{"zoekterm":null,"zoekresultaten":[{"id":"4605","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Verrassende observaties","titel_key":"verrassende_observaties","subtitel":"","samenvatting":"De oudste tandtechnieker van mijn vroegere tandartspraktijk vertelde mij onlangs dat tijden van vroeger weer terugkwamen: veel vaker dan zo'n 10 jaar geleden vervaardigt hij weer immediaat volledige gebitsprothesen, worden plaatprothesen aangeschaft en wordt geklaagd dat huidige premies voor aanvullende ziektekostenverzekering voor gebitszorg niet meer zijn op te brengen. Deze observatie was niet alleen voor zijn laboratorium van toepassing. Veel van zijn Haagse collega's konden zijn mening bevestigen.","content":"

Tijdens de aanleg van de nieuwe metro, de Noord-Zuidlijn in Amsterdam, zijn uit de bouwputten op het Damrak en het Rokin zo’n 700.000 archeologische vondsten gedaan. Daarvan werden ongeveer 15.000 voorwerpen door archeologen gecategoriseerd en door fotografen en ontwerpers afgebeeld in de 600 pagina’s tellende beeldatlas ‘Spul’ genaamd. Zodanig dat men er niet aan ontkomt te gaan fantaseren over de herkomst van de vondsten. Want de gevonden voorwerpen vertellen over de geschiedenis van Amsterdam, over haar inwoners en wat zij in tijd allemaal verloren hebben. Dat fantaseren overkwam mij ook toen ik de afbeeldingen zag van een partiële gebitsprothese, een volledige gebitsprothese en een onderprothese. Hoe kwamen die gebitsprothesen in die bouwput? Wat was er met de dragers gebeurd? Waren zij ziek of bezopen toen zij die prothesen misschien door de wc wegspoelden, was een hoestbui de oorzaak van het verlies of was het de zoveelste slecht passende gebitsprothese van iemand die zo woedend werd op zijn tandarts dat deze het hulpmiddel in de gracht gooide?<\/p>\r\n

De jaren 1970: extracties en gebitsprothesen<\/h2>\r\n

Die prothesefoto’s uit het platenboek deden mij ook denken aan de jaren 1970 waarin veel tandartsen in ziekenfondspraktijken, waaronder ikzelf, feitelijk dagelijks niets anders deden dan het extraheren van gebitselementen en het plaatsen van immediaat gebitsprothesen. Of bezig waren met het aanbrengen van amalgaamrestauraties in molaren waarvan de indicatie amalgaam feitelijk al was overschreden. Ik herinnerde mij de discussies met vrouwen die ik adviseerde om maar niet hun tanden en kiezen te laten trekken. Maar veel van hen besloten, vaak uit geldgebrek, over te gaan op een totaalextractie en een gebitsprothese.<\/p>\r\n

Oude tijden herleven?<\/h2>\r\n

Wat schetst mijn verbazing toen ik onlangs op bezoek was bij de oudste tandtechnieker van mijn vroegere tandartspraktijk? Direct na enige welkomstwoorden vertelde hij mij dat de tijden van vroeger weer terugkwamen. Hij legde mij uit dat hij tegenwoordig weer regelmatig immediaat volledige gebitsprothesen vervaardigde. Dat mensen veel meer plaatprothesen aanschaften dan zo’n 10 jaar geleden en dat mensen bij hem klaagden dat de huidige premies van de aanvullende ziektekostenverzekering voor gebitszorg voor hen niet meer waren op te brengen. Mijn vraag of deze observatie alleen voor zijn laboratorium van toepassing was ontkende hij stellig. Veel van zijn Haagsche collega’s konden zijn mening bevestigen.<\/p>\r\n

Op de weg naar huis vroeg ik mij af of deze, voor mij verrassende, observaties van de tandtechnieker wel juist waren. Immers, we leven in een tijd waarin de mondzorg enorme vooruitgang heeft geboekt. Zou het werkelijk waar zijn dat, vanuit tandheelkundig oogpunt bezien, die barbaarse periode tussen 1960 en 1980 weer zou zijn teruggekeerd? Dat patiënten vooral uit kostenoverwegingen besluiten om volledige gebitsprothesen aan te schaffen?<\/p>\r\n

Om uit te vinden of deze veronderstellingen juist zijn en het hier een landelijke trend betreft, besloot ik om op onderzoek uit te gaan. Mijn speurtocht bleek echter geen resultaat op te leveren. Gegevens over tandenloosheid in de bevolking worden al sinds 2009 niet meer door het CBS verzameld. Ook is het vrijwel onmogelijk om bij Vektis en zorgverzekeraars gegevens op te vragen over het jaarlijkse aantal prothetische verrichtingen. Met andere woorden, zou het niet eens tijd worden om de stellingen van mijn vroegere tandtechnieker te verifiëren?<\/p>\r\n

 <\/p>\r\n

<\/figure>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"11","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5106","auteurs":[{"id":"200","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"M.A.J. Eijkman","titel_key":"m_a_j_eijkman","old_id":"200","voorvoegsel":"M.A.J.","achternaam":"Eijkman"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/355.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/19ntvt055_01web.jpg","rubriek_titel":"Redactioneel","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/verrassende-observaties","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/19ntvt055_01web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/19ntvt055_01web.jpg"},{"id":"4606","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Vroege orale symptomen van de ziekte van Parkinson","titel_key":"vroege_orale_symptomen_van_de_ziekte_van_parkinson","subtitel":"","samenvatting":"Een huistandarts stelde bij een 58-jarige man vast dat zijn mondverzorging opeens niet goed meer was. Vervolgens viel het de\r\ningeschakelde mondhygi\u00ebnist op dat de handvaardigheid van de man\r\ntekortschoot. Via de huisarts werd de man verwezen naar een neuroloog die de diagnose ziekte van Parkinson stelde. Door deze problematiek bleef de man ongeveer een jaar uit beeld bij de huistandarts. Daarna is een traject van intensieve begeleiding bij het mondzorggedrag in gang gezet. Gezien de progressiviteit van de ziekte van Parkinson is het op dit moment zaak te streven naar een levensloopbestendige mondgezondheid. De huistandarts dient zich\r\ndaarbij te realiseren dat hij een blijvende zorgverlenende en begeleidende taak heeft tot het tijdstip waarop mantelzorg en thuiszorg niet meer toereikend of goed realiseerbaar zijn en opname in een woonzorgcentrum onvermijdelijk is. Pas daarna kan de huistandarts deze verantwoordelijkheid eventueel overdragen aan een aan het desbetreffende woonzorgcentrum verbonden tandarts-geriatrie.\r\n","content":"

Een huistandarts stelde bij een 58-jarige man vast dat zijn mondverzorging opeens niet goed meer was. Vervolgens viel het de<\/strong>
ingeschakelde mondhygiënist op dat de handvaardigheid van de man tekortschoot. Via de huisarts werd de man verwezen naar een neuroloog die de diagnose ziekte van Parkinson stelde. Door deze problematiek bleef de man ongeveer een jaar uit beeld bij de huistandarts. Daarna is een traject van intensieve begeleiding bij het mondzorggedrag in gang gezet. Gezien de progressiviteit van de ziekte van Parkinson is het op dit moment zaak te streven naar een levensloopbestendige mondgezondheid. De huistandarts dient zich daarbij te realiseren dat hij een blijvende zorgverlenende en begeleidende taak heeft tot het tijdstip waarop mantelzorg en thuiszorg niet meer toereikend of goed realiseerbaar zijn en opname in een woonzorgcentrum onvermijdelijk is. Pas daarna kan de huistandarts deze verantwoordelijkheid eventueel overdragen aan een aan het desbetreffende woonzorgcentrum verbonden tandarts-geriatrie.<\/strong>

<\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"7","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5107","auteurs":[{"id":"319","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"D.H.J. Jager","titel_key":"d_h_j_jager","old_id":"319","voorvoegsel":"D.H.J.","achternaam":"Jager"},{"id":"1732","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"M.C. Verhoeff","titel_key":"m_c_verhoeff","old_id":"0","voorvoegsel":"M.C.","achternaam":"Verhoeff"},{"id":"1684","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"K.D. van Dijk","titel_key":"k_d_van_dijk","old_id":"0","voorvoegsel":"K.D. van","achternaam":"Dijk"},{"id":"23","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"C. de Baat","titel_key":"c_de_baat","old_id":"23","voorvoegsel":"C. de","achternaam":"Baat"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/363_368.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/19ntvt033_01_web.jpg","rubriek_titel":"Casu\u00efstiek","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/vroege-orale-symptomen-van-de-ziekte-van-parkinson","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/19ntvt033_01_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/19ntvt033_01_web.jpg"},{"id":"4607","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"De ziekte van Parkinson, temporomandibulaire disfunctie en bruxisme","titel_key":"de_ziekte_van_parkinson_temporomandibulaire_disfunctie_en_bruxisme","subtitel":"","samenvatting":"Hoewel bruxisme en de ziekte van Parkinson veel overeenkomsten hebben, is een eventuele relatie niet aangetoond. Doel van dit onderzoek was meer inzicht verkrijgen in een mogelijke relatie tussen de ziekte van Parkinson enerzijds en bruxisme en temporomandibulaire disfunctie anderzijds. Voor dit onderzoek werd door 708 personen een volledige vragenlijst ingevuld (368 personen met de ziekte van Parkinson of parkinsonisme en 340 controlepersonen). Met uitzondering van de vraag over gebitsslijtage, bevatte de vragenlijst een selectie van vragen uit de Nederlandse vertaling van de \u2018Diagnostic Criteria for TMD\u2019 (DC\/TMD). De chi-kwadraattoets en de onafhankelijke t-toets werden gebruikt om de data te analyseren. De resultaten lieten zien dat pati\u00ebnten met de ziekte van Parkinson of parkinsonisme significant vaker rapporteerden pijn door temporomandibulaire disfunctie te hebben en te bruxeren tijdens slapen en waken dan de controlegroep. Wanneer aangezichtspijn werd gerapporteerd, bleken Parkinsonpati\u00ebnten een gemiddeld hogere pijnscore te hebben dan pati\u00ebnten uit de controlegroep. Het onderzoek laat dus een associatie zien tussen enerzijds Parkinson en parkinsonisme en anderzijds bruxisme. Daarnaast blijkt uit het onderzoek dat er een associatie is tussen enerzijds de ziekte van Parkinson en parkinsonisme en anderzijds pijn als gevolg van temporomandibulaire disfunctie. ","content":"

Hoewel bruxisme en de ziekte van Parkinson veel overeenkomsten hebben, is een eventuele relatie niet aangetoond. Doel van dit onderzoek was meer inzicht verkrijgen in een mogelijke relatie tussen de ziekte van Parkinson enerzijds en bruxisme en temporomandibulaire disfunctie anderzijds. Voor dit onderzoek werd door 708 personen een volledige vragenlijst ingevuld (368 personen met de ziekte van Parkinson of parkinsonisme en 340 controlepersonen). Met uitzondering van de vraag over gebitsslijtage, bevatte de vragenlijst een selectie van vragen uit de Nederlandse vertaling van de ‘Diagnostic Criteria for TMD’ (DC\/TMD). De chi-kwadraattoets en de onafhankelijke t-toets werden gebruikt om de data te analyseren. De resultaten lieten zien dat patiënten met de ziekte van Parkinson of parkinsonisme significant vaker rapporteerden pijn door temporomandibulaire disfunctie te hebben en te bruxeren tijdens slapen en waken dan de controlegroep. Wanneer aangezichtspijn werd gerapporteerd, bleken Parkinsonpatiënten een gemiddeld hogere pijnscore te hebben dan patiënten uit de controlegroep. Het onderzoek laat dus een associatie zien tussen enerzijds Parkinson en parkinsonisme en anderzijds bruxisme. Daarnaast blijkt uit het onderzoek dat er een associatie is tussen enerzijds de ziekte van Parkinson en parkinsonisme en anderzijds pijn als gevolg van temporomandibulaire disfunctie.<\/strong><\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5108","auteurs":[{"id":"1732","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"M.C. Verhoeff","titel_key":"m_c_verhoeff","old_id":"0","voorvoegsel":"M.C.","achternaam":"Verhoeff"},{"id":"427","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"F. Lobbezoo","titel_key":"f_lobbezoo","old_id":"427","voorvoegsel":"F. ","achternaam":"Lobbezoo"},{"id":"610","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"M.K.A. van Selms","titel_key":"m_k_a_van_selms","old_id":"610","voorvoegsel":"M.K.A. van ","achternaam":"Selms"},{"id":"939","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"P. Wetselaar","titel_key":"p_wetselaar","old_id":"948","voorvoegsel":"P. ","achternaam":"Wetselaar"},{"id":"1462","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"G. Aarab","titel_key":"g_aarab","old_id":"0","voorvoegsel":"G.","achternaam":"Aarab"},{"id":"1191","gebruiker":"31","groep":"3","naam":"M. Koutris","titel_key":"m_koutris","old_id":"0","voorvoegsel":"M. ","achternaam":"Koutris"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/369_375.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/19ntvt029_02_web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/de-ziekte-van-parkinson-temporomandibulaire-disfunctie-en-bruxisme","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/19ntvt029_02_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/19ntvt029_02_web.jpg"},{"id":"4608","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Serie: Communicatie in de tandartspraktijk. Cultureel competent communiceren","titel_key":"serie_communicatie_in_de_tandartspraktijk_cultureel_competent_communiceren","subtitel":"","samenvatting":"Tandartsen zullen in toenemende mate pati\u00ebnten met verschillende culturele achtergronden behandelen. Zij krijgen daarbij te maken met verschillende denkbeelden over gezondheid en hoe men zich ten opzichte van elkaar hoort te gedragen. Om een goede tandarts-pati\u00ebnt\r\nrelatie op te bouwen en gepaste zorg te kunnen verlenen, zal de tandarts zich moeten bekwamen in cultureel competent communiceren. Dat vraagt een open, empathische houding en bewustwording van de eigen waarden, normen en overtuigingen. De tandarts zal moeten exploreren waarin deze verschillen van die van mensen uit een andere (sub)cultuur. Met behulp van een aantal voorbeelden geeft dit artikel daartoe een aanzet.","content":"

Tandartsen zullen in toenemende mate patiënten met verschillende culturele achtergronden behandelen. Zij krijgen daarbij te maken met verschillende denkbeelden over gezondheid en hoe men zich ten opzichte van elkaar hoort te gedragen. Om een goede tandarts-patiënt relatie op te bouwen en gepaste zorg te kunnen verlenen, zal de tandarts zich moeten bekwamen in cultureel competent communiceren. Dat vraagt een open, empathische houding en bewustwording van de eigen waarden, normen en overtuigingen. De tandarts zal moeten exploreren waarin deze verschillen van die van mensen uit een andere (sub)cultuur. Met behulp van een aantal voorbeelden geeft dit artikel daartoe een aanzet.<\/strong><\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"Communicatie in de tandartspraktijk","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5109","auteurs":[{"id":"1724","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"A.J.E. Smith","titel_key":"a_j_e_smith","old_id":"0","voorvoegsel":"A.J.E.","achternaam":"Smith"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/377_383.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/19ntvt031_04_web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/serie-communicatie-in-de-tandartspraktijk-cultureel-competent-communiceren","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/19ntvt031_04_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/19ntvt031_04_web.jpg"},{"id":"4609","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Parodontitis en proteasen? Geen uitgemaakte zaak","titel_key":"parodontitis_en_proteasen_geen_uitgemaakte_zaak","subtitel":"","samenvatting":"Tijdens parodontale ontstekingen sijpelen verschillende stoffen\r\nvan zowel de gastheer als bacteri\u00eble oorsprong naar de gingivale creviculaire vloeistof (GCV) en speeksel. Deze stoffen, zoals eiwitten en peptiden, dienen daardoor als biomarkers van het onstekingsproces. Met behulp van gevoelige en geavanceerde laboratoriumtechnieken is de rol van al deze biomarkers inmiddels in kaart gebracht. Maar de hoge kosten, complexiteit en lastige interpretatie van de gevonden resultaten werken vaak belemmerend voor de implementatie van biomarkers voor diagnostische doeleinden in de tandheelkundige praktijk. Bepaalde speekselenzymen, de proteasen, kunnen fungeren als biomarkers en hebben interessante eigenschappen voor het bedrijven van snelle diagnostiek aan de stoel. De aanwezigheid of activiteit van een protease kan namelijk op een eenvoudige en snelle, biochemische manier worden aangetoond, bijvoorbeeld door kleurverandering. Omdat ook andere\r\nprocessen in de mond van invloed zijn op de testuitslag zijn dergelijke testen vooral bruikbaar als onderdeel van een uitgebreider diagnostisch onderzoek.","content":"

Tijdens parodontale ontstekingen sijpelen verschillende stoffen van zowel de gastheer als bacteriële oorsprong naar de gingivale creviculaire vloeistof (GCV) en speeksel. Deze stoffen, zoals eiwitten en peptiden, dienen daardoor als biomarkers van het onstekingsproces. Met behulp van gevoelige en geavanceerde laboratoriumtechnieken is de rol van al deze biomarkers inmiddels in kaart gebracht. Maar de hoge kosten, complexiteit en lastige interpretatie van de gevonden resultaten werken vaak belemmerend voor de implementatie van biomarkers voor diagnostische doeleinden in de tandheelkundige praktijk. Bepaalde speekselenzymen, de proteasen, kunnen fungeren als biomarkers en hebben interessante eigenschappen voor het bedrijven van snelle diagnostiek aan de stoel. De aanwezigheid of activiteit van een protease kan namelijk op een eenvoudige en snelle, biochemische manier worden aangetoond, bijvoorbeeld door kleurverandering. Omdat ook andere processen in de mond van invloed zijn op de testuitslag zijn dergelijke testen vooral bruikbaar als onderdeel van een uitgebreider diagnostisch onderzoek.<\/strong><\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5110","auteurs":[{"id":"1053","gebruiker":"31","groep":"3","naam":"F.J. Bikker","titel_key":"f_j_bikker","old_id":"0","voorvoegsel":"F.J. ","achternaam":"Bikker"},{"id":"1052","gebruiker":"31","groep":"3","naam":"W.E. Kaman-van Zanten","titel_key":"w_e_kaman_van_zanten","old_id":"0","voorvoegsel":"W.E. ","achternaam":"Kaman-van Zanten"},{"id":"403","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"M.L. Laine","titel_key":"m_l_laine","old_id":"403","voorvoegsel":"M.L. ","achternaam":"Laine"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/385_388.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/19ntvt032_01web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/parodontitis-en-proteasen-geen-uitgemaakte-zaak","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/19ntvt032_01web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/19ntvt032_01web.jpg"},{"id":"4610","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Kies-voor-Tandenonderzoek 2017 onder jeugdigen: aanleiding en onderzoeksopzet","titel_key":"kies_voor_tandenonderzoek_2017_onder_jeugdigen_aanleiding_en_onderzoeksopzet","subtitel":"","samenvatting":"In 2017 heeft TNO in opdracht van Zorginstituut Nederland onderzoek uitgevoerd met als doel het schetsen van een actueel en representatief beeld van de mondgezondheid en het preventief tandheelkundig gedrag van 5-, 11-, 17- en 23-jarigen in Nederland en het vaststellen van eventuele veranderingen daarin sinds eerdere metingen. Omdat aanleiding, achtergrond, onderzoeksopzet, materiaal en methode identiek waren voor de 4 leeftijden en er in de beschouwing van de artikelen deels dezelfde punten aan de orde dienen te komen, worden in dit eerste van de serie van 5 artikelen, deze identieke en generieke zaken beschreven. Aangezien er in Nederland geen systeem bestaat om mondgezondheid structureel te bewaken zijn deze Kies-voor-\r\nTandenonderzoeken van eminent belang om trends in mondgezondheid\r\nen preventief tandheelkundig gedrag bij jeugdigen te kunnen volgen gedurende een langere tijd. Zulke gegevens zijn onontbeerlijk om zinvol beleid omtrent mondgezondheid te kunnen formuleren. Voortgang van monitoringsonderzoek wordt daarom ten zeerste aanbevolen.","content":"

In 2017 heeft TNO in opdracht van Zorginstituut Nederland onderzoek uitgevoerd met als doel het schetsen van een actueel en representatief beeld van de mondgezondheid en het preventief tandheelkundig gedrag van 5-, 11-, 17- en 23-jarigen in Nederland en het vaststellen van eventuele veranderingen daarin sinds eerdere metingen. Omdat aanleiding, achtergrond, onderzoeksopzet, materiaal en methode identiek waren voor de 4 leeftijden en er in de beschouwing van de artikelen deels dezelfde punten aan de orde dienen te komen, worden in dit eerste van de serie van 5 artikelen, deze identieke en generieke zaken beschreven. Aangezien er in Nederland geen systeem bestaat om mondgezondheid structureel te bewaken zijn deze Kies-voor-Tandenonderzoeken van eminent belang om trends in mondgezondheid en preventief tandheelkundig gedrag bij jeugdigen te kunnen volgen gedurende een langere tijd. Zulke gegevens zijn onontbeerlijk om zinvol beleid omtrent mondgezondheid te kunnen formuleren. Voortgang van monitoringsonderzoek wordt daarom ten zeerste aanbevolen.<\/strong><\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5111","auteurs":[{"id":"607","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"A.A. Schuller","titel_key":"a_a_schuller","old_id":"607","voorvoegsel":"A.A.","achternaam":"Schuller"},{"id":"1616","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J. H. Vermaire","titel_key":"j_h_vermaire_1","old_id":"0","voorvoegsel":"J. H.","achternaam":"Vermaire"},{"id":"704","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"G.H.W. Verrips","titel_key":"g_h_w_verrips","old_id":"704","voorvoegsel":"G.H.W. ","achternaam":"Verrips"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/389_398.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt232_01web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/kies-voor-tandenonderzoek-2017-onder-jeugdigen-aanleiding-en-onderzoeksopzet","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt232_01web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt232_01web.jpg"},{"id":"4611","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Kies-voor-Tandenonderzoek 2017: cari\u00ebservaring bij 5-jarigen in Nederland","titel_key":"kies_voor_tandenonderzoek_2017_carieservaring_bij_5_jarigen_in_nederland","subtitel":"","samenvatting":"In dit tweede artikel in een reeks van 5 naar aanleiding van het Kies-voor-Tandenonderzoek 2017, worden de resultaten van de 5-jarigen gepresenteerd. Het onderzoek werd uitgevoerd onder 5-jarigen die woonden in Alphen aan den Rijn, Gouda, Breda of Den Bosch en bestond uit het invullen van een vragenlijst en het ondergaan van een klinisch mondonderzoek. Van de 5-jarigen had 76% een gaaf melkgebit. Dit percentage was toegenomen ten opzichte van eerdere metingen. Bij kinderen met cari\u00ebservaring werd geen verandering gezien. Er waren in 2017 nog steeds mondgezondheidsverschillen tussen de sociaaleconomische groepen waarbij de hoge sociaal-economische groep in het voordeel was. Conclusie: de mondgezondheid van de 5-jarigen lijkt de goede kant op te gaan maar er is nog steeds een sociale gradi\u00ebnt aanwezig en er is nog steeds ruimte voor verbetering. Interventies om het gebit gaaf te houden dienen bij risicogroepen vooral gericht te zijn op het verbeteren van gedrag en zelfzorg om cari\u00ebs te voorkomen.","content":"

In dit tweede artikel in een reeks van 5 naar aanleiding van het Kies-voor-Tandenonderzoek 2017, worden de resultaten van de 5-jarigen gepresenteerd. Het onderzoek werd uitgevoerd onder 5-jarigen die woonden in Alphen aan den Rijn, Gouda, Breda of Den Bosch en bestond uit het invullen van een vragenlijst en het ondergaan van een klinisch mondonderzoek. Van de 5-jarigen had 76% een gaaf melkgebit. Dit percentage was toegenomen ten opzichte van eerdere metingen. Bij kinderen met cariëservaring werd geen verandering gezien. Er waren in 2017 nog steeds mondgezondheidsverschillen tussen de sociaaleconomische groepen waarbij de hoge sociaal-economische groep in het voordeel was. Conclusie: de mondgezondheid van de 5-jarigen lijkt de goede kant op te gaan maar er is nog steeds een sociale gradiënt aanwezig en er is nog steeds ruimte voor verbetering. Interventies om het gebit gaaf te houden dienen bij risicogroepen vooral gericht te zijn op het verbeteren van gedrag en zelfzorg om cariës te voorkomen.<\/strong><\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5112","auteurs":[{"id":"607","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"A.A. Schuller","titel_key":"a_a_schuller","old_id":"607","voorvoegsel":"A.A.","achternaam":"Schuller"},{"id":"1616","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J. H. Vermaire","titel_key":"j_h_vermaire_1","old_id":"0","voorvoegsel":"J. H.","achternaam":"Vermaire"},{"id":"704","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"G.H.W. Verrips","titel_key":"g_h_w_verrips","old_id":"704","voorvoegsel":"G.H.W. ","achternaam":"Verrips"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/399_407.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/19ntvt049_intermezzo_web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/kies-voor-tandenonderzoek-2017-carieservaring-bij-5-jarigen-in-nederland","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/19ntvt049_intermezzo_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/19ntvt049_intermezzo_web.jpg"},{"id":"4612","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"(On)zin van meta-analysen over temporomandibulaire stoornissen en bruxisme","titel_key":"on_zin_van_meta_analysen_over_temporomandibulaire_stoornissen_en_bruxisme","subtitel":"Gnatologie","samenvatting":"Niet voor niets staan systematische literatuuronderzoeken en meta-analysen in de top van de piramide als het gaat om de bewijskracht van wetenschappelijke publicaties. Om de kwaliteit van systematische literatuuronderzoeken te waarborgen, hebben diverse organisaties richtlijnen opgesteld, zoals Coch...","content":"

Niet voor niets staan systematische literatuuronderzoeken en meta-analysen in de top van de piramide als het gaat om de bewijskracht van wetenschappelijke publicaties. Om de kwaliteit van systematische literatuuronderzoeken te waarborgen, hebben diverse organisaties richtlijnen opgesteld, zoals Cochrane, PRISMA, AMSTAR en ROBIS. Het gevaar van deze richtlijnen is dat ze worden gebruikt door onderzoekers die een hoog scorend systematisch literatuuronderzoek op hun naam willen hebben, terwijl ze niet goed genoeg zijn ingevoerd in een bepaald wetenschappelijk onderwerp. Er zijn zelfs auteurs die zich uitsluitend profileren met systematische literatuuronderzoeken en dan op diverse terreinen. Dat betekent dat het niet mogelijk is dat ze op al deze terreinen deskundig zijn. De methode van onderzoek is hun leidraad, maar ze schieten tekort in kennis als het aankomt op interpretatie van de gevonden gegevens.<\/p>\r\n

Dit probleem signaleren de auteurs overduidelijk op het wetenschapsgebied van temporomandibulaire stoornissen en bruxisme. In systematische literatuuronderzoeken en meta-analysen over deze onderwerpen spelen ten onrechte nog steeds 2 dogma’s een rol: occlusie als causale factor van temporomandibulaire stoornissen en bruxisme als een interne stoornis.<\/p>\r\n

De auteurs zijn van mening dat deze methode van werken weinig van doen heeft met het bevorderen van op wetenschappelijk bewijs gefundeerde geneeskunde. Zij vinden dat dit bewijs moet zijn gefundeerd op de combinatie van literatuurgegevens, klinische deskundigheid en de behoeften en verwachtingen van patiënten. Volgens de auteurs is het voor het uitvoeren van een systematisch literatuuronderzoek over temporomandibulaire stoornissen en bruxisme dus een vereiste dat men klinische ervaring heeft en thuis is in de literatuur over deze onderwerpen. Voorts is het aan te bevelen dat men zelf op dit terrein wetenschappelijk onderzoek heeft uitgevoerd en hierover heeft gepubliceerd.<\/p>\r\n

Conclusie.<\/b> Systematische literatuuronderzoeken en meta-analysen zijn nog steeds van onschatbare waarde, maar ongeëigende toepassing is eerder een contraproductieve kwaal dan een wetenschappelijke remedie.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Manfredini D, Greene CS, Ahlberg J, De Laat A, Lobbezoo F, Klasser GD<\/em>. Evidence-based dentistry or meta-analysis illness? A commentary on current publishing trends in the field of temporomandibular disorders and bruxism. J Oral Rehabil 2019; 46: 1-4.<\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5113","auteurs":[{"id":"1239","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"C. de Baat","titel_key":"c_de_baat_1","old_id":"0","voorvoegsel":"C. de","achternaam":"Baat"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/409_414.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gnathologie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/on-zin-van-meta-analysen-over-temporomandibulaire-stoornissen-en-bruxisme","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gnathologie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gnathologie_logo.jpg"},{"id":"4613","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Diagnostiek van anterieure discusverplaatsing en juveniele idiopatische artritis","titel_key":"diagnostiek_van_anterieure_discusverplaatsing_en_juveniele_idiopatische_artritis","subtitel":"Gnatologie","samenvatting":"Zowel anterieure verplaatsing van de discus articularis als juveniele idiopatische artritis kunnen bij beeldvormend onderzoek van het temporomandibulaire gewricht afwijkingen laten zien. Onbekend is welke waarneembare afwijkingen diagnostisch kenmerkend zijn voor deze stoornissen. Dit onderzoek had...","content":"

Zowel anterieure verplaatsing van de discus articularis als juveniele idiopatische artritis kunnen bij beeldvormend onderzoek van het temporomandibulaire gewricht afwijkingen laten zien. Onbekend is welke waarneembare afwijkingen diagnostisch kenmerkend zijn voor deze stoornissen. Dit onderzoek had als doelstelling hierin duidelijkheid te scheppen.<\/p>\r\n

<\/figure>\r\n

Retrospectief werden in een kinderkliniek patiëntendossiers geselecteerd van kinderen bij wie in de periode 2010-2015 een gestandaardiseerde MRI was gemaakt van de temporomandibulaire gewrichten. Dit ging in totaal om 368 kinderen, van wie 331 de diagnose juveniele idiopathische artritis hadden gekregen. In de resterende groep waren bij 15 meisjes en 3 jongens klinische symptomen van anterieure discusverplaatsing vastgesteld. Hun gemiddelde leeftijd was 15,1 ± 1,9 jaar. Om vergelijking van de MRI-gegevens mogelijk te maken, werden uit de groep van 331 met de diagnose juveniele idiopathische artritis 15 meisjes en 3 jongens van dezelfde leeftijd geselecteerd. Onderzoeksvariabelen bij de beoordeling van een MRI waren: vorm, integriteit en positie van de discus articularis; gewrichtsontsteking; deformatie van de processus condylaris mandibulae en van het os temporale; diepte en hellingshoek van de fossa glenoidalis (afb. 1); hoogte van de ramus mandibulae.<\/p>\r\n

\"\"<\/figure>\r\n
Afb. 1<\/strong>. Meting van de diepte en van de hellingshoek van de fossa glenoidalis.<\/em><\/figure>\r\n

In de groep met anterieure discusverplaatsing waren 31 van de 36 disci verplaatst, terwijl in de andere groep de disci vooral waren afgevlakt en centraal waren geperforeerd. Aanwijzingen voor ontsteking kwamen in de 2 groepen evenveel voor. Afvlakking van de processus condylaris mandibulae en het os temporale kwam statistisch significant meer voor in de groep met anterieure discusverplaatsing dan in de groep met juveniele idiopatische artritis. De fossa glenoidalis was statistisch significant vaker intact in de groep met anterieure discusverplaatsing dan in de groep met juveniele idiopatische artritis.<\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>Beeldvormende aanwijzingen voor ontsteking mogen niet worden beschouwd als diagnostisch kenmerkend voor juveniele idiopatische artritis. Aantasting van de processus condylaris mandibulae in combinatie met een intacte fossa glenoidalis lijkt diagnostisch kenmerkend voor anterieure discusverplaatsing.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Kellenberger CJ, Bucheli J, Schroeder-Kohler S, et al<\/em>. Temporomandibular joint magnetic resonance imaging findings in adolescents with anterior disk displacement compared to those with juvenile idiopathic arthritis. J Oral Rehabil 2019; 46: 14-22.<\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5114","auteurs":[{"id":"1428","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"C. de Baat","titel_key":"c_de_baat_2","old_id":"0","voorvoegsel":"C. de","achternaam":"Baat"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/409_414.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gnathologie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/diagnostiek-van-anterieure-discusverplaatsing-en-juveniele-idiopatische-artritis","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gnathologie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gnathologie_logo.jpg"},{"id":"4614","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Glazuurslijtage van de antagonist versus monolithische zirkoniumdioxide kronen","titel_key":"glazuurslijtage_van_de_antagonist_versus_monolithische_zirkoniumdioxide_kronen","subtitel":"Prothetische tandheelkunde","samenvatting":"Monolithische zirkoniumdioxide kronen zijn erg sterk maar aan het oppervlak mogelijk ook relatief ruw waardoor de zorg bestaat dat ze door abrasie het glazuur van de antagonist overmatig doen slijten. Het doel van dit systematische literatuuronderzoek was na te gaan wat de omvang en karakteristieken...","content":"

Monolithische zirkoniumdioxide kronen zijn erg sterk maar aan het oppervlak mogelijk ook relatief ruw waardoor de zorg bestaat dat ze door abrasie het glazuur van de antagonist overmatig doen slijten. Het doel van dit systematische literatuuronderzoek was na te gaan wat de omvang en karakteristieken zijn van glazuurslijtage veroorzaakt door monolithische zirkoniumdioxide kronen op natuurlijke elementen.<\/p>\r\n

De PRISMA-richtlijnen werden gehanteerd en er werd gezocht in databases van PubMed, Embase en de Cochrane Library en vervolgens handmatig naar prospectieve klinische onderzoeken, al dan niet met een controlegroep, met een minimale follow-up van 6 maanden. Onderzoeken met zirkoniumdioxide facings, bij patiënten met bruxisme en als het kronen op melkelementen en case-reports betrof werden geëxcludeerd. Vanwege de grote verscheidenheid aan onderzoeksmethoden is er geen meta-analyse uitgevoerd.<\/p>\r\n

In eerste instantie werden 198 artikelen gevonden waarvan er 59 werden geëxcludeerd omdat ze dubbel voorkwamen. Na beoordelen van de titels en de samenvattingen bleven er 5 artikelen over die voldeden aan de inclusiecriteria. Ze verschenen tussen 2015 en 2017 en betroffen prospectief onderzoek, waarvan 3 met een controlegroep. In alle gevallen ging het om yttria-versterkt zirkoniumdioxide, met een follow-up van 12 tot 24 maanden. Bij alle onderzoeken werd het kroonoppervlak gepolijst, maar bij 1 onderzoek werd op het zirkoniumdioxide oppervlak nog een glanslaag porselein aangebracht. Bij 2 onderzoeken werd de mate van slijtage van de antagonist door de zirkoniumdioxide kroon vergeleken met de slijtage die optrad tussen 2 natuurlijke gebitselementen (glazuur-glazuur), bij 1 onderzoek werd de vergelijking gemaakt met metaal-porselein versus glazuur en bij 2 onderzoeken bestond geen controlegroep.<\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>Bij goed gepolijste monolithische zirkoniumdioxide kronen treedt minder slijtage van de antagonist op dan bij metaal-porseleinen kronen, maar evenveel als of meer dan bij paren natuurlijke gebitselementen. Over de zirkoniumdioxide kronen met de glanslaag werd geen uitspraak gedaan omdat er geen controle was met gepolijst zirkoniumdioxide.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Gou M, Chen H, Kang J, Wang H<\/em>. Antagonist enamel wear of tooth-supported monolithic zirconia posterior crowns in vivo: A systematic review. J Prosthet Dent 2019; 121: 598-603.<\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5115","auteurs":[{"id":"1737","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"J.T. van der Schaar","titel_key":"j_t_van_der_schaar","old_id":"0","voorvoegsel":"J.T. van der","achternaam":"Schaar"},{"id":"148","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"M.S. Cune","titel_key":"m_s_cune","old_id":"148","voorvoegsel":"M.S.","achternaam":"Cune"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/409_414.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/prothetische_tandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/glazuurslijtage-van-de-antagonist-versus-monolithische-zirkoniumdioxide-kronen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/prothetische_tandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/prothetische_tandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4615","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Verbetering kauwvermogen met overkappingsprothese op implantaten in bovenkaak","titel_key":"verbetering_kauwvermogen_met_overkappingsprothese_op_implantaten_in_bovenkaak","subtitel":"Prothetische tandheelkunde","samenvatting":"Onderzocht werd of een behandeling met een overkappingsprothese op implantaten op drukknoppen of op een staaf-huls mesostructuur in de edentate bovenkaak het kauwvermogen verbetert.\r\nIn een gerandomiseerd gecontroleerd klinisch onderzoek met een observatieperiode van 1 jaar werden 50 patiënten...","content":"

Onderzocht werd of een behandeling met een overkappingsprothese op implantaten op drukknoppen of op een staaf-huls mesostructuur in de edentate bovenkaak het kauwvermogen verbetert.<\/p>\r\n

In een gerandomiseerd gecontroleerd klinisch onderzoek met een observatieperiode van 1 jaar werden 50 patiënten met functionele klachten over hun bovenprothese geïncludeerd. Er werden 4 implantaten (NobelReplace Select TC™) geplaatst. Bij groep I (n = 25) werden drukknoppen (Locator™) geplaatst en bij groep II (n = 25) werd gebruikgemaakt van een gefreesde titanium ei-vormige staaf met extensies (8 mm). De overkappingsprothese werd voor beide groepen identiek vormgegeven, met een onbedekt palatum en bilateraal gebalanceerde occlusie. Het kauwvermogen werd voor en na behandeling vastgesteld met de Mixing Ability Test (MAI). Daarvoor werden patiënten uitgenodigd te kauwen op een wastablet met 2 kleuren. De mate van vermenging van de kleuren vormde vervolgens een maat voor het objectieve kauwvermogen. Daarnaast werd een vragenlijst ingevuld over de tevredenheid ten aanzien van het kauwvermogen en de algemene tevredenheid (subjectief kauwvermogen, schaal van 0-10).<\/p>\r\n

Na 1 jaar waren 47 patiënten beschikbaar voor beoordeling. Voor beide groepen was het objectieve kauwvermogen zoals uitgedrukt in de MAI-score statistisch significant verbeterd (p = 0,001) ten opzichte van de situatie zonder implantaten. Er was geen verschil tussen patiënten met drukknoppen en patiënten met een staaf-huls mesostructuur. Ook ten aanzien van het subjectieve kauwvermogen waren beide groepen erop vooruitgegaan, zowel in algehele tevredenheid (p < 0,001), als in kauwvermogen (p = 0,000). Patiënten uit groep II rapporteerden een grotere vooruitgang dan patiënten uit groep I (p = 0,041).<\/p>\r\n

Conclusie.<\/b> Bij patiënten die klachten ondervinden van hun conventionele prothese in de bovenkaak verbeterde een implantaatgedragen overkappingsprothese op drukknoppen en op een staaf-huls mesostructuur zowel het objecief als het subjectief bepaalde kauwvermogen en de algehele tevredenheid na 1 jaar. Patiënten met een staaf-huls mesostructuur waren tevredener over hun kauwvermogen.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Boven GC, Speksnijder CM, Meijer HJA, Vissink A, Raghoebar GM<\/em>. Masticatory ability improves after maxillary implant overdenture treatment: A randomized controlled trial with 1-year follow-up. Clin Implant Dent Relat Res. 2019; 21: 369-376.<\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5116","auteurs":[{"id":"1736","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"M.M. Peuchen","titel_key":"m_m_peuchen","old_id":"0","voorvoegsel":"M.M.","achternaam":"Peuchen"},{"id":"148","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"M.S. Cune","titel_key":"m_s_cune","old_id":"148","voorvoegsel":"M.S.","achternaam":"Cune"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/409_414.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/prothetische_tandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/verbetering-kauwvermogen-met-overkappingsprothese-op-implantaten-in-bovenkaak","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/prothetische_tandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/prothetische_tandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4616","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Tanderosie bij kleuters","titel_key":"tanderosie_bij_kleuters","subtitel":"Kindertandheelkunde","samenvatting":"Erosieve gebitsslijtage komt steeds vaker voor bij adolescenten, maar ook bij jonge kinderen. De prevalentie van erosieve gebitsslijtage bij kleuters in Europa varieert van 32 tot 78,8%. Informatie over de aanwezigheid van tanderosie bij kleuters in Azië is beperkt.\r\nHet doel van het onderhavig...","content":"

Erosieve gebitsslijtage komt steeds vaker voor bij adolescenten, maar ook bij jonge kinderen. De prevalentie van erosieve gebitsslijtage bij kleuters in Europa varieert van 32 tot 78,8%. Informatie over de aanwezigheid van tanderosie bij kleuters in Azië is beperkt.<\/p>\r\n

Het doel van het onderhavige onderzoek was de prevalentie van erosieve gebitsslijtage te onderzoeken en te beoordelen in hoeverre de demografische achtergrond, het consumptiegedrag, tandenpoetsen en tandartsbezoek invloed hadden op de mate van tanderosie bij 3-5 jarigen in Hong Kong. De ouders vulden een vragenlijst in en bij de kinderen werd aan de hand van de Basic Erosive Wear Examination (BEWE) klinisch de mate van erosieve gebitsslijtage gescoord. De onderzoeksgroep bestond uit 1.204 kinderen.<\/p>\r\n

Erosieve gebitsslijtage (BEWE-score > 0 ) werd gezien bij 14,9% van de kleuters (n = 178). Van deze kinderen hadden 153 (12,8%) beginnende erosieve slijtage, 21 (1,8%) aanzienlijke slijtage en 5 (0,4%) ernstige slijtage. De prevalentie van tanderosie was bij 3-, 4- en 5-jarigen respectievelijk 10,7%, 15% en 17,7%. Het toenemen van de leeftijd van de kinderen, het lage opleidingsniveau van de moeder en hoge plaquescores in de mond van de kinderen vormden significante risicofactoren (p < 0,05).<\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>De prevalentie van erosieve gebitsslijtage in Hong Kong is laag. De prevalentie van tanderosie neemt toe met het toenemen van de leeftijd van de kinderen, het lage opleidingsniveau van de moeder en hoge plaquescores in de mond van de kinderen. Of deze bevindingen in de toekomst ook zo zullen zijn valt te betwijfelen. Ook in Hong Kong is de Chinese levensstijl in rap tempo aan het veranderen onder invloed van verstedelijking en globalisering, waardoor consumptiepatronen een groter risico kunnen vormen op de mondgezondheid.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Duangthip D, Chen KJ, Gao SS, Lussi A, Lo ECM, Chu CH<\/em>. Erosive tooth wear among preschool children in Hong Kong. Int J Paediatr Dent 2018; doi: 10.1111\/ipd.12457. [Epub ahead of print]<\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5117","auteurs":[{"id":"224","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D.L. Gambon","titel_key":"d_l_gambon","old_id":"224","voorvoegsel":"D.L.","achternaam":"Gambon"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/409_414.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/tanderosie-bij-kleuters","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4617","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Intraossale anesthesie effectiever dan lokale infiltratie anesthesie bij MIH","titel_key":"intraossale_anesthesie_effectiever_dan_lokale_infiltratie_anesthesie_bij_mih","subtitel":"Kindertandheelkunde","samenvatting":"Behandeling van molar incisor hypomineralization (MIH) kan bij kinderen lastig zijn als gevolg van verhoogde gevoeligheid veroorzaakt door poreus glazuur en irritatie van het dentine. Problemen met plaatselijke verdoving als gevolg van een veranderde zenuwgeleiding bemoeilijken een succesvolle behan...","content":"

Behandeling van molar incisor hypomineralization (MIH) kan bij kinderen lastig zijn als gevolg van verhoogde gevoeligheid veroorzaakt door poreus glazuur en irritatie van het dentine. Problemen met plaatselijke verdoving als gevolg van een veranderde zenuwgeleiding bemoeilijken een succesvolle behandeling.<\/p>\r\n

Het doel van het onderzoek was de werkzaamheid van intraossale anesthesie (IO) te vergelijken met anesthesie via conventionele lokale infiltratie (LI) bij eerste blijvende molaren met MIH. Daartoe werden voor een gerandomiseerd gecontroleerd klinisch experiment 54 MIH-molaren in de bovenkaak of de onderkaak geselecteerd. In 2 gelijke groepen, respectievelijk IO en LI (controle), werd 4% articaïne gegeven. Gemeten werden toedieningstijd, inwerkingstijd, pijnervaring, noodzaak herhaaldosis, anesthetisch effect en postoperatieve complicaties.<\/p>\r\n

De toediening van IO vergde aanzienlijk meer tijd dan bij LI (p < 0,001), maar bleek significant minder pijnlijk (p = 0,002). De inwerkingstijd van IO was veel korter dan van LI (p = 0,0001). Een herhaaldosis bij LI was veel vaker nodig dan bij IO (44,4% versus 7,4%, p = 0,004). Een diep anesthetisch effect werd bij IO veel vaker bereikt dan bij LI (88,9% versus 25,9%, p < 0,001) en postoperatieve pijn deed zich bij IO significant minder vaak voor dan bij LI (p = 0,003).<\/p>\r\n

Conclusie.<\/b> Intraossale anesthesie is een effectieve en veilige techniek om een diepgaand anesthetisch effect te bereiken bij eerste molaren van kinderen met een ontwikkelingsstoornis als MIH in vergelijking met lokale infiltratie anesthesie.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Dixit UB, Joshi AV<\/em>. Efficacy of intraosseous local anesthesia for restorative procedures in molar incisor hypomineralization-ffected teeth in children. Contemp Clin Dent 2018; 9: S272-S277.<\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5118","auteurs":[{"id":"265","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"R.J.M. Gruythuysen","titel_key":"r_j_m_gruythuysen","old_id":"265","voorvoegsel":"R.J.M. ","achternaam":"Gruythuysen"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/409_414.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/intraossale-anesthesie-effectiever-dan-lokale-infiltratie-anesthesie-bij-mih","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4618","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Patronen van congenitaal niet-aangelegde gebitselementen","titel_key":"patronen_van_congenitaal_niet_aangelegde_gebitselementen","subtitel":"Gebitspathologie","samenvatting":"Een van de meest voorkomende vormen van gebitspathologie is het congenitaal niet aangelegd zijn van een of meerdere elementen (CME). De literatuur hierover beperkt zich doorgaans tot de prevalentie en het ontbeert daarbij meer betekenisvolle informatie over onderliggende patronen. In dit onderzoek w...","content":"

Een van de meest voorkomende vormen van gebitspathologie is het congenitaal niet aangelegd zijn van een of meerdere elementen (CME). De literatuur hierover beperkt zich doorgaans tot de prevalentie en het ontbeert daarbij meer betekenisvolle informatie over onderliggende patronen. In dit onderzoek werd hiertoe een analyse gepresenteerd van patiënten met CME uit een kliniek in Wenen.<\/p>\r\n

Gegevens van deze klinisch of röntgenologisch gediagnosticeerde patiëntengroep over de afgelopen 30 jaar werden verzameld: leeftijd, geboortejaar, geslacht, medische anamnese, CME-type (aantal, ernst, regio, symmetrie en patroon volgens de Tooth Agenesis Code). Op basis van leeftijd en de aanwezigheid van een syndroom werden de groepen onderverdeeld. Groep 1 bestond uit 816 patiënten ouder dan 9 jaar, zonder syndroom. Van deze groep was 60% vrouw en het aantal CME was 5,5. Groep 2 bestond uit patiënten met een syndroom, 30% was vrouw en het aantal CME bedroeg 15,1. Bij de mannen in groep 1 kwam ook minder vaak oligodontie voor. Daarnaast waren CME-patronen minder ernstig en betroffen meestal de tweede premolaar, vaker de bovenkaak en was er geen verschil in links en rechts. Bij een meerderheid van de patiënten was een bilateraal patroon aanwezig; bij mannen kwam een CME-patroon minder vaak voor, maar was de afwijking wel ernstiger.<\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>De meerderheid van de CME-patiënten werd gezien met hypodontia. Mildere vormen van agenesie werden vaak gekenmerkt door eenzelfde CME-patroon. Een aantal uitingsvormen van CME was gerelateerd aan geslacht.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Heuberer S, Ulm C, Zechner W, Laky B, Watzak G<\/em>. Patterns of congenitally missing teeth of non-syndromic and syndromic patients treated at a single-center over the past thirty years. Arch oral Biol 2019; 98: 140-147.<\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5119","auteurs":[{"id":"528","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.H.G. Poorterman","titel_key":"j_h_g_poorterman","old_id":"528","voorvoegsel":"J.H.G.","achternaam":"Poorterman"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/409_414.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gebitspathologie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/patronen-van-congenitaal-niet-aangelegde-gebitselementen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gebitspathologie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gebitspathologie_logo.jpg"},{"id":"4619","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Het effect van groene thee","titel_key":"het_effect_van_groene_thee","subtitel":"Basiswetenschappen","samenvatting":"Kanker is een van de belangrijkste doodsoorzaken; 90% van de in de mond voorkomende tumoren zijn plaveiselcelcarcinomen (PCC). Ongeveer een derde van de aan hoofd-halsgebied gerelateerde plaveiselcelcarcinomen zijn gerelateerd aan levensstijlfactoren als alcoholconsumptie, roken, kwaliteit van voedi...","content":"

Kanker is een van de belangrijkste doodsoorzaken; 90% van de in de mond voorkomende tumoren zijn plaveiselcelcarcinomen (PCC). Ongeveer een derde van de aan hoofd-halsgebied gerelateerde plaveiselcelcarcinomen zijn gerelateerd aan levensstijlfactoren als alcoholconsumptie, roken, kwaliteit van voeding en fysieke inactiviteit. Voedingsfactoren spelen mogelijk een belangrijke rol bij de ontwikkeling of juist het voorkomen van mondkanker. Thee is de op een na meest genuttigde drank wereldwijd en bevat een aanzienlijk aantal bioactieve ingrediënten, waaronder antioxidanten als de polyfenolen. Mogelijk spelen deze een beschermende en remmende rol in de ontwikkeling van mondcarcinomen. Het doel van dit Iraanse onderzoek was de relatie te bestuderen tussen de consumptie van groene thee en het risico op ontwikkeling van een plaveiselcelcarcinoom.<\/p>\r\n

\"\"<\/figure>\r\n

In dit onderzoek werd gebruikgemaakt van een gestandaardiseerde vragenlijst over groene-theeconsumptie en ervaring met plaveiselcelcarcinoom. Data werden verzameld bij 147 patiënten bekend met plaveiselcelcarcinomen en 263 op leeftijd en geslacht gematchte controles. Statistische analyses lieten significante verschillen zien tussen de verschillende groepen theegebruikers in termen van risico op plaveiselcelcarcinoom. Na correctie voor andere risicofactoren bleek het drinken van maximaal 1 kop groene thee per dag (OR = 0,29; CI 95%: 0,16-0,52) of meer dan 1 kop groene thee (OR 0,38; CI 95%: 0,17-0,86) de kans op plaveiselcelcarcinoom te verlagen vergeleken met de groep die nooit groene thee dronk.<\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>De resultaten ondersteunen dat het drinken van groene thee het risico op plaveiselcelcarcinomen kan verlagen.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Rafieian N, Azimi S, Manifar S, et al<\/em>. Is there any association between green tea consumption and the risk of head and neck squamous cell carcinoma: Finding from a case-control study. Arch oral Biol 2019; 98: 280-284.<\/p>\r\n

<\/figure>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5120","auteurs":[{"id":"528","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.H.G. Poorterman","titel_key":"j_h_g_poorterman","old_id":"528","voorvoegsel":"J.H.G.","achternaam":"Poorterman"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/409_414.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/basiswetenschappen_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/het-effect-van-groene-thee","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/basiswetenschappen_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/basiswetenschappen_logo.jpg"},{"id":"4620","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Speeksel en speekseldiagnostiek","titel_key":"speeksel_en_speekseldiagnostiek","subtitel":"Mond-, kaak- en aangezichtschirurgie","samenvatting":"De doelstelling van de auteurs was een overzicht te geven van het speekselonderzoek in de afgelopen 100 jaar.\r\nEerste vereiste was het creëren van eenvoudige methoden om speeksel te verzamelen, uit zowel de 3 paren grote speekselklieren als de accessoire speekselklieren. Aansluitend werd het be...","content":"

De doelstelling van de auteurs was een overzicht te geven van het speekselonderzoek in de afgelopen 100 jaar.<\/p>\r\n

Eerste vereiste was het creëren van eenvoudige methoden om speeksel te verzamelen, uit zowel de 3 paren grote speekselklieren als de accessoire speekselklieren. Aansluitend werd het bepalen van de secretiesnelheid mogelijk en kwamen de fysiologische aspecten aan bod. In dat kader werd onderzoek gedaan naar de concentraties fosfaat, calcium, elektrolyten en (glyco)proteïnen in speeksel en van de neurale aansturing van de speekselsecretie in rust en na stimulatie. Vervolgens werd ontdekt dat bij een hoge zuurgraad (pH < 5,5) van speeksel de harde gebitsweefsels demineraliseren en de concentraties fosfaat en calcium in speeksel toenemen. Microbiologisch onderzoek toonde aan dat (glyco)proteïnen in speeksel voedselbron zijn voor de micro-organismen in de orale biofilm. Deze micro-organismen staan aan de basis van cariës en parodontitis. Speeksel bevat echter ook antimicrobiële stoffen als immunoglobuline A, lactoferrine, lactoperoxidase, lysozym, statherine en histatinen. Met het oog op de buffercapaciteit bleken vooral de concentratie bicarbonaat en in mindere mate die van fosfaat in rustspeeksel bepalend, terwijl die concentraties afhankelijk zijn van de secretiesnelheid. Beperkte buffercapaciteit en onvoldoende speekselvolume zijn aangetoonde risicofactoren voor cariës.<\/p>\r\n

De bestanddelen van speeksel leveren 4 typen speekseldiagnostiek op: genetische informatie in DNA over voorgeslacht, gezondheid en welzijn (salivary genomics), biomarkers in het transcriptoom, de verzameling van RNA-moleculen die transcripties zijn van proteïnecoderende genen uit DNA (salivary transcriptomics), biomarkers in het proteoom, de verzameling proteïnen (salivary proteomics) en biomarkers in het exosoom, het proteïnecomplex dat betrokken is bij de afbraak van RNA (saliva exosomics). De diverse biomarkers kunnen in de tijd worden gevolgd door regelmatig speekselonderzoek te verrichten (saliva liquid biopsy).<\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>Speekseldiagnostiek staat nog in de kinderschoenen, maar maakt een enorme ontwikkeling door die in de komende 100 jaar tot volle wasdom zal komen.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Dawes C, Wong DTW<\/em>. Role of saliva and salivary diagnostics in the advancement of oral health. J Dent Res 2019; 98: 133-141.<\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5121","auteurs":[{"id":"1428","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"C. de Baat","titel_key":"c_de_baat_2","old_id":"0","voorvoegsel":"C. de","achternaam":"Baat"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/409_414.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/mondziekten_kaak_en_aangezichtschirurgie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/speeksel-en-speekseldiagnostiek","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/mondziekten_kaak_en_aangezichtschirurgie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/mondziekten_kaak_en_aangezichtschirurgie_logo.jpg"},{"id":"4621","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Voorkomt orthodontische behandeling cari\u00ebs?","titel_key":"voorkomt_orthodontische_behandeling_caries","subtitel":"Cariologie","samenvatting":"Mensen worden behandeld om cosmetische problemen en\/of functionele afwijkingen in de tandboog recht te zetten. Bij kinderen worden vaak het gemakkelijke schoonhouden van de gebitselementen en de mondgezondheidswinst door het ontstaan van minder caviteiten als belangrijke factoren voor het aangaan va...","content":"

Mensen worden behandeld om cosmetische problemen en\/of functionele afwijkingen in de tandboog recht te zetten. Bij kinderen worden vaak het gemakkelijke schoonhouden van de gebitselementen en de mondgezondheidswinst door het ontstaan van minder caviteiten als belangrijke factoren voor het aangaan van een behandeling gezien. Langetermijnonderzoeken hiernaar zijn schaars. Het doel van het onderhavige onderzoek was de hypothese te toetsen dat mensen die orthodontisch behandeld zijn op termijn minder ernstige cariës hebben dan niet orthodontisch behandelde mensen.<\/p>\r\n

De onderzoeksgroep bestond uit 30-jarige Australiërs die op 13-jarige leeftijd klinisch onderzocht waren en waarbij de mate van malocclusie werd gecorreleerd aan de Dental Aesthetic Index (DAI). Op 30-jarige leeftijd werd de cariës situatie klinisch vastgelegd (DMF) en een vragenlijst ingevuld waarin werd gevraagd of een orthodontische behandeling was uitgevoerd.<\/p>\r\n

Klinische gegevens van 448 deelnemers (24% van de oorspronkelijke groep) waren aanwezig. De analyse van niet-deelnemers liet geen verschil zien met betrekking tot de cariës situatie maar wel deden meer vrouwen mee en deelnemers van wie ouders hoogopgeleid waren en van wie familie geen gezondheidskaart had. Van de deelnemers was 35% tussen hun dertiende en dertigste levensjaar orthodontisch behandeld. Onafhankelijk van de mate van malocclusie hadden orthodon t significant lager DMFT-getal (4,3) dan 30-jarigen die niet orthodontisch waren behandeld (4,9) (p = 0,24). Ook indien gecorrigeerd werd voor de variabelen sociodemografische achtergrond, mondzorggedrag en mate van malocclusie werd geen significante relatie gevonden tussen orthodontisch behandelde mensen en het DMFT-getal, en de individuele componenten van het DMFT-getal.<\/p>\r\n

\"\"<\/figure>\r\n
Tabel 1<\/strong>. Vóórkomen van gevoeligheid in MIH-molaren per ernst van MIH.<\/em><\/figure>\r\n
\"\"<\/figure>\r\n
Tabel 2<\/strong>. Vóórkomen van carieuze dentine laesies in de MIH-molaren per ernst van MIH.<\/em><\/figure>\r\n

Conclusie. <\/b>Rekening houdend met de beperkingen van dit onderzoek wordt vastgesteld dat orthodontische behandeling op lange termijn geen verminderde ernst van cariës oplevert. Het is daarom niet altijd te rechtvaardigen een orthodontische behandeling te beginnen met het doel cariës te voorkomen of te beteugelen.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Do\u011framac\u0131 EJ, Brennan DS<\/em>. The influence of orthodontic treatment on dental caries: An Australian cohort study. Community Dent Oral Epidemiol 2019; 47: 210-216.<\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5122","auteurs":[{"id":"222","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.E. Frencken","titel_key":"j_e_frencken","old_id":"222","voorvoegsel":"J.E.","achternaam":"Frencken"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/409_414.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/cariologie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/voorkomt-orthodontische-behandeling-caries","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/cariologie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/cariologie_logo.jpg"},{"id":"4622","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Hoe pijngevoelig zijn MIH-aangetaste molaren?","titel_key":"hoe_pijngevoelig_zijn_mih_aangetaste_molaren","subtitel":"Cariologie","samenvatting":"Het is nog onduidelijk wat de oorzaak is van het ontstaan van molar incisor hypomineralization (MIH). Een van de klinische complicaties is de hoge mate van pijngevoeligheid van de door MIH aangetaste gebitselementen. Deze gebits–elementen zijn daarom niet altijd goed schoon te houden wat weer...","content":"

Het is nog onduidelijk wat de oorzaak is van het ontstaan van molar incisor hypomineralization (MIH). Een van de klinische complicaties is de hoge mate van pijngevoeligheid van de door MIH aangetaste gebitselementen. Deze gebits–elementen zijn daarom niet altijd goed schoon te houden wat weer kan leiden tot een verhoogde kans op het ontstaan van carieuze laesies. Een gestandariseerd onderzoek naar de prevalentie van pijngevoeligheid van MIH-gebitselementen met MIH bestaat niet.<\/p>\r\n

Het onderhavige onderzoek heeft deze constatering onderzocht. Pijngevoeligheid werd op 2 manieren onderzocht; door het 1 seconde blazen met de meerfunctiespuit vanaf 1 cm loodrecht op het occlusale vlak en door het schrapen met een sonde over het MIH-aangetaste vlak. De Visual Analogue Scale en de Shiff Cold Air Sensitivity Scale werden gebruikt om de mate van pijngevoeligheid vast te stellen. MIH werd geclassificeerd volgens bekende criteria.<\/p>\r\n

MIH kwam bij 102 van de 631 onderzochte kinderen van 8 jaar oud voor en alleen in molaren (n = 400). Een carieuze glazuurlaesies kwam in 51,7% van de MIH-molaren voor en een carieuze dentinelaesie in 8,7%. Het vóórkomen van gevoeligheid in MIH-aangetaste molaren was 34,7%. Het vóórkomen van gevoeligheid en het vóórkomen van carieuze dentinelaesies in de MIH-molaren per ernst van MIH staan respectievelijk in tabel 1 en 2. Omdat diepe carieuze dentinelaesies in MIH-molaren een verstorende variabele in de relatie met de ernstige vorm van MIH is, werd het significante verschil tussen deze 2 variabelen als niet relevant beschouwd.<\/p>\r\n

Conclusie.<\/b> Molaren met een geringe en matige aantasting door MIH zijn gevoeliger voor pijnprikkels dan molaren die niet door MIH zijn aangetast.<\/p>\r\n

Bron<\/b><\/h4>\r\n

Raposo F, de Carvalho Rodrigues AC, Lia ÉN, Leal SC<\/em>. Prevalence of hypersensitivity in teeth affected by Molar-Incisor Hypomineralization (MIH). Caries Res 2019; 24 januari [Epub ahead of print].<\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5123","auteurs":[{"id":"222","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.E. Frencken","titel_key":"j_e_frencken","old_id":"222","voorvoegsel":"J.E.","achternaam":"Frencken"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/409_414.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/cariologie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/hoe-pijngevoelig-zijn-mih-aangetaste-molaren","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/cariologie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/cariologie_logo.jpg"},{"id":"4623","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Hygi\u00ebne en infectiepreventie in de mondzorgpraktijk","titel_key":"hygiene_en_infectiepreventie_in_de_mondzorgpraktijk","subtitel":"Boek","samenvatting":"C. Volgenant, H. de Soet, A. LaheijHygiëne en infectiepreventie in de mondzorgpraktijkHouten: Prelum, 2018258 bl., geïll. € 72,50ISBN 978 90 8562 154 6\r\nVoorkomen is beter dan genezen. Hoewel er nog nooit iemand met cariës of parodontitis besmet is geraakt in de tandartsstoel,...","content":"

\"\"\r\n

C. Volgenant, H. de Soet, A. Laheij<\/strong>
Hygiëne en infectiepreventie in de mondzorgpraktijk<\/strong>
Houten: Prelum, 2018<\/strong>
258 bl., geïll. € 72,50<\/strong>
ISBN 978 90 8562 154 6<\/strong><\/p>\r\n

Voorkomen is beter dan genezen. Hoewel er nog nooit iemand met cariës of parodontitis besmet is geraakt in de tandartsstoel, vinden we het allemaal toch een vies idee om in aanraking te komen met haakjes, spiegeltjes en boren die bij een ander in de mond zijn geweest. Hoe serieus deze angst is en waarvoor we bang moeten zijn, wordt besproken in de eerste 3 hoofdstukken van dit boek. Gelardeerd met mooie afbeeldingen worden alle bacteriën, virussen, schimmels en protozoa die relevant zijn voor de mondzorgpraktijk genoemd en wordt op een inzichtelijke wijze de infectieketen besproken. In hoofdstuk 4 wordt de voor de mondzorg relevante wetgeving behandeld waarbinnen infectiepreventie van toepassing is. In de hoofdstukken 5 tot en met 13, waarin de verschillende voorschriften voor onder andere handhygiëne, persoonlijke hygiëne, afvalverwerking en prikaccidenten aan de orde komen, wordt de wetgeving uitgewerkt naar de praktijk. Het zou verhelderend zijn geweest als de relevante tekst uit de ‘Richtlijn Infectiepreventie’ of uit de genoemde wetgeving aangehaald werd. Een leuke toevoeging voor de startende tandarts is hoofdstuk 9 over de indeling van praktijkruimten.<\/p>\r\n<\/figure>\r\n

Omdat ieder hoofdstuk begint met een casus, wordt de relevantie van het onderwerp meteen duidelijk en wordt de lezer aangezet tot nadenken. Een aanbeveling aan de auteurs is om de lezers van het boek via het web toegang te bieden tot nieuwe richtlijnen of standaard protocollen.<\/p>\r\n

Hygiëne en infectiepreventie in de mondzorgpraktijk is een uitwerking van de richtlijn voor infectiepreventie voor mondzorgpraktijken (2016) boordevol achtergrondinformatie en handige tips. Voor tandheelkundestudenten en het behandelteam van een mondzorgpraktijk is het een prettig leesbaar naslagwerk. Voor de tandarts-praktijkeigenaar is het verstandig de aanbevelingen in het boek altijd naast de richtlijn te gebruiken.<\/p>\r\n

 <\/p>\r\n

 <\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"12","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5124","auteurs":[{"id":"798","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"V. Zijnge","titel_key":"v_zijnge","old_id":"798","voorvoegsel":"V. ","achternaam":"Zijnge"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/417.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/19ntvt026_01web.jpg","rubriek_titel":"Media","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/hygiene-en-infectiepreventie-in-de-mondzorgpraktijk","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/19ntvt026_01web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/19ntvt026_01web.jpg"},{"id":"4624","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Medische mensentaal","titel_key":"medische_mensentaal","subtitel":"Boek","samenvatting":"F.J. Meijman, A. BakkerMedische mensentaal.Taal en communicatie overgezondheid, ziekte en zorgUtrecht: De tijdstroom uitgevers, 2018314 bl., € 42,50ISBN 9789058983220\r\nDit boek behandelt medisch taalgebruik vanuit zowel een professioneel als lekenperspectief. Na een inleidend hoofdstuk wordt...","content":"

\"\"\r\n

F.J. Meijman, A. Bakker<\/strong>
Medische mensentaal.Taal en communicatie overgezondheid, ziekte en zorg<\/strong>
Utrecht: De tijdstroom uitgevers, 2018<\/strong>
314 bl., € 42,50<\/strong>
ISBN 9789058983220<\/strong><\/p>\r\n

Dit boek behandelt medisch taalgebruik vanuit zowel een professioneel als lekenperspectief. Na een inleidend hoofdstuk wordt het boek opgedeeld in een theoretisch en praktisch deel. De indeling is enigszins arbitrair omdat ook in het tweede deel aandacht is voor theorie. Het eerste deel omvat 4 hoofdstukken die meer algemene aspecten van medische taal behandelen. Spreek- en schrijftaal alsmede literair medische taal komen aan bod en de verschillende doelgroepen waarmee wordt gecommuniceerd. Daarnaast is er aandacht voor de context waarin die communicatie plaatsvindt en is een hoofdstuk geweid aan het analyseren van tekst. In het tweede deel worden meer specifieke aspecten bij het gebruik van medische taal behandeld: vereenvoudigen, toonzetting, verhullen en onthullen, verlevendigen, jargon, beeld en stijl. In elk hoofdstuk wordt uitputtend beschreven waar men aan moet denken bij het toepassen van het aspect. Er wordt bijvoorbeeld stilgestaan bij de effecten, de voor- en nadelen en er worden voorbeeldzinnen gegeven. Lijsten van synoniemen staan in kaders. Elk hoofdstuk wordt afgesloten met samenvattende aandachtpunten en soms met een ter discussie sectie waarin de lezer nog wat vragen krijgt voorgelegd.<\/p>\r\n<\/figure>\r\n

Het boek daagt uit tot nadenken over het gebruik van medische taal. Het hanteert een academische filosofisch getinte stijl. Er wordt gebruikgemaakt van veel lange complexe en samengestelde zinnen met veel bijzinnen en tussen haakjes geplaatste voorbeelden of verduidelijkingen. Dit in combinatie met lange paragrafen die soms een hele bladzijde beslaan, bemoeilijkt de leesbaarheid van het boek. Kaders bevatten veel wetenswaardigheidjes. Verwijzing naar de kaders ontbreekt vaak en de tek st roept soms meer vragen op dan het beantwoordt. Voorbeelden met een tandheelkundige strekking komen bijna niet voor. De lezer zal zich meer bewust worden van de moeilijkheden en mogelijkheden van medisch taalgebruik. Wie hoopt concrete voorbeelden te vinden van hoe men in bepaalde situaties het best kan communiceren, zal worden teleurgesteld.<\/p>\r\n

 <\/p>\r\n

 <\/p>","datum":"2019-07-05 00:00:00","rubriek":"12","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"248","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5125","auteurs":[{"id":"1724","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"A.J.E. Smith","titel_key":"a_j_e_smith","old_id":"0","voorvoegsel":"A.J.E.","achternaam":"Smith"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/417.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/19ntvt040_01web.jpg","rubriek_titel":"Media","uitgave_titel":"juli en augustus 2019","url":"\/artikel\/126\/7-8\/medische-mensentaal","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/19ntvt040_01web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/19ntvt040_01web.jpg"},{"id":"4600","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Annemarie Schuller over \u2018Kies voor Tanden 2017\u2019","titel_key":"annemarie_schuller_over_kies_voor_tanden_2017","subtitel":"Interview","samenvatting":"In november 2018 verscheen het rapport van het onderzoek \u2018Kies voor Tanden 2017\u2019. In de komende juli\/augustuseditie van 5 juli aanstaande verschijnen 2 artikelen over dit onderzoek. We vroegen Annemarie Schuller naar achtergronden en het belang van dit soort onderzoek in Nederland.","content":"

In november 2018 verscheen het rapport van het onderzoek ‘Kies voor Tanden 2017’. In de komende juli\/augustuseditie van 5 juli aanstaande verschijnen 2 artikelen over dit onderzoek. We vroegen Annemarie Schuller naar achtergronden en het belang van dit soort onderzoek in Nederland.<\/b><\/p>\r\n

Wat was de aanleiding voor het onderzoek?<\/h2>\r\n

In 1995 vond een stelselwijziging plaats die voor de mondzorg ingrijpende inhoudelijke gevolgen had: volwassenen (aanvankelijk vanaf 19 jaar maar later vanaf 18 jaar) konden vanaf toen geen aanspraak meer maken op restauratieve tandheelkundige hulp vanuit het ziekenfonds maar konden zich daar eventueel wel, vrijwillig, aanvullend voor verzekeren. Periodieke controles, het verwijderen van tandsteen en instructie-mondhygiëne werden voor volwassenen echter nog steeds wel door het ziekenfonds gefinancierd. In een latere wijziging (2003\/2004) werd ook die aanspraak op het preventief onderhoud voor volwassenen uit het ziekenfondspakket geschrapt. Een belangrijk uitgangspunt bij de stelselwijziging van 1995 was dat de mondgezondheid van jongvolwassenen in het algemeen zó goed zou moeten zijn dat eventuele gezondheids- en\/of financiële risico’s voor hen te overzien zouden moeten zijn.<\/p>\r\n

Op basis van het TNO-rapport uit 2015 concludeerde Zorginstituut Nederland in 2016 dat groepen met een laag sociaal-economische status (SES) nog steeds in het nadeel zijn wat betreft hun mondgezondheid ten opzichte van hun hoger opgeleide leeftijdsgenoten en dat daarmee de mondgezondheid en het preventief gedrag van de lage SES-groep nog steeds een punt van aandacht is voor iedereen die is betrokken bij de mondzorg. Daarnaast merkte Zorginstituut Nederland op dat er op het terrein van mondgezondheid, en dan vooral bij de lage SES-groepen, nog veel te winnen valt. Het gaat daarbij vooral om de winst die is te behalen wanneer cariës wordt voorkómen, hetgeen met de juiste (zelf)zorg goed mogelijk is. Interventies om het gebit gaaf te houden, dienen daarom vooral gericht te zijn op het verbeteren van gedrag en (zelf)zorg die cariës kunnen voorkomen, met speciale aandacht voor risicogroepen. Dit sluit naadloos aan bij de notitie 'Preventie houdt je gezonder' van het ministerie van VWS waarin het belang van preventie en gezondheidsvaardigheden wordt onderkend).<\/p>\r\n

\"Fotograaf:<\/p>\r\n

Hoe kwam het onderzoek tot stand?<\/h2>\r\n

In opdracht van Zorginstituut Nederland voerde TNO het onderzoek ‘Kies voor Tanden 2017’ uit. Het onderzoek werd uitgevoerd in Alphen aan den Rijn, Gouda, Breda en Den Bosch. Kinderen en jongvolwassenen van 5, 11, 17 en 23 jaar werden onderzocht. Het onderzoek betrof het invullen van een vragenlijst en het ondergaan van een mondonderzoek. Het mondonderzoek werd uitgevoerd in de TNO-bus. Die onderzoeksbus werd óf bij scholen óf op een centrale plek in de betreffende plaats geparkeerd. Zulk veldwerk vereist een behoorlijke logistiek. Immers, iedereen moet op dezelfde tijd op dezelfde plek zijn: de chauffeur met de onderzoeksbus, de tandartsen, de assistenten en de te onderzoeken personen. Tegelijkertijd dienen er vergunningen te zijn om de bus ergens te mogen plaatsen er te zijn, de nachtstalling voor de bus te zijn geregeld, verkeerspaaltjes die in de weg staan tijdelijk weggehaald, de computersystemen te werken en de school moet toch net niet een uitje hebben gepland. Het veldwerk is intensief maar met een geweldig team van hardwerkende, flexibele, oplossingsgerichte en creatieve mensen is het altijd weer een feestje. Wanneer we weer ergens staan met de TNO-bus: u bent altijd welkom om even te komen kijken!<\/p>\r\n

Wat is het belang van dergelijk onderzoek?<\/h2>\r\n

Nederland heeft geen structureel systeem om mondgezondheid te monitoren. De gebruikte methodiek van het onderzoek 'Kies voor Tanden' leent zich er goed voor om een beeld te schetsen van de gemiddelde mondgezondheid van de jeugd in Nederland. Omdat het monitoren van mondgezondheid van belang is om zinvol beleid te kunnen bepalen, is naar mijn mening voortzetting van dit monitoringsonderzoek zeer gewenst. Het kan toch niet zo zijn dat we over een paar jaar geen idee meer hebben hoe het er met de jeugd voor staat?<\/p>","datum":"2019-06-20 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5101","auteurs":[{"id":"607","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"A.A. Schuller","titel_key":"a_a_schuller","old_id":"607","voorvoegsel":"A.A.","achternaam":"Schuller"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/annemarie_schuller_05_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/annemarie-schuller-over-kies-voor-tanden-2017","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/annemarie_schuller_05_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/annemarie_schuller_05_web.jpg"},{"id":"4603","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Zomertip van de NTVT-redactie: focus op het begin, niet de finish!","titel_key":"zomertip_van_de_ntvt_redactie_focus_op_het_begin_niet_de_finish","subtitel":"","samenvatting":"\"Vanaf nu ga ik alles anders doen!\" Het is de eerste werkdag na de zomervakantie, je hebt er goed over nagedacht. Vanaf nu: gezonder eten, meer sporten en meer #doeslief. “Effectiever, productiever en met minder stress. Wie het te druk heeft, is een sukkel en wie terugvalt in zijn oude gewoont...","content":"

\"Vanaf nu ga ik alles anders doen!\" Het is de eerste werkdag na de zomervakantie, je hebt er goed over nagedacht. Vanaf nu: gezonder eten, meer sporten en meer #doeslief. “Effectiever, productiever en met minder stress. Wie het te druk heeft, is een sukkel en wie terugvalt in zijn oude gewoontes een slapjanus“, speelt rond in je gedachten. Dat geldt dan ook voor onze patiënten: ze moeten tweemaal per dag poetsen, iedere dag stoken en het liefst per direct.<\/p>\r\n

Moeten? MOETEN! Jazeker, onze patiënten moeten van ons. “Maar als ik iets moet, dan moet ik helemaal niets. Toch!?”<\/i> Toch zouden onze patiënten best een gezond gebit willen hebben. Zo wil ik zelf best een sixpack, maar niet iedere dag naar de crossfit. En geeft toe, welke ovenschotel is nou écht lekker zonder spekjes? Smoesjes. De elektrische borstel was weer eens niet opgeladen, tandenstokers zijn op of breken steeds af. En dan met een schuldbewuste blik maar weer sorry zeggen tegen die strenge dame met haar trilapparaat en prikstok…<\/p>\r\n

Eind juni komt de Nederlandse vertaling uit van ‘Atomic habits’ (‘Elementaire gewoontes<\/a>’) van James Clear . Dit zelfhulpboek predikt geen grote veranderingen in korte tijd, maar helpt door middel van kleine acties routines aan te leren die uitgebouwd kunnen worden tot grote veranderingen. Routines kosten minder moeite om vol te houden en uit te voeren. De zelfhulptips werken misschien ook wel voor onze patiënten; ik geef een voorzet:<\/p>\r\n

    \r\n
  1. Combineer zelfzorg met een bestaande routine en adviseer om de interdentale reiniging uit te voeren na de vaste routine die het tweemaal per dag poetsen hopelijk al is. Of maak gebruik van andere routines die een patiënt heeft, zoals een dagelijks Netflixuurtje.<\/li>\r\n
  2. Maak het de patiënt, en daarmee jezelf, gemakkelijk. Vertel de patiënt de tandenstokers in het zicht te leggen zodat er een fysieke geheugensteun is of stel een herinnering op de telefoon in. Focus op haalbare doelen. De patiënt kan bijvoorbeeld beginnen met wekelijks te stoken.<\/li>\r\n
  3. Zorg voor een beloning. Laat de patiënt zijn doelen bijhouden op een kalender of zichzelf punten geven voor iedere week dat een doel behaald is, om zo de progressie te zien. Geef je patiënt een compliment als hij eindelijk elektrisch is gaan poetsen of is begonnen met stoken.<\/li>\r\n<\/ol>\r\n

    En misschien kunnen wij dan een kruisje zetten in onze agenda’s: deze week 2 push ups gedaan én weer een tevreden patiënt!<\/p>\r\n

    (dr. Vincent Zijnge, redacteur<\/b>)<\/p>\r\n

     <\/p>","datum":"2019-06-20 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5104","auteurs":[{"id":"798","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"V. Zijnge","titel_key":"v_zijnge","old_id":"798","voorvoegsel":"V. ","achternaam":"Zijnge"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/190620_col_zomertip_van_de_ntvt_redactie_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/zomertip-van-de-ntvt-redactie-focus-op-het-begin-niet-de-finish","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/190620_col_zomertip_van_de_ntvt_redactie_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/190620_col_zomertip_van_de_ntvt_redactie_web.jpg"},{"id":"4601","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Meer tanden behouden door elektrisch poetsen","titel_key":"meer_tanden_behouden_door_elektrisch_poetsen","subtitel":"","samenvatting":"Elektrisch poetsen leidt tot behoud van meer tanden en kiezen, zo blijkt uit een 11-jarig durend  prospectief cohortonderzoek uit Duitsland.\r\nDe wetenschappers van de Universiteit van Greifswald in Duitsland volgden gedurende 11 jaar de mondgezondheid van 2.819 patiënten, van wie 2.304 men...","content":"

    Elektrisch poetsen leidt tot behoud van meer tanden en kiezen, zo blijkt uit een 11-jarig durend  prospectief cohortonderzoek uit Duitsland.<\/p>\r\n

    De wetenschappers van de Universiteit van Greifswald in Duitsland volgden gedurende 11 jaar de mondgezondheid van 2.819 patiënten, van wie 2.304 mensen met een handtandenborstel en 515 met een elektrische tandenborstel hun gebit reinigden. De onderzoekers toonden aan dat het gebruik van een elektrische tandenborstel geassocieerd is met minder progressie in pocketdiepte en een reductie in aanhechtingsverlies. Dit kon overigens niet worden aangetoond voor patiënten met ernstige parodontitis. Wel behielden mensen die elektrisch poetsten meer tanden.<\/p>\r\n

    Opvallend was dat het gebruik van een elektrische tandenborstel geen effect had op de cariësprogressie. Ondanks het beperkte aantal onderzoeken naar het effect van elektrisch poetsen op de progressie van cariës, is deze verrassende uitkomst in lijn met een recent systematisch literatuuronderzoek (Hujoel et al, 2018<\/a>).<\/p>\r\n

    Eerdere onderzoeken hebben de effectiviteit van elektrische tandenborstels voor het verwijderen van plaque en de reductie van gingivitis aangetoond. De kracht van het huidige onderzoek is gelegen in het prospectieve karakter, de lange tijdsduur van het onderzoek, het grote aantal deelnemers bij wie voor het eerst ook de overleving van gebitselementen werd meegenomen.<\/p>\r\n

    De onderzoekers concludeerden dan ook dat het gebruik van elektrische tandborstels helpt bij het in stand houden van een goede mondhygiëne. Patiënten met parodontitis zullen echter wel eerst een parodontale behandeling door een specialist moeten ondergaan.<\/p>\r\n

    (Bron: J Clin Periodontol, 22 mei 2019<\/a>)<\/p>","datum":"2019-06-19 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5102","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/190522_thk_meer_tanden_behouden_door_elektrisch_poetsen_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/meer-tanden-behouden-door-elektrisch-poetsen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/190522_thk_meer_tanden_behouden_door_elektrisch_poetsen_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/190522_thk_meer_tanden_behouden_door_elektrisch_poetsen_web.jpg"},{"id":"4602","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Herstel en revalidatie na een totale laryngectomie","titel_key":"herstel_en_revalidatie_na_een_totale_laryngectomie","subtitel":"","samenvatting":"Monitoring van de postoperatieve zorg, herstel en revalidatie na een totale laryngectomie bij patienten met vergevorderde strottenhoofdkanker of onderste keelholtekanker, is van groot belang  Veelal wordt een totale laryngectomie tegenwoordig als laatste redmiddel ingezet na een behandeling met...","content":"

    Monitoring van de postoperatieve zorg, herstel en revalidatie na een totale laryngectomie bij patienten met vergevorderde strottenhoofdkanker of onderste keelholtekanker, is van groot belang  Veelal wordt een totale laryngectomie tegenwoordig als laatste redmiddel ingezet na een behandeling met (chemo)radiotherapie. Liset Lansaat richtte haar onderzoek op het starten van orale voeding en de kans op het onstaan van faryngocutane fistelvorming (FCF), een ernstige postoperatieve complicatie. Hoofd-halschirurgen starten meestal relatief ‘laat’, op 10-12 dagen na operatie, met orale voeding. Gedacht wordt dat dit  FCF kan voorkomen of de kans erop doet afnemen. Lansaat vergeleek 2 patiëntengroepen, waarbij de ene groep laat de orale voeding kreeg en de andere groep vroeg (2-4 dagen postoperatief). Uit de resultaten bleek dat vroeg starten met orale voeding veilig is en niet leidt tot een significante toename van FCF. Tevens heeft Lansaat getracht de incidentie van FCF na een totale laryngectomie te onderzoeken aan de hand van patiëntgegevens van alle 8 primaire Nederlandse hoofd-halscentra. Geïncludeerd werden 324 patiënten die een totale laryngectomie hadden ondergaan. De incidentie van FCF van de gehele onderzoekspopulatie was 25,9%.<\/p>\r\n

    Ook deed Lansaant onderzoek naar allerlei aspecten van stemprothesen, waaronder een nieuwe automatische spreekklep waarmee zowel ‘handenvrij’ als handmatig afsluiten van het tracheostoma kan worden gesproken. De patiënten oordeelden positief over dit apparaat.<\/p>\r\n

    Op 19 juni 2019<\/a> promoveerde Liset Lansaat aan de Universiteit van Amsterdam op haar proefschrift ‘Postlaryngectomy care, recovery and rehabilitation aspects<\/a>’. Promotor was prof. dr. M.W.W. van den Brekel en copromotor was prof. dr. F.J.M. Hilgers.<\/p>","datum":"2019-06-19 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"5103","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/190619_pers_promotie_l_lansaat_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/herstel-en-revalidatie-na-een-totale-laryngectomie","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/190619_pers_promotie_l_lansaat_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/190619_pers_promotie_l_lansaat_web.jpg"},{"id":"4604","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"NWVT-lustrumcongres Beeld van belang","titel_key":"nwvt_lustrumcongres_beeld_van_belang","subtitel":"Hoofdredacteur Casper Bots en redacteur Jan Poorterman geven kort verslag","samenvatting":"Hoofdredacteur dr. Casper Bots en redacteur dr. Jan Poorterman bezochten vrijdag 14 juni 2019 het lustrumcongres 'Beeld van belang' van de 115 jaar oude Nederlandse Wetenschappelijke Vereniging van Tandartsen (NWVT). Hier een videoverslag.","content":"

    Hoofdredacteur dr. Casper Bots en redacteur dr. Jan Poorterman bezochten vrijdag 14 juni 2019 het lustrumcongres 'Beeld van belang' van de 115 jaar oude Nederlandse Wetenschappelijke Vereniging van Tandartsen (NWVT).  In onderstaande video bespreken Casper en Jan twee sprekers: prof. dr. Eddy Becking en dr. Erik van der Meij. Becking ging in op groei en Van der Meij op kaakbotafwijkingen op röntgenopnamen.<\/p>\r\n