{"zoekterm":null,"zoekresultaten":[{"id":"4441","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Cannabistablet helpt niet tegen chronische pijn","titel_key":"cannabistablet_helpt_niet_tegen_chronische_pijn","subtitel":"","samenvatting":"Cannabistabletten hebben geen effect op pijnbeleving bij patiënten met chronische pijn na een alvleesklierontsteking of buikoperatie. Dat is de conclusie van Marjan de Vries van het Radboudumc: “Er zijn veel verhalen van mensen die enorme baat hebben gehad bij het gebruik van medicinale c...","content":"

Cannabistabletten hebben geen effect op pijnbeleving bij patiënten met chronische pijn na een alvleesklierontsteking of buikoperatie. Dat is de conclusie van Marjan de Vries van het Radboudumc: “Er zijn veel verhalen van mensen die enorme baat hebben gehad bij het gebruik van medicinale cannabis, maar dit wordt niet aangetoond in geneesmiddelenonderzoeken. Tussen die ervaringen en het wetenschappelijke bewijs zit een heel groot gat.”<\/i><\/p>\r\n

De Vries onderzocht de pijnstillende effecten van cannabistabletten op chronische pijn na een alvleesklierontsteking of buikoperatie. “Mensen met chronische pijn hebben vaak al jaren pijnklachten, en willen graag af van de hoge doses opiaten, zoals morfine. Want opiaten zijn wel effectief, maar niet geschikt voor langdurig gebruik. Op papier zijn cannabisproducten dat wel, maar de pijnstillende werking hiervan is nauwelijks onderzocht.”<\/i><\/p>\r\n

Het gebruik van cannabistabletten met de werkzame stof tetrahydrocannabinol (THC) was een nieuwe aanpak in het onderzoek van De Vries. THC is de belangrijkste psychoactieve stof uit de cannabisplant en gaat een interactie aan met zenuwcellen die pijnsignalen geleiden, en zou op deze manier pijnstillend kunnen werken. Met een tablet van uitsluitend THC kan de dosering hiervan goed gereguleerd worden, in tegenstelling tot andere vormen van medicinale cannabis die uit meerdere stoffen bestaan.<\/p>\r\n

De onderzoeker vond geen verschil in pijnbeleving van chronische pijnpatiënten die THC-tabletten kregen en patiënten die een placebopil kregen. “We vonden wel een heel groot pijnstillend effect, maar dat was het geval in zowel de placebogroep als de THC-groep. Dit effect is waarschijnlijk dus niet te danken aan THC, maar aan het sterke placebo-effect. In de placebogroep zagen we zelfs mensen die stopten vanwege bijwerkingen die bij THC horen, of die zich high voelden.”<\/i><\/p>\r\n

In dit geneesmiddelenonderzoek kreeg de experimentele groep eerst gedurende 2 weken een oplopende dosis van het THC-tablet (van 3 maal daags 3 mg naar 8 mg), waarna een persoonlijke dosis werd bepaald op basis van bijwerkingen en verdraagzaamheid voor de tabletten. Deze einddosis kreeg de patiënt voor de rest van het 50 dagen durende onderzoek, terwijl de controlegroep 3 maal daags een placebopil kreeg. De experimentele groep had een pijnafname van ongeveer 40%, voor de placebogroep was dit 37%. Er was geen significant verschil. Tot slot vond De Vries dat THC ook geen effect had op veranderingen in het pijnzenuwstelsel, veelal de oorzaak van chronische pijn<\/p>\r\n

(Bron: Radboudumc, 20 december 2018<\/a>)<\/p>","datum":"2019-01-21 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4938","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181214_med_canabistablet_helpt_niet_tegen_chronische_pijn_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/cannabistablet-helpt-niet-tegen-chronische-pijn","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181214_med_canabistablet_helpt_niet_tegen_chronische_pijn_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181214_med_canabistablet_helpt_niet_tegen_chronische_pijn_web.jpg"},{"id":"4439","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Antibiotica activeren via ijzer uit implantaten","titel_key":"antibiotica_activeren_via_ijzer_uit_implantaten","subtitel":"","samenvatting":"Onderzoekers van het Radboudumc hebben ontdekt dat het ijzer in metalen implantaten uit het lichaam in staat zijn lokaal tot activatie van antibiotica te komen. Dit schrijven Marja Bulte-ter Meer en Leo Schultze Kool van de afdeling Radiologie en Nucleaire Geneeskunde in Chemical Communications (201...","content":"

Onderzoekers van het Radboudumc hebben ontdekt dat het ijzer in metalen implantaten uit het lichaam in staat zijn lokaal tot activatie van antibiotica te komen. Dit schrijven Marja Bulte-ter Meer en Leo Schultze Kool van de afdeling Radiologie en Nucleaire Geneeskunde in Chemical Communications<\/i> (2019; 55: 443-446)<\/a>.<\/p>\r\n

Metalen implantaten worden veel toegepast in de medische zorg, van hartkleppen tot tandheelkundige implantaten, maar geven ook een grote kans op bacteriële infecties. Patiënten met een implantaat gebruiken daarom vaak langdurig preventief antibiotica. Dit heeft niet altijd het gewenste effect, en kan zelfs schadelijk zijn, omdat deze antibiotica door het hele lichaam actief zijn. Het is mogelijk effectiever als medicijnen alleen rondom een implantaat werkzaam zijn, bijvoorbeeld door lokale toediening.   Een manier om dit te doen is de zogenoemde enzym-prodrugtherapie (EPT). Hierbij krijgt een patiënt niet-werkzame medicijnen, de zogenoemde prodrugs<\/i>, die in het lichaam omgezet kunnen worden in actieve medicijnen. Het implantaat zelf moet daar dan de actieve enzymen voor hebben.<\/p>\r\n

Promovendus Marja Bulte-ter Meer ontdekte bij toeval dat veelgebruikte metalen implantaten van zichzelf al een enzymachtige werking blijken te hebben en in staat zijn suikerverbindingen van moleculen af te kunnen knippen. Dit mechanisme kan benut worden door medicijnen te voorzien van een suikergroep, waardoor inactieve prodrugs ontstaan. Zodra de suikergroep hier weer afgeknipt wordt, worden de medicijnen actief.<\/p>\r\n

De onderzoekers deden hun ontdekking bij implantaten van een legering van kobalt, nikkel, chroom en molybdenum. Van zichzelf deden deze implantaten niets, maar een versie met kleine groefjes in het metaal was sterk actief in het knippen van suikergroepen. Bij nadere inspectie bleek dat in deze groefjes ijzer werd afgezet. Dit ijzer bleek verantwoordelijk voor de efficiënte omzetting van de medicijnen. Wat het mechanisme hierachter is, is nog onbekend.<\/p>\r\n

Implantaten van zuiver ijzer zouden zelfs het beste werken bij een enzym-prodrugtherapie. Alleen is zuiver ijzer niet stabiel genoeg als implantaat. De onderzoekers bedachten daarom dat het beter is om bestaande implantaten te voorzien van een ijzercoating. In laboratoriumproeven bleek dat verschillende implantaatmaterialen met een ijzerlaagje in staat waren om een prodrug effectief om te zetten in antibiotica tegen veel soorten bacteriën.<\/p>\r\n

Bulte-ter Meer en Schulze Kool hebben hun ontdekking in de afgelopen 1,5 jaar uitgewerkt. Op de enzymwerking van metalen implantaten is inmiddels patent aangevraagd door de onderzoekers.<\/p>\r\n

(Bron: Radboudumc, 11 december 2018<\/a>)<\/p>","datum":"2019-01-18 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4936","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181211_medenthk_implantaat_inzetbaar_tegen_infecties_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/antibiotica-activeren-via-ijzer-uit-implantaten","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181211_medenthk_implantaat_inzetbaar_tegen_infecties_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181211_medenthk_implantaat_inzetbaar_tegen_infecties_web.jpg"},{"id":"4442","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Online tool: stoppen-met-roken","titel_key":"online_tool_stoppen_met_roken","subtitel":"","samenvatting":"Sinds 18 december 2018 staat een door de UvA ontwikkeld tool online waarmee rokers advies op maat krijgen om hun kans op een succesvolle stoppoging te vergroten. Het programma \u2018Persoonlijk Advies bij het Stoppen met roken\u2019 (PAS) is toegankelijk via https:\/\/www.persoonlijkstopadvies.nl\/. Met financi\u00eble steun van KWF kankerbestrijding en in samenwerking met Maastricht University onderzoekt communicatiewetenschapper Maria Altendorf (UvA) samen met haar onderzoeksteam de (kosten)effectiviteit van het programma. De rokers die de komende maanden gebruikmaken van het programma dragen bij aan dit onderzoek.","content":"

Sinds 18 december 2018 staat een door de UvA ontwikkeld tool online waarmee rokers advies op maat krijgen om hun kans op een succesvolle stoppoging te vergroten. Het programma ‘Persoonlijk Advies bij het Stoppen met roken’ (PAS) is toegankelijk via https:\/\/www.persoonlijkstopadvies.nl\/<\/a>. Met financiële steun van KWF kankerbestrijding en in samenwerking met Maastricht University onderzoekt communicatiewetenschapper Maria Altendorf (UvA) samen met haar onderzoeksteam de (kosten)effectiviteit van het programma. De rokers die de komende maanden gebruikmaken van het programma dragen bij aan dit onderzoek.<\/p>\r\n

Het PAS-programma bouwt voort op een eerdere versie van de online tool die aan Maastricht University is ontwikkeld. Naar deze originele versie zijn meerdere onderzoeken gedaan, waaruit is gebleken dat het programma zowel effectief is (het lukt aanzienlijk meer mensen blijvend te stoppen met roken) als kostenbesparend is (het programma is goedkoper dan de gebruikelijke zorg via de huisarts of praktijkondersteuner).   <\/p>\r\n

In de nieuwe versie wordt er niet alleen rekening gehouden met welke informatie een roker krijgt, maar ook hoe deze informatie aan de roker wordt gegeven. Door rekening te houden met de individuele voorkeuren van rokers hopen de onderzoekers de effectiviteit van het programma verder te verhogen en nóg meer rokers te helpen om te stoppen met roken.<\/p>\r\n

(Bron: UvA, 18 december 2018<\/a>)<\/p>","datum":"2019-01-17 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4939","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181218_med_tool_advies_stoppen_met_roken_online_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/online-tool-stoppen-met-roken","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181218_med_tool_advies_stoppen_met_roken_online_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181218_med_tool_advies_stoppen_met_roken_online_web.jpg"},{"id":"4440","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Start leergang buitenlandse tandartsen","titel_key":"start_leergang_buitenlandse_tandartsen","subtitel":"","samenvatting":"De KNMT start in februari 2019 de leergang ‘Thuis in de Nederlandse mondzorg’ voor buitenlandse tandartsen die vertrouwd willen worden met het werken in de Nederlandse mondzorgpraktijk.\r\n“Wat wij zien is dat in het buitenland opgeleide tandartsen over het algemeen technisch goed zi...","content":"

De KNMT start in februari 2019 de leergang ‘Thuis in de Nederlandse mondzorg’ voor buitenlandse tandartsen die vertrouwd willen worden met het werken in de Nederlandse mondzorgpraktijk.<\/p>\r\n

Wat wij zien is dat in het buitenland opgeleide tandartsen over het algemeen technisch goed zijn opgeleid. Ook moeten tandartsen vanaf het begin Nederlands spreken. Maar een taal spreken is voor goede communicatie met de patiënt niet voldoende. Het gaat ook om het kunnen lezen van non-verbale communicatie en van omgaan met cultuurverschillen. Daar speelt deze leergang op in”<\/i>, aldus KNMT-voorzitter Wolter Brands. Daarnaast stelt de KNMT dat de werkwijze in Nederland vaak anders is dan in het land van herkomst. “Hier werken we veelal preventief met patiënten die op controle komen. En doen we het werk samen, in teams. Tot slot is er nog de specifieke wet- en regelgeving om rekening mee te houden, zoals specifieke hygiëneregels of die voor het maken van röntgenfoto’s. Deze leergang moet buitenlandse tandartsen helpen sneller te laten integreren. Tegelijkertijd hopen we zo praktijkhouders te ontlasten in de begeleiding van hun nieuwe collega’s”<\/i>, aldus Brands.<\/p>\r\n

De KNMT dringt al jarenlang bij de overheid aan de opleidingscapaciteit uit te breiden, maar zolang dit niet het geval is, wil ze met deze leergang de kwaliteit van de mondzorg waarborgen.<\/p>\r\n

(Bron: KNMT, 11 december 2018<\/a>)<\/p>","datum":"2019-01-16 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4937","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181211_thk_leergang_buitenlandse_tandarts_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/start-leergang-buitenlandse-tandartsen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181211_thk_leergang_buitenlandse_tandarts_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181211_thk_leergang_buitenlandse_tandarts_web.jpg"},{"id":"4421","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Onafhankelijk. Onderzoekend. Onderscheidend.","titel_key":"onafhankelijk_onderzoekend_onderscheidend","subtitel":"","samenvatting":"Het NTVT is vernieuwd: de toekomstbestendige nieuwe huisstijl is gebaseerd op de onderscheidende kernwaarden van het tijdschrift. Het is vernieuwend door nieuwe concepten rondom het verkrijgen van wetenschappelijke kennis, verbindend door onafhankelijk te onderzoeken hoe we mensen bij elkaar kunnen brengen en de link tussen de wetenschap en de praktijk kunnen leggen en aantrekkelijk door een mooie vormgeving, goede leesbaarheid, relevantie, met als basis kwalitatief, betrouwbaar en peer-reviewed onderzoek.","content":"

Voor u ligt het vernieuwde NTVT, voorzien van een nieuwe en toekomstbestendige huisstijl, gebaseerd op de onderscheidende kernwaarden van het NTVT. Vernieuwend: door nieuwe concepten rondom het verkrijgen van wetenschappelijke kennis. Verbindend: door onafhankelijk te onderzoeken hoe we mensen bij elkaar kunnen brengen en de link tussen de wetenschap en de praktijk kunnen leggen. Aantrekkelijk: door een mooie vormgeving, goede leesbaarheid, relevantie, met als basis kwalitatief, betrouwbaar en peer-reviewed onderzoek.<\/p>\r\n

Al deze kernwaarden van het NTVT worden samengevat in het nieuwe logo, vormgegeven door middel van een zogenaamd modulair systeem. Een gestructureerd logo, dat gebaseerd is op een duidelijk en robuust lettertype, maar daarnaast vele en diverse vormen aan kan nemen. Net zoals de wetenschap, is onze enthousiaste en betrokken redactie: onderzoekend en structurerend.<\/p>\r\n

Wetenschap in de praktijk<\/h2>\r\n

Altijd al op zoek geweest naar een gefundeerd en goed onderbouwd antwoord op een klinische vraag uit de praktijk? In de nieuwe rubriek ‘Hoe zit het nu eigenlijk’ wordt wetenschappelijke onderbouwing gezocht voor klinisch relevante vragen. Op pagina 13 behandelen we deze maand de vraag: helpt chloorhexidine als preventie tegen alveolitis?<\/p>\r\n

Om de directe verbinding te leggen met de vragen die er leven in de praktijk, is daarom een grote rol weggelegd voor u en jou als lezer. Stuur daarom uw suggesties voor klinisch relevante of controversiële vragen uit de praktijk naar lezerspost@ntvt.nl.<\/p>\r\n

In deze nieuwe editie van het NTVT nemen we u in de serie over medicamenten en mondzorg mee naar interacties van medicamenten. Waarom mag je bijvoorbeeld bepaalde medicatie niet met grapefruit innemen? In de nieuwe serie ‘Communicatie in de tandartspraktijk’ gaan we verder in op de basisvoorwaarden voor het bouwen aan een goede tandarts-patiëntrelatie. Iets waar je in de praktijk direct iets mee kunt.<\/p>\r\n

NTVT, online platform<\/h2>\r\n

Daarbij is het NTVT meer dan alleen deze editie of een papieren tijdschrift. In het voorjaar van 2019 wordt ook de website van het NTVT volledig vernieuwd met daarop dossiers voorzien van relevante wetenschappelijke achtergrond én praktische informatie over specifieke tandheelkundige onderwerpen. Een ‘google’-achtige zoekfunctie op www.ntvt.nl helpt om snel relevante onderwerpen te vinden. Online zijn we zichtbaar aanwezig op sociale media zoals Facebook, Twitter en LinkedIn. Niet alleen om zichtbaar te zijn, maar juist om van meerwaarde te kunnen zijn bij de onderbouwing van de keuzes in de praktijk, de verdieping en onderbouwing van het dagelijks doen en laten. We bieden video’s, polls, e-learnings en nieuws. Met in een hand het tijdschrift en in de andere de NTVT-app is het eenvoudig om de kennistoets te maken.<\/p>\r\n

Als iemand mij zou vragen wat mijn persoonlijke hoofddoel met het tijdschrift is, dan is het dat het NTVT onmisbaar moet zijn om optimaal als tandarts te kunnen functioneren. Bij alles wat we doen vanuit het NTVT houden we dat voor ogen. Het NTVT gebruikt haar inkomsten onder andere om relevant en klinisch wetenschappelijk onderzoek te stimuleren. Zo werden tijdens de recent gehouden Nationale Tandheelkunde Quiz, via de Stichting ter Bevordering van de Tandheelkundige Kennis (SBTK), 3 onderzoekbeurzen weggeven. De komende jaren zullen artikelen over deze onderzoeken in het NTVT verschijnen.<\/p>\r\n

Ook dit jaar zien we als redactie uit naar jullie mening en naar vragen die leven in de praktijk. Met elkaar kunnen we daardoor de kwaliteit van de tandheelkunde en de mondzorg in Nederland vooruithelpen. Dat geeft verdere verdieping en inhoud en daarmee nog meer plezier in onze dagelijkse werkzaamheden.<\/p>\r\n

Ik wens u en ons allen een inhoudelijk, inspirerend, opbouwend en gezond nieuw jaar toe.<\/p>\r\n

dr. Casper P. Bots,<\/p>\r\n

hoofdredacteur<\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"11","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4918","auteurs":[{"id":"1694","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"dr. Casper P. Bots","titel_key":"dr_casper_p_bots","old_id":"0","voorvoegsel":"dr. Casper P.","achternaam":"Bots"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/3.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt238_01web_2.jpg","rubriek_titel":"Redactioneel","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/onafhankelijk-onderzoekend-onderscheidend","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt238_01web_2.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt238_01web_2.jpg"},{"id":"4422","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Onder de loep! D. Kahharova","titel_key":"onder_de_loep_d_kahharova","subtitel":"","samenvatting":"Dono Kahharova werkt als promovenda sinds januari 2018 bij de sectie Experimentele Preventieve Tandheelkunde van het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA). Promotor van haar onderzoek is prof. dr. E. Zaura. De copromotor is dr. B. Brandt. De redactie van het NTVT stelde 8 vragen over het onderzoek.","content":"

Dono Kahharova werkt als promovenda sinds januari 2018 bij de sectie Experimentele Preventieve Tandheelkunde van het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA). Promotor van haar onderzoek is prof. dr. E. Zaura. De copromotor is dr. B. Brandt. De redactie van het NTVT stelde 8 vragen over het onderzoek.<\/b><\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4919","auteurs":[{"id":"1719","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"D. Kahharova","titel_key":"d_kahharova","old_id":"0","voorvoegsel":"D.","achternaam":"Kahharova"}],"has_download":"uploads\/download_artikel\/10.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt231_01_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/onder-de-loep-d-kahharova","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt231_01_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt231_01_web.jpg"},{"id":"4423","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Werkt chloorhexidine als preventieve interventie tegen alveolitis? ","titel_key":"werkt_chloorhexidine_als_preventieve_interventie_tegen_alveolitis","subtitel":"","samenvatting":"Werkt chloorhexidine als preventieve interventie tegen alveolitis? Samenvatting. Uit de literatuur blijkt dat alveolitis na extractie van de gebitselementen 38 of 48 in ongeveer 25% van de gevallen optreedt. Het meest gebruikte preventiemiddel in zowel de literatuur als de praktijk is chloorhexidine. Dit middel wordt na de extractie in de mond gebruikt, gedurende een aantal dagen in de vorm van een spoeling of eenmalig in de vorm van een gel. Uit 2 systematische literatuuronderzoeken en de bijbehorende meta-analyses van tientallen gerandomiseerde klinische onderzoeken blijkt dat met chloorhexidine de kans op alveolitis na extractie van een mandibulaire derde molaar wordt gehalveerd.","content":"

 <\/p>\r\n

Werkt chloorhexidine als preventieve interventie tegen alveolitis? Samenvatting. Uit de literatuur blijkt dat alveolitis na extractie van de gebitselementen 38 of 48 in ongeveer 25% van de gevallen optreedt. Het meest gebruikte preventiemiddel in zowel de literatuur als de praktijk is chloorhexidine. Dit middel wordt na de extractie in de mond gebruikt, gedurende een aantal dagen in de vorm van een spoeling of eenmalig in de vorm van een gel. Uit 2 systematische literatuuronderzoeken en de bijbehorende meta-analyses van tientallen gerandomiseerde klinische onderzoeken blijkt dat met chloorhexidine de kans op alveolitis na extractie van een mandibulaire derde molaar wordt gehalveerd.<\/strong><\/p>\r\n

 <\/h2>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"19","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4920","auteurs":[{"id":"1720","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"L.M. IJzerman","titel_key":"l_m_ijzerman","old_id":"0","voorvoegsel":"L.M.","achternaam":"IJzerman"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/13_15.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt202_01_web.jpg","rubriek_titel":"Hoe zit het nu eigenlijk?!","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/werkt-chloorhexidine-als-preventieve-interventie-tegen-alveolitis","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt202_01_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt202_01_web.jpg"},{"id":"4424","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Wensgeneeskunde en wenstandheelkunde: juridische aspecten ","titel_key":"wensgeneeskunde_en_wenstandheelkunde_juridische_aspecten","subtitel":"","samenvatting":"Wensgeneeskunde\/-tandheelkunde betreft (be)handelingen zonder direct medische\/tandheelkundige noodzaak. Binnen de reguliere geneeskunde\/tandheelkunde geldt een klassieke trias: 1. symptomen van ziekte leiden na onderzoek tot 2. een diagnose, vervolgens tot 3. een voorstel voor behandeling door de zorgverlener. Bij wensgeneeskunde ligt de nadruk op wat de pati\u00ebnt wil en wenst. Wensgeneeskundige behandeling betreft medisch handelen, vaak op verzoek van de pati\u00ebnt, en moet worden onderscheiden van gezamenlijke besluitvorming, een vorm van communicatie om aansluiting te zoeken bij preferenties van de pati\u00ebnt en de pati\u00ebnt actief bij zijn behandeling te betrekken. De Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg bepaalt dat zorgverleners goede zorg moeten verlenen: van goed niveau, veilig, doeltreffend, doelmatig en cli\u00ebntgericht, tijdig verleend, en afgestemd op de re\u00eble behoefte van de cli\u00ebnt. Goede zorg wordt afgemeten aan de professionele standaard. Dit kan in juridische zin de tegemoetkoming aan een bepaalde wens tot behandeling zonder medische noodzaak beperken.","content":"

 Wensgeneeskunde\/-tandheelkunde betreft (be)handelingen zonder direct medische\/tandheelkundige noodzaak. Binnen de reguliere geneeskunde\/tandheelkunde geldt een klassieke trias: 1. symptomen van ziekte leiden na onderzoek tot 2. een diagnose, vervolgens tot 3. een voorstel voor behandeling door de zorgverlener. Bij wensgeneeskunde ligt de nadruk op wat de patiënt wil en wenst. Wensgeneeskundige behandeling betreft medisch handelen, vaak op verzoek van de patiënt, en moet worden onderscheiden van gezamenlijke besluitvorming, een vorm van communicatie om aansluiting te zoeken bij preferenties van de patiënt en de patiënt actief bij zijn behandeling te betrekken. De Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg bepaalt dat zorgverleners goede zorg moeten verlenen: van goed niveau, veilig, doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht, tijdig verleend, en afgestemd op de reële behoefte van de cliënt. Goede zorg wordt afgemeten aan de professionele standaard. Dit kan in juridische zin de tegemoetkoming aan een bepaalde wens tot behandeling zonder medische noodzaak beperken.<\/strong><\/p>\r\n

 <\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"1","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4921","auteurs":[{"id":"781","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D.J. Witter","titel_key":"d_j_witter","old_id":"781","voorvoegsel":"D.J. ","achternaam":"Witter"},{"id":"101","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"W.G. Brands","titel_key":"w_g_brands","old_id":"101","voorvoegsel":"W.G.","achternaam":"Brands"},{"id":"1696","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.J. Kole","titel_key":"j_j_kole","old_id":"0","voorvoegsel":"J.J.","achternaam":"Kole"},{"id":"144","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"N.H.J. Creugers","titel_key":"n_h_j_creugers","old_id":"144","voorvoegsel":"N.H.J.","achternaam":"Creugers"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/17_21.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/17ntvt226_01web.jpg","rubriek_titel":"Visie","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/wensgeneeskunde-en-wenstandheelkunde-juridische-aspecten","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/17ntvt226_01web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/17ntvt226_01web.jpg"},{"id":"4425","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"De MTI-scanner: een EPD-ge\u00efntegreerde kwaliteits- en veiligheidsmodule voor medisch tandheelkundige interacties","titel_key":"de_mti_scanner_een_epd_geintegreerde_kwaliteits_en_veiligheidsmodule_voor_medisch_tandheelkundige_interacties","subtitel":"","samenvatting":"Door de vergrijzing zal de mondzorgverlener steeds vaker geconfronteerd worden met medisch gecompromitteerde pati\u00ebnten. Zowel de lichamelijke aandoeningen als het medicijngebruik kunnen consequenties hebben voor de mondgezondheid of de tandheelkundige behandeling. In de praktijk is het vaak ondoenlijk om alle medisch tandheelkundige interacties paraat te hebben. Om de mondzorgverlener te ondersteunen bij het leveren van veilige zorg, is er een hulpmiddel ontwikkeld. De medisch tandheelkundige interacties-scanner ondersteunt zowel pati\u00ebnt als mondzorgverlener bij het afnemen van de medische anamnese en koppelt de daarbij verkregen informatie aan beschikbare literatuur. Hierdoor wordt het mogelijk om de zorgverlener te voorzien van pati\u00ebnt-specifieke aanbevelingen over potenti\u00eble\r\nmedicatiebijwerkingen, intraorale manifestaties van lichamelijke aandoeningen en het voorkomen van acute situaties.","content":"

Door de vergrijzing zal de mondzorgverlener steeds vaker geconfronteerd worden met medisch gecompromitteerde patiënten. Zowel de lichamelijke aandoeningen als het medicijngebruik kunnen consequenties hebben voor de mondgezondheid of de tandheelkundige behandeling. In de praktijk is het vaak ondoenlijk om alle medisch tandheelkundige interacties paraat te hebben. Om de mondzorgverlener te ondersteunen bij het leveren van veilige zorg, is er een hulpmiddel ontwikkeld. De medisch tandheelkundige interacties-scanner ondersteunt zowel patiënt als mondzorgverlener bij het afnemen van de medische anamnese en koppelt de daarbij verkregen informatie aan beschikbare literatuur. Hierdoor wordt het mogelijk om de zorgverlener te voorzien van patiënt-specifieke aanbevelingen over potentiële medicatiebijwerkingen, intraorale manifestaties van lichamelijke aandoeningen <\/strong>en het voorkomen van acute situaties.<\/strong><\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4922","auteurs":[{"id":"1100","gebruiker":"31","groep":"3","naam":"W.M.H. Rademacher","titel_key":"w_m_h_rademacher","old_id":"0","voorvoegsel":"W.M.H. ","achternaam":"Rademacher"},{"id":"1721","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"Y. Aziz","titel_key":"y_aziz","old_id":"0","voorvoegsel":"Y.","achternaam":"Aziz"},{"id":"173","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D.E. van Diermen","titel_key":"d_e_van_diermen","old_id":"173","voorvoegsel":"D.E. van","achternaam":"Diermen"},{"id":"1357","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"F.R. Rozema","titel_key":"f_r_rozema","old_id":"0","voorvoegsel":"F.R.","achternaam":"Rozema"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/23_28.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/0168_shutterstock_92945614_web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/de-mti-scanner-een-epd-geintegreerde-kwaliteits-en-veiligheidsmodule-voor-medisch-tandheelkundige-interacties","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/0168_shutterstock_92945614_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/0168_shutterstock_92945614_web.jpg"},{"id":"4426","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Serie: Medicamenten en mondzorg. Mechanismen van interacties van medicamenten","titel_key":"serie_medicamenten_en_mondzorg_mechanismen_van_interacties_van_medicamenten","subtitel":"","samenvatting":"Interacties tussen medicamenten of van een medicament met een ander product dat een pati\u00ebnt gebruikt, kunnen leiden tot het onwerkzaam worden van een medicament of tot versterking van de bijwerkingen. Door een goede anamnese weet een tandarts vaak wel welke medicamenten een pati\u00ebnt gebruikt en kan daarmee bij het voorschrijven van een medicament rekening worden gehouden. Zelfzorgmiddelen en specifieke voedingsmiddelen worden vaak niet spontaan door een pati\u00ebnt gemeld, maar kunnen wel interacties aangaan met een medicament dat wordt voorgeschreven. Een tandarts moet op de hoogte zijn van de interacties die een voorgeschreven medicament kan aangaan met de andere medicamenten en producten die een pati\u00ebnt gebruikt. Tandartsen moeten daarom actief naar deze medicamenten en producten vragen en deze gegevens vastleggen in het pati\u00ebntendossier.","content":"

Interacties tussen medicamenten of van een medicament met een ander product dat een patiënt gebruikt, kunnen leiden tot het onwerkzaam worden van een medicament of tot versterking van de bijwerkingen. Door een goede anamnese weet een tandarts vaak wel welke medicamenten een patiënt gebruikt en kan daarmee bij het voorschrijven van een medicament rekening worden gehouden. Zelfzorgmiddelen en specifieke voedingsmiddelen worden vaak niet spontaan door een patiënt gemeld, maar kunnen wel interacties aangaan met een medicament dat wordt voorgeschreven. Een tandarts moet op de hoogte zijn van de interacties die een voorgeschreven medicament kan aangaan met de andere medicamenten en producten die een patiënt gebruikt. Tandartsen moeten daarom actief naar deze medicamenten en producten vragen en deze gegevens vastleggen in het patiëntendossier.<\/strong><\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"Medicamenten en mondzorg","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4923","auteurs":[{"id":"721","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"A. Vissink","titel_key":"a_vissink","old_id":"721","voorvoegsel":"A.","achternaam":"Vissink"},{"id":"1239","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"C. de Baat","titel_key":"c_de_baat_1","old_id":"0","voorvoegsel":"C. de","achternaam":"Baat"},{"id":"1722","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"D.J. Brinkman","titel_key":"d_j_brinkman","old_id":"0","voorvoegsel":"D.J.","achternaam":"Brinkman"},{"id":"1723","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"W. Roggen","titel_key":"w_roggen","old_id":"0","voorvoegsel":"W.","achternaam":"Roggen"},{"id":"634","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"B. Stegenga","titel_key":"b_stegenga","old_id":"634","voorvoegsel":"B.","achternaam":"Stegenga"},{"id":"628","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"F.K.L. Spijkervet","titel_key":"f_k_l_spijkervet","old_id":"628","voorvoegsel":"F.K.L.","achternaam":"Spijkervet"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/31_36.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt218_03_web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/serie-medicamenten-en-mondzorg-mechanismen-van-interacties-van-medicamenten","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt218_03_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt218_03_web.jpg"},{"id":"4427","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Serie: Communicatie in de tandartspraktijk. Met communicatie bouwen aan een goede tandarts-pati\u00ebntrelatie","titel_key":"serie_communicatie_in_de_tandartspraktijk_met_communicatie_bouwen_aan_een_goede_tandarts_patientrelatie","subtitel":"","samenvatting":"Een goede tandarts-pati\u00ebntrelatie bevordert de mondgezondheid van de pati\u00ebnt. Voor het opbouwen en onderhouden van zo\u2019n relatie zijn goede communicatieve vaardigheden essentieel. Allereerst is een open, empathische houding belangrijk, waarbij tandartsen zich ervan bewust zijn dat fouten gemaakt kunnen worden in de interpretatie van gedrag. Goede observatievaardigheden zijn nodig om (non-)verbale signalen op te merken die aanwijzingen geven over hoe het verhaal van de pati\u00ebnt ge\u00efnterpreteerd moet worden. Door non-verbaal, paralinguaal en verbaal luistergedrag te vertonen, kan een tandarts laten zien dat hij aandacht voor de pati\u00ebnt heeft. Bij het bespreken van bevindingen is het verder voor pati\u00ebnten belangrijk dat zij een duidelijke uitleg krijgen en gelegenheid hebben om vragen te stellen. Het is dan verstandig om aandacht te besteden aan verwachtingen die de pati\u00ebnt van de behandeling heeft, de voor- en nadelen van behandelopties te benoemen en transparant te zijn bij het optreden van complicaties.","content":"

Een goede tandarts-patiëntrelatie bevordert de mondgezondheid van de patiënt. Voor het opbouwen en onderhouden van zo’n relatie zijn goede communicatieve vaardigheden essentieel. Allereerst is een open, empathische houding belangrijk, waarbij tandartsen zich ervan bewust <\/strong>zijn dat fouten gemaakt kunnen worden in de interpretatie van gedrag. Goede observatievaardigheden zijn nodig om (non-)verbale signalen op te merken die aanwijzingen geven over hoe het verhaal van de patiënt geïnterpreteerd moet worden. Door non-verbaal, paralinguaal en verbaal luistergedrag te vertonen, kan een tandarts laten zien dat hij aandacht voor de patiënt heeft. Bij het bespreken van bevindingen is het verder voor patiënten belangrijk dat zij een duidelijke uitleg krijgen en gelegenheid hebben om vragen te stellen. Het is dan verstandig om aandacht te besteden aan verwachtingen die de patiënt van de behandeling heeft, de voor- en nadelen van behandelopties te benoemen en transparant te zijn bij het optreden van complicaties.<\/strong><\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"Communicatie in de tandartspraktijk","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4924","auteurs":[{"id":"1724","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"A.J.E. Smith","titel_key":"a_j_e_smith","old_id":"0","voorvoegsel":"A.J.E.","achternaam":"Smith"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/37_44.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt212_01web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/serie-communicatie-in-de-tandartspraktijk-met-communicatie-bouwen-aan-een-goede-tandarts-patientrelatie","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt212_01web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt212_01web.jpg"},{"id":"4428","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Kindertandheelkundige zorg in Scandinavi\u00eb tussen 1996 en 2014","titel_key":"kindertandheelkundige_zorg_in_scandinavie_tussen_1996_en_2014","subtitel":"Sociale tandheelkunde","samenvatting":"Denemarken, IJsland, Noorwegen en Zweden hebben in de loop der jaren een vergelijkbaar systeem opgetuigd voor de kindertandheelkundige zorg, met als belangrijkste doel hoogwaardige kosteneffectieve zorg te kunnen bieden voor alle kinderen. Behalve in IJsland werd uitgebreide tandheelkundige zorg inc...","content":"

Denemarken, IJsland, Noorwegen en Zweden hebben in de loop der jaren een vergelijkbaar systeem opgetuigd voor de kindertandheelkundige zorg, met als belangrijkste doel hoogwaardige kosteneffectieve zorg te kunnen bieden voor alle kinderen. Behalve in IJsland werd uitgebreide tandheelkundige zorg inclusief preventie gratis aangeboden aan kinderen en adolescenten. Het belangrijkste doel van dit onderzoek was te bepalen wat het tijdsinterval tussen opeenvolgende mondonderzoeken was en de hoeveelheid tijd die een tandarts besteedde aan onderzoek en preventieve zorg in 1996 en 2014.<\/p>\r\n

In Denemarken, Noorwegen en Zweden werd een random steekproef getrokken van tandartsen die kindertandheelkundige zorg verrichtten en hen werd een vragenlijst toegestuurd. In IJsland werden alle tandartsen aangeschreven. De respons was 64% in 1996 en 59% in 2014.<\/p>\r\n

Het meest voorkomende tijdsinterval tussen 2 periodieke mondonderzoeken in 2014 was 14,8 maanden en het langste was 18,5 maanden. Dit was significant langer dan in 1996, waar het aantal maanden lag op 11,7 respectievelijk 15,0. Er werd wel meer tijd uitgetrokken voor het onderzoek, behalve in Noorwegen. Ook werd in 2014 significant meer tijd besteed aan preventieve zorg. Deze resultaten kunnen worden verklaard door de afnemende cariësprevalentie waardoor op individueel niveau een controletermijn wordt verlengd maar meer tijd wordt besteed aan de uitvoering ervan.<\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>Tussen 2014 en 1996 is het tijdsinterval tussen opvolgende mondonderzoeken bij de jeugd toegenomen, de daarvoor uitgetrokken tijdsduur ook toegenomen en de preventieve zorg geïntensiveerd.<\/p>\r\n

Bron<\/h3>\r\n

Wang NJ, Petersen PE, Sveinsdóttir EG, Armadóttir IB, Kallestål C<\/em>. Recall intervals and time used for examination and prevention in child dental care in Denmark, Iceland, Norway and Sweden in 1996 and 2014. Community Dental Health 2018; 35: 52-57.<\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4925","auteurs":[{"id":"528","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.H.G. Poorterman","titel_key":"j_h_g_poorterman","old_id":"528","voorvoegsel":"J.H.G.","achternaam":"Poorterman"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/45_49.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/sociale_tandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/kindertandheelkundige-zorg-in-scandinavie-tussen-1996-en-2014","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/sociale_tandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/sociale_tandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4429","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Identificatie cari\u00ebsrisico op 2-jarige leeftijd","titel_key":"identificatie_cariesrisico_op_2_jarige_leeftijd","subtitel":"Sociale tandheelkunde","samenvatting":"De meeste kinderen in Noorwegen en veel andere landen worden niet voor hun derde jaar tandheelkundig onderzocht. Klinische data zijn dan ook nauwelijks voorhanden. In de weinige onderzoeken die er zijn, wordt een cariësprevalentie van rond de 10% gerapporteerd. Vroegtijdige identificatie van he...","content":"

De meeste kinderen in Noorwegen en veel andere landen worden niet voor hun derde jaar tandheelkundig onderzocht. Klinische data zijn dan ook nauwelijks voorhanden. In de weinige onderzoeken die er zijn, wordt een cariësprevalentie van rond de 10% gerapporteerd. Vroegtijdige identificatie van het cariësrisico is echter essentieel en klinische data dienen dan ook eerder te worden verzameld. De belangrijkste doelstelling van dit onderzoek was het beschrijven van de aanwezigheid van plaque, cariës en mondgezondheidsgedrag bij 2-jarigen en het volgen van deze kinderen gedurende 3 jaar.<\/p>\r\n

De onderzoekspopulatie bestond uit 392 kinderen, van wie er 211 3 jaar lang konden worden gevolgd. Op 2-jarige leeftijd werd door de ouders een vragenlijst ingevuld. Data over plaquescore en aanwezigheid van cariës werd uit het patiëntendossier overgenomen. Regressieanalyse werd toegepast om de associatie tussen cariëstoename en achtergrond, plaquescore, cariës en gedragscores op 2-jarige leeftijd te bepalen.<\/p>\r\n

De resultaten lieten zien dat bijna 5% van de 2-jarigen cariës had en ook bijna 5% zichtbare plaque. Meer dan de helft van de kinderen poetste 2 maal per dag. Bij 61% van de kinderen was hiermee begonnen op de leeftijd van 7 maanden of ouder. Van hen consumeerde 16% dagelijks suikerhoudende producten. Niet-westerse kinderen hadden meer cariës, meer plaque en minder gunstig gedrag dan westerse kinderen. Op 5-jarige leeftijd was bij bijna 30% van de kinderen cariës gevonden. Bij deze cariëstoename werd een relatie gevonden met achtergrond, minder dan 2 maal poetsen per dag, gebruik van fluoridehoudende producten, consumptie van suikerhoudende producten en de aanwezigheid van cariës en plaque op 2-jarige leeftijd.<\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>Een klein deel van de onderzochte 2-jarigen had cariës, maar wel in meerdere gebitselementen. Een duidelijk verschil werd gevonden tussen westerse en niet-westerse kinderen. De preventieve zorg gegeven op 2-jarige leeftijd heeft de cariëstoename tussen het tweede en vijfde levensjaar niet kunnen voorkomen.<\/p>\r\n

Bron<\/h3>\r\n

Wigen TI, Baumgartner CS, Wang NJ.<\/em> Identification of caries risk in 2-yearolds. Community Dent Oral Epidemiol 2018; 46: 297-302.<\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4926","auteurs":[{"id":"528","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.H.G. Poorterman","titel_key":"j_h_g_poorterman","old_id":"528","voorvoegsel":"J.H.G.","achternaam":"Poorterman"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/45_49.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/sociale_tandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/identificatie-cariesrisico-op-2-jarige-leeftijd","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/sociale_tandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/sociale_tandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4430","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Beschermt waterfluoridering nog tegen cari\u00ebs?","titel_key":"beschermt_waterfluoridering_nog_tegen_caries","subtitel":"Preventieve tandheelkunde","samenvatting":"Het bewijs voor de effectiviteit van waterfluoridering is geleverd door onderzoeken van voor 1975. Daarna is een veelvoud aan fluoridepreparaten op de markt verschenen waaronder fluoridetandpasta dat wijdverbreid is. De vraag die de onderzoekers zich stelden was: is waterfluoridering tegenwoordig no...","content":"

Het bewijs voor de effectiviteit van waterfluoridering is geleverd door onderzoeken van voor 1975. Daarna is een veelvoud aan fluoridepreparaten op de markt verschenen waaronder fluoridetandpasta dat wijdverbreid is. De vraag die de onderzoekers zich stelden was: is waterfluoridering tegenwoordig nog wel effectief in het reduceren van de prevalentie en ernst van cariës?<\/p>\r\n

Ze beantwoordden deze vraag aan de hand van gegevens uit een landelijk mondonderzoek (2012-2014) onder 10.599 5- tot 8-jarige en 14.095 9- tot 14-jarige Australiërs. De kinderen werden door 66 gekalibreerde tandheelkundigen klinisch onderzocht. Cariës werd gedefinieerd door het aanwezig zijn van een gecaviteerde dentinelaesie, een restauratie of een geëxtraheerd gebitselement in het tijdelijke (dmfs) of blijvende (DMFS) gebit. Door middel van een vragenlijst werd het percentage van levenslang blootgesteld zijn aan waterfluoridering berekend en ingedeeld in een categorie. Leeftijd, geslacht, huishoudinkomen, genoten onderwijs van de ouders en sociaaleconomische status waren de andere variabelen die in de multivariaat regressiemodellen werden opgenomen. De resultaten staan in tabel 1.<\/p>\r\n

\"\"<\/p>\r\n

Tabel 1.<\/strong> Prevalentie en ernst van cariës van jeugdigen per percentage levenslang blootgesteld zijn aan gefluorideerd drinkwater na correctie voor invloed van andere variabelen.<\/em><\/p>\r\n

Conclusie.<\/b> Het onderzoek toonde aan dat kinderen van beide leeftijdsgroepen die hun leven lang water dronken dat gefluorideerd was, een significant lagere prevalentie en ernst van cariës hadden dan kinderen die geen gefluorideerd water hadden gedronken. Waterfluoridering blijkt onder omstandigheden nog steeds effectief te zijn.<\/p>\r\n

Bron<\/h3>\r\n

Spencer AJ, Do LG, Ha DH.<\/em> Contemporary evidence on the effectiveness of water fluoridation in the prevention of childhood caries. Community Dent Oral Epidemiol 2018; 46: 407-415.<\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4927","auteurs":[{"id":"222","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.E. Frencken","titel_key":"j_e_frencken","old_id":"222","voorvoegsel":"J.E.","achternaam":"Frencken"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/45_49.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/preventieve_tandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/beschermt-waterfluoridering-nog-tegen-caries","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/preventieve_tandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/preventieve_tandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4431","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Effecten van unilaterale premolaarextractie","titel_key":"effecten_van_unilaterale_premolaarextractie","subtitel":"Orthodontie","samenvatting":"Kleine asymmetrische afwijkingen in het gebit zijn orthodontisch goed op te lossen. Voor ernstiger asymmetrieën kan uni- of bilaterale premolaarextractie uitkomst bieden. In dit artikel wordt een retrospectief onderzoek besproken waarbij de behandelresultaten en effecten op de maxillaire boogvo...","content":"

Kleine asymmetrische afwijkingen in het gebit zijn orthodontisch goed op te lossen. Voor ernstiger asymmetrieën kan uni- of bilaterale premolaarextractie uitkomst bieden. In dit artikel wordt een retrospectief onderzoek besproken waarbij de behandelresultaten en effecten op de maxillaire boogvorm, symmetrie en midlijnverschuiving bij patiënten met een enkelzijdige Klasse II-malocclusie na uni- of bilaterale premolaarextractie in de bovenkaak worden belicht.<\/p>\r\n

Bij 13 patiënten met unilaterale premolaarextractie en 20 patiënten met bilaterale premolaarextractie werd in de bovenkaak de boogvorm, boogbreedte van extractie en non-extractiezijde en midlijnverschuiving geëvalueerd na behandeling ten opzichte van de rugae. Digitaal gescande modellen werden met behulp van de programma’s Geomagic en MATLAB onderzocht. De bovenkaak werd transversaal in 5 segmenten en sagittaal in 10 segmenten verdeeld: anterieur, anterieur-midden, midden, midden-posterieur en posterieur.<\/p>\r\n

In de unilaterale extractiegroep was transversaal een significant verschil tussen de linker- en rechterzijde in het anterieure, anterieur-midden en middensegment en sagittaal in alle segmenten behalve het posterieure. Tussen de 2 onderzoekgroepen was een significant verschil gevonden in de midlijnverschuiving en in het anterieure en anterieur-middensegment in transversale richting en in het midden- en midden-posterieure segment in sagittale richting (afb. 1 en 2).<\/p>\r\n

\"\"<\/p>\r\n

Afb. 1. <\/b>Tandbogen met unilaterale extracties: tandbogen van 13 patiënten over elkaar heen gesuperponeerd op de referentie lijnen (a). Gereconstrueerde gemiddelde tandboog (b).<\/em><\/p>\r\n

\"\"<\/em><\/p>\r\n

Afb. 2. <\/b>Tandbogen met bilaterale extracties: Tandbogen van 13 patiënten over elkaar heen gesuperponeerd op de referentie lijnen (a). Gereconstrueerde gemiddelde tandboog (b).<\/em><\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>Unilaterale premolaarextractie bij behandeling van asymmetrische (Klasse II-)malocclusies resulteren over het algemeen tot een smallere boogvorm en meer posterieure verplaatsing van de gebits­- elementen aan de extractiezijde met een midlijnverschuiving richting de extractiezijde. Eenzijdige ineenzakken van de tandboog kan resulteren in een matige interdigitatie, premature contacten, afwezigheid contact met antagonist en een asymmetrische overjet.<\/p>\r\n

Bron<\/h3>\r\n

Dahiya G, Masoud AI, Viana G, Obrez A, Kusnoto B, Evans CA<\/em>. Effects of unilateral premolar extraction treatment on the dental arch forms of Class II subdivision malocclusions. Am J Orthod Dentofacial Orthop. 2017; 152: 232-241.<\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4928","auteurs":[{"id":"1725","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"R. Farhanghi","titel_key":"r_farhanghi","old_id":"0","voorvoegsel":"R.","achternaam":"Farhanghi"},{"id":"1555","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"G.J.C. Kramer","titel_key":"g_j_c_kramer","old_id":"0","voorvoegsel":"G.J.C.","achternaam":"Kramer"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/45_49.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/orthodontie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/effecten-van-unilaterale-premolaarextractie","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/orthodontie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/orthodontie_logo.jpg"},{"id":"4432","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Psychische problematiek bij ouders en cari\u00ebsontwikkeling bij jonge kinderen","titel_key":"psychische_problematiek_bij_ouders_en_cariesontwikkeling_bij_jonge_kinderen","subtitel":"Kindertandheelkunde","samenvatting":"De invloed van ouders is bepalend voor de ontwikkeling van cariës bij jonge kinderen. Het blijkt dat ook psychische problematiek een rol speelt. De vraag is welke psychische problematiek een negatief effect heeft op de mondgezondheid bij jonge kinderen. Het doel van dit onderzoek was inzicht te...","content":"

De invloed van ouders is bepalend voor de ontwikkeling van cariës bij jonge kinderen. Het blijkt dat ook psychische problematiek een rol speelt. De vraag is welke psychische problematiek een negatief effect heeft op de mondgezondheid bij jonge kinderen. Het doel van dit onderzoek was inzicht te verkrijgen in welke mate depressie, angst en stress bij ouders bijdraagt aan de ontwikkeling van cariës op jonge leeftijd.<\/p>\r\n

Op een tandheelkundige universiteit werd bij 235 kinderen in de leeftijd van 1 tot 6 jaar de gebitsstatus vastgelegd. Ouders vulden een vragenlijst in met betrekking tot psychische problematiek (Depression Anxiety Stress Scale = DASS-vragenlijst), hun demografische kenmerken en de reden voor hun eerste tandartsbezoek. Daarnaast waren er vragen op het gebied van de mondhygiënegewoonten met betrekking tot het kind en de consumptie van snoep.<\/p>\r\n

Van de ondervraagde ouders was 80% van het vrouwelijk geslacht (23-49 jaar). De multipele regressie-analyse toonde dat de incidentie van actieve cariës bij kinderen niet alleen significant was in relatie met een ouder met een depressie (β = -0,289; p = 0,040), maar ook met de mate van angst (β = 0,186; P = 0,038) en stress (β = -0,120; p = 0,036). De dmft-index was negatief gecorreleerd met de ernst van de depressie (β = −0,305; p = 0,032). Daarnaast was de dmft-index ook significant gecorreleerd met de leeftijd van de kinderen (β = 0,624; p = 0,034), de snoepconsumptie en het aantal kinderen in een familie (β = 0,665; p = 0,019).<\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>Wanneer ouders te maken hebben met psychische problemen komt de zorg voor het gebit van hun kinderen onder druk te staan en is het belangrijk extra aandacht te schenken aan voorlichting aan ouders en begeleiding van de kinderen.<\/p>\r\n

Bron<\/h3>\r\n

Gavic L, Tadin A, Mihanovic I, Gorseta K, Cigic L.<\/em> The role of parental anxiety, depression, and psychological stress level on the development of early-childhood caries in children. Int J Paediatr Dent 2018; 28: 616-623.<\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4929","auteurs":[{"id":"224","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D.L. Gambon","titel_key":"d_l_gambon","old_id":"224","voorvoegsel":"D.L.","achternaam":"Gambon"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/45_49.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/psychische-problematiek-bij-ouders-en-cariesontwikkeling-bij-jonge-kinderen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4433","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Pijnbeleving door kinderen bij tandheelkundige behandeling","titel_key":"pijnbeleving_door_kinderen_bij_tandheelkundige_behandeling","subtitel":"Kindertandheelkunde","samenvatting":"Veel kinderen vinden een tandheelkundige behandeling pijnlijk en onplezierig. Daarom is bij hen pijnbeheersing belangrijk en noodzakelijk voor een succesvolle behandeling. Het doel van het onderhavige onderzoek was inzicht te krijgen in de frequentie en de niveaus in de beleving van pijn en ongemak...","content":"

Veel kinderen vinden een tandheelkundige behandeling pijnlijk en onplezierig. Daarom is bij hen pijnbeheersing belangrijk en noodzakelijk voor een succesvolle behandeling. Het doel van het onderhavige onderzoek was inzicht te krijgen in de frequentie en de niveaus in de beleving van pijn en ongemak door kinderen van 3 tot 19 jaar tijdens de tandheelkundige behandeling.<\/p>\r\n

De onderzoekspopulatie bestond uit 2.363 kinderen (meisjes 51%, jongens 49%), onderverdeeld in 4 leeftijdscohorten. Na de behandelingen nam het tandheelkundig personeel interviews af. Gevraagd werd naar de ervaring van pijn of ongemak, met inbegrip van röntgenonderzoek, anesthesie, extracties en restauratieve behandelingen.<\/p>\r\n

Van alle behandelingen veroorzaakte 30% ongemak of werd als pijnlijk ervaren. Behandeling met anesthesie werd in 49,7% van de gevallen als pijnlijk beoordeeld, waarbij het geven van anesthesie met een injectie de meest genoemde reden voor pijn was. Extracties werden als pijnlijk beoordeeld in 62,4% van de gevallen, waarbij het geven van de injectie ook als de belangrijkste reden voor pijn werd gegeven. Restauratieve behandelingen werden in 38,8% van de gevallen beoordeeld als pijnlijk met boren als de meest voorkomende reden voor pijn en ongemak. Pijn werd gemeld in ongeveer 19% van alle radiografische onderzoeken. Er was geen verschil in pijnbeleving door jongens en meisjes bij de anesthesie, wel gaven meisjes aan meer ongemak te ervaren dan jongens.<\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>De injectie was de belangrijkste reden voor pijn tijdens de behandeling, met inbegrip van de injectie bij de extractie, terwijl boren de meest voorkomende oorzaak van pijn was tijdens restauratieve zorg.<\/p>\r\n

Tandartsen zouden meer aandacht moeten besteden aan het pijnvrij behandelen van kinderen, waarbij ongemak geminimaliseerd moet worden door gebruik te maken van alle beschikbare maatregelen om pijnvrij en effectief te injecteren.<\/p>\r\n

Bron<\/h3>\r\n

Ghanei M , Arnrup K, Robertson A.<\/em> Procedural pain in routine dental care for children: a part of the Swedish BITA study. Eur Arch Paediatr Dent 2018; 19: 365-372.<\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4930","auteurs":[{"id":"224","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D.L. Gambon","titel_key":"d_l_gambon","old_id":"224","voorvoegsel":"D.L.","achternaam":"Gambon"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/45_49.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/pijnbeleving-door-kinderen-bij-tandheelkundige-behandeling","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4434","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"De wedergeboorte van zilver in de tandheelkunde","titel_key":"de_wedergeboorte_van_zilver_in_de_tandheelkunde","subtitel":"Kindertandheelkunde","samenvatting":"De afgelopen jaren is er steeds meer belangstelling voor een biologische, niet-restauratieve benadering van een actief cariësproces waar voorheen conventionele restauratieve zorg de standaard was. Zoals bekend heeft zilverdiaminefluoride een remmende werking op het cariësproces in het dent...","content":"

De afgelopen jaren is er steeds meer belangstelling voor een biologische, niet-restauratieve benadering van een actief cariësproces waar voorheen conventionele restauratieve zorg de standaard was. Zoals bekend heeft zilverdiaminefluoride een remmende werking op het cariësproces in het dentine. Doel van dit onderzoek was de huidige beschikbare literatuur te beoordelen op de indicatiestelling, de techniek en effectiviteit van het gebruik van zilverdiaminefluoride.<\/p>\r\n

Een literatuuronderzoek naar de werking, de effectiviteit, de acceptatie van ouders en de veiligheid van zilverdiaminefluoride in het melkgebit vond plaats, waarbij indicaties en contra-indicaties werden meegenomen.<\/p>\r\n

Momenteel is er veel literatuur betreffende het gebruik van zilverdiaminefluoride beschikbaar, van in-vitro-<\/i>onderzoek met betrekking tot de werking tot klinisch onderzoek naar de effectiviteit en de acceptatie door de patiënt. Een systematisch literatuuronderzoek uit 2016 toonde aan dat het gebruik van zilverdiaminefluoride in 80% van de gevallen in 30 maanden leidde tot inactieve cariës in het melkgebit. Daarbij was 60% van de ouders niet ontevreden over de verkleuring die in de loop van de tijd optrad. Kinderen ervaarden de behandeling als acceptabel, comfortabel en pijnvrij. Voordelen van het gebruik van zilverdiaminefluoride is dat er geen noodzaak is tot het geven van anesthesie en dat minder coöperatieve kinderen hiermee goed te behandelen zijn. Daarnaast is er reductie in de kosten ten opzichte van conventionele tandheelkundige behandeling.<\/p>\r\n

Conclusie. <\/b>Ziverdiaminefluoride is een veilig en effectief alternatief voor de niet-invasieve behandeling bij kinderen. Gezien de voortdurende wereldwijde discussie over de kosteneffectiviteit van een biologische benadering (‘non restorative care’) in combinatie met de zorg over het toenemend aantal behandelingen, en de beperkte toegankelijkheid van tandheelkundige behandelingen onder narcose, zou zilverdiaminefluoride in iedere praktijk aanwezig moeten zijn.<\/p>\r\n

Bron<\/h3>\r\n

Hu S, Meyer B, Duggal M.<\/em> A silver renaissance in dentistry. Eur Arch Paediatr Dent. 2018; 19: 221-227.<\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4931","auteurs":[{"id":"224","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D.L. Gambon","titel_key":"d_l_gambon","old_id":"224","voorvoegsel":"D.L.","achternaam":"Gambon"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/45_49.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/de-wedergeboorte-van-zilver-in-de-tandheelkunde","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4435","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Ge\u00efmpacteerde cuspidaten: CBCT versus 2D","titel_key":"geimpacteerde_cuspidaten_cbct_versus_2d","subtitel":"Radiologie","samenvatting":"Een geïmpacteerde bovencuspidaat is een redelijk veel voorkomend tandheelkundig probleem met een prevalentie van 1-5%. Als deze cuspidaat op een leeftijd van 10 tot 11 jaar tijdens klinisch onderzoek niet buccaal palpabel is, is aanvullende röntgendiagnostiek nodig. Het meest gebruikt is d...","content":"

Een geïmpacteerde bovencuspidaat is een redelijk veel voorkomend tandheelkundig probleem met een prevalentie van 1-5%. Als deze cuspidaat op een leeftijd van 10 tot 11 jaar tijdens klinisch onderzoek niet buccaal palpabel is, is aanvullende röntgendiagnostiek nodig. Het meest gebruikt is dan de periapicale röntgenopname, vaak in combinatie met een panoramische röntgenopname. Een nadeel hiervan is dat vaak overlap op de afbeelding ontstaat waardoor de ligging van de cuspidaat en mogelijke wortelresorptie van een buurelement moeilijk in beeld zijn te brengen. Een alternatief is dan om met behulp van conebeamcomputertomografie de cuspidaat driedimensionaal in beeld te brengen met als nadeel dat hiervoor een hogere röntgendosis nodig is. In dit onderzoek werd de benodigde dosis voor het in beeld brengen van een geÏmpacteerde cuspidaat bij kinderen met behulp van tweedimensionale opnames vergeleken met de dosis nodig voor een CBCT-opname.<\/p>\r\n

Twee CBCT-toestellen (ProMax3D en NewTom5G) werden vergeleken met een panoramatoestel (Promax) en een digitale sensor (ProSensor) voor de periapicale röntgenopnamen. Er werd een fantoomhoofd gebruikt dat een 10-jarig kind nabootste. Metingen werden verricht om de orgaandoses vast te stellen.<\/p>\r\n

Het gebruik van de Promax3D CBCT en de NewTom5G resulteerde in een effectieve dosis van 88 µsV respectievelijk 170 µsV. Bij het maken van de panoramische röntgenopname werd een effectieve dosis gemeten van 4,1 µsV. Het maken van de periapicale röntgenopname resulteerde in een dosis van 0,6 µsV dan wel 0,7 µsV, afhankelijk van de inschietrichting op de laterale of de centrale incisief. Bij een unilaterale geïmpacteerde cuspidaat was de dosis, afhankelijk van het gebruikte CBCT-toestel, 70 tot 140 maal zo hoog als het gebruik van periapicale röntgenopnames. Bij een tweezijdig geïmpacteerde cuspidaat was dit 45 tot 90 keer zonder panoramische röntgenopname, dan wel 15 tot 30 maal zo hoog als de periapicale röntgenopnames gecombineerd worden met een panoramische röntgenopname.<\/p>\r\n

Conclusie.<\/b> De effectieve dosis bij het gebruik van CBCT voor de diagnostiek van een geïmpacteeerde cuspidaat is aanmerkelijk hoger dan bij het gebruik van periapicale röntgenopnames, eventueel gecombineerd met een panoramische röntgenopname.<\/p>\r\n

Bron<\/h3>\r\n

Kadesjo N, Lynds R, Nilsson M, Shi X-Q<\/em>. Radiation dose from X-ray examinationsof impacted canines: cone beam CT vs two-dimensional imaging. Dentomaxillofac Radiol 2018; 47: 20170305.<\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4932","auteurs":[{"id":"528","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.H.G. Poorterman","titel_key":"j_h_g_poorterman","old_id":"528","voorvoegsel":"J.H.G.","achternaam":"Poorterman"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/45_49.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/geimpacteerde-cuspidaten-cbct-versus-2d","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg"},{"id":"4436","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Perceptie stralingsrisico door Koreaanse tandartsen","titel_key":"perceptie_stralingsrisico_door_koreaanse_tandartsen","subtitel":"Radiologie","samenvatting":"De laatste jaren is er een groeiende bezorgdheid over het gebruik en de stochastische effecten van ioniserende straling in de tandheelkundige radiologie. Hoewel het risico van primaire tumoren door blootstelling tijdens het maken van tandheelkundige röntgenopnamen verwaarloosbaar klein is, moet...","content":"

De laatste jaren is er een groeiende bezorgdheid over het gebruik en de stochastische effecten van ioniserende straling in de tandheelkundige radiologie. Hoewel het risico van primaire tumoren door blootstelling tijdens het maken van tandheelkundige röntgenopnamen verwaarloosbaar klein is, moeten de risico’s ten gevolge van cumulatieve doses niet worden onderschat. Daar bovenop blijkt met het toenemend gebruik van CBCT significant hogere doses te worden gebruikt dan met conventionele röntgenfotografie. Het doel van dit onderzoek was te inventariseren wat de perceptie en attitude van Koreaanse tandartsen was met betrekking tot stralingsbescherming in de tandheelkundige praktijk.<\/p>\r\n

In totaal participeerden 207 tandartsen in dit onderzoek. Een anonieme vragenlijst werd afgenomen waarin de volgende aspecten aan de orde kwamen: jaren praktijkervaring, apparatuur karakteristieken, indiceren van röntgenopnamen, veiligheidsmaatregelen en deelname aan een veiligheidsprogramma op het gebied van het gebruik van straling.<\/p>\r\n

Ruim 80% van de deelnemers participeerde in het veiligheidsprogramma, hoewel maar 58% hier tevreden over was. Tussen tandartsen met meer of minder dan 10 jaar praktijkervaring werd een significant verschil gevonden in gebruikte apparatuur voor het maken van röntgenopnamen, kennis van diagnostische referentieniveaus, indiceren van röntgenopnamen bij nieuwe patiënten, gebruik van persoonlijke monitoring van stralingsbelasting en deelname aan het veiligheidsprogramma.<\/p>\r\n

Conclusie.<\/b> Tandartsen met minder dan 10 jaar praktijkervaring hadden minder aandacht voor maatregelen op het gebied van stralingsbescherming. Hierbij genomen dat zij vaker de beschikking hadden over een röntgentoestellen, wordt regelmatig en efficiënt onderwijs op dit gebied aanbevolen.<\/p>\r\n

Bron<\/h3>\r\n

An SY, Lee KM, Lee JS<\/em>. Korean dentists’ perceptions and attitudes regarding radiation safety and protection. Dentomaxillofac Radiol 2018; 47: 20170228.<\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4933","auteurs":[{"id":"528","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.H.G. Poorterman","titel_key":"j_h_g_poorterman","old_id":"528","voorvoegsel":"J.H.G.","achternaam":"Poorterman"}],"has_download":"uploads\/download_artikel\/45_49.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/perceptie-stralingsrisico-door-koreaanse-tandartsen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg"},{"id":"4437","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"De implantaatgedragen mandibulaire gebitsprothese","titel_key":"de_implantaatgedragen_mandibulaire_gebitsprothese","subtitel":"Boek","samenvatting":"E. Emani, J. Feine (eds.) Mandibular implant protheses. Guidelines for edentulous geriatric populations Heidelberg: Springer, 2018 281 bl., geïll. Hardcover € 166,41 e-book € 130,89 ISBN 978 3 319 71179 9\r\nIn dit boek wordt de behandeling van oudere patiënten met implantat...","content":"

\"\"\r\n

E. Emani, J. Feine (eds.)
Mandibular implant protheses. Guidelines for edentulous geriatric populations
Heidelberg: Springer, 2018
281 bl., geïll.
Hardcover € 166,41 
e-book € 130,89
ISBN 978 3 319 71179 9<\/strong><\/p>\r\n

In dit boek wordt de behandeling van oudere patiënten met implantaten in de edentate onderkaak besproken. In de eerste hoofdstukken wordt ingegaan op de specifieke aspecten van veroudering van het lichaam in het algemeen, van de orale weefsels, het kaakbot, de mondspieren, de smaak, de speekselklieren enzovoort. Vervolgens wordt de invloed van veroudering van de cognitieve functies besproken en wordt stilgestaan bij de consequenties daarvan op de tandheelkundige behandeling van edentate patiënten bij wie implantaten worden overwogen. Ook de invloed van medicijnen op de behandeling wordt uitgebreid doorgenomen.<\/p>\r\n<\/figure>\r\n

Vanaf hoofdstuk 4 wordt concreet ingegaan op de implantologische onderwerpen. Bij de bespreking daarvan wordt steeds teruggegrepen op de onderwerpen die zijn besproken in de eerste 4 hoofdstukken, maar nu specifiek gericht op de indicatie en behandeling met implantaten. Uitgebreid wordt stilgestaan bij de verschillen in de indicatie en de behandeling met vaste en uitneembare voorzieningen, de chirurgische en prothetische aspecten, de keuze van de mesostructuur, de keuze van het occlusieconcept en de nazorg. Het boek eindigt met enkele mooie casusbeschrijvingen waarbij ook de digitaal vervaardigde gebitsprothese aan de orde komt.<\/p>\r\n

De onderwerpen worden overzichtelijk behandeld met veel verhelderende illustraties. Ook al hebben verschillende auteurs een bijdrage geleverd, toch is het boek goed leesbaar én is het up-to-date. Aangezien in de Nederlandse literatuur op dit moment geen recent boek over dit onderwerp beschikbaar is, kan het boek ten zeerste worden aanbevolen aan studenten en iedere behandelaar die zich met de implantologische en prothetische behandeling van edentate patiënten bezighoudt.<\/p>\r\n

 <\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"12","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4934","auteurs":[{"id":"741","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"M.A.J. van Waas","titel_key":"m_a_j_van_waas","old_id":"741","voorvoegsel":"M.A.J. van","achternaam":"Waas"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/53.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt208_01_web.jpg","rubriek_titel":"Media","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/de-implantaatgedragen-mandibulaire-gebitsprothese","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt208_01_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt208_01_web.jpg"},{"id":"4438","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Wortelcari\u00ebs van prevalentie tot therapie","titel_key":"wortelcaries_van_prevalentie_tot_therapie","subtitel":"","samenvatting":"M.R.O. Carrilho. Root caries: from prevalence to therapy Series Monographs in oral science (eds.:A. Lussie, M.A.R. Buzalaf) Basel: Karger, 2017 136 bl., geïll. Prijs € 130,00 ISBN 978 3 318 06112 3\r\nDe eerste hoofdstukken van dit boek laten zien dat weinig betrouwbare prevalentie- en inc...","content":"

\"\"\r\n

M.R.O. Carrilho.
Root caries: from prevalence to therapy Series Monographs in oral science (eds.:A. Lussie, M.A.R. Buzalaf)
Basel: Karger, 2017
136 bl., geïll.
Prijs € 130,00
ISBN 978 3 318 06112 3<\/strong><\/p>\r\n

De eerste hoofdstukken van dit boek laten zien dat weinig betrouwbare prevalentie- en incidentiecijfers bekend zijn over wortelcariës door de grote heterogeniteit in diagnostiek en onderzoekpopulaties, dat wortelcariës vooral toeneemt bij ouderen en dat toekomstig onderzoek zich zou moeten richten op het valideren van risicoanalysemodellen. Hoewel ‘wortelcariës in het verleden’ een sterk geassocieerde factor is, zou voor de primaire preventie deze factor niet als variabele opgenomen moeten worden in het risicoanalysemodel. In de volgende hoofdstukken komen de anatomische, biochemische en histopathologische kenmerken van wortelcariës en de samenstelling en de rol van de biofilm aan bod. Vervolgens wordt een aanzet tot een multifactorieel risicoanalysemodel beschreven en de verschillen tussen actieve en inactieve wortelcariës. Ook wordt apparatuur beschreven voor diagnostiek, maar deze is nauwelijks in in vivo<\/i>-onderzoek toegepast.<\/p>\r\n<\/figure>\r\n

In het volgende hoofdstuk staat dat er weinig wetenschappelijk bewijs is dat biofilmverwijdering alleen cariësreductie tot stand kan brengen. Daarentegen is er veel bewijs voor de belangrijke rol van fluoride op het inactiveren van wortelcariës. Zo geeft dagelijks poetsen met 5.000 ppm fluoridetandpasta, het driemaandelijkse aanbrengen van 5% NaF-lak en het 1 keer per jaar aanbrengen van 38% zilverdiaminefluoride veelbelovende resultaten. Restauratieve behandeling van wortelcariës moet alleen worden overwogen wanneer de caviteit niet reinigbaar is (en dit ook niet verbetert na beslijpen van de caviteitrand), esthetiek van belang is of er sprake is van ernstige gevoeligheid. Glasionomeercement heeft vaak de voorkeur als restauratiemateriaal, maar in droge monden kan snel erosie optreden; een goed gepolijste composietrestauratie heeft dan de voorkeur. Aan het einde van het boek geeft de auteur praktische tips.<\/p>\r\n

Het boek leest prettig. Ieder hoofdstuk start met een duidelijke samenvatting en eindigt met een conclusie. Tabellen, figuren en illustraties zijn duidelijk en verhelderend. Voor mondzorgverleners is het boek een aanrader, voor wetenschappers laat dit boek goed de hiaten in de huidige wetenschap zien.<\/p>\r\n

 <\/p>","datum":"2019-01-04 00:00:00","rubriek":"12","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"242","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4935","auteurs":[{"id":"1045","gebruiker":"31","groep":"3","naam":"C.D. van der Maarel-Wierink","titel_key":"c_d_van_der_maarel_wierink","old_id":"0","voorvoegsel":"C.D. van der ","achternaam":"Maarel-Wierink"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/53.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt226_01_web.jpg","rubriek_titel":"Media","uitgave_titel":"januari 2019","url":"\/artikel\/126\/1\/wortelcaries-van-prevalentie-tot-therapie","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt226_01_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt226_01_web.jpg"},{"id":"4415","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Verbetering van ART-restauraties onderzocht","titel_key":"verbetering_van_art_restauraties_onderzocht","subtitel":"Promotie E. Mobarak","samenvatting":"Atraumatic Restorative Treatment (ART) is een behandelmogelijkheid voor cariës in gebitselementen bij adolescenten. Enas Mobarak onderzocht of het overlevingspercentage van ART-restauraties is te verbeteren en trachtte de kennis over het repareren van defecte ART-restauraties te vergroten. Hier...","content":"

Atraumatic Restorative Treatment (ART) is een behandelmogelijkheid voor cariës in gebitselementen bij adolescenten. Enas Mobarak onderzocht of het overlevingspercentage van ART-restauraties is te verbeteren en trachtte de kennis over het repareren van defecte ART-restauraties te vergroten. Hiervoor vergeleek ze in een klinisch onderzoek de 2-jaarsoverleving van standaard ART-restauraties van hooggevuld glasionomeercement met ART-restauraties van chloorhexidine bevattend hooggevuld glasionomeercement (testgroep). Het bleek dat de overleving van beide materialen hoog was, maar dat toevoeging van chloorhexidine de overleving niet verhoogde. In een tweede klinisch onderzoek werd de hypothese getest dat de overleving van meervlaks ART-restauraties in blijvende molaren gevuld met zinkversterkt glasionomeercement significant hoger was dan wanneer zij gevuld zijn met het gangbare hooggevulde glasionomeercement. Het bleek echter dat de restauraties van het vulmateriaal met zink na 2 jaar minder goede resultaten gaven.<\/p>\r\n

Uit Mobaraks laboratoriumonderzoek naar de hechting van 2 zelfetsende adhesiefsystemen aan normaal en door cariës aangetast dentine bleek dat adhesieven met een milde pH en die 10-MDP monomeer bevatten de hoogste hechting gaven en dus goed te gebruiken zijn voor het repareren van defecte ART-restauraties.<\/p>\r\n

Op 20 december 2018<\/a> promoveerde Enas Mobarak aan de Radboud Universiteit op haar proefschrift ‘Application of the ART approach in Egypt using modified glass-ionomer materials<\/a>’. Promotor was prof. dr. N.H.J. Creugers en copromotor was dr. J.E.F.M. Frencken.<\/p>","datum":"2018-12-20 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4911","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181220_pers_promotie_e_mobarak_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/verbetering-van-art-restauraties-onderzocht","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181220_pers_promotie_e_mobarak_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181220_pers_promotie_e_mobarak_web.jpg"},{"id":"4417","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Aan al het mooie, komt een einde\u2026","titel_key":"aan_al_het_mooie_komt_een_einde","subtitel":"Column","samenvatting":"Sinds mei 2011 verscheen iedere maand mijn column in de nieuwsbrief van het NTvT en vandaag schrijf ik mijn laatste. Waarom, vraagt u? Zeker niet omdat er geen boeiende onderwerpen meer zijn om over te schrijven, want die zullen er altijd zijn. Ook niet omdat ik het schrijven van een column niet mee...","content":"

Sinds mei 2011 verscheen iedere maand mijn column in de nieuwsbrief van het NTvT en vandaag schrijf ik mijn laatste. Waarom, vraagt u? Zeker niet omdat er geen boeiende onderwerpen meer zijn om over te schrijven, want die zullen er altijd zijn. Ook niet omdat ik het schrijven van een column niet meer leuk vind. Wel omdat ik eind deze maand voor de tweede keer moeder word. Ja, dat is inderdaad vrij snel na het krijgen van mijn eerste kindje. Op 1 maand na heb ik straks wat ze noemen een ‘Ierse tweeling’. Dit betekent dat 2 kinderen binnen een jaar worden geboren. Daar zul je je handen aan vol hebben, zult u denken. Dat zal vast. Toch is het druk hebben niet de reden waarom ik wilde stoppen met het schrijven van deze column. Ik stop bewust, zodat ik extra tijd heb om mijn handen vol te hebben aan 2 kinderen. Hoewel deze keuze in de huidige, steeds meer 24\/7 wordende, cultuur steeds onacceptabeler wordt.<\/p>\r\n

Toen ik begon met werken als tandarts werkte ik 5 dagen per week. Daarnaast heb je als zzp’er, tandarts en mens de nodige administratie, draai je spoeddiensten, een sociaal leven, een huishouden en wil je graag gezond blijven dus sport je. Daar komt er nog eens bij dat je zo nu en dan op cursus moet of naar een congres om wel op de hoogte te blijven van de laatste ontwikkelingen. Na een jaar of 2 kwam ik tot de conclusie dat dat niet het leven was wat ik voor ogen had. De tijd dat ik thuis was, was ik of druk aan het schoonmaken of lag ik voor dood op de bank. Daarom besloot ik om terug te gaan na 4 dagen werken per week en toen onze zoon Dex werd geboren heb ik nog een stapje terug gedaan. Ik werk nu 3 lange dagen per week. Natuurlijk betekent dit we minder geld hebben om te besteden, maar dan denk ik altijd terug aan wat een patiënt ooit tegen me zei. Namelijk: “Als je werkt verkoop je je vrije tijd en het ligt er maar net aan hoeveel vrije tijd je wil verkopen.”<\/i> Op dit moment kies ik er dus voor om minder vrije tijd te verkopen en daar voel ik me goed bij. Als ik collega’s om me heen hoor en zie over de hoeveelheid tijd ze besteden aan werk, moet ik soms echt op het puntje van mijn tong bijten om niemand te veroordelen. Iedereen moet zijn eigen keuzes maken in het leven.<\/p>\r\n

Natuurlijk besef ik me dat als ik mijn droom van een eigen praktijk ooit wil verwezenlijken dat ik meer tijd zal moeten besteden aan werk, maar tot ik daar klaar voor ben houd ik mijn vrije tijd nog even in mijn zak. Er is niets leuker dan tandarts zijn en werken blijft leuk als het maar in balans is met de rest van je dagelijks leven.<\/p>\r\n

Het gaat jullie goed.<\/p>\r\n

(Lisa Vermeulen<\/strong>, tandarts)<\/p>\r\n

Bedankt!<\/strong>
In mei 2011 startte Lisa Vermeulen haar maandelijkse column in de digitale nieuwsbrieven van het NTVT. Aanvankelijk als tandheelkundestudent aan het ACTA. In de columns konden we haar ervaringen in een tandheelkundekliniek in de Verenigde Staten meebeleven, haar afstuderen in maart 2014 en konden we meeleven met en glimlachen om haar eerste stappen als junior tandarts in 2 praktijken. Als zzp’ende tandarts maakte zij de afschaffing van de VAR mee en ook kwamen tariefwijzigingen en de zorgen over taakverdeling op geheel persoonlijke wijze naar voren. Ook diverse patiëntengroepen kwamen voor het voetlicht en Lisa toonde haar interesse en zorg voor zowel de gebitten van kinderen als hoogbejaarden. Ten slotte kwamen vorig jaar ook de onderwerpen zwangerschap en moederschap aan de orde. Velen zullen Lisa’s ervaringen als student, tandarts en nu werkende moeder hebben herkend.

De redactie van het NTVT bedankt Lisa van harte dat zij zich ruim 7,5 jaar, maandelijks kwetsbaar, open en eerlijk opstelde voor u als lezers. We wensen haar alle goeds en veel succes in haar verdere leven. Zowel binnen de tandheelkunde als op het persoonlijke vlak.

Lisa, mede namens alle lezers van je columns, dank voor al je inzet en openheid.

Casper P. Bots<\/strong>, hoofdredacteur<\/p>","datum":"2018-12-20 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4914","auteurs":[{"id":"1057","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"L. Vermeulen","titel_key":"l_vermeulen","old_id":"0","voorvoegsel":"L.","achternaam":"Vermeulen"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181220_column_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/aan-al-het-mooie-komt-een-einde","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181220_column_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181220_column_web.jpg"},{"id":"4420","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Psychologie bij orofaciale pijn en dysfunctie","titel_key":"psychologie_bij_orofaciale_pijn_en_dysfunctie","subtitel":"Congresverslag NVGPT-congres","samenvatting":"Op 13 en 14 december 2018 hield de Nederlandse Vereniging voor Gnathologie en Prothetische Tandheelkunde (NVGPT) het pre-congres ‘Psychologie bij orofaciale pijn en dysfunctie’ te Ermelo.\r\nProf. Ad de Jongh, psycholoog en tandarts, startte met de introductie van psychische trauma’s...","content":"

Op 13 en 14 december 2018 hield de Nederlandse Vereniging voor Gnathologie en Prothetische Tandheelkunde (NVGPT) het pre-congres ‘Psychologie bij orofaciale pijn en dysfunctie’ te Ermelo.<\/p>\r\n

Prof. Ad de Jongh, psycholoog en tandarts, startte met de introductie van psychische trauma’s en vertoonde divers filmmateriaal. Bij 31% van de patiënten met orofaciale pijn is sprake van het posttraumatisch stresssyndroom (PTSS). Dicht hierbij liggen de adverse childhood experiences<\/i> (ACES), waarbij het voornamelijk gaat om emotionele verwaarlozing, maar ook om seksuele en fysieke mishandeling. Het continue in angst leven door het kind is hierbij de gemene deler. Wendy Knibbe, psycholoog, legde later die dag uit dat psychotrauma’s en ACES een neurologische alertheid kunnen veroorzaken bij het volwassen individu. Deze neurologische paden zijn dezelfde als die van het pijnnetwerk. De Jongh wees erop dat binnen de geestelijke gezondheidszorg niet altijd wordt gelet op ACES. Mensen krijgen bijvoorbeeld jarenlange behandelingen voor eetstoornissen om weer normaal te leren eten, terwijl het onderliggende probleem, ACES, onbehandeld blijft. Volgens De Jongh kan EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing) een goede behandeling zijn van een psychotrauma mits de indicatie goed gesteld is.<\/p>\r\n

Prof. Alan Glaros, psycholoog aan de University of Missouri-Kansas City in de Verenigde Staten, toonde aan dat nachtelijke bruxisme-episodes waarbij kortstondig hoog-intense spierspanning wordt waargenomen op het ECG, niet zozeer samenhangen met orofaciale pijn. Het gaat juist om de laag-intensieve spierspanning gedurende de hele nacht, ook waarneembaar op het ECG. Ook dagbruxisme noemde Glaros als een oorzaak van pijn. Hij wees erop dat bij myogene pijn psychologische factoren een grotere rol spelen dan bij artrogene pijn. De resultaten van de diverse behandelingen bij orofaciale pijn lopen gelijk op. Het belangrijkste is dat de clinicus de tijd neemt en empathisch luistert naar zijn patiënt, ongeacht de gekozen therapie. Zelfs counseling zonder fysieke behandeling levert goede resultaten op. Glaros raadde aan om patiënten te stimuleren te leren ontspannen en spanning te herkennen, bijvoorbeeld door ontspanningstherapie, yoga of biofeedbacktherapie gedurende de dag.<\/p>\r\n

Knibbe gaf een kijkje achter de deur van de psycholoog bij een Centrum voor Bijzondere Tandheelkunde. Goede educatie van patiënten over pijn en stress blijkt een effectief instrument te zijn, leidend tot zelfs 50% behandelbehoeftereductie. Het gaat vooral over het terugkrijgen van de regie en betere coping. Een ander instrument is het gevolgenmodel. Hoe ziet de klacht eruit? Welke gevolgen heeft deze klacht in het (sociale) leven van de patiënt?  Wat hebben die gevolgen voor gevolgen? Bij uitwerken blijkt dat er kringverbanden bestaan. Op basis daarvan kan strategisch worden bepaald waar een indicatiestelling zinnig kan zijn. Ook cognitieve gedragstherapie werd genoemd. Gedachten en gedrag worden geanalyseerd door patiënt en psycholoog. Door structurering kunnen de patronen worden herkend en vroegtijdig worden onderbroken. Knibbe benadrukte dat het inzet en toewijding van een patiënt vraagt om het werk daadwerkelijk thuis te gaan doen.<\/p>\r\n

Een vraag uit het publiek leverde een interessant onderwerp op. Het komt voor dat patiënten extreem veel tandheelkundige behandelingen, bijvoorbeeld op het gebied van prothetiek, hebben ondergaan zonder ooit tevreden te zijn. Knibbe stelt dat hoe meer behandelingen deze patiënten laten doen en hoe meer tijd, inspanning en geld erin wordt gestopt, hoe meer ze ervan overtuigd raken dat nogmaals tandheelkundig behandelen de oplossing zou zijn voor hun probleem. Glaros verklaarde dit gedrag eerder op de dag en noemde dit een typisch irrationeel menselijk fenomeen. Een bepaalde mate van verlies of mislukking wordt onevenredig veel emotioneler ervaren dan de emotie die gepaard gaat met eenzelfde mate van winst of succes. Het in een vroeg stadium stoppen van tandheelkundige behandelingen die niet het gewenste resultaat opleveren is daarom van groot belang.<\/p>\r\n

Psychosomatisch en orofaciaal fysiotherapeut Simone Gouw vertelde dat het brein in de weg kan staan bij herstel van klachten. Het is belangrijk om goed te luisteren en vooral te letten non-verbale communicatie. Haar advies voor een goede diagnostiek was LSD (luisteren, samenvatten en doorvragen) te gebruiken en vooral om OMA (opvattingen, meningen en adviezen) thuis te laten. Veel somatische klachten ontstaan doordat mensen het lichaamsbewustzijn kwijt zijn geraakt. Ze negeren de vroege signalen van het lijf. Dit kan worden geoefend. Ook wordt cognitieve gedragstherapie binnen de fysiotherapie toegepast. Het gebruik van taal kan hierbij een instrument zijn. Doet iets ‘altijd’ pijn of alleen in bepaalde situaties? De aanname dat iets vaker of altijd zal gebeuren omdat het een enkele keer in het verleden is gebeurd, kan vermijdingsgedrag en spanning opleveren die niet meer binnen de huidige context past. In zo’n situatie kan ook gradual exposure<\/i> worden toegepast. Ook het werken aan betere belastbaarheid is van belang, zoals fysieke fitheid en weerbaarheid. Bij veel pijnpatiënten speelt het zogenoemde ‘zaagtandmodel’ een rol: na een herstelperiode met minder pijn neigen ze al snel weer te veel activiteiten te ondernemen en vallen daardoor terug op het oude niveau van pijn en moeten weer tijd nemen om te herstellen. Graded activity<\/i> is een techniek waarbij Gouw patiënten de gewenste activiteiten per week in kaart laat brengen en dit aantal reduceert tot 80%. De patiënt neemt zich voor om de activiteiten uit te voeren volgens de tijdsplanning. Dus niet meer op basis van de aan- of afwezigheid van pijn. Dit vergt in het begin intensieve begeleiding.<\/p>\r\n

(Desiree D. Kerkdijk<\/b>, redacteur)<\/p>","datum":"2018-12-20 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4917","auteurs":[{"id":"1061","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"D.D. Kerkdijk","titel_key":"d_d_kerkdijk","old_id":"0","voorvoegsel":"D.D.","achternaam":"Kerkdijk"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181213_con_nvgpt_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/psychologie-bij-orofaciale-pijn-en-dysfunctie","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181213_con_nvgpt_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181213_con_nvgpt_web.jpg"},{"id":"4410","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"TMD en bruxisme bij jongeren","titel_key":"tmd_en_bruxisme_bij_jongeren","subtitel":"Promotie C.D. Marpaung","samenvatting":"Carolina Marpaung deed promotieonderzoek naar de prevalentie en risico-indicatoren van temporomandibulaire disfuncties en bruxisme bij kinderen en adolescenten in Indonesië en Nederland. Daarnaast onderzocht zij de mogelijke geografische variatie van slaapbruxisme bij kinderen (7 tot 12 jaar)....","content":"

Carolina Marpaung deed promotieonderzoek naar de prevalentie en risico-indicatoren van temporomandibulaire disfuncties en bruxisme bij kinderen en adolescenten in Indonesië en Nederland. Daarnaast onderzocht zij de mogelijke geografische variatie van slaapbruxisme bij kinderen (7 tot 12 jaar).<\/p>\r\n

Uit haar onderzoek onder jongeren in Azië bleek dat de prevalentie van anterieure discusverplaatsing met reductie (ADDR) toenam met de leeftijd, met een piek tijdens de adolescentiejaren. Biomechanische factoren als gevolg van mondgewoonten leken een belangrijke rol te spelen bij de ontwikkeling van ADDR. Marpaungs onderzoek onder Indonesische kinderen en adolescenten naar de prevalentie van TMD-pijn toonde aan dat deze vaak voorkomt in deze groep. De sterkste voorspellers van pijngerelateerde TMD waren psychologische factoren en de aanwezigheid van lichamelijke pijnen, naast mondgewoonten (kinderen) en slaap- en waakbruxisme (adolescenten).<\/p>\r\n

In een Nederlandse groep adolescenten bleek dat TMD-pijn en kaakgewrichtsgeluiden veel voorkwamen, dat beide vergelijkbare biologische risico-indicatoren delen, maar dat psychologische factoren enkel geassocieerd waren met TMD-pijn. Ten slotte stelde Marpaung vast dat er geografische verschillen bestaan in de prevalentie van slaapbruxisme en ook in de factoren die verband houden met slaapbruxisme.<\/p>\r\n

Op 19 december 2018<\/a> promoveerde Carolina D. Marpaung aan de Universiteit van Amsterdam op haar proefschrift ‘Temporomandibular disorders and brusism in children and adolescents<\/a>’. Promotor was prof. dr. F. Lobbezoo en copromotor was dr. M.K.A. van Selms.<\/p>","datum":"2018-12-19 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4906","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181219_pers_promotie_c_marpaung_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/tmd-en-bruxisme-bij-jongeren","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181219_pers_promotie_c_marpaung_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181219_pers_promotie_c_marpaung_web.jpg"},{"id":"4416","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Afscheidssymposium prof. dr. Luc de Visschere - Met de mond vol tanden","titel_key":"afscheidssymposium_prof_dr_luc_de_visschere_met_de_mond_vol_tanden","subtitel":"","samenvatting":"Na meer dan 40 jaar inzet bij de vakgroep tandheelkunde heeft prof. dr. Luc De Visschere op vrijdag 23 november 2018 afscheid genomen tijdens een speciaal georganiseerd symposium in de universiteit van Gent. De Visschere begon na zijn afstuderen in 1976 als halftijds assistent van de afdeling Conser...","content":"

Na meer dan 40 jaar inzet bij de vakgroep tandheelkunde heeft prof. dr. Luc De Visschere op vrijdag 23 november 2018 afscheid genomen tijdens een speciaal georganiseerd symposium in de universiteit van Gent. De Visschere begon na zijn afstuderen in 1976 als halftijds assistent van de afdeling Conserverende Tandheelkunde. In 2010 promoveerde hij in de geriatrische tandheelkunde. Hij was vervolgens voorzitter van de Vakgroep Mondgezondheidswetenschappen, hoofddocent Mondgezondheid en Maatschappij, kliniekhoofd van de Algemene Diagnose en daarnaast coördinator van Gerodent, een project waarbij sinds 8 jaar met een mobiele tandartspraktijk woonzorgcentra in Oost- en West-Vlaanderen preventieve en curatieve mondzorg wordt geleverd. Ook was hij nauw betrokken bij het opzetten van het Belgisch-Nederlands Consortium voor Onderzoek over Mondzorg van Ouderen, het Benecomo.<\/p>\r\n

Tijdens het afscheidssymposium spraken de collegae dr. Martijn Lambert, dr. Véronique Christianes en dr. Barbara Janssens van de UGent over de toekomstperspectieven van de vakgroep Mondgezondheidswetenschappen. Vanuit de Nederlandse Vereniging voor Gerodontologie sprak voorzitter en tandarts-geriatrie dr. Wim Klüter. Als dank voor de inspanningen van Luc de Visschere zal de vereniging worden omgedoopt tot de Nederlands-Vlaamse Vereniging voor Gerodontologie. Op die wijze wordt de bestaande band bestendigd.<\/p>\r\n

De ontwikkelingen vanuit het Nederlands perspectief werden verwoord door dr. Claar Wierink, dr. Dominique Niesten, tandarts-geriatrie Nelleke Bots-van ’t Spijker en prof. Jos Schols. Kern van de boodschap was dat goede mondzorg vraagt om samenwerking en goede verwijsmogelijkheden. Het project ‘De mond niet vergeten<\/a>’ speelt hierbij een belangrijke rol om dit concreet vorm te geven in samenwerking met bijvoorbeeld de thuiszorg.<\/p>\r\n

Op welke wijze de mondzorg bij kwetsbare ouderen verbeterd kan worden werd toegelicht door de professoren Joke Duyck en Jacques Vanobbergen. De Belgische Resident Assessment Instrument (de BelRai-screener) wordt ingezet om de zorgbehoevendheid te meten, waarbij de mondgezondheid wordt bepaald aan de hand van 4 vragen op het gebied van monddroogte, functie, pijn en mondhygiëne. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat de inzet van mondhygiënisten in verpleeghuizen leidt tot een sterke reductie van tandplaque en een betere mondgezondheid.<\/p>\r\n

Na afsluitende woorden van de directeur van woonzorgcentrum Amphora, de decaan van de faculteit en het diensthoofd van Tand-, Mond- en Kaakziekten hield De Visschere zijn slotrede. Hierin benadrukte hij het belang van maatschappelijke inzet en betrokkenheid, naast het werkzame leven als tandarts. Ook hield hij een vurig pleidooi voor het meer waarderen van publicaties in Nederlandstalige tijdschriften zoals het NTVT. Zodat de kennis uit de universiteiten ook zijn weg vindt naar iedereen die werkzaam is in de mondzorg. Om de Nederlands-Vlaamse samenwerking zichtbaar te maken en bovenstaand doel ook te realiseren treedt De Visschere in 2019 op als gastredacteur van een speciaal NTVT themanummer over tandheelkunde bij ouderen, dat in het najaar zal verschijnen.<\/p>\r\n

Dr. Casper P. Bots<\/b>, hoofdredacteur.<\/p>","datum":"2018-12-19 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4913","auteurs":[{"id":"91","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"C.P. Bots","titel_key":"c_p_bots","old_id":"91","voorvoegsel":"C.P. ","achternaam":"Bots"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181123_pers_afscheid_l_de_visschere_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/afscheidssymposium-prof-dr-luc-de-visschere-met-de-mond-vol-tanden","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181123_pers_afscheid_l_de_visschere_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181123_pers_afscheid_l_de_visschere_web.jpg"},{"id":"4418","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"De dokter en de levenstrap","titel_key":"de_dokter_en_de_levenstrap","subtitel":"Congresverslag van 12e Domusdag","samenvatting":"‘De levenstrap’ is een oud begrip waarbij de levensloop van de mens wordt gesymboliseerd door een bordes met aan weerszijden een trap met 5 treden. Op elke trede staan één of meer mensen in een levensfase. Aan de linker kant op de onderste trede beginnend met kinderen en aa...","content":"

‘De levenstrap’ is een oud begrip waarbij de levensloop van de mens wordt gesymboliseerd door een bordes met aan weerszijden een trap met 5 treden. Op elke trede staan één of meer mensen in een levensfase. Aan de linker kant op de onderste trede beginnend met kinderen en aan de andere eindigend met een stokoude man of vrouw. Op het bordes staan de mensen in de kracht van hun leven. In dit symposium, dat op 7 december 2018 georganiseerd werd door het Trefpunt Medische Geschiedenis Nederland in Urk en de Nederlandse Vereniging voor Medische Geschiedenis (NVMG), werden de hedendaagse veranderde opvattingen over leeftijdsgrenzen en levensfasen van de dokter door de meeste sprekers onder de loep genomen. Prof. Mart van Lieburg, de organisator van het symposium en medisch historicus, opende het symposium en vroeg zich af of het leven vaststaande periodes kent en zo ja wat de medicus daarmee kan.<\/p>\r\n

\"<\/p>\r\n

De trap des ouderdoms; gepubliceerd door Glenisson en Zonen (circa 1856-1900)<\/em><\/p>\r\n

Prof. Johan Mackenbach, de bekende Rotterdamse epidemioloog, wees erop dat in de periode 1850-2010 de gemiddelde levensduur van de Nederlander veranderde van 40 tot 80 jaar. Met andere woorden, de huidige levenstrap is niet meer zo gelijkmatig als op de oude afbeeldingen is te zien omdat de sterftetijden zo dramatisch zijn veranderd. Factoren als hongersnood, ziektes als pest, difterie, TBC en kraamvrouwenkoorts zijn verdwenen en daarvoor zijn thans de belangrijkste doodsoorzaken de ischemische hartziekten, longkanker en  verkeersongevallen in de plaats gekomen.<\/p>\r\n

Prof. Inger Leemans, cultuurhistoricus, stelde vast dat door de opkomst van de menswetenschappen al in de vijftiende eeuw een transitie heeft plaatsgevonden waarbij men optimistischer werd over de eigen rol in de verschillende levensfasen. Dat blijkt uit de gedichten van bijvoorbeeld Jacob Cats, Betje Wolf en Aagje Deken. Dr. Jacob Six schetste de levensfasen van Rembrand aan de hand van zijn vele zelfportretten. Vervolgens besprak prof. Dick Swaab de levensloop van het brein, waarbij hij opmerkte dat de celdeling in het brein tijdens de levensfasen nooit ophoudt en dat de geest van de mens in feite een activiteit is van 100 miljard neuronen in het menselijke brein. Psychiater dr. Hans van der Ploeg wees op de gedachten van de bekende Utrechtse hoogleraar H.C. Rümke in de jaren na de Tweede Wereldoorlog over puberteit en virilitas en dat factoren als werkeloosheid en depressiviteit zo’n invloed kunnen hebben op de levensfase waarin mensen verkeren. Bert Keizer, de verpleeghuisarts, beschreef 2 casus van 2 van zijn nichten, beiden met een ongeneselijke vorm van kanker, die door zowel jonge als oude artsen waren behandeld. De jonge arts bleek vooral gericht op diagnostiek en technisch handelen met weinig invoelingsvermogen en een aarzelende houding tegenover sterven, terwijl de oudere arts vooral als trooster fungeerde en de medicatie juist gebruikte om het lijden te verzachten. Hij vroeg zich af of de levensfase waarin artsen verkeren hierbij een rol speelt.<\/p>\r\n

Het symposium werd besloten met voordrachten van KNMG-voorzitter René Héman over het beleid van de KNMG en de levensfasen van hun leden, en  voorzitter prof. dr. Pauline Meurs van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving over de Zorgagenda voor een toekomstige gezonde samenleving.<\/p>\r\n

(prof. dr. Michiel A. J. Eijkman<\/strong>, redacteur)<\/p>","datum":"2018-12-19 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4915","auteurs":[{"id":"1680","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"M.A.J. Eijkman","titel_key":"m_a_j_eijkman_1","old_id":"0","voorvoegsel":"M.A.J.","achternaam":"Eijkman"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181207_con_domusdag02_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/de-dokter-en-de-levenstrap","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181207_con_domusdag02_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181207_con_domusdag02_web.jpg"},{"id":"4419","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Effectieve gespreksvoering! Communicatie in de mondzorgpraktijk","titel_key":"effectieve_gespreksvoering_communicatie_in_de_mondzorgpraktijk","subtitel":"Symposium","samenvatting":"Op donderdag 13 december 2018 vond in Pathé Utrecht Leidsche Rijn het symposium ‘Effectieve gespreksvoering! En veel meer… Communicatie in de mondzorgpraktijk plaats. Bij de opening wees dagvoorzitter Dyonne Broers, directeur zorg van het ACTA, erop dat het hierbij essentieel is...","content":"

Op donderdag 13 december 2018 vond in Pathé Utrecht Leidsche Rijn het symposium ‘Effectieve gespreksvoering! En veel meer… Communicatie in de mondzorgpraktijk plaats. Bij de opening wees dagvoorzitter Dyonne Broers, directeur zorg van het ACTA, erop dat het hierbij essentieel is deze vooral vanuit het perspectief van de patiënt te bekijken.<\/p>\r\n

Barbara Takacs, toegepast sociaal psycholoog, illustreerde met hulp van acteurs in 3 scenes het belang van non-verbale communicatie en goed luisteren, en hoe beide aanleiding tot miscommunicatie kunnen leiden. Wessel Visser, directeur van bureau Taal, wees op de grote verschillen in taalniveau tussen personen. Voor een goede communicatie dient men aan te sluiten bij het taalniveau van de patiënt en in begrijpelijk Nederlands te communiceren. Ook verschillen in culturele achtergrond kunnen effecten hebben op de communicatie met patiënten. Tandarts-implantoloog Jan Christiaan Oortwijn riep daarom de aanwezigen op zich te verdiepen in de overeenkomsten en verschillen tussen culturen. Zo kunnen schoonheidsideaal en pijnuiting sterk verschillen tussen bevolkingsgroepen.<\/p>\r\n

Arts-onderzoeker Marnix Hoppener illustreerde aan de hand van het door hem ontwikkelde Johnny Joker-programma hoe entertainment educatie door spelletjes en visualiseren kan helpen bij het aanleren van gezond gedrag bij kinderen van 4 tot 10 jaar. Vanesse van der Schaar, opvoed- en gezinscoach, behandelde de 4 verschillende opvoedstijlen die ouders toepassen bij de opvoeding van kinderen. Vanessa wees erop dat het herkennen van de gehanteerde opvoedstijl essentieel is voor het aanpassen van de communicatie met ouders en kind. Het stellen van open vragen, zonder oordeel over de toepaste opvoedstijl, zijn hierbij behulpzaam. Dyonne Broers wees tijdens haar presentatie over klachten erop dat het belangrijk is goed naar de patiënt te luisteren om de ‘klacht achter de klacht’ te herkennen.<\/p>\r\n

Klinisch geriater Hanna Willems gaf op enthousiaste wijze allerlei praktische tips voor de communicatie met ouderen. Gezien het frequent voorkomende gehoorverlies is het niet alleen belangrijk om langzamer te spreken, maar ook de stem te verlagen. Ook dienen mondzorgverleners zich te realiseren dat het werkgeheugen van ouderen is afgenomen waardoor het voor ouderen lastiger is om een beslissing te nemen. Zij adviseerde dan ook per behandeling niet meer dan 3 punten te bespreken. Samengevat dus een zeer nuttig door Lemion georganiseerd symposium voor mondzorgverleners die de communicatie in de praktijk willen optimaliseren.<\/p>\r\n

(dr.<\/strong> Henk S. Brand<\/b>, redacteur)<\/p>\r\n

\r\n

Leestip<\/strong>: in de januari-editie start een serie over communicatie in de tandartspraktijk met vele praktische do’s & don’ts.<\/p>\r\n<\/div>","datum":"2018-12-19 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4916","auteurs":[{"id":"100","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"H.S. Brand","titel_key":"h_s_brand","old_id":"100","voorvoegsel":"H.S.","achternaam":"Brand"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181213_con_communicatie_in_de_mondzorgpraktijk_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/effectieve-gespreksvoering-communicatie-in-de-mondzorgpraktijk","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181213_con_communicatie_in_de_mondzorgpraktijk_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181213_con_communicatie_in_de_mondzorgpraktijk_web.jpg"},{"id":"4411","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Twaalf genen gevonden voor risico op ADHD","titel_key":"twaalf_genen_gevonden_voor_risico_op_adhd","subtitel":"","samenvatting":"Een internationaal team van onderzoekers van het Psychiatric Genomics Consortium, waaronder Radboudumc-onderzoekers, heeft 12 genetische variaties gevonden die het risico op ADHD verhogen Deze resultaten kwamen tot stand door het combineren van grote groepen proefpersonen. Hoewel deze 12 genen een b...","content":"

Een internationaal team van onderzoekers van het Psychiatric Genomics Consortium, waaronder Radboudumc-onderzoekers, heeft 12 genetische variaties gevonden die het risico op ADHD verhogen Deze resultaten kwamen tot stand door het combineren van grote groepen proefpersonen. Hoewel deze 12 genen een bescheiden rol spelen in het ontstaan van ADHD, legt dit onderzoek een belangrijk fundament voor verder onderzoek naar ADHD.<\/p>\r\n

Het risico op ADHD is voor 75% erfelijk. Onderzoek naar de genetische basis van deze erfelijkheid leverde echter tot nu toe weinig resultaat op. De onderzoekers hebben nu de erfelijke variaties vergeleken in het complete DNA van 20.000 mensen met en 35.000 mensen zonder ADHD. Hieruit kwamen variaties op 12 locaties van het DNA naar voren die een verhoogd risico geven op het krijgen van ADHD.<\/p>\r\n

“Team science is echt essentieel om voortgang te boeken in het vinden van de genetische oorzaak van psychiatrische aandoeningen. Met name voor ADHD is dergelijke voortgang belangrijk, omdat er nog steeds mensen zijn die ADHD niet als een echte aandoening beschouwen. Het is dus van belang dat een genetische oorzaak en biologische mechanismen achter ADHD duidelijker worden,”<\/i> zegt Barbara Franke, hoogleraar in de moleculaire psychiatrie van het Radboudumc. “We hebben nu pas de statistische kracht om de bevindingen in een genoomwijde analyse boven de ‘ruis’ uit te halen, dus afwijkingen te zien die echt betekenis hebben. Eerdere studies waren te klein om dergelijke effecten te vinden.” <\/i><\/p>\r\n

De nieuwe genetische ontdekking biedt nieuw inzicht in de biologie achter het ontstaan van ADHD. Enkele van de gevonden genen hebben bijvoorbeeld een functie in de communicatie tussen hersencellen, terwijl andere genen belangrijk zijn voor cognitieve functies. Ook het FOXP2-gen liet een duidelijk verband met ADHD zien. Franke: “Een verrassende bevinding. Dit gen is betrokken bij de motoriek van de mond en tong en we weten dat ADHD en spraak-taalstoornissen regelmatig samen optreden, maar er is meer onderzoek nodig om die link goed te begrijpen.”<\/i><\/p>\r\n

Volgens Franke zijn er naar schatting duizenden genen betrokken zijn bij het ontstaan van ADHD. Toch vindt ze deze ontdekking van groot belang, want volgens Franke kan de zoektocht naar de biologische mechanismen achter ADHD nu pas echt beginnen. De resultaten van dit genoomonderzoek zijn gepubliceerd in Nature Genetics<\/i> (2018; 26 nov<\/a>).<\/p>\r\n

(Bron: Radboudumc, 3 december 2018<\/a>)<\/p>","datum":"2018-12-17 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4907","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181203_med_twaalf_genen_gevonden_voor_risico_op_adhd_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/twaalf-genen-gevonden-voor-risico-op-adhd","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181203_med_twaalf_genen_gevonden_voor_risico_op_adhd_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181203_med_twaalf_genen_gevonden_voor_risico_op_adhd_web.jpg"},{"id":"4412","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Kunstmatige intelligentie voorspelt Alzheimer ","titel_key":"kunstmatige_intelligentie_voorspelt_alzheimer","subtitel":"","samenvatting":"Onderzoekers van de Universiteit van California in San Francisco hebben met behulp van kunstmatige intelligentie het vermogen van hersenscans verbeterd om de ziekte van Alzheimer te voorspellen. Het door hen ontwikkelde algoritme kon de ziekte gemiddeld meer dan 6 jaar voorafgaand aan de diagnose de...","content":"

Onderzoekers van de Universiteit van California in San Francisco hebben met behulp van kunstmatige intelligentie het vermogen van hersenscans verbeterd om de ziekte van Alzheimer te voorspellen. Het door hen ontwikkelde algoritme kon de ziekte gemiddeld meer dan 6 jaar voorafgaand aan de diagnose detecteren. .<\/p>\r\n

Vroege diagnostiek van de ziekte van Alzheimer is nog steeds een grote uitdaging. Onderzoek heeft inmiddels aangetoond dat het ziekteproces is gekoppeld aan veranderingen de glucose-opname in bepaalde hersengebieden. “Verschillen in het patroon van glucose-opname in de hersenen zijn erg subtiel en diffuus”<\/i>, aldus onderzoeker Jae Ho Sohn. “Mensen zijn goed in het vinden van specifieke biomarkers van ziekten, maar metabole veranderingen vertegenwoordigen een meer globaal en subtiel proces.”<\/i><\/p>\r\n

Arts-onderzoeker Benjamin Franc had contact opgenomen met de onderzoeksgroep Big Data in Radiologie, een multidisciplinair team van artsen en ingenieurs dat zich bezighoudt met radiologisch onderzoek en datawetenschappen. Franc was geïnteresseerd in het toepassen van deep learning om veranderingen in het hersenmetabolisme te vinden die voorspelbaar zijn voor de ziekte van Alzheimer.<\/p>\r\n

De onderzoekers trainden vervolgens een door hen ontwikkelt deep learning-algoritme met behulp van een 18-F-fluorodeoxyglucose PET-scan (FDG-PET). Zij gebruikten de gegevens van het Alzheimer Disease Neuroimaging Initiative. De ADNI-database bevatte meer dan 2.100 FDG-PET-breinbeelden van 1.002 patiënten. De onderzoekers trainden het algoritme op 90% van de dataset en testten het vervolgens op de resterende 10%. Ten slotte testten de onderzoekers het algoritme op een onafhankelijke reeks van 40 beeldvormende onderzoeken bij 40 patiënten die nog niet eerder waren bestudeerd. Het algoritme bereikte 100% gevoeligheid bij het detecteren van de ziekte gemiddeld meer dan 6 jaar voorafgaand aan de definitieve diagnose. “We waren erg tevreden over de prestaties van het algoritme”<\/i>, zegt Sohn. “Het was in staat om elk afzonderlijk geval te voorspellen dat zich ontwikkelde naar de ziekte van Alzheimer.”<\/i><\/p>\r\n

Hoewel erop gewezen moet worden dat het 100%-resultaat verder gevalideerd moet worden in een groot multicenter prospectief onderzoek, meent Sohn dat het algoritme een bruikbaar gereedschap is om het werk van radiologen aan te vullen. “Als we de ziekte van Alzheimer eerder kunnen detecteren, dan geeft dat de mogelijkheid om betere manier te vinden de ziekte af te remmen of zelfs het ziekteproces een halt toe te roepen”<\/i>, aldus Sohn.<\/p>\r\n

(Bronnen: RSNA, 3 december 2018<\/a>\/Radiology, 6 november 2018<\/a>)<\/p>","datum":"2018-12-17 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4908","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181111_med_kunstmatige_intelligentie_voorspelt_alzheimer_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/kunstmatige-intelligentie-voorspelt-alzheimer","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181111_med_kunstmatige_intelligentie_voorspelt_alzheimer_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181111_med_kunstmatige_intelligentie_voorspelt_alzheimer_web.jpg"},{"id":"4414","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"De rol van P. gingivalis in reumato\u00efde artritis","titel_key":"de_rol_van_p_gingivalis_in_reumatoide_artritis","subtitel":"Promotie G. Gabarrini","samenvatting":"De recente ontdekking van een eiwit-modificerend enzym van de bacterie Porphyromonas gingivalis, het Porphyromonas peptidylarginine deiminase (PPAD), heeft de aandacht gevestigd op een mogelijke betrokkenheid van P. gingivalis bij reumato\u00efde artritis. Giorgio Gabarrini onderzocht de rol van de bacterie in de processen die leiden tot reumato\u00efde artritis. Daarnaast bekeek hij de cellulaire opbouw en de systemen die P. gingivalis voor eiwituitscheiding benut om een beter begrip te krijgen van de factoren die met PPAD reageren. ","content":"

De recente ontdekking van een eiwit-modificerend enzym van de bacterie Porphyromonas gingivalis<\/i>, het Porphyromonas<\/i> peptidylarginine deiminase (PPAD), heeft de aandacht gevestigd op een mogelijke betrokkenheid van P. gingivalis<\/i> bij reumatoïde artritis. Giorgio Gabarrini onderzocht de rol van de bacterie in de processen die leiden tot reumatoïde artritis. Daarnaast bekeek hij de cellulaire opbouw en de systemen die P. gingivalis<\/i> voor eiwituitscheiding benut om een beter begrip te krijgen van de factoren die met PPAD reageren. Aan de hand van een set van 100 P. gingivalis<\/i>-isolaten kon hij in detail de detectie van PPAD op gen- en eiwitniveau beschrijven. Hij toonde aan dat dit enzym een specifiek kenmerk is van P. gingivalis<\/i>. Desondanks heeft hij een aantal varianten van de bacterie geïdentificeerd met een afwijkend patroon van PPAD-uitscheiding. Met de resultaten van zijn proefschrift geeft Gabarrini een beter inzicht in de mogelijke betrokkenheid van P. gingivalis<\/i> en het PPAD-enzym in de vroege stadia van de ontwikkelingvan reumatoïde artritis.<\/p>\r\n

Op 12 december 2018<\/a> promoveerde Giorgio Gabarrini aan de Rijksuniversiteit Groningen op zijn proefschrift ‘Porphyromonas gingivalis, the beast with two heads. A bacterial role in the etiology of rheumatoid arthritis’. Promotoren waren prof. dr. A.J. van Winkelhoff en prof. dr. J.M. van Dijl.<\/p>","datum":"2018-12-17 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4910","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181212_pers_promotie_g_gabarrini_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/de-rol-van-p-gingivalis-in-reumatoide-artritis","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181212_pers_promotie_g_gabarrini_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181212_pers_promotie_g_gabarrini_web.jpg"},{"id":"4413","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Radiosensitizers en tumorkweekmodel","titel_key":"radiosensitizers_en_tumorkweekmodel","subtitel":"Promotie A.J.C. Dohmen","samenvatting":"Patiënten met gevorderde hoofd-halskanker worden behandeld met een combinatie van chemotherapie (cisplatinum, cetuximab), radiotherapie en chirurgie. Deze combinatie geeft aanzienlijke bijwerkingen. Amy Dohmen zocht naar nieuwe radiosensitizers die zich specifiek richten op kankercellen zonder...","content":"

Patiënten met gevorderde hoofd-halskanker worden behandeld met een combinatie van chemotherapie (cisplatinum, cetuximab), radiotherapie en chirurgie. Deze combinatie geeft aanzienlijke bijwerkingen. Amy Dohmen zocht naar nieuwe radiosensitizers<\/em> die zich specifiek richten op kankercellen zonder het normale weefsel te schaden en die idealiter leiden tot een betere overleving met minder bijwerkingen.<\/p>\r\n

Dohmen voerde meerdere drugsscreens<\/em> uit in aan- en en afwezigheid van radiotherpie. Eén screen identificeerde GSK635416A, die kankercellen gevoeliger maakt voor radiotherapie en waarvan de mate van radiosensitisatie hoger was dan die van cisplatinum en cetuximab. GSK635416A vertoonde een significant lagere toxiciteit in afwezigheid van radiotherapie en vrijwel geen toxiciteit in een normale fibroblastcellijn. Een andere screen identificeerde rapamycine, raloxifen en tamoxifen als veelbelovende radiosensitizers voor hoofd-halskanker.<\/p>\r\n

Omdat elke patiënt anders reageert op de chemo- en radiotherapie, optimaliseerde Dohmen ook een ‘spons-ondersteunende kweekmodel’ voor zijn potentieel gebruik als preklinisch predictiemodel. Kweken van individueel tumorweefsel inclusief medicijnen, voorafgaand aan de behandeling, zou dan kunnen voorspellen welke patiënt zal reageren op de beoogde therapie.<\/p>\r\n

Op 13 december 2018<\/a> promoveerde Amy Dohmen aan de Universiteit van Amsterdam op haar proefschrift ‘Advanced head and neck cancer treatment: A basic step forward<\/a>’. Promotoren waren prof. dr. J.J.C. Neefjes en prof. dr. M.W.M. van den Brekel. De copromotoren waren dr. C.L. Zuur en prof.dr. H. Ovaa.<\/p>","datum":"2018-12-13 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4909","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181213_pers_promotie_a_dohmen_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/radiosensitizers-en-tumorkweekmodel","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181213_pers_promotie_a_dohmen_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181213_pers_promotie_a_dohmen_web.jpg"},{"id":"4409","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Winnaar van Jubileumprijsvraag 11","titel_key":"winnaar_van_jubileumprijsvraag_11","subtitel":"","samenvatting":"De winnaar van de laatste jubileumprijsvraag (nummer 11 in de novemberbereditie 2018) is de heer A. Nabuurs uit Ede. Het juiste antwoord op de vraag welk afdrukmateriaal halverwege de negentiende eeuw in de prothetische tandheelkunde werd gebruikt, is: Stents composition.","content":"

De winnaar van de laatste jubileumprijsvraag (nummer 11 in de novemberbereditie 2018) is de heer A. Nabuurs<\/strong> uit Ede<\/strong>. Het juiste antwoord op de vraag welk afdrukmateriaal halverwege de negentiende eeuw in de prothetische tandheelkunde werd gebruikt, is: Stents composition.\"<\/p>\r\n

Dit antwoord is te vinden in het artikel ‘Serie: Tandheelkundig erfgoed. De afdruk voor prothetische doeleinden’ van R. de Raat in de vrijdag verschenen decembereditie<\/a> (pag. 637-639<\/a>).<\/p>\r\n

De winnaar ontvangt het boek ‘Hygiëne en infectiepreventie in de mondzorgpraktijk’ (aangeboden door Geneeskundeboek.nl<\/a>).<\/p>","datum":"2018-12-10 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4905","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/ntvt_jubileumlogo_versie2.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/winnaar-van-jubileumprijsvraag-11","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/ntvt_jubileumlogo_versie2.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/ntvt_jubileumlogo_versie2.jpg"},{"id":"4392","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Valsspelen","titel_key":"valsspelen","subtitel":"","samenvatting":"Van onderzoekers mag worden verwacht dat zij hun experimenten zorgvuldig ontwerpen, uitvoeren volgens de \u00adge\u00adl\u00ad\u00addende wet- en regelgeving en vervolgens in hun verslag een eerlijke beschrijving geven van de gevonden resultaten. Manuscripten worden, voordat zij in een wetenschappelijk tijdschrift worden gepubliceerd, gecontroleerd door een redacteur en enkele referenten. Dit systeem werkt heel behoorlijk, toch glipt er soms een artikel door dat na publicatie moet worden teruggetrokken, bijvoorbeeld omdat er sprake blijkt van plagiaat.","content":"

Van onderzoekers mag worden verwacht dat zij hun experimenten zorgvuldig ontwerpen, uitvoeren volgens de ­ge­l­­dende wet- en regelgeving en vervolgens in hun verslag een eerlijke beschrijving geven van de gevonden resultaten. Manuscripten worden, voordat zij in een wetenschappelijk tijdschrift worden gepubliceerd, gecontroleerd door een redacteur en enkele referenten. Dit zogenaamde peer-review-systeem werkt al enkele decennia heel behoorlijk, maar toch glippen er soms artikelen door waarvan na publicatie blijkt dat er iets aan de hand is. Er verschijnt dan enige tijd later in het betreffende tijdschrift een kleine mededeling dat het eerder gepubliceerde artikel is teruggetrokken en dat het betreffende artikel offline is gezet. Soms wordt vermeld waarom het artikel is ingetrokken, maar vaak blijft de reden duister.<\/p>\r\n

Nederland in de top 10<\/h2>\r\n

Vrijwilligers houden op de website retractionwatch.org bij welke artikelen door tijdschriften zijn ingetrokken en trachten hierin trends te ontdekken. Retractionwatch concludeert dat van elke 10.000 gepubliceerde wetenschappelijke artikelen er uiteindelijk 4 worden ingetrokken. Hierbij bestaan enorme verschillen tussen tijdschriften, landen en individuele onderzoekers. Zo blijkt één uitgever - Institute of Electrical and Electronics Engineers (IEEE) – duizenden artikelen te hebben teruggetrokken terwijl dit bij de meeste andere tijdschriften incidentele gevallen betreft. Ook zijn er aanzienlijke geografische verschillen. Onderzoekers uit Iran spannen de kroon met 14 retracties per 10.000 artikelen, maar zelfs Nederland blijkt de dubieuze eer te hebben om in de top 10 te staan van landen met het hoogste aantal ingetrokken publicaties. Deze plaats is zeer waarschijnlijk mede het gevolg van Diederik Stapel, voormalig Tilburgs hoogleraar sociale psychologie. Van deze onderzoeker zijn 58 artikelen teruggetrokken. Kampioen is trouwens Yoshitaka Fujii uit Japan met maar liefst 169 teruggetrokken artikelen!<\/p>\r\n

Plagiaat<\/h2>\r\n

De redenen waarom artikelen worden ingetrokken variëren sterk. In sommige gevallen is er geen sprake van wetenschappelijk wangedrag en melden onderzoekers uit zichzelf keurig dat ze in vervolgonderzoek bepaalde resultaten niet hebben kunnen reproduceren. Soms betreft het zaken die wellicht nog als een slordigheid zouden kunnen worden beschouwd. Zo bleek een Indiase onderzoeker geen toestemming te hebben verkregen van een patiënt die herkenbaar in een artikel was afgebeeld. Helaas is er in veel gevallen ronduit sprake van bewuste fraude, zoals plagiaat en het vervalsen of verzinnen van onderzoeksgegevens. Er blijken zelfs onderzoekers te zijn die door het gebruik van valse e-mailadressen erin slaagden hun eigen manuscripten als referent te beoordelen.<\/p>\r\n

Het verzinnen van onderzoeksgegevens is weliswaar de meest spectaculaire vorm van wetenschappelijke fraude maar heeft een veel lagere incidentie dan plagiaat. De vraag kan worden gesteld welke vorm de meest ernstige gevolgen voor de wetenschap heeft. Bij plagiaat wordt de oorspronkelijke onderzoeker geen recht gedaan, maar verandert er aan de beschikbare wetenschappelijke kennis feitelijk niets. Door het vervalsen of verzinnen van onderzoeksgegevens kunnen daarentegen misvattingen ontstaan met ernstige gevolgen. Zo worden collega-onderzoekers bewust op het verkeerde spoor gezet wat leidt tot verspilling van tijd en onderzoeksbudget. Nog erger is dat dergelijke fraude in medisch onderzoek aanleiding kan geven tot foutieve richtlijnen voor de behandeling van patiënten met mogelijk fatale gevolgen.<\/p>\r\n

Slechts één keer<\/h2>\r\n

De redenen waarom onderzoekers overgaan tot bovengenoemd wetenschappelijk wangedrag zijn grotendeels onduidelijk. Risicofactoren lijken het eisen van hoge aantallen publicaties als voorwaarde voor bevordering bij een academische carrière. Om onderzoeks­resultaten door tijdschriften gepubliceerd te krijgen, gaan sommigen dan maar hun resultaten ‘oppoetsen’ door bijvoorbeeld een afbeelding met Photoshop te verfraaien of bepaalde getallen weg te laten. Een sterk hiërarchische cultuur waarbij geen tegenspraak van medewerkers wordt geduld, kan ervoor zorgen dat het lang duurt voordat frauduleus gedrag wordt geopenbaard.<\/p>\r\n

In het 125-jarig bestaan van het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde<\/i> is het, bij mijn weten, slechts één keer voorgekomen dat wij een artikel hebben teruggetrokken. Hiermee bevindt het NTVT zich gelukkig ruimschoots onder het internationale gemiddelde van 4 per 10.000 artikelen. De redactie zal nu en in de toekomst zijn uiterste best blijven doen om dit zo te houden.<\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"11","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4887","auteurs":[{"id":"100","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"H.S. Brand","titel_key":"h_s_brand","old_id":"100","voorvoegsel":"H.S.","achternaam":"Brand"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/627.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt230_01web.jpg","rubriek_titel":"Redactioneel","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/valsspelen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt230_01web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt230_01web.jpg"},{"id":"4393","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Serie: Tandheelkundig erfgoed. De afdruk voor prothetische doeleinden","titel_key":"serie_tandheelkundig_erfgoed_de_afdruk_voor_prothetische_doeleinden","subtitel":"","samenvatting":"Het is in de prothetische tandheelkunde de wens om een nauwkeurig, betrouwbaar en detailrijk negatief van de kaak te verkrijgen. In de procedure van het afdrukken zijn er verschillende factoren die de kwaliteit van het resultaat sterk kunnen be\u00efnvloeden. Het afdrukken vergt een zekere vaardigheid van de tandarts. Daarnaast is het afdrukmateriaal, de vorm van de afdruklepel en niet in de laatste plaats de gemoedstoestand van de pati\u00ebnt sterk bepalend voor de kwaliteit van het negatief.","content":"

Het is in de prothetische tandheelkunde de wens om een nauwkeurig, betrouwbaar en detailrijk negatief van de kaak te verkrijgen . In de procedure van het afdrukken zijn er verschillende factoren die de kwaliteit van het resultaat sterk kunnen beïnvloeden. Het afdrukken vergt een zekere vaardigheid van de tandarts. Daarnaast is het afdrukmateriaal, de vorm van de afdruklepel en niet in de laatste plaats de gemoedstoestand van de patiënt sterk bepalend voor de kwaliteit van het negatief.<\/strong><\/p>\r\n

 <\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"18","serie_naam":"Tandheelkundig erfgoed","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4889","auteurs":[{"id":"1585","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"R. de Raat ","titel_key":"r_de_raat_1","old_id":"0","voorvoegsel":"R. de","achternaam":"Raat"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/637_639.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt209_01web.jpg","rubriek_titel":"Geschiedenis en tandheelkunde","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/serie-tandheelkundig-erfgoed-de-afdruk-voor-prothetische-doeleinden","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt209_01web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt209_01web.jpg"},{"id":"4394","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Serie: Leermeesters. Professor dr. Leo Coppes, een markante persoonlijkheid (1921-2008)","titel_key":"serie_leermeesters_professor_dr_leo_coppes_een_markante_persoonlijkheid_1921_2008","subtitel":"","samenvatting":"Dat hij zeer kundig was op zijn vakgebied, zal niemand kunnen ontkennen; prof. dr. Leo Coppes was een van de eersten die een verband legden tussen parodontale en algemene gezondheid. Daarnaast was hij \u2018beroemd\u2019 om de zweer op de arm van zijn dochter en zijn tekeningen die hij maakte voor zijn colleges. Een schets van het werkzame leven van deze bijzondere leermeester.","content":"

Dat hij zeer kundig was op zijn vakgebied, zal niemand kunnen ontkennen; prof. dr. Leo Coppes was een van de eersten die een verband legden tussen parodontale en algemene gezondheid. Daarnaast was hij ‘beroemd’ om de zweer op de arm van zijn dochter en zijn tekeningen die hij maakte voor zijn colleges. Een schets van het werkzame leven van deze bijzondere leermeester.<\/strong><\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"18","serie_naam":"Leermeesters","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4890","auteurs":[{"id":"688","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"U. van der Velden","titel_key":"u_van_der_velden","old_id":"688","voorvoegsel":"U. van der ","achternaam":"Velden"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/641_643.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt220_01_web.jpg","rubriek_titel":"Geschiedenis en tandheelkunde","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/serie-leermeesters-professor-dr-leo-coppes-een-markante-persoonlijkheid-1921-2008","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt220_01_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt220_01_web.jpg"},{"id":"4395","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Wensgeneeskunde en wenstandheel\u00adkunde: medisch-ethische aspecten","titel_key":"wensgeneeskunde_en_wenstandheel_kunde_medisch_ethische_aspecten","subtitel":"","samenvatting":"Met wensgeneeskunde worden medische (be)handelingen zonder direct medische noodzaak aangeduid. Bij dergelijke behandelingen kunnen medisch-ethische principes onder druk komen: de autonomie van de pati\u00ebnt wanneer wensen voortkomen uit sociale druk, \u2018het goeddoen\u2019 als het (achterliggende) doel en de gevolgen onduidelijk zijn, en \u2018het niet-schaden\u2019 als dit onmogelijk blijkt. Ook rechtvaardigheid komt in het gedrang wanneer vooral mensen met een betere sociaaleconomische achtergrond gebruik kunnen maken van wensgeneeskunde. Ongeacht of het wensgeneeskunde of reguliere geneeskunde betreft, respect voor de menselijke waardigheid en persoonlijke integriteit van de pati\u00ebnt blijft leidend. Vanuit deugd- en zorgethiek worden kwaliteiten benadrukt om een goed zorgverlener te zijn, zoals zorgzaamheid, compassie, solidariteit, eerlijkheid en persoonlijke inzet. Er is veel ethisch debat over wensgeneeskunde. Enkele belangrijke aspecten die daarbij naar voren komen, zijn dat risico\u2019s op schade beperkt zouden moeten blijven, de menselijke waardigheid en integriteit zouden moeten worden gerespecteerd, dat mensen echt worden geholpen en dat het rechtvaardigheidsprincipe overeind blijft .","content":"

Met wensgeneeskunde worden medische (be)handelingen zonder direct medische noodzaak aangeduid. Bij dergelijke behandelingen kunnen medisch-ethische principes onder druk komen: de autonomie van de patiënt wanneer wensen voortkomen uit sociale druk, ‘het goeddoen’ als het (achterliggende) doel en de gevolgen onduidelijk zijn, en ‘het niet-schaden’ als dit onmogelijk blijkt. Ook rechtvaardigheid komt in het gedrang wanneer vooral mensen met een betere sociaaleconomische achtergrond gebruik kunnen maken van wensgeneeskunde. Ongeacht of het wensgeneeskunde of reguliere geneeskunde betreft, respect voor de menselijke waardigheid en persoonlijke integriteit van de patiënt blijft leidend. Vanuit deugd- en zorgethiek worden kwaliteiten benadrukt om een goed zorgverlener te zijn, zoals zorgzaamheid, compassie, solidariteit, eerlijkheid en persoonlijke inzet. Er is veel ethisch debat over wensgeneeskunde. Enkele belangrijke aspecten die daarbij naar voren komen, zijn dat risico’s op schade beperkt zouden moeten blijven, de menselijke waardigheid en integriteit zouden moeten worden gerespecteerd, dat mensen echt worden geholpen en dat het rechtvaardigheidsprincipe overeind blijft .<\/strong><\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"1","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4891","auteurs":[{"id":"781","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D.J. Witter","titel_key":"d_j_witter","old_id":"781","voorvoegsel":"D.J. ","achternaam":"Witter"},{"id":"1696","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.J. Kole","titel_key":"j_j_kole","old_id":"0","voorvoegsel":"J.J.","achternaam":"Kole"},{"id":"101","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"W.G. Brands","titel_key":"w_g_brands","old_id":"101","voorvoegsel":"W.G.","achternaam":"Brands"},{"id":"144","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"N.H.J. Creugers","titel_key":"n_h_j_creugers","old_id":"144","voorvoegsel":"N.H.J.","achternaam":"Creugers"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/645_651.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/17ntvt225_02_web.jpg","rubriek_titel":"Visie","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/wensgeneeskunde-en-wenstandheel-kunde-medisch-ethische-aspecten","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/17ntvt225_02_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/17ntvt225_02_web.jpg"},{"id":"4396","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Verlies van de bovenkaak door denosumab","titel_key":"verlies_van_de_bovenkaak_door_denosumab","subtitel":"","samenvatting":"Een 58-jarige man met in de voorgeschiedenis intraveneus gebruik van denosumab werd verwezen naar een afdeling Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie voor een gestoorde wondgenezing na een serie extracties. Bij intraoraal en r\u00f6ntgenologisch onderzoek werden meerdere haarden van blootliggend, necrotisch bot gezien met pusafvloed en bleek de bovenkaak gefractureerd op Le Fort 1-niveau. De behandeling bestond uit het toedienen van intraveneus antibiotica gevolgd door een hemimaxillectomie onder algehele anesthesie. Hoewel medicatiegerelateerde osteonecrose van de kaak vooral is beschreven bij pati\u00ebnten die worden behandeld met bisfosfonaten, is het afgelopen decennium gebleken dat ook andere typen medicatie, met name denosumab, een dergelijk beeld kunnen veroorzaken. De behandeling van medicatiegerelateerde osteonecrose van de kaak is afhankelijk van het stadium van de aandoening. Bij gebruik van denosumab of bisfosfonaten (intraveneus of oraal in combinatie met corticostero\u00efden), een afwijkend r\u00f6ntgenologisch beeld of ontwikkelende osteonecrose is verwijzing naar een mka-chirurg op zijn plaats.","content":"

Een 58-jarige man met in de voorgeschiedenis intraveneus gebruik van denosumab werd verwezen naar een afdeling Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie voor een gestoorde wondgenezing na een serie extracties. Bij intraoraal en röntgenologisch onderzoek werden meerdere haarden van blootliggend, necrotisch bot gezien met pusafvloed en bleek de bovenkaak gefractureerd op Le Fort 1-niveau. De behandeling bestond uit het toedienen van intraveneus antibiotica gevolgd door een hemimaxillectomie onder algehele anesthesie. Hoewel medicatiegerelateerde osteonecrose van de kaak vooral is beschreven bij patiënten die worden behandeld met bisfosfonaten, is het afgelopen decennium gebleken dat ook andere typen medicatie, met name denosumab, een dergelijk beeld kunnen veroorzaken. De behandeling van medicatiegerelateerde osteonecrose van de kaak is afhankelijk van het stadium van de aandoening. Bij gebruik van denosumab of bisfosfonaten (intraveneus of oraal in combinatie met corticosteroïden), een afwijkend röntgenologisch beeld of ontwikkelende osteonecrose is verwijzing naar een mka-chirurg op zijn plaats.<\/strong><\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"7","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4892","auteurs":[{"id":"1715","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.M. Duininck","titel_key":"j_m_duininck","old_id":"0","voorvoegsel":"J.M.","achternaam":"Duininck"},{"id":"406","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"J. de Lange","titel_key":"j_de_lange","old_id":"406","voorvoegsel":"J. de","achternaam":"Lange"},{"id":"1716","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"F. R. Rozema","titel_key":"f_r_rozema_1","old_id":"0","voorvoegsel":"F. R.","achternaam":"Rozema"},{"id":"857","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"L. Dubois","titel_key":"l_dubois","old_id":"864","voorvoegsel":"L. ","achternaam":"Dubois"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/653_657.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt143_01_web_1.jpg","rubriek_titel":"Casu\u00efstiek","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/verlies-van-de-bovenkaak-door-denosumab","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt143_01_web_1.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt143_01_web_1.jpg"},{"id":"4397","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Herkenning en melding van kindermishandeling door orthodontisten","titel_key":"herkenning_en_melding_van_kindermishandeling_door_orthodontisten","subtitel":"","samenvatting":"In 2013 werd de meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld ingevoerd, die zorgverleners verplichtte melding te doen bij verdenking van kindermishandeling of huiselijk geweld. In 2014 is hierover onder tandartsen een enqu\u00eate uitgevoerd. Over het gebruik van de meldcode onder orthodontisten was echter nog niets bekend. In december 2015 is naar leden van de NVvO een enqu\u00eate verstuurd. De enqu\u00eate bestond uit 20 items over het toepassen van de meldcode en ervaringen met pati\u00ebnten. De meeste orthodontisten waren op de hoogte van de meldcode (83%) en hadden deze in de praktijk ge\u00efmplementeerd (64%). Toch vonden orthodontisten het moeilijk om signalen van kindermishandeling te herkennen. Voornamelijk vanwege het gebrek aan ervaring op dit gebied. De meeste orthodontisten die mishandeling vermoedden, ondernamen actie, voornamelijk door advies te vragen aan Stichting Veilig Thuis.","content":"

In 2013 werd de meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld ingevoerd, die zorgverleners verplichtte melding te doen bij verdenking van kindermishandeling of huiselijk geweld. In 2014 is hierover onder tandartsen een enquête uitgevoerd. Over het gebruik van de meldcode onder orthodontisten was echter nog niets bekend. In december 2015 is naar leden van de NVvO een enquête verstuurd. De enquête bestond uit 20 items over het toepassen van de meldcode en ervaringen met patiënten. De meeste orthodontisten waren op de hoogte van de meldcode (83%) en hadden deze in de praktijk geïmplementeerd (64%). Toch vonden orthodontisten het moeilijk om signalen van kindermishandeling te herkennen. Voornamelijk vanwege het gebrek aan ervaring op dit gebied. De meeste orthodontisten die mishandeling vermoedden, ondernamen actie, voornamelijk door advies te vragen aan Stichting Veilig Thuis.<\/strong><\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4893","auteurs":[{"id":"1717","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"N. van Wezel","titel_key":"n_van_wezel","old_id":"0","voorvoegsel":"N. van","achternaam":"Wezel"},{"id":"85","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"A. Bos","titel_key":"a_bos","old_id":"85","voorvoegsel":"A.","achternaam":"Bos"},{"id":"113","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.J.M. Bruers","titel_key":"j_j_m_bruers","old_id":"113","voorvoegsel":"J.J.M.","achternaam":"Bruers"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/658_663.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt186_00_web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/herkenning-en-melding-van-kindermishandeling-door-orthodontisten","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt186_00_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt186_00_web.jpg"},{"id":"4398","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Serie: Hora est. Het effect van een bindweefseltransplantaat op de esthetiek bij enkeltandsvervanging","titel_key":"serie_hora_est_het_effect_van_een_bindweefseltransplantaat_op_de_esthetiek_bij_enkeltandsvervanging","subtitel":"","samenvatting":"Enkeltandsvervanging in de esthetische zone van de bovenkaak is een betrouwbare behandeloptie, maar recessie van de midbuccale mucosa leidt regelmatig tot een suboptimaal esthetisch eindresultaat. Verdikking van de buccale mucosa door het aanbrengen van een bindweefseltransplantaat kan mogelijk het eindresultaat verbeteren. In dit promotieonderzoek werd derhalve onderzocht wat het effect van het aanbrengen van een bindweefsel\u00adtransplantaat is op de conditie en de esthetiek van de peri-implantaire weefsels bij enkeltandsvervanging in de esthetische zone. Bij direct geplaatste en gerestaureerde implantaten resulteerde het aanbrengen van een bindweefsel\u00adtransplantaat tot iets minder recessie van de midbuccale mucosa. Dit effect werd niet gezien bij conventioneel geplaatste implantaten in een geaugmen\u00adteerde extractiealveole. Met andere woorden: het aanbrengen van een bindweefsel\u00adtransplantaat had weinig effect op het esthetische eindresultaat en moet niet als een standaardprocedure worden toegepast.","content":"

Enkeltandsvervanging in de esthetische zone van de bovenkaak is een betrouwbare behandeloptie, maar recessie van de midbuccale mucosa leidt regelmatig tot een suboptimaal esthetisch eindresultaat. Verdikking van de buccale mucosa door het aanbrengen van een bindweefseltransplantaat kan mogelijk het eindresultaat verbeteren. In dit promotieonderzoek werd derhalve onderzocht wat het effect van het aanbrengen van een bindweefsel­transplantaat is op de conditie en de esthetiek van de peri-implantaire weefsels bij enkeltandsvervanging in de esthetische zone. Bij direct geplaatste en gerestaureerde implantaten resulteerde het aanbrengen van een bindweefsel­transplantaat tot iets minder recessie van de midbuccale mucosa. Dit effect werd niet gezien bij conventioneel geplaatste implantaten in een geaugmen­teerde extractiealveole. Met andere woorden: het aanbrengen van een bindweefsel­transplantaat had weinig effect op het esthetische eindresultaat en moet niet als een standaardprocedure worden toegepast.<\/strong><\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"8","serie_naam":"Hora est","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4894","auteurs":[{"id":"1718","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"E.G. Zuiderveld","titel_key":"e_g_zuiderveld","old_id":"0","voorvoegsel":"E.G.","achternaam":"Zuiderveld"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/664_668.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt210_01web.jpg","rubriek_titel":"Onderzoek en wetenschap","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/serie-hora-est-het-effect-van-een-bindweefseltransplantaat-op-de-esthetiek-bij-enkeltandsvervanging","toegang_niet_leden":false,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt210_01web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt210_01web.jpg"},{"id":"4399","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Nut van MRI voor diagnose kaakgewrichtsafwijkingen","titel_key":"nut_van_mri_voor_diagnose_kaakgewrichtsafwijkingen","subtitel":"Radiologie","samenvatting":"Dit onderzoek was gericht op de correlaties tussen bevindingen op MRI-beelden van het kaakgewricht, waaronder de vorm en positie van de discus, de vorm van de condylus, het beenmergsignaal en de hoeveelheid vocht in het gewricht, en de relaties tussen deze MRI-kenmerken en -symptomen bij kaakgewrich...","content":"

Dit onderzoek was gericht op de correlaties tussen bevindingen op MRI-beelden van het kaakgewricht, waaronder de vorm en positie van de discus, de vorm van de condylus, het beenmergsignaal en de hoeveelheid vocht in het gewricht, en de relaties tussen deze MRI-kenmerken en -symptomen bij kaakgewrichtsafwijkingen.<\/p>\r\n

In het onderzoek waren 425 patiënten (850 kaakgewrichten) met temporomandibulaire disfunctie (TMD) betrokken. Bij deze patiënten werden MRI-opnamen vervaardigd bij geopende en gesloten mond. De beoordeelde klinische symptomen waren onder andere pijn van het kaakgewricht, kaakgewrichtsknappen en beperking van mondopening. Voor de statistische analyses werden Spearmans rang correlatiecoëfficiënt en logistieke regressie-analyse toegepast.<\/p>\r\n

Discusverplaatsing zonder reductie en oedeem van het beenmerg in de condylus hadden een positieve correlatie met pijn van het kaakgewricht. Omgekeerd was de aanwezigheid van osteofyten en degeneratie van de condylus een indicatie voor een verminderd risico op deze pijn. Een gevouwen discus, discusverplaatsing zonder reductie en de aanwezigheid van osteofyten hadden significante negatieve correlaties met andere normale MRI-bevindingen (p < 0,01). Condylaire afvlakking wees vaak op kaakgewrichtsknappen [OR: 5,25; 95%CI (1,44-19,07)] en was negatief gecorreleerd aan beperking van de mondopening [OR: 0,34; 95%CI (0,11-0,99)]. Sterke vochtophoping in het gewricht ging significant samen met kaakgewrichtspijn en -knappen.<\/p>\r\n

Discusverplaatsing zonder reductie, afwijkingen in het beenmerg en sterke vochtophoping kunnen alleen met een MRI-onderzoek worden waargenomen, omdat daarrmee specifiek zachte weefsels en vocht worden afgebeeld. Panoramische röntgenopnamen, tomografie en (conebeam)computertomografie zijn alleen van belang voor de condylaire morfologie (harde weefsels) en daarom niet zo nuttig voor de diagnostiek bij de meeste patiënten met TMD.<\/p>\r\n

Conclusie.<\/b> MRI-onderzoek is de aangewezen methode om het kaakgewricht te evalueren bij patiënten met TMD-symptomen, teneinde de juiste therapieën te kiezen (invasief ingrijpen, fysiotherapie of spalken). Bijkomend voordeel is dat patiënten bij MRI niet aan röntgenstraling worden blootgesteld.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Matsubara R, Yanagi Y, Oki K, et al<\/em>. Assessment of MRI findings and clinical symptoms in patients with temporomandibular joint disorders. Dentomaxillofac Radiol 2018; 47: 20170412.<\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4895","auteurs":[{"id":"639","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"P.F. van der Stelt","titel_key":"p_f_van_der_stelt","old_id":"639","voorvoegsel":"P.F. van der","achternaam":"Stelt"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/669_673.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/nut-van-mri-voor-diagnose-kaakgewrichtsafwijkingen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg"},{"id":"4400","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"CT voor het beoordelen van degeneratieve kaakgewrichtsafwijkingen","titel_key":"ct_voor_het_beoordelen_van_degeneratieve_kaakgewrichtsafwijkingen","subtitel":"Radiologie","samenvatting":"Dit systematisch literatuuronderzoek betrof de betekenis van computertomogrammen (CT) of conebeamcomputertomogrammen (CBCT) bij de diagnostiek van degeneratieve kaakgewrichtsafwijkingen in aanvulling op klinisch onderzoek. In 2014 is een gereviseerde versie gepubliceerd van de Research Diagnostic Cr...","content":"

Dit systematisch literatuuronderzoek betrof de betekenis van computertomogrammen (CT) of conebeamcomputertomogrammen (CBCT) bij de diagnostiek van degeneratieve kaakgewrichtsafwijkingen in aanvulling op klinisch onderzoek. In 2014 is een gereviseerde versie gepubliceerd van de Research Diagnostic Criteria for Temporomandibular Disorders (RDC\/TMD) waarin beeldvorming wordt aanbevolen als onderdeel van het klinisch onderzoek bij kaakgewrichtsafwijkingen. Er zijn diverse modaliteiten om het kaakgewricht af te beelden, zoals CT, CBCT, MRI, 2D-radiografie, ultrageluid, panoramische röntgenopnamen en artrografie.<\/p>\r\n

De literatuur is niet eenduidig wanneer welke wijze van beeldvorming moet plaatsvinden. Het RDC\/TMD-protocol suggereert bij het vermoeden van degeneratieve kaakgewrichtsafwijkingen 3 mogelijke beeldvormende technieken: een panoramische röntgenopname, MRI en CT of CBCT. Wanneer volgens de RDC\/TMD er ernstige crepitus in het gewricht is met of zonder pijn in de regio van het temporomandibulaire kaakgewricht, dan wordt dit beschouwd als osteoartrose. De diagnose kan dan worden bevestigd met een CT-onderzoek. In dit onderzoek werd nagegaan wat het wetenschappelijke bewijs is voor deze aanbeveling. Het literatuuronderzoek werd uitgevoerd volgens de ‘Preferred Reporting Items for Systematic Reviews and Meta-analysis checklist’ (PRISMA).<\/p>\r\n

De geselecteerde onderzoeken betroffen personen ouder dan 16 jaar, bij wie degeneratieve kaakgewrichtsafwijking was vastgesteld door middel van klinische diagnose volgens het RDC\/TMD-protocol. Onderzoeken met kinderen onder de 16 jaar, met syndromatische patiënten, patiënten met reumatoïde artritis en nog een aantal groepen werden uitgesloten van het literatuuronderzoek. Uit een totaal van 619 gevonden publicaties waren er 4 die aan de inclusiecriteria voldeden. Dit betrof in totaal 1.224 patiënten. De publicaties waren verschenen tussen 2014 en 2016.<\/p>\r\n

Er was niet veel overeenstemming tussen de specificiteit en de sensitiviteit in de geselecteerde onderzoeken (afb.), alhoewel in sommige onderzoeken CBCT een goede indicatie van kaakgewrichtsafwijkingen bleek te geven. CBCT verdiende dan in het algemeen de voorkeur boven CT omdat de stralingsdosis van CBCT aanzienlijk lager is en omdat eerder onderzoek al heeft aangetoond dat de beeldkwaliteit voor het kaakgewricht bij CBCT beter is dan bij CT.<\/p>\r\n

\"\"
Afb.<\/strong> ROC-curves die de diagnostische nauwkeurigheid van CT\/CBCT voor de 4 geïncludeerde onderzoeken aangeven.<\/figcaption><\/figure>\r\n

Conclusie.<\/b> CBCT zou een goede beeldvormende onderzoeksmethode kunnen zijn om veranderingen van een degeneratief kaakgewricht in tijd te evalueren, maar het zou niet routinematig in gezonde individuen mogen worden gebruikt vanwege de slechte specificiteit.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Hilgenberg-Sydney PB, Bonotto DV, Stechman-Neto J, et al<\/em>. Diagnostic validity of CT to assess degenerative temporomandibular joint disease: a systematic review. Dentomaxillofac Radiol 2018; 47: 20170389.<\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4896","auteurs":[{"id":"639","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"P.F. van der Stelt","titel_key":"p_f_van_der_stelt","old_id":"639","voorvoegsel":"P.F. van der","achternaam":"Stelt"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/669_673.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/ct-voor-het-beoordelen-van-degeneratieve-kaakgewrichtsafwijkingen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/radiologie_logo.jpg"},{"id":"4401","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Bisfosfonaten belemmeren de genezing van ontstoken extractie-alveolen","titel_key":"bisfosfonaten_belemmeren_de_genezing_van_ontstoken_extractie_alveolen","subtitel":"Mond-, kaak- en aangezichtschirurgie","samenvatting":"Het mechanisme van door bisfosfonaten geïnduceerde osteonecrose van de kaken is niet bekend. Opvallend is dat de osteonecrose vooral ontstaat na een bottrauma als gevolg van de extractie van een gebitselement. Te extraheren gebitselementen hebben meestal een ontstoken parodontium door parodonti...","content":"

Het mechanisme van door bisfosfonaten geïnduceerde osteonecrose van de kaken is niet bekend. Opvallend is dat de osteonecrose vooral ontstaat na een bottrauma als gevolg van de extractie van een gebitselement. Te extraheren gebitselementen hebben meestal een ontstoken parodontium door parodontitis (apicalis). Het uitgevoerde dierexperiment had als hypothese dat bij medicatie met een parenteraal toegediend bisfosfonaat extractie-alveolen van gebitselementen met experimentele parodontitis symptomen van osteonecrose vertonen en vertraagd genezen.<\/p>\r\n

Van 45 ratten kregen 23 in een week tijd 2 keer parenteraal 200 µg\/kg zoledroninezuur. De controlegroep van 22 ratten kreeg op die momenten parenteraal een fysiologische zoutoplossing. In de experimentele groep kregen 11 en in de controlegroep 10 ratten een ligatuur rond de rechter maxillaire tweede molaar om parodontitis te induceren. Na 4 weken werd bij alle ratten maxillair radiologisch onderzoek verricht en op de dag daarna werden de rechter eerste en tweede maxillaire molaar geëxtraheerd. Vier weken later werden alle ratten gedood. Hun maxillae werden verwijderd en onderworpen aan radiologisch, histologisch en immunohistochemisch onderzoek. Om een idee te krijgen van de humane relevantie werden deze onderzoeksresultaten vergeleken met overeenkomstige gegevens van 2 patiënten die door bisfosfonaten geïnduceerde osteonecrose in de maxilla\/mandibula hadden.<\/p>\r\n

Alleen in de experimentele groep met geïnduceerde parodontitis bleek radiologisch dat de extractie-alveolen van de tweede molaren onvoldoende waren genezen. Histologisch werden ook alleen in deze groep ontsteking en osteonecrose van deze extractie-alveolen gevonden. Onvoldoende genezing van deze extractie-alveolen ging gepaard met een slecht georganiseerd weefselherstellend collageennetwerk, met afwezigheid van collageenvezels in necrotisch bot en met aanwezigheid van proteïnen die indicatief zijn voor weefselafbraak. Deze bevindingen kwamen sterk overeen met die van de humane weefsels.<\/p>\r\n

Conclusie.<\/b> Dentale ontstekingen en extractie van gebitselementen spelen een rol bij de pathogenese van door parenteraal toegediende bisfosfonaten geïnduceerde osteonecrose en medicatie met deze bisfosfonaten belemmert de genezing van extractie-alveolen.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Soundia A, Hadaya D, Esfandi N, et al<\/em>. Zoledronate impairs socket healing after extraction of teeth with experimental periodontitis. J Dent Res 2018; 97: 312–320.<\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4897","auteurs":[{"id":"23","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"C. de Baat","titel_key":"c_de_baat","old_id":"23","voorvoegsel":"C. de","achternaam":"Baat"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/669_673.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/mondziekten_kaak_en_aangezichtschirurgie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/bisfosfonaten-belemmeren-de-genezing-van-ontstoken-extractie-alveolen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/mondziekten_kaak_en_aangezichtschirurgie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/mondziekten_kaak_en_aangezichtschirurgie_logo.jpg"},{"id":"4402","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Effect van tabaksrook op de mondgezondheid bij 1- tot 5-jarigen","titel_key":"effect_van_tabaksrook_op_de_mondgezondheid_bij_1_tot_5_jarigen","subtitel":"Kindertandheelkunde","samenvatting":"Het is bekend dat tabaksrook invloed heeft op de gezondheid van kinderen. Het doel van onderhavig onderzoek was na te gaan welk effect tabaksrook uit de omgeving (Exposure to environmental Tabacco Smoke, ETS) voor of na de geboorte op de mondgezondheid heeft (cariës, gingivitis, pigmentaties en...","content":"

Het is bekend dat tabaksrook invloed heeft op de gezondheid van kinderen. Het doel van onderhavig onderzoek was na te gaan welk effect tabaksrook uit de omgeving (Exposure to environmental Tabacco Smoke, ETS) voor of na de geboorte op de mondgezondheid heeft (cariës, gingivitis, pigmentaties en glazuurdefecten) bij kinderen in de leeftijd van 1 tot 5 jaar.<\/p>\r\n

Aan de hand van een vragenlijst werd inzicht verkregen in de ziektegeschiedenis van het kind, het mondhygiëne gedrag, de voedingsgewoonten, het rookgedrag en de tandheelkundige historie van ouders. Intraoraal onderzoek bestond uit het vastleggen van de dmf-s\/dmf-t-score, glazuurdefecten, gezondheid van de gingiva, melaninepigmentaties en zachte weefsels. De sIGA-waarden (secretorische immunoglobuline A) werden gemeten in gestimuleerd speeksel.<\/p>\r\n

De onderzoeksgroep van 44 kinderen (leeftijd 15-69 maanden) werd verdeeld in 2 groepen: ETS en non-ETS. Kinderen die waren blootgesteld aan tabaksrook voor de geboorte hadden meer problemen aan de bovenste luchtweg, meer oorontsteking, een hoger gemiddeld percentage dmf-t, dmf-s en meer glazuurafwijkingen dan kinderen vrij van blootstelling aan tabaksrook. Het hoogste percentage kinderen met glazuurafwijkingen had tevens een verhoogd cariësrisico ondanks het gebruik van fluoridetandpasta (1.000 ppm). Moeders die rookten gaven geen borstvoeding of minder dan de geadviseerde 6 maanden. Het gemiddelde percentage sIGA (μg\/ml) was ook hoger ten opzichte van de controlegroep.<\/p>\r\n

Conclusie.<\/b> Kinderen die worden blootgesteld aan tabaksrook gedurende en\/of na de zwangerschap hebben een verhoogde kans op (tandheelkundige) gezondheidsproblemen. Hoewel het hier om een kleine onderzoeksgroep gaat, is het in de praktijk verstandig het rookgedrag van ouders in relatie tot de gezondheid van kinderen te bespreken.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Hasmun NN, Drummond BK, Milne T, Cullinan MP, Meldrum AM, Coates D<\/em>. Effects of environmental tobacco smoke on the oral health of preschool children. Eur Arch Paediatr Dent 2017; 18:393-398.<\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4898","auteurs":[{"id":"224","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D.L. Gambon","titel_key":"d_l_gambon","old_id":"224","voorvoegsel":"D.L.","achternaam":"Gambon"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/669_673.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/effect-van-tabaksrook-op-de-mondgezondheid-bij-1-tot-5-jarigen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4403","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Allergische rhinitis en cari\u00ebs bij kleuters","titel_key":"allergische_rhinitis_en_caries_bij_kleuters","subtitel":"Kindertandheelkunde","samenvatting":"Allergische rhinitis, ontsteking van het neusslijmvlies door een overgevoeligheid voor allergenen zoals pollen, huisstofmijt, huisdieren en schimmels, is het meest voorkomende chronische luchtwegprobleem bij kinderen (1,3%- 52%). Mondademhaling kan invloed hebben op de mondgezondheid. In hoeverre is...","content":"

Allergische rhinitis, ontsteking van het neusslijmvlies door een overgevoeligheid voor allergenen zoals pollen, huisstofmijt, huisdieren en schimmels, is het meest voorkomende chronische luchtwegprobleem bij kinderen (1,3%- 52%). Mondademhaling kan invloed hebben op de mondgezondheid. In hoeverre is dit van invloed op de ontwikkeling van cariës in het melkgebit?<\/p>\r\n

Bij een groep kinderen in de leeftijd 5-7 jaar (n = 296) werd de situatie van het melkgebit in kaart gebracht met behulp van de dmf-t-score en werd de allergische rhinitis-status geïnventariseerd met behulp van een vragenlijst en lichamelijk onderzoek. Daarnaast werden demografische gegevens en klinische kenmerken vastgelegd.<\/p>\r\n

Bij 35,1% van de kinderen was er sprake van allergische rhinitis. Er was geen significant verschil in de dmf-t-score (p = 0,07), wel significant was de aanwezigheid van het aantal restauraties en extracties bij kinderen met en zonder allergische rhinitis (p < 0,05). Er was geen significant verschil in het opleidingsniveau, het gezinsinkomen, de melkinname, het gebruik van een fopspeen, het tandenpoetsen, de speekselafscheiding of de BMI (Body Mass Index) (p > 0,05 in alle gevallen) tussen allergische rhinitis positieve en negatieve kinderen. Het gemiddelde dmf-t-getal lag in de allergische rhinitis-groep 20% hoger dan in de groep zonder allergische rhinitis en 15% hoger bij kinderen met mondademhaling ten opzichte van die met neusademhaling.<\/p>\r\n

Conclusie.<\/b> Allergische rhinitis en mondadem­haling hebben effect op de mondgezondheid en de gebitssituatie, en leiden tot een verhoogd aantal extracties en restauraties. Kinderen met allergische rhinitis en mondadem­haling lijken een groter risico te lopen bij het ontstaan van cariës. Vanuit dat oogpunt is extra tandheelkundige preventie noodzakelijk.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Bakhshaee M, Ashtiani SJ, Hossainzadeh M, Sehatbakhsh S, Najafi MN, Salehi M<\/em>. Allergic rhinitis and dental caries in preschool children. Dent Res J (Isfahan) 2017; 14: 376-381.<\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4899","auteurs":[{"id":"224","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D.L. Gambon","titel_key":"d_l_gambon","old_id":"224","voorvoegsel":"D.L.","achternaam":"Gambon"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/669_673.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/allergische-rhinitis-en-caries-bij-kleuters","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4404","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Kijkgedrag van een kind","titel_key":"kijkgedrag_van_een_kind","subtitel":"Kindertandheelkunde","samenvatting":"Een eerste indruk nog voordat een tandarts zich heeft voorgesteld is belangrijk bij het ontstaan van een positieve behandelrelatie met kinderen. Het doel van dit onderzoek was met behulp van eye-tracking technology te bepalen waar een kind het meest naar kijkt wanneer het een tandarts ziet.\r\nOp een...","content":"

Een eerste indruk nog voordat een tandarts zich heeft voorgesteld is belangrijk bij het ontstaan van een positieve behandelrelatie met kinderen. Het doel van dit onderzoek was met behulp van eye-tracking technology te bepalen waar een kind het meest naar kijkt wanneer het een tandarts ziet.<\/p>\r\n

Op een computerscherm kregen kinderen in de leeftijd van 4-12 jaar (n = 40, 21 meisjes, 19 jongens) 10 verschillende afbeeldingen van een staande tandarts te zien. De tandartsen waren van verschillend geslacht, hadden een verschillende culturele achtergrond en droegen verschillende kleding. Een Tobii X2-60 eye-tracking camera werd gebruikt, die de blik van het kind volgde terwijl het naar de afbeelding op het scherm keek. De verschillende interessegebieden werden vooraf op elke afbeelding gedefinieerd zoals ogen, mond en shirt. De afbeeldingen van de tandartsen werden afgewisseld met andere afbeeldingen, niet zijn­de een tandarts. Vastgelegd werd het aantal keren en de duur dat naar een interessegebied werd gekeken.<\/p>\r\n

Visuele beoordeling liet zien dat het meest naar het gezicht van de tandarts werd gekeken, gevolgd door de kleding. Significant was het aantal fixaties op het mondgebied ten opzichte van de ogen. Het aantal fixaties en de gemiddelde fixatiefrequentie waren beide langer voor het gezicht in vergelijking met de kleding, en voor mondgebied gebied in vergelijking met de ogen. Er werd langer en meer gekeken als er nog een afleidend attribuut zichtbaar was zoals een borstzak met pen.<\/p>\r\n

Conclusies.<\/b> Kinderen waren het meest gefixeerd op het gezicht van de tandarts, vooral het mondgebied, gevolgd door kleding. Voorwerpen konden de blik van de kinderen trekken. Eye-tracking blijkt een effectief hulpmiddel om te beoordelen waar kinderen op de afbeeldingen van tandartsen naar kijken.<\/p>\r\n

Met de resultaten van dit onderzoek krijgen tandartsen inzicht is waar een kind naar kijkt en kunnen daar hun voordeel mee doen in het tegemoet treden van kinderen.<\/p>\r\n

Bron<\/h4>\r\n

Celine G, Cho V, Kogan A, Anthonappa R, King N<\/em>. Eye-tracking in dentistry: what do children notice in the dentist? J Dent 2018; doi: 10.1016\/j.jdent.2018.08.006. [Epub ahead of print]<\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4900","auteurs":[{"id":"224","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D.L. Gambon","titel_key":"d_l_gambon","old_id":"224","voorvoegsel":"D.L.","achternaam":"Gambon"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/669_673.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/kijkgedrag-van-een-kind","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/kindertandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4405","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Actiepunten ten behoeve van adequate mondzorg voor ouderen","titel_key":"actiepunten_ten_behoeve_van_adequate_mondzorg_voor_ouderen","subtitel":"Gerodontologie","samenvatting":"De wereldwijd verouderende bevolking stelt landelijke overheden en beleidsbepalers voor economische, sociale en organisatorische uitdagingen, ook op het gebied van de mondzorg. Als ouderen in de toekomst verzekerd willen zijn van voldoende, goed bereikbare en goed doordachte mondzorg moet duidelijk...","content":"

De wereldwijd verouderende bevolking stelt landelijke overheden en beleidsbepalers voor economische, sociale en organisatorische uitdagingen, ook op het gebied van de mondzorg. Als ouderen in de toekomst verzekerd willen zijn van voldoende, goed bereikbare en goed doordachte mondzorg moet duidelijk in beeld komen welke zorgbehoeften zij hebben en hoe groot de menskracht moet zijn om aan hun zorgbehoeften te voldoen. Dit artikel richt zich op de aanbevelingen uit een rapport van de Wereldgezondheidsorganisatie, getiteld ‘Global action plan for the prevention and control of noncommunicable diseases 2013-2020’. De gerapporteerde aanbevelingen werkten de auteurs van dit artikel uit tot 10 actiepunten:<\/p>\r\n

    \r\n
  1. De totale professie van zorgverleners moet effectieve preventieve mondzorg met gebruikmaking van betere zelfzorgmiddelen stimuleren. Om dit te verwezenlijken is een breed team van mondzorgverleners nodig.<\/li>\r\n
  2. In zorgcentra voor dagverblijf en in woonzorgcentra moeten zorgverleners hulp kunnen bieden bij de dagelijkse mondverzorging.<\/li>\r\n
  3. Mondzorg moet worden geïntegreerd in de totale zorgverlening.<\/li>\r\n
  4. In 2020 moeten alle volwassenen levenslang een functionele dentitie hebben zonder gebitsprothesen. Om dit doel te bereiken is onderzoek nodig naar adequate behandelmethoden.<\/li>\r\n
  5. Vooral minimaal invasieve behandelmethoden moeten worden toegepast.<\/li>\r\n
  6. Door periodieke mondonderzoeken en door aandacht te besteden aan risicofactoren als roken, alcoholconsumptie en infectie met het humane papillomavirus moet mondkanker worden voorkomen.<\/li>\r\n
  7. Onderwijs in gerontologie en gerodontologie aan (aanstaande) mondzorgverleners is van essentieel belang.<\/li>\r\n
  8. Fabrikanten en onderzoekers moeten worden gestimuleerd om in gezamenlijkheid effectieve hulpmiddelen te ontwerpen voor diagnostiek, behandeling en zelfzorg.<\/li>\r\n
  9. Overheden moeten zorgen voor adequate bekostiging van de mondzorg met steun van onderzoekers die de overheden informeren over welke zorg (kosten)effectief en wetenschappelijk gefundeerd is.<\/li>\r\n
  10. Met betrekking tot punt 9 moet innovatief multidisciplinair onderzoek worden verricht.<\/li>\r\n<\/ol>\r\n

    Conclusie.<\/b> Om de genoemde actiepunten te concretiseren, is samenwerking nodig tussen (mond)zorgverleners, onderzoekers, fabrikanten van mondzorgproducten, politici en beleidsbepalers.<\/p>\r\n

    Bron<\/h4>\r\n

    Meurman JH, McKenna G, Murtooma H, et al<\/em>. Managing our older population: the challenges ahead. J Dent Res 2018; 97: 1077–1078.<\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4901","auteurs":[{"id":"23","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"C. de Baat","titel_key":"c_de_baat","old_id":"23","voorvoegsel":"C. de","achternaam":"Baat"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/669_673.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gerodontologie_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/actiepunten-ten-behoeve-van-adequate-mondzorg-voor-ouderen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gerodontologie_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/gerodontologie_logo.jpg"},{"id":"4406","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Excaveren met roterend en chemo-mechanisch instrumentarium","titel_key":"excaveren_met_roterend_en_chemo_mechanisch_instrumentarium","subtitel":"Restauratieve Tandheelkunde","samenvatting":"Om carieus weefsel uit diepe asymptomatische caviteiten op een weefselsparende manier te verwijderen is het gebruik van handinstrumenten belangrijk. Het bewijs komt voornamelijk uit laboratoriumonderzoeken. Door de beschikking van conebeamcomputertomografische apparaten (CCTA) blijkt het mogelijk om...","content":"

    Om carieus weefsel uit diepe asymptomatische caviteiten op een weefselsparende manier te verwijderen is het gebruik van handinstrumenten belangrijk. Het bewijs komt voornamelijk uit laboratoriumonderzoeken. Door de beschikking van conebeamcomputertomografische apparaten (CCTA) blijkt het mogelijk om periapicale aandoeningen nauwkeuriger te detecteren dan met het röntgenapparaat.<\/p>\r\n

    De chemo-mechanische gel Carisolv™ is al lang op de markt en functioneert goed in caviteiten met verschillende diepten. Nog niet onderzocht is echter het gebruik van Carisolv™ onder de operatiemicroscoop in diepe caviteiten bij patiënten die tekenen van omkeerbare pulpitis vertoonden (testgroep). De controlegroep bestond uit patiënten bij wie carieus weefsel werd verwijderd met langzaam draaiende boren zonder gebruik te maken van de microscoop. De nulhypothese was: er is geen klinisch en radiologisch waarneembaar verschil tussen de 2 onderzoeksgroepen in behoud van de vitaliteit van de pulpa na 12 maanden en in de aanwezigheid van bacteriën in de caviteit na beëindiging van het excaveren.<\/p>\r\n

    De behandelingen werden door 30 endodontologen-in-opleiding in 101 caviteiten (46 test en 55 controle) bij 86 patiënten uitgevoerd. Periapicale röntgenopnamen werden met de CCTA voor de behandeling en na 12 maanden door 2 ervaren endodontologen geëvalueerd. Een schatting van de aanwezigheid van het aantal bacteriën per milligram werd door middel van DNA-bepaling verkregen. De uitkomstmaten waren het behoud van de sensibiliteit van de pulpa en afwezigheid van periapicale ontstekingsverschijnselen. Na 12 maanden werden 40 behandelingen in de test en 45 in de controlegroep onderzocht. Het succespercentage voor te testgroep was 90% en voor de controlegroep 73,3% (p = 0,049). In beide groepen was het succespercentage hoger in de molaren dan in de premolaren. Er werd geen verschil in het aanwezige aantal bacteriën in de postexcavatie monsters tussen beide groepen ontdekt.<\/p>\r\n

    Conclusie<\/b>. De zelfbeperkende weefselsparende chemo-mechanische gel met handinstrumenten toegepast onder een operatiemicroscoop, verhoogt de over­leving van gebits­elementen met diepe reversibele pulpitis in vergelijking met het gebruik van de langzaam draaiende roterende boor zonder uitvergroting na 12 maanden.<\/p>\r\n

    Bron<\/h4>\r\n

     Ali AH, Koller G, Foschi F, et al<\/em>. Self-limiting versus conventional caries removal: A randomized clinical trial. J Dent Res 2018; 97: 1207-1213.<\/p>\r\n

     <\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4902","auteurs":[{"id":"222","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.E. Frencken","titel_key":"j_e_frencken","old_id":"222","voorvoegsel":"J.E.","achternaam":"Frencken"}],"has_download":"uploads\/uitgave_import\/669_673.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/restauratieve_tandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/excaveren-met-roterend-en-chemo-mechanisch-instrumentarium","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/restauratieve_tandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/restauratieve_tandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4407","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Onder de loep! B.V. Ho","titel_key":"onder_de_loep_b_v_ho","subtitel":"","samenvatting":"Bach Van Ho werkt als promovenda sinds april 2016 bij de sectie Orale Kinesiologie van het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA). Promotoren van haar onderzoek zijn prof. dr. F. Lobbezoo en prof. dr. E.J.A. Scherder. De copromotoren zijn dr. C.D. van der Maarel-Wierink en dr. R.A.F. Weijenberg. De redactie van het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde stelde 8 vragen over het onderzoek.","content":"

    Bach Van Ho werkt als promovenda sinds april 2016 bij de sectie Orale Kinesiologie van het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA). Promotoren van haar onderzoek zijn prof. dr. F. Lobbezoo en prof. dr. E.J.A. Scherder. De copromotoren zijn dr. C.D. van der Maarel-Wierink en dr. R.A.F. Weijenberg. De redactie van het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde stelde 8 vragen over het onderzoek.<\/strong><\/p>\r\n

     <\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4903","auteurs":[{"id":"1566","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"B.V. Ho","titel_key":"b_v_ho","old_id":"0","voorvoegsel":"B.V.","achternaam":"Ho"}],"has_download":"uploads\/download_artikel\/636.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/18ntvt225_01_web1.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/onder-de-loep-b-v-ho","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/18ntvt225_01_web1.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/18ntvt225_01_web1.jpg"},{"id":"4408","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Mondzorggedrag van ouders en jonge kinderen gerelateerd aan een preventie\u00adprotocol","titel_key":"mondzorggedrag_van_ouders_en_jonge_kinderen_gerelateerd_aan_een_preventie_protocol","subtitel":"Preventieve Tandheelkunde","samenvatting":"Tandcariës in tijdelijke gebitselementen is de beste predictor voor het ontstaan van tandcariës in blijvende gebitselementen. Het is dus van belang te zorgen dat het tijdelijk gebit cariësvrij is. In 22 praktijken werd het ‘Noord-Ierland Cariës Preventie in de Praktijk&rsqu...","content":"

    Tandcariës in tijdelijke gebitselementen is de beste predictor voor het ontstaan van tandcariës in blijvende gebitselementen. Het is dus van belang te zorgen dat het tijdelijk gebit cariësvrij is. In 22 praktijken werd het ‘Noord-Ierland Cariës Preventie in de Praktijk’ protocol bij 2- tot 3-jarigen uitgevoerd. Bij de aselect gekozen testgroep werden iedere 6 maanden, 3 jaar lang, alle gebitselementen van fluoridevernis voorzien, een tandenborstel en fluoridetandpasta verstrekt en gestandaardiseerd advies over het voorkomen van tandcariës gegeven. Kinderen uit de controlegroep kregen alleen gestandaardiseerd advies. Een belangrijk resultaat na 3 jaar was dat 87% van de kinderen het preventieprotocol volledig hadden gevolgd, maar dat bij 34% van hen toch tandcariës was opgetreden.<\/p>\r\n

    Het onderhavige onderzoek beoogde meer inzicht te krijgen in het mondzorggedrag van ouders en kind, en na te gaan hoe dat gedrag inspeelt op het tandcariës-risicoprofiel van jonge kinderen die regelmatig naar de tandarts gaan.<\/p>\r\n

    De onderzoekgegevens werden verkregen door middel van een vragenlijst die aan het begin van het onderzoek bij 1.058 ouders werd afgenomen en een telefonisch vraaggesprek met 39 ouders (19 uit de test- en 20 uit de controlegroep). De 39 ouders werden geselecteerd op basis van de volgende kenmerken: a. hadden een kind in de testgroep dat wel en b. geen tandcariës ontwikkelde, c. hadden een kind in de controlegroep dat wel en d. geen tandcariës ontwikkelde.<\/p>\r\n

    Uit de vragenlijst kwam naar voren dat zowel tandenpoetsen als het nuttigen van suikerhoudende tussendoortjes bij het merendeel van de kinderen uit beide groepen voorkwam. Kinderen die door hun ouders automatisch werden herinnerd aan het tandenpoetsen hadden significant meer kans op een gebit zonder carieuze dentinelaesies dan kinderen die niet automatisch herinnerd werden. Een verhoogd gebruik van suikerhoudende dranken tussen de maaltijden verhoogde de kans op het krijgen van dentinecaviteiten significant. Het telefonisch interview bracht aan het licht dat alle ouders tandenpoetsen belangrijk vonden. Het controleren van het suikergebruik vond men echter moeilijk.<\/p>\r\n

    Conclusie.<\/b> Al van jongs af aan is tandenpoetsen breed geaccepteerd. De frequentie van suikerhoudend consumpties was hoog. Het regelmatig preventief onderhouden van het gebit is bij vele kinderen nog onvoldoende. Een verbetering van de mondgezondheid moet worden gezocht in het verlagen van de frequentie van ­suikergebruik.<\/p>\r\n

    Bron<\/h4>\r\n

     O’Malley L, Worthington HV, Donaldson M, et al<\/em>. Oral health behaviours of parents and young children in a practice-based caries prevention trial in Northern Ireland. Community Dent Oral Epidemiol 2018; 46: 251-257.<\/p>","datum":"2018-12-07 00:00:00","rubriek":"14","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"241","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4904","auteurs":[{"id":"222","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"J.E. Frencken","titel_key":"j_e_frencken","old_id":"222","voorvoegsel":"J.E.","achternaam":"Frencken"}],"has_download":"uploads\/download_artikel\/669_673.pdf","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/preventieve_tandheelkunde_logo.jpg","rubriek_titel":"Excerpten","uitgave_titel":"december 2018","url":"\/artikel\/125\/12\/mondzorggedrag-van-ouders-en-jonge-kinderen-gerelateerd-aan-een-preventie-protocol","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/preventieve_tandheelkunde_logo.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/excerpten_afb\/preventieve_tandheelkunde_logo.jpg"},{"id":"4391","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Oratie prof. dr. Corine Visscher \u2013 Hoofdzaken en kopzorgen","titel_key":"oratie_prof_dr_corine_visscher_hoofdzaken_en_kopzorgen","subtitel":"","samenvatting":"Op donderdag 22 november 2018 sprak prof. dr. Corine Visscher haar oratie uit bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar in de Orofaciale Fysiotherapie aan de Universiteit van Amsterdam.  Visscher nam haar toehoorders mee in een reis door de tijd, waarin zij parallel haar eigen persoonlijke...","content":"

    Op donderdag 22 november 2018 sprak prof. dr. Corine Visscher haar oratie uit bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar in de Orofaciale Fysiotherapie aan de Universiteit van Amsterdam.  Visscher nam haar toehoorders mee in een reis door de tijd, waarin zij parallel haar eigen persoonlijke ontwikkeling legde naast die van haar vakgebied. Deze reis door de tijd en de blik in de toekomst werd onderverdeeld in 3 ‘hoofdzaken’, te weten de diagnostiek van aandoeningen van het kauwstelsel, hoofdpijn en pijneducatie.<\/p>\r\n

    Tijdens het laatste jaar van haar opleiding fysiotherapie aan de Hogeschool van Amsterdam kwam Corine Visscher voor het eerst in aanraking met haar huidige vakgebied door een stage bij de sectie Orale Kinesiologie van het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA). De multidisciplinaire aanpak (tandarts-gnathologen, fysiotherapeuten en psycholoog) sprak haar aan. Het was de toenmalige hoogleraar Chiel Naeije die haar een promotieplaats aanbood en daarmee haar carrière een onomkeerbare richting gaf.<\/p>\r\n

    Corine Visscher raakte betrokken bij het internationaal consortium dat zich bezighoudt met een classificatiesysteem voor de herkenning van klachten vanuit het kauwstelsel, nu genaamd de Diagnostic Criteria for Temporomandibular Disorders (DC\/TMD). Haar doelen voor de komende jaren zijn om zowel het bestaande classificatiesysteem te verbeteren (door bijvoorbeeld weerstandstesten op te nemen) en een verkortte versie van de DC\/TMD te ontwikkelen (die gemakkelijk in de algemene praktijk kan worden gebruikt).<\/p>\r\n

    Een tweede speerpunt is onderzoek naar hoofdpijn. Het tijdig stellen van de juiste hoofdpijndiagnose blijft lastig. Dit geldt voor de primaire hoofdpijnen spanningshoofdpijn en migraine, maar ook voor een van de secundaire hoofdpijnen, de zogenoemde hoofdpijn secundair aan TMD (1 van de 3 pijndiagnoses uit de DC\/TMD). Om de diagnostiek te verbeteren worden door haar vragenlijsten ontwikkeld die, door eerdere herkenning, de zorg zullen verbeteren.<\/p>\r\n

    Als derde en laatste aandachtspunt noemde Corine Visscher pijneducatie. Daar waar enkele decennia geleden nog puur vanuit een biologische model gedacht werd, waarbij de klachten van patiënten teruggevoerd werden naar weefselschade, is inmiddels bekend dat chronische pijnklachten meestal veel complexer zijn. Kenmerkend voor chronische pijn is dat de pijn kan blijven bestaan ondanks het feit dat er geen sprake meer is van weefselschade. Pijneducatie heeft als doel om via het bijstellen van de overtuigingen van een patiënt positieve effecten op de pijnklachten te bereiken. De ambitie is om pijneducatie te integreren in de zorg voor patiënten met kopzorgen.<\/p>\r\n

    (dr. Peter Wetselaar<\/b>, gastredacteur)<\/p>","datum":"2018-12-05 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4886","auteurs":[{"id":"939","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"P. Wetselaar","titel_key":"p_wetselaar","old_id":"948","voorvoegsel":"P. ","achternaam":"Wetselaar"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181122_pers_oratie_c_visscher_door_dirk_gillissen_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/oratie-prof-dr-corine-visscher-hoofdzaken-en-kopzorgen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181122_pers_oratie_c_visscher_door_dirk_gillissen_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181122_pers_oratie_c_visscher_door_dirk_gillissen_web.jpg"},{"id":"4390","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Oratie prof. dr. Jan de Visscher \u2013 Over de mond en meer","titel_key":"oratie_prof_dr_jan_de_visscher_over_de_mond_en_meer","subtitel":"","samenvatting":"Op 20 november 2018 sprak prof. dr. J.G.A.M. de Visscher zijn inaugurele rede uit vanwege zijn benoeming tot hoogleraar Oral Medicine aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Een boeiende openbare les die zowel voor tandartsen, mka-chirurgen als patiënten stof tot nadenken gaf. In dit verslag komen...","content":"

    Op 20 november 2018 sprak prof. dr. J.G.A.M. de Visscher zijn inaugurele rede uit vanwege zijn benoeming tot hoogleraar Oral Medicine aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Een boeiende openbare les die zowel voor tandartsen, mka-chirurgen als patiënten stof tot nadenken gaf. In dit verslag komen de onderwerpen aan de orde die vooral praktiserende tandartsen-algemeen practici en mondhygiënisten zullen aanspreken.<\/p>\r\n

    Na een korte beschouwing over de term ‘oral medicine’ stelde De Visscher zonder aarzelen vast dat de mond soms de spiegel is van het lichaam en soms zelfs van de medicijnkast, want er is een grote verscheidenheid van aandoeningen die in de mond en het periorale gebied kunnen voorkomen. Het gaat hierbij vooral om 3 groepen, te weten lokale afwijkingen, uitingen van systemische en gegeneraliseerde lichamelijke aandoeningen en bijwerkingen van en interacties door geneesmiddelen. Als voorbeelden van lokale afwijkingen in de mond noemde De Visscher een goedaardige zwelling van bloedvaten in de tong of een zwelling op het gehemelte die een speekselkliergezwel. Als uiting een systemische lichamelijke aandoeningen kan een zwelling van het wangslijmvlies bijvoorbeeld de eerste klinische uiting zijn van de ziekte van Crohn. “Deze aandoening kan zich manifesteren van mond tot kont”<\/i>, aldus de hoogleraar. Hij noemde ook een patiënt met bloedarmoede en onder andere een prikkelende, pijnlijke tong door een tekort aan vitamine B12. Na behandeling verdween de klacht en zag het slijmvlies er weer normaal uit. Ten slotte wees De Visscher op bijwerkingen door geneesmiddelen, zoals pijnlijke zweren in de mond door het gebruik van methotrexaat, dat wordt toegepast bij de behandeling van sommige kankers en ernstige psoriasis en reuma. Hij constateerde dat na het staken van dit medicamentgebruik zulke ulceraties verdwijnen.<\/p>\r\n

    Interessant was zijn betoog over het handelen van patiënten die een afwijking in hun mond ontdekken. Wat gaan zij dan doen? Gaat men naar een tandarts of naar een huisarts? Wanneer er tevens sprake is van een aandoening elders in het lichaam dan ligt het voor de hand dat de patiënt zich zal wenden tot de huisarts. De Visscher stelde vast dat, vanuit het gezichtspunt van patiënten, het erop lijkt dat tandartsen door de bevolking vooral worden gezien als deskundigen van het gebit, maar niet van de mond.<\/p>\r\n

    De Visscher sloot zijn oratie af met een beschouwing over zijn boeiende onderzoek naar mondkanker en de mogelijke voorstadia van dit kwaadaardige proces dat voornamelijk uitgaat van het slijmvlies van de mondholte. Het betreft in zijn onderzoek dan vooral de diagnostiek en de adequate behandeling van leukoplakie.<\/p>\r\n

    (prof. dr. Michiel A.J. Eijkman<\/b>, redacteur)<\/p>","datum":"2018-12-04 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4885","auteurs":[{"id":"1680","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"M.A.J. Eijkman","titel_key":"m_a_j_eijkman_1","old_id":"0","voorvoegsel":"M.A.J.","achternaam":"Eijkman"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181120_pers_oratie_jan_de_visscher_01_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/oratie-prof-dr-jan-de-visscher-over-de-mond-en-meer","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181120_pers_oratie_jan_de_visscher_01_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181120_pers_oratie_jan_de_visscher_01_web.jpg"},{"id":"4389","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Exploring borders; meet your neighbours","titel_key":"exploring_borders_meet_your_neighbours","subtitel":"IAPD regio-meeting","samenvatting":"Op 23 en 24 november 2018 vond, vooruitlopend op het congres ‘Joining forces’ van de International Association of Paediatric Dentistry (IAPD) in 2021 te Maastricht, in Eindhoven een IAPD-meeting plaats met de titel ‘Exploring borders, meet your neighbours’. De krachten werden...","content":"

    Op 23 en 24 november 2018 vond, vooruitlopend op het congres ‘Joining forces’ van de International Association of Paediatric Dentistry (IAPD) in 2021 te Maastricht, in Eindhoven een IAPD-meeting plaats met de titel ‘Exploring borders, meet your neighbours’. De krachten werden gebundeld met de Belgische en Duitse zusterverenigingen voor de kindertandheelkunde. Hierbij stonden de grenzen die gedicteerd worden door mogelijkheden en belastbaarheid van het kind centraal, naast de grenzen met betrekking tot technische mogelijkheden, preventie, voorschriften of wetenschappelijk bewijs.<\/p>\r\n

    Dr. Carvalho, dr. Vermaire en dr. Schmoeckel gaven inzicht hoe tandheelkundige zorg in de verschillende landen is georganiseerd, ook in relatie tot het zorgverzekeringssystemen en programma’s voor preventieve tandheelkundige zorg voor kinderen. Nederland mag zich gelukkig prijzen dat het binnen Europa het beste gezondheidszorgsysteem heeft.<\/p>\r\n

    Dr. Schuller had de primeur de eerste cijfers te presenteren van het onderzoek ‘Kies voor tanden’ naar de cariësprevalenties bij kinderen in 2017. De resultaten hiervan zullen in 2019 gepubliceerd worden in het NTVT. Van de 5-jarigen had 76% een gaaf gebit, bij de 11-, 17- en 23-jarigen was dit respectievelijk 61%, 34% en 21%. Dat lijkt wellicht goed maar dat betekent wel dat 24% van de 5-jarigen, 39% van de 11-jarigen, 66% van de 17-jarigen en 79% van de 23-jarigen geen gaaf gebit heeft. Bij de 5-jarigen is er een positieve trend zichtbaar, bij de andere leeftijdsgroepen is deze negatief of onveranderd.<\/p>\r\n

    Prof. Aps gaf inzicht in de voor- en nadelen van de 3D-beeldtechniek, waarbij ook uitgebreid de anatomie van de mandibula aan bod kwam. Aanwezige accessoire kanalen maken dat na het geven van een mandibulair blok er toch nog sensibiliteit kan zijn. Hoe dit probleem met het geven van intraossale anesthesie kan worden ondervangen werd uitgebreid getoond.<\/p>\r\n

    Dr. Weerheim hield een verhaal met betrekking tot diagnose, prevalentie en etiologie van Molar Incisor Hypomineralisation (MIH), waarna Prof. dr. Krämer, nieuwe aspecten toelichtte bij de behandeling van MIH in relatie tot het ‘Würzburg MIH-concept<\/a> ’. Vervolgens besprak prof. dr. Drummond de diagnose en behandeling van glazuurdefecten op korte en lange termijn met de noodzaak van vroegdiagnose, preventie in relatie tot esthetiek en behoud van gebitselementen. Dr. Elferink belichtte in een parallelsessie de kaasmolaren in het melkgebit. Tandarts Jasulaityte deelde haar ervaring met het gebruik van zilverdiaminefluoride (ZDF), waardoor actieve cariës in het melkgebit kan worden gestabiliseerd. Motivational interviewing in combinatie met de applicatie van ZDF  kan een alternatief zijn bij cariësmanagement zonder invasief ingrijpen met een zeer geringe belasting van het kind. Een nadeel van ZDF is de zwarte verkleuring van de laesie na applicatie.<\/p>\r\n

    Naast de genoemde onderwerpen waren er nog vele andere interessante presentaties in parallelle sessies, diverse workshops (gebruik van tricalciumsilicaatcement, ZDF en de Hall-techniek) en casuïstiek. Kortom, een boeiend en goed georganiseerd congres als prima voorproefje op het IAPD-congres in 2021.<\/p>\r\n

    (Dien Gambon<\/b>, gastredacteur)<\/p>","datum":"2018-12-03 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4884","auteurs":[{"id":"1617","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"D. Gambon","titel_key":"d_gambon","old_id":"0","voorvoegsel":"D.","achternaam":"Gambon"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/iapd_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/exploring-borders-meet-your-neighbours","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/iapd_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/iapd_web.jpg"},{"id":"4385","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Adviseren is zoveel makkelijker dan de uitvoering","titel_key":"adviseren_is_zoveel_makkelijker_dan_de_uitvoering","subtitel":"Column","samenvatting":"Columniste \u00e9n tandarts Lisa Vermeulen heeft het zelf ook zwaar met haar poetsadviezen voor kinderen. De praktijk blijkt toch wat weerbarstiger nu haar eigen kind niet gepoetst wil worden: Nu kijk ik elke avond op tegen het moment dat mijn kind naar bed moet. Als hij zelf met zijn tandenborstel mag spelen is er niets aan de hand en zit hij blij op zijn Star Wars borstel te kauwen, maar dan komt het moment dat mama gaat napoetsen...","content":"

    Eind deze maand ben ik 1 jaar lang moeder, eind volgende maand word ik voor de tweede keer moeder en nu pas merk ik dat advies geven veel makkelijker is dan advies opvolgen. Als ouder wil je namelijk het beste voor jouw kind. Wat precies het beste voor jouw kind is, is nog maar de vraag. Iedereen heeft immers een verschillende kijk op het leven en dus ook op opvoeding. Toch merk ik dat kersverse ouders vertrouwen op het advies van de tandarts over hoe en wanneer de tanden moeten worden gepoetst. Zelf geef ik altijd het advies om de tanden eenmaal daags te gaan poetsen zodra ze doorkomen. Dit doen we ’s avonds en daarna wordt niet meer gegeten of gedronken, tenzij het water is. Vanaf 2 jaar oud moet er 2 keer per dag gepoetst worden en wil je daar eerder mee oefenen, let dan op dat je kind niet alle tandpasta opeet.<\/p>\r\n

    Het klinkt zo eenvoudig, maar het kan zo lastig zijn. Het eerste probleem waar ouders tegenaan kunnen lopen - en dat mij mooi werd ontzien - is dat de baby al tanden heeft voordat hij na het avondeten doorslaapt. Mijn kind kreeg met 10 maanden pas zijn eerste tand en sliep toen gelukkig al lang en breed door. Maar er zijn ook kinderen die met 4 maanden al tanden krijgen en nog elke 3-4 uur voor voeding komen. Nu is borstvoeding minder cariogeen dan flesvoeding, maar ook niet elke moeder is in de gelegenheid om borstvoeding te geven. Wat doe je dan als je ’s nachts voeding hebt gegeven? Ga je dan nog een keer poetsen? En dan heb ik nog niet eens over het hartverscheurende tafereel dat kinderen aan de borst of bij de flesvoeding in slaap zijn gevallen en bruut wakker worden gemaakt door een tandenborstel die nog even in de mond gepropt moet worden. Kinderen wakker maken om de tanden te poetsen is het moeilijkste wat er is.<\/p>\r\n

    Een ander probleem is een kind dat niet gepoetst wil worden. Daarbij geef ik meestal aan dat de ouder beslist wat goed is voor het kind en dat een tegenstribbeling jammer is, maar poetsen belangrijker is. Dat klonk zo makkelijk toen ik het adviseerde. Nu kijk ik elke avond op tegen het moment dat mijn kind naar bed moet. Als hij zelf met zijn tandenborstel mag spelen is er niets aan de hand en zit hij blij op zijn Star Wars borstel te kauwen, maar dan komt het moment dat mama gaat napoetsen. Je ziet zijn blik veranderen, zijn armen beginnen rond hem heen te slaan en zijn hoofd begint heftig heen en weer te schudden. “Nee, nee, nee!”<\/i>, hoor ik hem dan blèren. Ondertussen doe ik alsof het me niets doet, houd ik hem goed vast en begin zijn tanden te poetsen zonder dat ik gefrustreerd overkom. Van binnen ga ik helemaal kapot! Zwaar gefrustreerd en geïrriteerd voel ik me op dat moment. En ja, ook bij mij gaat de gedachte door mijn hoofd om dan maar een avond niet te poetsen.<\/p>\r\n

    Vanavond weet ik zeker dat mijn man en ik elkaar weer aankijken om te bepalen wie de Sjaak is. Aangezien ik de ‘tandenspecialist’ ben, zal ik het wel weer zijn. Ik kijk er nu al naar uit…<\/p>\r\n

    Lisa Vermeulen<\/strong>, tandarts<\/p>\r\n

     <\/p>","datum":"2018-11-22 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4880","auteurs":[{"id":"1057","gebruiker":"35","groep":"3","naam":"L. Vermeulen","titel_key":"l_vermeulen","old_id":"0","voorvoegsel":"L.","achternaam":"Vermeulen"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181122_columnnov_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/adviseren-is-zoveel-makkelijker-dan-de-uitvoering","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181122_columnnov_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181122_columnnov_web.jpg"},{"id":"4386","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Oorzaken van titaniumpartikeltjes in gingiva en kaakbot","titel_key":"oorzaken_van_titaniumpartikeltjes_in_gingiva_en_kaakbot","subtitel":"","samenvatting":"Uit een uitgebreid literatuuronderzoek bleek dat de afscheiding van de titaniumpartikeltjes na de plaatsing van implantaten het gevolg was van verschillende factoren, zoals de procedure van de plaatsing en ontsmetting van het implantaat. Maar ook speeksel, bacteriën, fluoride en aanwezige resta...","content":"

    Uit een uitgebreid literatuuronderzoek bleek dat de afscheiding van de titaniumpartikeltjes na de plaatsing van implantaten het gevolg was van verschillende factoren, zoals de procedure van de plaatsing en ontsmetting van het implantaat. Maar ook speeksel, bacteriën, fluoride en aanwezige restauraties kunnen de oorzaak zijn van het aantasten van de oxide laag op het implantaat waardoor corrosie gaat ontstaan en partikeltjes titanium in het tandvlees en het kaakbot rondom het implantaat terecht komen.<\/p>\r\n

    De onderzoekers hadden hun onderzoeksvragen gestructureerd in de PICO-vorm en hadden alle relevante onderzoeksartikelen uit de periode 1990 tot 2018 met betrekking tot titaniumpartikels en -ionen in de tandheelkundige implantologie verzameld. De PRISMA-richtlijnen werden gevolgd voor de selectie en inclusie van artikelen in dit systematisch literatuuronderzoek. Het onderzoek is ‘open access’ gepubliceerd.<\/p>\r\n

    (Bron: Int J Mol Sci 2018, 13 november 2018<\/a>)<\/p>\r\n

    Verantwoording beeld: Bron: © R. Delgado-Ruiz\/Int J Mol Sci\/ CC BY 4.0<\/a><\/p>","datum":"2018-11-21 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4881","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/206_oorzaken_van_titaniumpartikeltjes_in_gingiva_en_kaakbot.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/oorzaken-van-titaniumpartikeltjes-in-gingiva-en-kaakbot","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/206_oorzaken_van_titaniumpartikeltjes_in_gingiva_en_kaakbot.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/206_oorzaken_van_titaniumpartikeltjes_in_gingiva_en_kaakbot.jpg"},{"id":"4387","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Genetische variatie in dekking zorgverzekering ","titel_key":"genetische_variatie_in_dekking_zorgverzekering","subtitel":"","samenvatting":"Voor de eerste keer is er een onderzoek verschenen waarin de vraag werd gesteld óf en in hoeverre genen kunnen verklaren of iemand wel of niet een ziektekostenverzekering heeft en waarin men op zoek ging naar mogelijke mechanismen voor de genetische variatie. De Amerikaanse onderzoekers concl...","content":"

    Voor de eerste keer is er een onderzoek verschenen waarin de vraag werd gesteld óf en in hoeverre genen kunnen verklaren of iemand wel of niet een ziektekostenverzekering heeft en waarin men op zoek ging naar mogelijke mechanismen voor de genetische variatie. De Amerikaanse onderzoekers concluderen dat genen een belangrijk effect hebben op het wel of niet verzekerd zijn. Deze bevinding suggereert dat genen een belangrijke bron zijn voor de heterogeniteit in de beslissing wel of geen ziektekostenverzekering te nemen.<\/p>\r\n

    Na onderzoek te hebben uitgevoerd onder een- en twee-eiige tweelingen in de Verenigde Staten bleek dat genetische effecten 40% van de variatie verklaarden in het wel of niet hebben van een ziektekostenverzekering (bij personen onder de 65 jaar). Bijna een derde van de genetische variatie in het onverzekerd dan wel verzekerd zijn, werd verklaard door de sector waarin men werkte, de mate van zelfstandigheid en inkomen. Samen met genoten onderwijs verklaarde ze 40% van de genetische invloed. De factoren burgerlijke staat, aantal kinderen en beschikbare gegevens over gezondheidsstatus, risicovoorkeuren en inspanningen voor preventie komen niet naar voren als belangrijke bronnen voor genetische effecten.<\/p>\r\n

    (Bron: Int J Health Econ Manag, 12 november 2018<\/a>)<\/p>","datum":"2018-11-21 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4882","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/207_genetische_variatie_in_dekking_zorgverzekering_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/genetische-variatie-in-dekking-zorgverzekering","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/207_genetische_variatie_in_dekking_zorgverzekering_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/207_genetische_variatie_in_dekking_zorgverzekering_web.jpg"},{"id":"4388","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Veel TMD-klachten bij Finse gevangenen","titel_key":"veel_tmd_klachten_bij_finse_gevangenen","subtitel":"","samenvatting":"Uit een onderzoek onder Finse gevangenen bleek dat de prevalentie van zelfgerapporteerde TMD-klachten en klinisch gediagnosticeerde TMD (vooral aan gewricht gerelateerde TMD) hoog is. De onderzoekers bevelen dan ook aan dat tandartsen die in gevangenissen praktiseren meer aandacht besteden aan onder...","content":"

    Uit een onderzoek onder Finse gevangenen bleek dat de prevalentie van zelfgerapporteerde TMD-klachten en klinisch gediagnosticeerde TMD (vooral aan gewricht gerelateerde TMD) hoog is. De onderzoekers bevelen dan ook aan dat tandartsen die in gevangenissen praktiseren meer aandacht besteden aan onderzoek naar en behandeling van temporomandibulaire disfunctie (TMD) bij hun patiënten.<\/p>\r\n

    De onderzoekers hadden de prevalentie van TMD onder 100 gevangenen vastgesteld aan de hand van klinisch onderzoek en met behulp van de Finse versie van de DC\/TMD Axis I-protocol. De resultaten toonden aan dat de meest voorkomende TMD-klachten bestonden uit aangezichtspijn, (54%), temporomandibulaire gewrichtsgeluiden (43%) en hoofdpijn (37%). De prevalentie van gediagnosticeerde gewrichtgerelateerde TMD 4,5 keer hoger was dan diagnoses toegeschreven aan pijn (76% versus 17%). De meest voorkomende TMD-diagnoses onder de gevangenen waren veranderingen in het kaakgewricht (33%) en discusverplaatsing met reductie.<\/p>\r\n

    (Bron: Acta Odontol Scand, 15 november 2018<\/a>)<\/p>","datum":"2018-11-21 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4883","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/208_tmd_klachten_bij_finse_gevangenen_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/veel-tmd-klachten-bij-finse-gevangenen","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/208_tmd_klachten_bij_finse_gevangenen_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/208_tmd_klachten_bij_finse_gevangenen_web.jpg"},{"id":"4381","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Betere hechting van kronen met IDS-procedure","titel_key":"betere_hechting_van_kronen_met_ids_procedure","subtitel":"Promotie C.R.G. van den Breemer","samenvatting":"Uit onderzoek van Carline van den Breemer blijkt dat met het direct aanbrengen van één of meerdere lagen adhesief (de zogenoemde Immediate Dentine Sealing (IDS)-procedure) keramische kronen een hogere hecht- en breuksterkte hebben dan wanneer de conventionele procedure wordt toegepast....","content":"

    Uit onderzoek van Carline van den Breemer blijkt dat met het direct aanbrengen van één of meerdere lagen adhesief (de zogenoemde Immediate Dentine Sealing (IDS)-procedure) keramische kronen een hogere hecht- en breuksterkte hebben dan wanneer de conventionele procedure wordt toegepast.<\/p>\r\n

    Van den Breemer onderzocht de toegevoegde waarde van de IDS-procedure op de hechting van partiële kronen van keramiek. Zij vergeleek de IDS-procedure met de conventionele methode, waarbij het afdekken van het dentine meestal plaatsvindt vlak vóór het plaatsen van de restauratie (Delayed Dentin Sealing (DDS)-procedure). Van den Breemer verrichtte hiervoor zowel klinisch als in-vitro-onderzoek. Voor het klinisch onderzoek volgde zij 30 patiënten die ieder 2 partiële keramische restauraties ontvingen op vitale eerste of tweede molaren en waarbij at random IDS of DDS werd toegepast.<\/p>\r\n

    Van den Breemer concludeert dat het aanbrengen van ten minste 1 laag IDS gunstiger is dan  het gebruik van DDS als gekeken wordt naar de hecht- en breuksterkte. Na het volgen van de patiënten stelde ze vast dat er tussen beide behandelingen geen verschil was met betrekking tot gevoeligheid op korte termijn , patiënttevredenheid en klinische overleving na 3 jaar. Op de lange termijn blijkt IDS in vitro echter gunstiger dan DDS.<\/p>\r\n

    Op 14 november 2018<\/a> promoveerde Carline R.G. van den Breemer aan de Rijksuniversiteit Groningen op haar proefschrift ‘Clinical and laboratory evaluation of immediate dentin sealing<\/a>’. Promotoren waren prof. dr. M.S. Cune en prof. dr. M. Özcan. Copromotor was dr. M.M.M. Gresnigt.<\/p>","datum":"2018-11-17 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4876","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181114_pers_promotie_c_van_den_breemer_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/betere-hechting-van-kronen-met-ids-procedure","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181114_pers_promotie_c_van_den_breemer_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181114_pers_promotie_c_van_den_breemer_web.jpg"},{"id":"4384","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"De Endo richtlijn 2.0","titel_key":"de_endo_richtlijn_2_0","subtitel":"Congresverslag","samenvatting":"Het zeer goed bezochte najaarscongres van de Nederlandse Vereniging voor Endodontologie op 9 november 2018 was er één voor praktiserende tandartsen om van te likkebaarden. Goed geïllustreerde voordrachten, heldere casus, praktische tips, fraaie röntgenopnamen die het belang l...","content":"

    Het zeer goed bezochte najaarscongres van de Nederlandse Vereniging voor Endodontologie op 9 november 2018 was er één voor praktiserende tandartsen om van te likkebaarden. Goed geïllustreerde voordrachten, heldere casus, praktische tips, fraaie röntgenopnamen die het belang lieten zien van juist ingestelde röntgenapparaten en ontboezemingen van gerede twijfels bij behandelbeslissingen.<\/p>\r\n

    De bijeenkomst werd geopend met de zo langzamerhand traditionele Hans Genet lezing, ditmaal uitgesproken door dr. Luc van der Sluis, tandarts-endodontoloog en momenteel afdelingshoofd van de tandheelkundige opleiding in Groningen. Hij vergeleek de endodontologische zorg in 1989, het jaar dat Hans Genet overleed, met de hedendaagse zorg en vroeg zich af of de kwaliteit ervan in de laatste 30 jaar was verbeterd. Ondanks het feit dat de hedendaagse tandartsen over betere preparatietechnieken beschikken, minder lengtefoto’s maken, er andere spoeltechnieken bestaan, er meer wetenschappelijke kennis op dit gebied bestaat en behandelingen door het gebruik van de operatiemicroscoop mogelijk makkelijker zijn, blijven er problemen bestaan. De reden daarvan is dat de anatomie van een wortelkanaal complex blijft en de biofilm ook nu nog moeilijk is te verwijderen. Van der Sluis verwachtte geen baanbrekende vernieuwingen in de toekomst.<\/p>\r\n

    Dr. Dirk Mettes beschreef zijn ontdekkingsreis in het kwaliteitsdenken, een tocht zonder eindbestemming waarin klinische data uit de algemene praktijk essentieel blijven. De vraag blijft onbeantwoord wie nu precies die gemiddeld bekwame beroepsgenoot is. In 2, voor tandartsen-algemeen practici zeer nuttige ‘doe-lezingen’ besprak eerst Jenneke de Jong de problemen bij periapicale röntgenopnamen. Zij liet zien waarom het gebruik van wattenrollen zo van nut is bij het maken van röntgenopnamen met als doel de diagnostiek van periapicale aandoeningen. Bram Lak besprak vervolgens de problematiek van een onverwacht pijnconsult en uitte de wijze woorden: “If you listen tot the patient, he is telling you the diagnosis”<\/i>. Hij wees onder meer op de voordelen van een pulpotomie bij jonge patiënten.<\/p>\r\n

    Na de pauze besprak dr. Hagay Shemesh het wel en wee van de orthograde herbehandeling en wees daarnaast op de verschillen tussen de patiëntgerichte en de resultaatgerichte zorg. Hij stelde vast dat tandartsen in staat moeten te zijn met hun patiënten te reflecteren op de prognostische factoren en daarnaast met een risicoanalyse als het gaat om een endontologisch behandelplan. In een duopresentatie gingen Aukje Bouwman en Machteld Siers, endodontologen van de Nijmeegse opleiding, onder meer in op hoe te handelen bij een afgebroken instrument tijdens een endodontische behandeling. Zij wezen daarbij naar uitspraken van verschillende tuchtcolleges, die een dergelijk incident vrijwel altijd als een complicatie beschouwen. Opvallend was hun stelling dat een richtlijn weliswaar houvast geeft, maar dat dit tandartsen niet mag beletten om op te houden met nadenken.<\/p>\r\n

    De laatste spreker was een arts-internist, dr. Luc Gelinck, die gespecialiseerd is in de gevaren van het antibioticagebruik en de problematiek van pijnbestrijding. Hij verbaasde zich over het gebrek aan richtlijnen in de mondzorg. Zijn belangrijkste stelling was dat de beperking van het antibioticagebruik, ook in de mondzorg, waarschijnlijk de belangrijkste bijdrage is voor de antimicrobiële resistentie op landelijk niveau.<\/p>\r\n

    (Michiel A.J. Eijkman<\/b>, redacteur)<\/p>","datum":"2018-11-17 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4879","auteurs":[{"id":"200","gebruiker":"0","groep":"0","naam":"M.A.J. Eijkman","titel_key":"m_a_j_eijkman","old_id":"200","voorvoegsel":"M.A.J.","achternaam":"Eijkman"}],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181109_con_congres_nvve_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/de-endo-richtlijn-2-0","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181109_con_congres_nvve_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181109_con_congres_nvve_web.jpg"},{"id":"4378","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Onderzoek herstel speekselklierfunctie krijgt financi\u00eble steun","titel_key":"onderzoek_herstel_speekselklierfunctie_krijgt_financiele_steun","subtitel":"","samenvatting":"De onderzoeksgroep van UMC Groningen die werkt aan een nieuwe behandeling voor het herstel van de speekselklierfunctie van mensen met het syndroom van Sjögren, krijgt de komende 5 jaar 400.000 euro van ReumaNederland. Tevens erkende ReumaNederland de onderzoeksgroep als Research Centre of Excel...","content":"

    De onderzoeksgroep van UMC Groningen die werkt aan een nieuwe behandeling voor het herstel van de speekselklierfunctie van mensen met het syndroom van Sjögren, krijgt de komende 5 jaar 400.000 euro van ReumaNederland. Tevens erkende ReumaNederland de onderzoeksgroep als Research Centre of Excellence. Hoofdonderzoeker prof. dr. Frans Kroese: “Ik ben enorm vereerd en trots dat we zijn erkend als Research Centre of Excellence. Ons onderzoek is echt teamwork en deze erkenning honoreert de gezamenlijke inspanning van veel mensen om tot een doorbraak te komen die het leven van patiënten met het syndroom van Sjögren verbetert.”<\/i><\/p>\r\n

    Hoewel in het onderzoek naar en de behandeling van het syndroom van Sjögren de afgelopen jaren grote vooruitgang is geboekt, zijn kapotte speeksel- en traanklieren door de ontstekingen nog steeds een veelvoorkomend en naar gevolg van de ziekte. Een extreem droge mond zorgt voor grote problemen met eten en slikken. “Door dit onderzoek krijgen we beter inzicht in wat er aan de hand is met de speekselklieren van patiënten met het syndroom van Sjögren en hoe we met stamceltherapie kunnen helpen om de productie van speeksel weer te herstellen. We hebben al kunnen vaststellen dat het aantal stamcellen in de speekselklieren van patiënten met deze aandoening sterk verminderd is en het herstelvermogen niet goed is. We denken het herstelvermogen te kunnen helpen door extra speekselklierstamcellen te maken en terug te geven aan de patiënt”<\/i>, aldus Kroeze.<\/p>\r\n

    Met de erkenning van onderzoeksgroepen die voorop lopen in het onderzoek naar ontstekingsreuma, waaronder het syndroom van Sjögren, tot Research Centres of Excellence wil ReumaNederland grote stappen zetten in doorbraken in de behandeling van mensen met ontstekingsreuma. Voor deze centra stelt ReumaNederland in totaal de komende 5 jaar 7,3 miljoen euro beschikbaar. Directeur Lodewijk Ridderbos van ReumaNederland: “We leggen ons niet neer bij waar we nu staan. Het UMCG heeft unieke expertise in het inzetten van stamcellen en wij verwachten dat de onderzoekgroep onder leiding van prof. dr. Frans Kroese de komende jaren met baanbrekende ontdekkingen gaat komen die een doorbraak gaat zijn voor de behandeling van patiënten met het syndroom van Sjögren. Het behandelen van Sjögren met stamceltherapie hadden we in tot voor kort niet voor mogelijk geacht. Nu wil ReumaNederland er alles aan doen om dat werkelijkheid te maken.''  <\/i><\/p>\r\n

    (Bron: UMCG, 7 november 2018<\/a>)<\/p>","datum":"2018-11-16 00:00:00","rubriek":"4","serie_naam":"","thema_naam":"","thema_id":"0","uitgave":"0","koppel_type":"artikel","koppel_id":"4873","auteurs":[],"has_download":"","afbeelding":"https:\/\/www.ntvt.nl\/uploads\/artikel\/181107_thk_onderzoek_naar_herstel_speekselklierfunctie_web.jpg","rubriek_titel":"Actueel","uitgave_titel":null,"url":"\/nieuws\/onderzoek-herstel-speekselklierfunctie-krijgt-financiele-steun","toegang_niet_leden":true,"afbeelding_thumb":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/cropped\/80\/80\/uploads\/artikel\/181107_thk_onderzoek_naar_herstel_speekselklierfunctie_web.jpg","afbeelding_large":"https:\/\/www.ntvt.nl\/images\/resized\/2048\/1000\/uploads\/artikel\/181107_thk_onderzoek_naar_herstel_speekselklierfunctie_web.jpg"},{"id":"4383","gebruiker":"0","groep":"0","titel":"Sfeerimpressie van NTQ: de video en foto's","titel_key":"sfeerimpressie_van_ntq_de_video_en_foto_s","subtitel":"","samenvatting":"Op 2 november 2018 organiseerde het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde (NTvT) samen met haar uitgever Prelum de Nationale Tandheelkunde Quiz vanwege het 125-jarig bestaan van het NTvT. Hier volgen een film en de foto's van dit bijzondere event en bijzondere lustrumdag van het NTvT.","content":"

    Op 2 november 2018 organiseerde het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde<\/em> (NTvT) samen met haar uitgever Prelum de Nationale Tandheelkunde Quiz vanwege het 125-jarig bestaan van het NTvT.<\/p>\r\n

    Hier volgen een film en de foto's van dit bijzondere event en bijzondere lustrumdag van het NTvT.<\/p>\r\n

    Film<\/h2>\r\n