaccin in Nederland gedurende de influenzaseizoenen 2003\/2004 tot en met 2013\/2014 blijkt 29% te zijn. Het influenzavaccin had een gemiddelde effectiviteit wanneer er sprake was van een vaccinmatch (40% effectiviteit) en een lage effectiviteit bij een mismatch (20% effectiviteit). In 7 van de 11 seizoenen was er een mismatch tussen vaccin en het circulerende virustype. Dit staat in het Ned Tijdschr Geneeskd<\/em> van 27 mei 2017.<\/p>\r\n

De gegevens voor het onderzoek werden door de onderzoekers verkregen van de peilstations van NIVEL Zorgregistraties Eerste Lijn. De aan de peilstations deelnemende huisartsen namen van patiënten met een griepachtig ziektebeeld of acute luchtweginfecties neus- en keelmonsters af voor virologisch onderzoek.  De monsters werden door het RIVM geanalyseerd op de aanwezigheid van influenzavirus. De patiëntengroep bestond uit degenen die een positief monster voor influenzavirus hadden, de controlegroep uit degenen van wie het monster negatief was voor influenzavirus. Vervolgens stelden de onderzoekers de ‘influenza vaccine effectiveness’ (IVE) vast.<\/p>\r\n

De conclusie was dat de effectiviteit van het influezavaccin vooral laag was wanneer er een mismatch was tussen het vaccin en het circulerende virustype en wanneer A\/H3N2 het dominante influenzasubtype was. Het onderzoek is eerder verschenen in PLoS One (2017; e0169528<\/a>).<\/p>\r\n

(Bron: Ned Tijdschr Geneeskd, 2017; 161: D1648<\/a>)<\/p>","datum":"2017-06-13 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4262","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170617_med_influenzavaccin_in_nederland_scoort_29_effectiviteit_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/vaccin-influenza-scoort-29-effectiviteit-in-nederland","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170617_med_influenzavaccin_in_nederland_scoort_29_effectiviteit_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170617_med_influenzavaccin_in_nederland_scoort_29_effectiviteit_web.jpg"},{"id":"3848","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Preventieprogramma \u2018Gezonde peutermonden\u2019 gestart","titel_key":"preventieprogramma_gezonde_peutermonden_gestart","subtitel":"","samenvatting":"Op initiatief van de Hogeschool Utrecht en het ACTA is vanaf 1 april 2017 het preventieprogramma ‘Gezonde peutermonden’ op consultatiebureaus van start gegaan. Het doel van het programma is de mondgezondheid van baby’s en peuters te verbeteren met behulp van een mondzorgcoach (een ...","content":"

Op initiatief van de Hogeschool Utrecht en het ACTA is vanaf 1 april 2017 het preventieprogramma ‘Gezonde peutermonden’ op consultatiebureaus van start gegaan. Het doel van het programma is de mondgezondheid van baby’s en peuters te verbeteren met behulp van een mondzorgcoach (een mondhygiënist, tandarts of preventie-assistent) op het consultatiebureau. Aansluitend aan de reguliere consultatiebureaubezoeken geeft deze coach aan de ouders een geïndividualiseerd preventief mondzorgprogramma voor baby’s en peuters. Dit programma is gebaseerd op het Schotse Childsmile Project<\/a> en het Gewoon Gaaf<\/a>-programma van het Ivoren Kruis, en zal niet interfereren met de gebruikelijke zorgafspraken in de mondzorgpraktijk. Tandartsen en mondhygiënisten uit de regio’s waar het project plaats gaat vinden ontvangen een brief met meer uitleg over het project.<\/p>\r\n

Onderzoeker Peggy van Spreuwel, docent en gezondheidswetenschapper aan de Hogeschool Utrecht, onderzoekt de effecten van dit preventieprogramma in het kader van haar promotieonderzoek bij het ACTA. In totaal nemen 400 kinderen aan dit onderzoek deel. De helft van de kinderen ziet naast de reguliere consultatiebureauverpleegkundige of -arts ook een mondzorgcoach. Op 2- en 4-jarige leeftijd worden cariës en mondhygiëne bij alle kinderen bepaald en de gedragsaspecten van ouders gemeten. Ook worden de kosteneffectiviteit van het preventieprogramma geëvalueerd en de mogelijkheden voor de brede implementatie geïnventariseerd. De resultaten zijn over ongeveer 2 jaar beschikbaar. Voor meer informatie: www.gezondepeutermonden.hu.nl<\/a>.<\/p>\r\n

(Bron: HU\/ACTA)<\/p>","datum":"2017-06-13 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4263","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170613_thk_preventieprogramma_gezonde_peutermonden_gestart_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/preventieprogramma-gezonde-peutermonden-gestart","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170613_thk_preventieprogramma_gezonde_peutermonden_gestart_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170613_thk_preventieprogramma_gezonde_peutermonden_gestart_web.jpg"},{"id":"3849","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Genen (ook) oorzaak van slapeloosheid","titel_key":"genen_ook_oorzaak_van_slapeloosheid","subtitel":"","samenvatting":"Een internationaal onderzoeksteam heeft 7 risicogenen voor slapeloosheid gevonden. Hiermee komen hoogleraren Danielle Posthuma (VU\/VUmc) en Eus van Someren (Nederlands Herseninstituut, VU\/VUmc), die dit onderzoek leidden, dichterbij het ontrafelen van de biologische mechanismen van slapeloosheid. De...","content":"

Een internationaal onderzoeksteam heeft 7 risicogenen voor slapeloosheid gevonden. Hiermee komen hoogleraren Danielle Posthuma (VU\/VUmc) en Eus van Someren (Nederlands Herseninstituut, VU\/VUmc), die dit onderzoek leidden, dichterbij het ontrafelen van de biologische mechanismen van slapeloosheid. De vondst bewijst daarnaast dat slapeloosheid geen puur psychische aandoening is, wat veelal wordt beweerd. Van Someren hoopt dat de bevindingen erkenning van slapeloosheid teweeg brengen: “In verhouding tot de ernst, prevalentie en risico's van slapeloosheid wordt er nauwelijks onderzoek naar oorzaken gedaan. Te vaak wordt het probleem afgedaan met ‘het zit tussen de oren’. Ons onderzoek opent een ander perspectief: het zit namelijk ook in de genen.”<\/i><\/p>\r\n

De onderzoekers vonden tevens sterke genetische overlap met angststoornissen, depressie, neuroticisme en een lager algemeen welbevinden. “Dit is een interessante bevinding omdat we deze eigenschappen vaak samen zien met slapeloosheid. We weten nu dat dit deels komt door een gedeelde genetische basis”<\/i>, zegt VU-wetenschapper Anke Hammerschlag.<\/p>\r\n

De uitkomsten van dit onderzoek zijn gepubliceerd in Nature Genetics<\/i> (2017; 12 juni)<\/a>.<\/p>\r\n

(Bron: VU, 12 juni 2017<\/a>)<\/p>","datum":"2017-06-13 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4264","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170613_med_genen_ook_oorzaak_van_slapeloosheid_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/genen-ook-oorzaak-van-slapeloosheid","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170613_med_genen_ook_oorzaak_van_slapeloosheid_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170613_med_genen_ook_oorzaak_van_slapeloosheid_web.jpg"},{"id":"3850","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Opvoeding gerelateerd aan overgewicht","titel_key":"opvoeding_gerelateerd_aan_overgewicht","subtitel":"","samenvatting":"Onderzoek van Roxanna Chamfferman heeft aangetoond dat er een relatie bestaat tussen opvoeding en gewicht. Er werden 101 gezinnen van Nederlandse etniciteit en met een kind tussen de 4 en 6 jaar thuis geobserveerd tijdens de avondmaaltijd. Aan de hand van de videobeelden en vragenlijsten werd gelet ...","content":"

Onderzoek van Roxanna Chamfferman heeft aangetoond dat er een relatie bestaat tussen opvoeding en gewicht. Er werden 101 gezinnen van Nederlandse etniciteit en met een kind tussen de 4 en 6 jaar thuis geobserveerd tijdens de avondmaaltijd. Aan de hand van de videobeelden en vragenlijsten werd gelet op de mate van sensitiviteit\/insensitiviteit in de opvoeding. Daarnaast werd gekeken hoeveel druk de ouders uitoefenden op hun kind om te eten.<\/p>\r\n

Het bleek dat kinderen die meer insensitieve reacties ontvingen gedurende de avondmaaltijd een hoger risico hadden op overgewicht. Een insensitieve opvoeding levert stress op, met als gevolg minder goede slaap en meer hormonen in het lichaam waardoor het kind meer honger krijgt of minder snel een vol gevoel heeft. Ook emotioneel eten kan bij deze opvoedingswijze voorkomen.<\/p>\r\n

(Bron: Universiteit Leiden, 23 mei 2017<\/a>)<\/p>","datum":"2017-06-13 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4265","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170613_med_opvoeding_gerelateerd_aan_overgewicht_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/opvoeding-gerelateerd-aan-overgewicht","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170613_med_opvoeding_gerelateerd_aan_overgewicht_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170613_med_opvoeding_gerelateerd_aan_overgewicht_web.jpg"},{"id":"3843","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Inwendige radiotherapie voor borstkanker in Nederland","titel_key":"inwendige_radiotherapie_voor_borstkanker_in_nederland","subtitel":"","samenvatting":"Chirurg Taco Klem en arts-onderzoeker Gerson Struin van het Franciscus Gasthuis & Vlietland onderzoeken samen met het Erasmus MC een innovatieve vorm van inwendige radiotherapie bij borstkanker. “Over 10 jaar is borstkankertherapie niet langer een volledig chirurgische behandeling met het ...","content":"

Chirurg Taco Klem en arts-onderzoeker Gerson Struin van het Franciscus Gasthuis & Vlietland onderzoeken samen met het Erasmus MC een innovatieve vorm van inwendige radiotherapie bij borstkanker. “Over 10 jaar is borstkankertherapie niet langer een volledig chirurgische behandeling met het mes,”<\/i> zeggen zij in een interview in MIT<\/i> van 6 juni 2017<\/a>.<\/p>\r\n

De techniek wordt al sinds 2004 in Canada en later ook in de Verenigde staten gebruikt, maar wordt nu voor het eerst in Nederland – en zelfs in Europa – toegepast. Bij deze vorm van inwendige radiotherapie, ‘Permanent Breast Seed Implants’ (PBSI) genaamd, wordt gebruikgemaakt van kleine titanium ‘zaadjes’, die na een borstsparende operatie in de borst worden geïmplanteerd nadat de wonden zijn genezen. In de zaadjes zitten radioactieve isotopen van palladium die lokaal gedurende 3 maanden straling afgeven. Daarna zijn ze niet meer actief, maar blijven wel permanent in het lichaam.<\/p>\r\n

Volgens de onderzoekers is het voordeel van deze therapie dat het radiotherapietraject na een borstbesparende operatie een stuk patiëntvriendelijker is. Namelijk, de 20 ritten in 4 weken naar een radiotherapeutisch centrum worden de patiënt bespaard. Patiënten voor wie nu partiële radiotherapie geschikt is, komen in aanmerking voor deze behandeling. “Permanent seed implant maakt gebruik van relatief zwakke straling, daarom is het over het algemeen alleen geschikt voor laagrisicotumoren. Daarnaast mag het te bestralen gebied niet te groot zijn en moet het gebied benaderbaar zijn voor de implantatienaalden”<\/i>, aldus Gerson Struik in het interview in MIT.<\/p>\r\n

(Bron: MIT, 6 juni 2017<\/a>)<\/p>","datum":"2017-06-12 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4258","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170612_med_inwendige_radiotherapie_voor_borstkanker_in_nederland_web_1.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/inwendige-radiotherapie-voor-borstkanker-in-nederland","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170612_med_inwendige_radiotherapie_voor_borstkanker_in_nederland_web_1.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170612_med_inwendige_radiotherapie_voor_borstkanker_in_nederland_web_1.jpg"},{"id":"3844","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Pati\u00ebnt klaagt over niet-Nederlands sprekende tandarts","titel_key":"patient_klaagt_over_niet_nederlands_sprekende_tandarts","subtitel":"","samenvatting":"Een patiënt uit Amsterdam klaagde bij de tweedekamercommissie VWS over een vervangende tandarts en diens assistent, die beiden de Nederlandse taal niet goed beheersten. De patiënt schreef dat hij meent dat iemand die in Nederland zijn beroep uitoefent en daarbij direct met Nederlandse burg...","content":"

Een patiënt uit Amsterdam klaagde bij de tweedekamercommissie VWS over een vervangende tandarts en diens assistent, die beiden de Nederlandse taal niet goed beheersten. De patiënt schreef dat hij meent dat iemand die in Nederland zijn beroep uitoefent en daarbij direct met Nederlandse burgers te maken heeft, de Nederlandse taal voldoende dient te beheersen.<\/p>\r\n

Staatssecretaris van VWS, Martin van Rijn, reageerde in een brief<\/a> aan de Tweede Kamer. Hij merkte daarin op dat volgens de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg<\/i> (Wkkgz) de zorgaanbieder verplicht is goede zorg aan te bieden. Deze zorgplicht houdt volgens Van Rijn in dat zorgaanbieders, die in Nederland werkzaam zijn, voldoende de Nederlandse taal moeten beheersen om met patiënten en collega’s te kunnen communiceren. “Deze zorgplicht geldt voor alle zorgaanbieders die in Nederland werkzaam zijn, ongeacht of de zorgverlener een Nederlands dan wel een buitenlands diploma heeft,”<\/i> aldus de staatssecretaris in zijn brief.<\/p>\r\n

Tevens stipte hij aan dat vanaf 1 januari 2017 bij inschrijving in het BIG-register een zorgaanbieder moet kunnen aantonen de Nederlandse taal voldoende te beheersen. Indien dat niet het geval is, wordt inschrijving geweigerd. Zorgaanbieders die al voor 1 januari 2017 waren ingeschreven, maar de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, kunnen worden aangesproken op basis van het genoemde artikel 2 van de Wkkgz<\/i>. Vervolgens bepaald de Inspectie voor de Gezondheidszorg of zij met een maatregel of een bevel zal ingrijpen.<\/p>\r\n

Staatssecretaris Van Rijn adviseerde de klager om de kwestie te melden bij het Landelijk Meldpunt Zorg<\/a> (onderdeel van IGZ), dat hem verder kan helpen met zijn klacht.<\/p>\r\n

(Bron: Ministerie VWS, 12 mei 2017<\/a>)<\/p>","datum":"2017-06-12 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4259","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170612_thk_patient_klaagt_over_niet_nederlands_sprekende_tandarts_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/patient-klaagt-over-niet-nederlands-sprekende-tandarts","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170612_thk_patient_klaagt_over_niet_nederlands_sprekende_tandarts_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170612_thk_patient_klaagt_over_niet_nederlands_sprekende_tandarts_web.jpg"},{"id":"3845","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Congres over Dahlen","titel_key":"congres_over_dahlen","subtitel":"Congresverslag","samenvatting":"Op 8 juni 2017 werd het congres ‘Dahlen, wanneer en hoe? Geef ze de ruimte!’ gehouden door de Nederlandse Wetenschappelijke Vereniging van Tandartsen (NWVT) in bioscoop Cinemec te Utrecht. De NWVT richt zich onder andere op het bevorderen van de kwaliteit van de tandheelkundige behandeli...","content":"

Op 8 juni 2017 werd het congres ‘Dahlen, wanneer en hoe? Geef ze de ruimte!’ gehouden door de Nederlandse Wetenschappelijke Vereniging van Tandartsen (NWVT) in bioscoop Cinemec te Utrecht. De NWVT richt zich onder andere op het bevorderen van de kwaliteit van de tandheelkundige behandeling en spitst zich toe op de tandarts-algemeen practicus. Op dit congres kwamen 310 tandartsen af waaronder opvallend veel jonge tandartsen.<\/p>\r\n

Professor in de restauratieve tandheelkunde aan de Cardiff universiteit in Wales, Jeremy Rees, liet de ontwikkeling van het Dahl-principe over de afgelopen 40 jaar zien. Het Dahl-principe wordt toegepast in geval van lokale anterieure slijtage met dentoalveolaire compensatie, waarbij een beetverhoging in het front wordt aangebracht die 40% intrusie anterieur en 60% eruptie posterieur veroorzaakt om restauratief te kunnen herstellen. Dit principe werd voor het eerst omschreven in 1975. Het eerste type werd vervaardigd als uitneembaar frame van kobalt-chroom, wat esthetisch niet heel fraai was. Naderhand werd overgegaan op palatinale gouden veneers en uiteindelijk wordt nu veelal direct composiet gebruikt met behulp van een putty mal en wordt ook de dubbele Dahl toegepast (opbouw zowel in het boven- als onderfront).<\/p>\r\n

Opvallend in de voordracht van dr. Hans van Pelt, restauratief tandarts en EPA prothetist, was dat het uitneembare Dahl-frame weer volop actueel blijkt te zijn als onderdeel van een gecombineerde restauratieve en orthodontische behandeling in geval van een dekbeet. Dit moderne Dahl-frame, uitgevoerd met een transparante kunsthars opbeet, zou de orthodontische fase met 6-7 maanden verkorten tegen slechts lage financiële kosten.<\/p>\r\n

Rees benadrukte dat een Dahl-behandeling gezien kan worden als het onderhoud aan een huis dat steeds bijgehouden moet worden. Vooral bij bruxisme, gebrek aan dorsale steun en keramische antagonisten is de kans op slijtage, verlies of chipping van de Dahl-opbouwen hoger en dan kan een (hybride) splint een goede preventieve zet zijn. Verder zijn er weinig tot geen negatieve bijeffecten van een Dahl-behandeling met betrekking tot pulpavitaliteit of parodontium waar te nemen.<\/p>\r\n

Zowel Rees als dr. Kya Wabeke, tandarts maxillofaciale prothetiek en gnatholoog, merkten op dat er weinig wetenschappelijk onderzoek is gedaan naar de Dahl-behandeling, maar dat er wel veel ‘best-practice’-ervaring is beschreven.  Opmerkelijk in een tijd waarin juist veel nadruk wordt gelegd op ‘evidence-based dentistry’. Wabeke ging dieper in op de juiste indicatiestelling voor een Dahl-behandeling. Lokaal anterieur verlies met een normale verticale dimensie in de zijdelingse delen, zonder ruimte voor restauratief herstel, is een goede indicatie en bij gegeneraliseerde slijtage is er juist geen indicatie. In geval van een omgekeerde curve, een end-to-end frontrelatie of een traumatische diepe (dek)beet moet eerst orthodontie worden toegepast, alvorens verder te kunnen gaan. Uiteraard is communicatie tussen de tandarts en de orthodontist voorafgaande aan de uitvoering van deze gecombineerde behandeling cruciaal om tot een bevredigend eindresultaat voor zowel patiënt als behandelaar te komen. In haar eigen praktijk gaat Wabeke tijdens de intake met behulp van vooraf door de patiënt ingevulde vragenlijsten in op de motivatie en de hulpvraag van haar patiënten. Betreft het klinische werk, raadde zij aan om de gebitselementen goed “in te pakken” <\/i>met composiet om voldoende stevigheid te bereiken. Ook is hechting op voldoende beschikbaar glazuur een noodzaak.<\/p>\r\n

In een reeks casussen kwam naar voren dat de hedendaagse Dahl-behandeling een zeer creatieve en minimaal invasieve behandeling is. De (startende) tandarts-algemeen practicus kreeg al met al genoeg handvatten om zelf aan de slag te gaan.<\/p>\r\n

(Désirée Kerkdijk, tandarts en redactiemedewerker)<\/p>","datum":"2017-06-12 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4260","auteurs":[{"id":"1061","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"D.D. Kerkdijk","titel_key":"d_d_kerkdijk","old_id":"0","voorvoegsel":"D.D.","achternaam":"Kerkdijk"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170608_con_dahlen_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/congres-over-dahlen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170608_con_dahlen_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170608_con_dahlen_web.jpg"},{"id":"3846","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Inschrijving \u2018Oral Reconstruction Foundation Research Award\u2019 geopend","titel_key":"inschrijving_oral_reconstruction_foundation_research_award_geopend","subtitel":"","samenvatting":"De voorheen genoemde CAMLOG Foundation is in 2016 nieuw leven ingeblazen en heet tegenwoordig de Oral Reconstruction Foundation (ORF). Op 30 mei 2017 kondigde de ORF aan dat de welbekende Research Award voor de beste wetenschappelijke publicatie op het gebied van de orale implantologie en reconstruc...","content":"

De voorheen genoemde CAMLOG Foundation is in 2016 nieuw leven ingeblazen en heet tegenwoordig de Oral Reconstruction Foundation (ORF). Op 30 mei 2017 kondigde de ORF aan dat de welbekende Research Award voor de beste wetenschappelijke publicatie op het gebied van de orale implantologie en reconstructieve orale chirurgie weer zal worden toegekend en wel over de jaren 2016 en 2017. Inschrijven is vanaf nu mogelijk tot uiterlijk 30 november 2017.  De voorwaarden en registratieformulieren zijn verkrijgbaar via www.orfoundation.org\/awards<\/a>.<\/p>\r\n

De winnaar krijgt de kans zijn of haar werk te presenteren voor een groot publiek tijdens het Oral Reconstruction Global Symposium, dat van 26 tot en met 28 april 2018 wordt gehouden in Rotterdam. Daarnaast ontvangen de auteurs van de 3 beste wetenschappelijke artikelen een geldbedrag van respectievelijk 10.000, 6.000 en 4.000 euro.<\/p>\r\n

(Bron: ORF, 30 mei 2017)<\/p>","datum":"2017-06-12 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"0","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"nieuws","koppel_id":"4261","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/170612_thk_inschrijving_orf_research_award_geopend_web.jpg","uitgave_titel":false,"url":"\/nieuws\/inschrijving-oral-reconstruction-foundation-research-award-geopend","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/170612_thk_inschrijving_orf_research_award_geopend_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/170612_thk_inschrijving_orf_research_award_geopend_web.jpg"},{"id":"2352","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Een nieuwe hoofdredacteur","titel_key":"een_nieuwe_hoofdredacteur","subtitel":"","samenvatting":"Het zal algemeen bekend zijn dat de vorige hoofdredacteur van het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde, mr. dr. Wolter G. Brands, al weer enige tijd geleden is benoemd tot voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot Bevordering der Tandheelkunde. Tezelfdertijd betekende dit heugelijke feit echter ook dat het tijdschrift een nieuwe hoofdredacteur moest gaan aantrekken. De directie van het NTvT is dan ook verheugd dat zij erin geslaagd is een nieuwe hoofdredacteur te kunnen benoemen. Dr. Casper P. Bots, tandarts-epidemioloog, heeft deze functie vanaf 1 mei officieel op zich genomen.","content":"

Het zal algemeen bekend zijn dat de vorige hoofdredacteur van het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde<\/i>, mr. dr. Wolter G. Brands, al weer enige tijd geleden is benoemd tot voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot Bevordering der Tandheelkunde. Dat is een belangrijke functie in de Nederlandse tandheelkundige wereld. Directie en bestuur van het NTvT willen Wolter van ganser harte feliciteren met deze benoeming. Tezelfdertijd betekende dit heugelijke feit echter ook dat het tijdschrift een nieuwe hoofdredacteur moest gaan aantrekken. Het leek alle partijen minder gewenst om de functie van voorzitter van de KNMT te combineren met die van hoofdredacteur van het NTvT. In beide functies wordt immers gevraagd om publiekelijk standpunten in te nemen. Bij de KNMT is dit aan de orde als het gaat om het beoordelen en presenteren van beleidsvraagstukken. Het NTvT is sterk betrokken bij het publiceren van meningen en opinies. Het zou ongetwijfeld op enig moment tot een al dan niet schijnbare belangenverstrengeling leiden als een standpunt van de KNMT en een opinie vanuit het NTvT vanuit dezelfde mond zouden worden gehoord. Weliswaar hebben beide organisaties het beste voor met de tandheelkunde in Nederland, maar het zou naïef zijn te veronderstellen dat dat altijd zou leiden tot hetzelfde persbericht of dezelfde toespraak. En in de roerige tijden waarin de Nederlandse tandheelkunde zich thans bevindt, is het goed de communicatielijnen duidelijk te houden.<\/p>\r\n

Nadat Wolter ook officieel was benoemd tot voorzitter van de KNMT, werd in goed overleg besloten dat hij uiterlijk eind 2016 zijn werkzaamheden als hoofdredacteur zou neerleggen. Directie en raad van commissarissen van het NTvT zijn hem zeer dankbaar voor de uitstekende wijze waarop hij zich gedurende de afgelopen jaren van zijn taak als hoofdredacteur heeft gekweten. Zijn ervaring in het publiceren, inzicht in organisatiestructuren, belangstelling voor scholing en kennisontwikkeling en niet in het minst zijn rustige wijze van communiceren, maakten hem tot een excellente hoofdredacteur. Een van de onderwerpen die hem na aan het hart lagen was de ontwikkeling van e-learning en video’s als illustratiemateriaal bij artikelen in het tijdschrift. De aanzet die hij daartoe heeft gemaakt, wil het tijdschrift de komende jaren graag verder uitbouwen.<\/p>\r\n

<\/figure>\r\n

Aan het einde van 2016 was de procedure voor een nieuwe hoofdredacteur nog niet geheel afgerond. Maar een tijdschrift zonder hoofdredacteur is als een schip zonder kapitein. Op de hem zo kenmerkende enthousiaste wijze was Michiel Eijkman bereid om ad interim het hoofdredacteurschap te vervullen. Zijn grote kennis van het reilen en zeilen van het NTvT door de jaren heen was daarbij een groot voordeel. Wij zijn hem veel dank verschuldigd voor de kundige wijze waarop hij de afgelopen maanden in samenwerking met het redactiebureau het redactionele werk in goede banen heeft geleid.<\/p>\r\n

Hoe goed de hoofdredacteur ad interim zijn taak ook heeft vervuld, het was ad interim. De directie van het NTvT is dan ook verheugd dat zij erin geslaagd is een nieuwe hoofdredacteur te kunnen benoemen. Dr. Casper P. Bots, tandarts-epidemioloog, heeft deze functie vanaf 1 mei officieel op zich genomen, alhoewel hij in de maanden daarvoor al actief betrokken was bij een aantal projecten van het tijdschrift. Met veel enthousiasme heeft hij verschillende nieuwe ideeën voor het tijdschrift gepresenteerd. Wij denken met zijn benoeming de vernieuwing van het tijdschrift, die permanent aandacht moet hebben, een goede impuls te kunnen geven. In een redactio­neel in de volgende editie van het NTvT grijpt hij de gelegenheid aan om zijn plannen te presenteren en nader toe te lichten.<\/p>\r\n

Het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde<\/i> bestaat nu bijna 125 jaar. Het bladeren in oude jaargangen (dat kan via de gedigitaliseerde versie, die toegankelijk is voor abonnees via het tabblad ‘Archief’ op de NTvT-website) is altijd erg interessant. Ik kan dat zeker aanraden. “Vroeger is vroeger”<\/i>, heet het dan en veel van de informatie die daar te vinden is, is inmiddels ruime historie. Maar ook valt het telkens weer op dat veel van de besproken onderwerpen met enige regelmaat opnieuw worden besproken en in feite van alle tijden zijn, bijvoorbeeld welk vulmateriaal te gebruiken, behandeling door onbevoegden, kennisvereisten en specifieke indicatiestellingen. Niets nieuws onder de zon.<\/p>\r\n

Wat wel permanent aan vernieuwing onderhevig is, is de vormgeving van het tijdschrift en de wijze van communiceren. Daar ontkomen wij ook nu niet aan. Onze nieuwe hoofdredacteur heeft een duidelijk beeld van hoe hij de vernieuwing van het tijdschrift in de komende periode gestalte wil geven. Namens het bestuur van de Stichting Bevordering Tandheelkundige Kennis en de directie van de NTvT BV wens ik hem daarbij alle succes, tot voordeel van de tandheelkunde in het algemeen en de lezers in het bijzonder.<\/p>","datum":"2017-06-09 00:00:00","rubriek":"11","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"221","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4231","auteurs":[{"id":"639","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"P.F. van der Stelt","titel_key":"p_f_van_der_stelt","old_id":"639","voorvoegsel":"P.F. van der","achternaam":"Stelt"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/1706_295_redactioneel.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/vierkant_p_vd_stelt_900_pixels_2.jpg","rubriek_titel":"Redactioneel","uitgave_titel":"juni 2017","url":"\/artikel\/124\/6\/een-nieuwe-hoofdredacteur","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/vierkant_p_vd_stelt_900_pixels_2.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/vierkant_p_vd_stelt_900_pixels_2.jpg"},{"id":"2353","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Preventieve tandheelkunde 6. Preventie van cari\u00ebs bij kwetsbare ouderen","titel_key":"preventieve_tandheelkunde_6_preventie_van_caries_bij_kwetsbare_ouderen","subtitel":"","samenvatting":"Veel ouderen hebben een slechte mondgezondheid met (wortel)cari\u00ebs als veelvoorkomend probleem. Alarmerende onderzoeks\u00adresultaten doen de vraag rijzen of er voldoende preventieve maatregelen worden genomen om het ontstaan en de progressie van \u00ad(wortel)\u00adcari\u00ebs bij kwetsbare ouderen te voorkomen. Uit recente onderzoeksliteratuur bleek dat dagelijks gebruik van tandpasta met 5.000 ppm fluoride en 3-maandelijks professioneel aangebrachte chloorhexidine- of natriumfluoridelak bij kwetsbare \u00adouderen of volwassenen met een fysieke of cognitieve beperking het risico op wortelcari\u00ebs kan halveren. Tandpasta met 5.000 ppm is in Nederland (nog) niet verkrijgbaar. Op dit moment is het advies \u2018Preventie van wortelcari\u00ebs\u2019 de enige richtlijn. Een andere maatregel om achteruitgang van de mondgezondheid van kwetsbare ouderen te voorkomen, is aandacht besteden aan kwetsbare ouderen die wegens toename van fysieke problemen en zorgafhankelijkheid wegblijven van reguliere periodieke mondonderzoeken. Juist op dat moment is intensiveren van professionele mondzorg met instructie aan mantelzorgers en verzorgenden en extra preventieve maatregelen ter bestrijding van (wortel)cari\u00ebs noodzakelijk.","content":"

Veel ouderen hebben een slechte mondgezondheid met (wortel)cariës als veelvoorkomend probleem. Alarmerende onderzoeks­resultaten doen de vraag rijzen of er voldoende preventieve maatregelen worden genomen om het ontstaan en de progressie van ­(wortel)­cariës bij kwetsbare ouderen te voorkomen. Uit recente onderzoeksliteratuur bleek dat dagelijks gebruik van tandpasta met 5.000 ppm fluoride en 3-maandelijks professioneel aangebrachte chloorhexidine- of natriumfluoridelak bij kwetsbare ­ouderen of volwassenen met een fysieke of cognitieve beperking het risico op wortelcariës kan halveren. Tandpasta met 5.000 ppm is in Nederland (nog) niet verkrijgbaar. Op dit moment is het advies ‘Preventie van wortelcariës’ de enige richtlijn. Een andere maatregel om achteruitgang van de mondgezondheid van kwetsbare ouderen te voorkomen, is aandacht besteden aan kwetsbare ouderen die wegens toename van fysieke problemen en zorgafhankelijkheid wegblijven van reguliere periodieke mondonderzoeken. Juist op dat moment is intensiveren van professionele mondzorg met instructie aan mantelzorgers en verzorgenden en extra preventieve maatregelen ter bestrijding van (wortel)cariës noodzakelijk.<\/p>","datum":"2017-06-09 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"Preventieve tandheelkunde","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"221","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4233","auteurs":[{"id":"1045","gebruiker":"31","groep":"3","naam":"C.D. van der Maarel-Wierink","titel_key":"c_d_van_der_maarel_wierink","old_id":"0","voorvoegsel":"C.D. van der ","achternaam":"Maarel-Wierink"},{"id":"23","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"C. de Baat","titel_key":"c_de_baat","old_id":"23","voorvoegsel":"C. de","achternaam":"Baat"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/1706_303_307_oenw.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/16ntvt231_02_web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"juni 2017","url":"\/artikel\/124\/6\/preventieve-tandheelkunde-6-preventie-van-caries-bij-kwetsbare-ouderen","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/16ntvt231_02_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/16ntvt231_02_web.jpg"},{"id":"2354","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Kauwen op bruxisme. Diagnostiek, beeldvorming, epidemiologie en oorzaken","titel_key":"kauwen_op_bruxisme_diagnostiek_beeldvorming_epidemiologie_en_oorzaken","subtitel":"","samenvatting":"Sinds het verschijnen van een themanummer van het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde in juli 2000 over bruxisme is er consensus bereikt over de definitie van bruxisme als een repetitieve kauwspieractiviteit die wordt gekarakteriseerd door klemmen en\/of knarsen tijdens waken (waakbruxisme) en\/of slapen (slaapbruxisme). Over de diagnostiek van bruxisme bestaat nog geen consensus: voor geen van de gebruikte technieken (zelfrapportage, klinisch onderzoek, beeldvorming, elektromyografie, polysomnografie) is aangetoond dat deze betrouwbaar en valide is. Oorzaken worden niet meer gezocht onder de morfologische factoren, maar in toenemende mate onder de psychosociale, fysiologische, biologische en exogene factoren. Dit literatuuroverzicht betreft het eerste deel van een tweeluik en gaat in op de definitie, de diagnostiek, de epidemiologie en de mogelijke oorzaken van deze aandoening. In het tweede deel, in de volgende editie, zal worden ingegaan op de associaties van bruxisme met andere slaapgerelateerde aandoeningen, op de (vermeende) gevolgen van bruxisme en op de behandeling ervan.","content":"

Sinds het verschijnen van een themanummer van het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde<\/i> in juli 2000 over bruxisme is er consensus bereikt over de definitie van bruxisme als een repetitieve kauwspieractiviteit die wordt gekarakteriseerd door klemmen en\/of knarsen tijdens waken (waakbruxisme) en\/of slapen (slaapbruxisme). Over de diagnostiek van bruxisme bestaat nog geen consensus: voor geen van de gebruikte technieken (zelfrapportage, klinisch onderzoek, beeldvorming, elektromyografie, polysomnografie) is aangetoond dat deze betrouwbaar en valide is. Oorzaken worden niet meer gezocht onder de morfologische factoren, maar in toenemende mate onder de psychosociale, fysiologische, biologische en exogene factoren. Dit literatuuroverzicht betreft het eerste deel van een tweeluik en gaat in op de definitie, de diagnostiek, de epidemiologie en de mogelijke oorzaken van deze aandoening. In het tweede deel, in de volgende editie, zal worden ingegaan op de associaties van bruxisme met andere slaapgerelateerde aandoeningen, op de (vermeende) gevolgen van bruxisme en op de behandeling ervan.<\/strong><\/p>","datum":"2017-06-09 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"221","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4234","auteurs":[{"id":"427","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"F. Lobbezoo","titel_key":"f_lobbezoo","old_id":"427","voorvoegsel":"F. ","achternaam":"Lobbezoo"},{"id":"318","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"R. Jacobs","titel_key":"r_jacobs","old_id":"318","voorvoegsel":"R.","achternaam":"Jacobs"},{"id":"401","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"A. De Laat","titel_key":"a_de_laat","old_id":"401","voorvoegsel":"A. De","achternaam":"Laat"},{"id":"1462","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"G. Aarab","titel_key":"g_aarab","old_id":"0","voorvoegsel":"G.","achternaam":"Aarab"},{"id":"939","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"P. Wetselaar","titel_key":"p_wetselaar","old_id":"948","voorvoegsel":"P. ","achternaam":"Wetselaar"},{"id":"1523","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D. Manfredini","titel_key":"d_manfredini","old_id":"0","voorvoegsel":"D.","achternaam":"Manfredini"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/1706_309_316_oenw.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/16ntvt194_02b_web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"juni 2017","url":"\/artikel\/124\/6\/kauwen-op-bruxisme-diagnostiek-beeldvorming-epidemiologie-en-oorzaken","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/16ntvt194_02b_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/16ntvt194_02b_web.jpg"},{"id":"2355","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Periorale behandelingsmogelijkheden in de cosmetische aangezichtschirurgie","titel_key":"periorale_behandelingsmogelijkheden_in_de_cosmetische_aangezichtschirurgie","subtitel":"","samenvatting":"Het periorale gebied neemt in het aangezicht een belangrijke en unieke plaats in, zowel in functioneel als esthetisch opzicht. Er is een duidelijke relatie van de periorale weke delen, zoals de lippen en de mondhoeken, met de onderliggende dentitie en het kaakbot. Periorale verouderingsverschijnselen, zoals afhangende mondhoeken, verlies van volume en rimpelvorming, zijn echter beperkt met een intraorale behandeling te verbeteren. Met diverse extraorale behandelingen zijn deze verschijnselen doorgaans wel effectief aan te pakken en kan ook periorale esthetische verfraaiing worden bereikt. De periorale cosmetische behandelingen kunnen worden verdeeld in diverse liftingsprocedures en technieken waarbij volume wordt aangebracht. Aangezien de tandarts regelmatig te maken krijgt met pati\u00ebnten met periorale esthetische wensen maar ook functionele problematiek is het belangrijk op de hoogte te zijn van de verschillende periorale cosmetische en functieherstellende behandelingsmogelijkheden.","content":"

Het periorale gebied neemt in het aangezicht een belangrijke en unieke plaats in, zowel in functioneel als esthetisch opzicht. Er is een duidelijke relatie van de periorale weke delen, zoals de lippen en de mondhoeken, met de onderliggende dentitie en het kaakbot. Periorale verouderingsverschijnselen, zoals afhangende mondhoeken, verlies van volume en rimpelvorming, zijn echter beperkt met een intraorale behandeling te verbeteren. Met diverse extraorale behandelingen zijn deze verschijnselen doorgaans wel effectief aan te pakken en kan ook periorale esthetische verfraaiing worden bereikt. De periorale cosmetische behandelingen kunnen worden verdeeld in diverse liftingsprocedures en technieken waarbij volume wordt aangebracht. Aangezien de tandarts regelmatig te maken krijgt met patiënten met periorale esthetische wensen maar ook functionele problematiek is het belangrijk op de hoogte te zijn van de verschillende periorale cosmetische en functieherstellende behandelingsmogelijkheden.<\/strong><\/p>","datum":"2017-06-09 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"221","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4235","auteurs":[{"id":"53","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"F. Bierenbroodspot","titel_key":"f_bierenbroodspot","old_id":"53","voorvoegsel":"F. ","achternaam":"Bierenbroodspot"},{"id":"1146","gebruiker":"31","groep":"3","naam":"H.J. Schouten","titel_key":"h_j_schouten","old_id":"0","voorvoegsel":"H.J. ","achternaam":"Schouten"},{"id":"592","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"R.H. Schepers","titel_key":"r_h_schepers","old_id":"592","voorvoegsel":"R.H. ","achternaam":"Schepers"},{"id":"322","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J. Jansma","titel_key":"j_jansma","old_id":"322","voorvoegsel":"J. ","achternaam":"Jansma"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/1706_325_332_oenw.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/16ntvt234_010c_web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"juni 2017","url":"\/artikel\/124\/6\/periorale-behandelingsmogelijkheden-in-de-cosmetische-aangezichtschirurgie","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/16ntvt234_010c_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/16ntvt234_010c_web.jpg"},{"id":"2356","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Hora est 10. Implantaat ondersteunde frame\u00adprothesen in een Kennedy klasse I-situatie in de onderkaak","titel_key":"hora_est_10_implantaat_ondersteunde_frame_prothesen_in_een_kennedy_klasse_i_situatie_in_de_onderkaak","subtitel":"","samenvatting":"Dubbelzijdige vrij-eindigende frameprotheses in de onderkaak geven vaak klachten, waardoor pati\u00ebnten hun gebitsprothese niet tot nauwelijks dragen. Een oplossing is het plaatsen van implantaten om de gebitsprothese op vast te klikken. Echter, er bestaat nog geen consensus over de beste positie van de implantaten in de onderkaak. Daarnaast is het interessant de kosten van de behandeling tegen de effecten af te zetten. In een klinische gerandomiseerd cross-over-onderzoek onder 30 pati\u00ebnten met een verkorte tandboog werd de implantaat ondersteunde vrij-eindigende frameprothese in de onderkaak ge\u00ebvalueerd op de beleving van de pati\u00ebnt, de draagduur, het kauwvermogen en de klinische en r\u00f6ntgenologische parameters in relatie tot 2 verschillende posities van de implantaten: 2 in de premolaarregio of 2 in de molaarregio. Ook werd gekeken naar kosteneffectiviteit van beide behandelingen. Het bleek dat volgens de pati\u00ebntvoorkeur frameprothesen het beste worden ondersteund door implantaten in de molaarregio. Uit dit onderzoek bleek echter dat er significant meer bloeding rondom implantaten in de molaarregio optrad en zou dus vanuit klinisch perspectief plaatsing in de premolaarregio de voorkeur genieten. De kosteneffectiviteit van de behandeling met een implantaat-gesteunde frameprothese hangt af van de keuze van de uitkomstmaat en het gekozen drempelbedrag.","content":"

Dubbelzijdige vrij-eindigende frameprotheses in de onderkaak geven vaak klachten, waardoor patiënten hun gebitsprothese niet tot nauwelijks dragen. Een oplossing is het plaatsen van implantaten om de gebitsprothese op vast te klikken. Echter, er bestaat nog geen consensus over de beste positie van de implantaten in de onderkaak. Daarnaast is het interessant de kosten van de behandeling tegen de effecten af te zetten. In een klinische gerandomiseerd cross-over-onderzoek onder 30 patiënten met een verkorte tandboog werd de implantaat ondersteunde vrij-eindigende frameprothese in de onderkaak geëvalueerd op de beleving van de patiënt, de draagduur, het kauwvermogen en de klinische en röntgenologische parameters in relatie tot 2 verschillende posities van de implantaten: 2 in de premolaarregio of 2 in de molaarregio. Ook werd gekeken naar kosteneffectiviteit van beide behandelingen. Het bleek dat volgens de patiëntvoorkeur frameprothesen het beste worden ondersteund door implantaten in de molaarregio. Uit dit onderzoek bleek echter dat er significant meer bloeding rondom implantaten in de molaarregio optrad en zou dus vanuit klinisch perspectief plaatsing in de premolaarregio de voorkeur genieten. De kosteneffectiviteit van de behandeling met een implantaat-gesteunde frameprothese hangt af van de keuze van de uitkomstmaat en het gekozen drempelbedrag.<\/strong><\/p>","datum":"2017-06-09 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"Hora est","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"221","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4236","auteurs":[{"id":"1524","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"C. Jensen-Louwerse","titel_key":"c_jensen_louwerse","old_id":"0","voorvoegsel":"C.","achternaam":"Jensen-Louwerse"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/1706_335_337_oenw.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/17ntvt137_01a_web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"juni 2017","url":"\/artikel\/124\/6\/hora-est-10-implantaat-ondersteunde-frame-prothesen-in-een-kennedy-klasse-i-situatie-in-de-onderkaak","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/17ntvt137_01a_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/17ntvt137_01a_web.jpg"},{"id":"2357","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Cari\u00ebs in aangrenzende approximale vlakken na restauratie","titel_key":"caries_in_aangrenzende_approximale_vlakken_na_restauratie","subtitel":"Cariologie","samenvatting":"Cariologie\r\nOm het risico van cariësontwikkeling bij approximale vlakken in contact met nieuw geplaatste klasse II-composietrestauraties te kunnen beoordelen, werden 750 approximale oppervlakken, gaaf of met een cariëslaesie die zich beperkte tot het glazuur, bijna 5 jaar geobserveerd (gem...","content":"

Cariologie<\/h4>\r\n

Om het risico van cariësontwikkeling bij approximale vlakken in contact met nieuw geplaatste klasse II-composietrestauraties te kunnen beoordelen, werden 750 approximale oppervlakken, gaaf of met een cariëslaesie die zich beperkte tot het glazuur, bijna 5 jaar geobserveerd (gemiddeld 4,9 jaar, sd 0,67). Het onderzoek vond plaats in Noorwegen in een kliniek voor georganiseerde mondzorg. Het onderzoek werd uitgevoerd bij jongeren onder de 17 jaar. De resultaten werden klinisch en röntgenologisch beoordeeld.<\/p>\r\n

<\/figure>\r\n
\"02cariologie_kopperud_web.jpg\"<\/figure>\r\n
Schematische weergave van resultaten. Links: een gaaf aangrenzend vlak blijft gaaf (38,8%) of ontwikkelt een glazuurlaesie (34,0%) dan wel een dentinelaesie (27,2%. Rechts: een aangrenzend vlak met glazuurlaesie stabiliseert (57,3%) of ontwikkelt een dentinelaesie (42,7%).<\/figcaption><\/figure>\r\n

Na de observatieperiode bleek 38,8% van de gave contactvlakken (GC, n = 417) gaaf gebleven. Bij 34,0% van de vlakken beperkte de ontstane cariëslaesie zich tot het glazuur en bij 27,2% van de vlakken ontstond een cariëslaesie in het dentine. Uit de groep met glazuurcariës (GlaC, n = 333) bleef van de vlakken met glazuurcariës 57,3% in het glazuur, terwijl 42,7% tot in het dentine was doorgedrongen (afb.). Verder bleek dat het risico van aantoonbare cariësontwikkeling in beide groepen (GC\/ GlaC) groter was bij een hogere DMFT-score bij aanvang van het onderzoek. In beide groepen had de behandelend tandarts een aanzienlijke invloed op de ontwikkeling van cariës. De invloed van andere variabelen waren minder consistent. In de GC-groep was het risico van cariësontwikkeling groter bij patiënten met een slechte of matige mondhygiëne, ­restauraties in de bovenkaak en rechts in de mond ver­vaardigde restauraties. In de GlaC-groep waren deze factoren minder prominent aanwezig. Opmerkelijk is dat meer dan de helft van de aangetaste glazuurlaesies in de GlaC-groep gedurende de observatietijd zich niet uitbreidde naar het dentine.<\/p>\r\n

Geconcludeerd kan worden dat zowel patiënt- als tandartsgerelateerde variabelen risicofactoren zijn voor de cariësontwikkeling op approximale vlakken die in contact komen met nieuw geplaatste klasse II-composietrestauraties. Uit het onderzoek kan de les worden getrokken dat het inzetten op maximale preventie de kans op schade van aangrenzende approximale vlakken kan beperken.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n