Jaargang 124 - editie 4 - april 2017

Kindertandheelkunde

  • Vijftig jaar kindertandheelkunde: hoe nu verder?

    R.C.W. Burgersdijk

    7 april 2017

    NTvT april 2017 Redactioneel

  • Tot circa 50 jaar geleden vond de tandheelkundige behandeling van 6- tot 12-jarigen vooral plaats binnen de overal aanwezige schooltandverzorgingsdiensten. Midden jaren 1960 werd gestart met de tandheelkundige behandeling van kleuters vanaf de leeftijd van 2 jaar. In de periode van 1970-1990 verbeterde de gebitssituatie van het tijdelijk gebit spectaculair.Daarna is het percentage cariësvrije kinderen niet verder gestegen. De grote vraag is hoe de gebitssituatie van kinderen alsnog te verbeteren.

  • Tasten in het duister: niet gehoorde pijnklachten 2

    D.J.F. Lambregts-van Marrewijk

    7 april 2017

    NTvT april 2017 Casuïstiek

  • Bij een zeer ernstig verstandelijk beperkte doofblinde man was het ondanks farmacologische ondersteuning nog altijd zeer moeilijk om tandheelkundige controles, diagnostiek en behandeling uit te voeren. Pijnklachten kan de man niet aangeven. Vanwege geconstateerde cariës en tandsteen werd hij onder algehele anesthesie behandeld. Tijdens deze behandeling bleek hij ook nog ernstige parodontale en periapicale problematiek te hebben. De wettelijk vertegenwoordiger van de patiënt was tijdens de behandeling niet bereikbaar voor overleg over wijziging van het vooraf opgestelde behandelplan. Hierdoor werd het tandheelkundig behandelteam voor een dilemma geplaatst. Deze casus werd gepresenteerd op 17 maart 2017 tijdens het congres ‘Uit de kunst’, dat door de Vereniging tot Bevordering der Tandheelkundige G ezondheidzorg voor Gehandicapten (VBTGG) werd georganiseerd. In dit tweede deel van de casus wordt de uiteindelijke behandeling besproken, beschouwd en bediscussieerd.

  • De preventie van cariës lijkt redelijk eenvoudig. Met een goede zelfzorg, bestaande uit plaqueverwijdering met fluoridetandpasta en het beperken van zoetmomenten is de ziekte grotendeels te voorkomen. De meeste ouders beschikken over voldoende kennis en motivatie om deze preventie-adviezen voor hun kind op te volgen. Toch blijkt de praktijk weerbarstig, doordat ouders barrières ervaren die een goede zelfzorg in de weg staat. Dit artikel geeft een overzicht van de belangrijkste gezinsfactoren die van invloed zijn op de zelfzorg en cariës bij kinderen. Hieronder vallen opvattingen van de ouders, de manier waarop ouders met het kind omgaan en communiceren (het opvoedgedrag) en de manier waarop het reilen en het zeilen binnen het gezin is geregeld (het gezinsfunctioneren). Het is belangrijk om als mondzorgverlener in gesprek te gaan met ouders om te achterhalen waar de mogelijke barrières zitten. Hierdoor kan afgestemde voorlichting worden gegeven die ouders helpt de mondgezondheidsadviezen op te volgen.

  • Kennistoetsartikel

    Hoe zinvol is restauratieve behandeling van het tijdelijk gebit?

    J.E. Frencken

    7 april 2017

    NTvT april 2017 Kindertandheelkunde

  • Te veel kinderen ontwikkelen carieuze laesies en vele laesies ontwikkelen zich tot een dentinecaviteit. In 2010 was minder dan 50% van de carieuze dentinecaviteiten in het tijdelijk gebit van 6-jarige kinderen in Nederland gerestaureerd. Door onderzoek is echter de noodzaak van het routinematig restaureren van caviteiten in de tijdelijke gebit op losse schroeven komen te staan. Huidige inzichten in de cariologie wijzen in de richting van een causale behandeling die gestoeld is op het reinigen van toegankelijke of van toegankelijk gemaakte carieuze dentinecaviteiten, eventueel gesteund door het aanbrengen van zilverdiamminefluoride. Het ultieme doel van een restauratie in het tijdelijk gebit is het mogelijk maken om biofilm van het tandoppervlak te verwijderen en infectie van de pulpa te voorkomen. Mocht restaureren in het tijdelijk gebit noodzakelijk zijn dan zullen mondzorgverleners, om behandel­angst te voorkomen, eerst moeten overwegen of het haalbaar is restauraties op een atraumatische manier te plaatsen, bijvoorbeeld door middel van de ART-methode of de Hall-techniek.

  • Kennistoetsartikel

    (Erosieve) gebitsslijtage bij jeugdigen in Nederland: hoe groot is het probleem?

    D.L. Gambon, A.A. Schuller, E.M. Bronkhorst, G.J. Truin

    7 april 2017

    NTvT april 2017 Kindertandheelkunde

  • Volgens internationaal onderzoek is de prevalentie van (erosieve) gebitsslijtage bij de jeugd de laatste decennia toegenomen. De vraag was of hiervan ook sprake is in Nederland en welke veranderingen in consumptiepatronen hierbij mogelijk een rol spelen. In de periode 1998 tot en met 2011 hebben 9 onderzoeken plaatsgevonden naar de prevalentie van (erosieve) gebitsslijtage bij de jeugd. Uit een meta-analyse van deze onderzoeken komt naar voren dat er ook in Nederland sprake is van een toename. Daarnaast neemt de prevalentie toe naarmate de kinderen ouder zijn. Algemeen wordt aangenomen dat veranderingen in het aanbod van voedingsmiddelen en daarmee in consumptiepatronen een belangrijke verklaring voor deze toename bij de jeugd zijn. Echter, om deze aanname te onderbouwen zijn longitudinale onderzoeken nodig, waarin zowel de prevalentie en de incidentie van (erosieve) gebitsslijtage als veranderingen in consumptiepatronen worden bestudeerd. Deze onderzoeken zijn echter schaars en bovendien laten de resultaten geen consistent beeld zien. 

  • De rol van de mondzorgverlener bij het signaleren van kindermishandeling

    R.J.M. Gruythuysen, J.M. Wiggelendam

    7 april 2017

    NTvT april 2017 Kindertandheelkunde

  • De aandacht voor kindermishandeling is de laatste jaren toegenomen. In 2015 heeft de KNMT de Meldcode Kindermishandeling en Huiselijk Geweld herzien. De kern van de meldcode wordt gevormd door het verplicht volgen van een 5-stappenplan bij signalering van (een vermoeden van) onder andere kindermishandeling. Professioneel handelen bij kindermishandeling stelt hoge eisen aan de kennis en de communicatieve vaardigheden van de zorgverlener. Als daaraan wordt voldaan, is de zorgverlener door de wet voldoende beschermd tegen klachten van betrokkenen. Veel zorgverleners staan nog onwennig tegenover het toepassen van de Meldcode. Het aantal contacten met Veilig Thuis voor adviezen en meldingen bedraagt in de mondzorg hooguit enkele promille van het totale aantal contacten. Bij verwaarlozing van mondverzorging, de meest voorkomende vorm van kindermishandeling op het terrein van de mondzorg, blijft het professioneel handelen meestal nog beperkt tot symptoombestrijding. Georganiseerde zorg via ketenvorming biedt mogelijkheden tot coördinatie van doelgerichte actie bij kindermishandeling.

  • Tandheelkundige behandeling van angstige kinderen: belijden, vermijden of begeleiden?

    M.C.M. van Gemert-Schriks, M.M. Bildt

    7 april 2017

    NTvT april 2017 Kindertandheelkunde

  • Behandelangst is een veelvoorkomende angst bij kinderen. De mondzorgverlener ziet zich in de praktijk geconfronteerd met lastige dilemma’s omtrent het waarborgen van een goede mondgezondheid voor deze kinderen. De geïndiceerde behandeling gaat de belastbaarheid van het angstige kind veelal te boven, maar wanneer de behandeling niet wordt uitgevoerd, staan de algemene gezondheid en levenskwaliteit op de tocht. In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de etiologie van behandelangst bij kinderen. Daarnaast wordt de mondzorgverlener inzicht verschaft in de mogelijkheden die hem/haar ter hand staan om de behandelbaarheid van het kind te vergroten en de angst te reduceren, zodat uiteindelijk de geïndiceerde tandheelkundige zorg kan worden uitgevoerd. Hierin is ruimte voor psychotherapeutische cognitief- en gedragsbeïnvloedende technieken, alsmede farmacologische ondersteuning. De mondzorgverlener zal goed gemotiveerd en weloverwogen de koers moeten bepalen, te allen tijde in het licht van de individuele context van het kind.

  • Radiologie

    Het maken van een röntgenopname van een derde molaar in de onderkaak alvorens te beslissen deze te verwijderen wordt gezien als ‘good practice’. Het radiologisch beeld dient het hele gebitselement te laten zien en het omliggende bot in relatie tot de anatomische structuren, waarv...

  • Radiologie

    Jarenlang is de panoramische röntgenopname de eerste keus röntgenonderzoek geweest voorafgaande aan de verwijdering van mandibulaire derde molaren. Als er sprake is van een overprojectie van de derde molaar en de canalis mandibularis of wanneer een nauw contact tussen beide wordt vermoe...

  • Radiologie

    Implementatie van nieuwe medische technologie moet gebaseerd zijn op voordelen voor de patiënt en voor de gemeenschap. Een relatief nieuwe ontwikkeling als conebeamcomputertomografie (CBCT) is daarop geen uitzondering. De meest voorkomende chirurgische behandeling in de tandheelkunde is de v...

  • Restauratieve tandheelkunde

    Een systematisch literatuuroverzicht en meta-analyse hadden de evaluatie ten doel van de effectiviteit van een tussenlaag van vloeiende composiet in het verminderen van microlekkage van composietrestauraties. Van alle opgespoorde publicaties voldeden 18 artikelen aan de selectiecriteria. Daarvan ...

  • Restauratieve tandheelkunde

    Een klinisch onderzoek had ten doel vast te stellen in hoeverre klinische ervaring een rol speelt ten aanzien van de duurzaamheid van composietrestauraties. De hechting aan het tandweefsel speelt daarbij een cruciale rol en de veronderstelling ligt voor de hand dat een adhesief dat een gering aan...

  • Afwerken en polijsten van composiet

    Materiaalkunde

    Ch. Penning

    7 april 2017

    NTvT april 2017 Excerpten

  • Materiaalkunde

    Een laboratoriumonderzoek had ten doel de effectiviteit vast te stellen van 4 polijstsystemen bij 4 nanocomposieten en 1 microhybride composiet (zie tab. 1 en 2).

    Tabel 1 . De toegepaste composieten.
    Tabel 2 . De toegepaste polijstsystemen.

    Proefschijfjes werden ve...

Selecteer zoekcriteria