Jaargang 124 - editie 11 - november 2017

Vrouwen in de tandheelkunde

  • Vrouwen in de tandheelkunde: de mythen voorbij

    E.C.M. Bouvy-Berends

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Redactioneel

  • In het jaar 2000 sprak het Nederlandsch Tandheelkundig Genootschap in haar voorjaarsvergadering over ‘De zorg in het nieuwe millennium: de tandarts is een vrouw’. In de voordrachten klonk zorg over feminisering in de tandheelkunde. In 2014 zette het genootschap het thema nogmaals op de agenda. Nu werd stevig gediscussieerd, op basis van gepresenteerde feiten. De dominantie van de vrouwen in de tandheelkunde leek onafwendbaar. Wat betekent de massale entree van vrouwen in het tandartsberoep voor de mondzorg van de toekomst? Is er minder ambitie tot het ondernemerschap en wat betekent dit voor de organisatie van de mondzorg. Gaan er andere praktijkvormen ontstaan? In deze editie van het Nederlands Tijdschrift voor Tandheelkunde wordt de groeiende participatie van vrouwen in de mondzorg onder de loep genomen.

  • Als eerste vrouwelijke lector in de prothetische tandheelkunde aan het Tandheelkundig Instituut in Utrecht moest Jans Gretha Schuiringa (1887-1975) zich een plaats veroveren in een vakgebied dat sterk in ontwikkeling was. Het is onmiskenbaar dat zij een grote bijdrage heeft geleverd aan de ontwikkeling van het tandheel­kundig onderwijs en meer specifiek aan het vakgebied Tandheelkundige Chirurgische Prothetiek. Zeer toegewijd aan haar patiënten zette zij zich steeds in voor betere behandelingsmogelijkheden. Echter, haar strijdbare karakter leverde van tijd tot tijd veel weerstand op bij zowel haar collega’s, de curatoren van de medische faculteit en de studenten. Nadat in 1947 de tandheelkunde het ius promovendi had verkregen, voelde zij zich, nadat ze werd gepasseerd bij de benoemingen van de hoogleraren, niet erkend. Archiefonderzoek toont dat haar persoonlijkheid hierbij een grote rol heeft gespeeld.

  • Vrouwen en werk, met een speciale blik naar artsen en tandartsen

    A. van Doorne-Huiskes

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Vrouwen in de tandheelkunde

  • De verschillen tussen mannen en vrouwen in deelname aan de arbeidsmarkt en het onderwijs worden kleiner: in 2015 had 71% van alle vrouwen van 20 tot 65 jaar een betaalde baan (tegenover 82% van de mannen) en uit de Emancipatiemonitor 2016 blijkt dat vrouwen vaker deelnemen aan het hoger onderwijs dan mannen. In de geneeskundestudie heeft dit laatste zich vertaald in het feit dat 68% van de instroom in 2015 vrouw was. En als gevolg hiervan is het aandeel vrouwelijke artsen gegroeid. Uit cijfers van 2013 bleek dat van de actieve tandartsen 65% man is en 35% vrouw. Ook hier een duidelijke opmars van vrouwen. De uitingen dat geneeskunde dan wel tandheelkunde feminiseren, zijn onjuist want er zijn nog steeds meer mannelijke artsen. Zo is de man-vrouwverhouding onder medisch specialisten momenteel 60:40. Vastgesteld kan worden dat de medische en tandheelkundige professies een gemêleerd en divers publiek bedienen. Juist om die reden dienen de medische beroepsgroepen plaats te bieden aan mannen én vrouwen, aan mensen (m/v) van Nederlandse en van een migranten herkomst.

  • Kennistoetsartikel

    Mondzorg door vrouwen: hoe gaat dat in de praktijk?

    K. Jerković–Ćosić

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Vrouwen in de tandheelkunde

  • Met een toenemende groep vrouwelijke tandartsen verandert mogelijk de samenwerking tussen tandartsen en mondhygiënisten. Om de eventuele veranderingen in de samenwerking tussen vrouwelijke tandarts en een mondhygiënist ten opzichte van een mannelijke tandarts en een mondhygiënist te achterhalen, worden 2 aspecten bediscussieerd: de behandel- en beroeps­visie en de communicatiestijlen. Vrouwelijke tandartsen lijken meer preventief te zijn georiënteerd, meer mensgericht en lijken hierin dus meer op de groep vrouwelijke mondhygiënisten. De communicatiestijl van vrouwelijke tandartsen komt ook overeen met die van hun vrouwelijke collega’s mondhygiënisten; elkaars wensen en verwachtingen lijken vaker met elkaar te zijn afgestemd waardoor een optimale samenwerking tussen beide een grotere kans heeft. Deze preventieve gerichtheid en overeenstemming in communicatiestijl bieden kansen voor meer interprofessionele samenwerking tussen tandarts en mondhygiënist. Maar betekent dit echt een betere samenwerking en hoe zit het met de samen­werking met de mannelijke tandartsen en mondhygiënisten?

  • Een vrouw aan de stoel is heel gewoon. De beroeps­uitoefening van vrouwelijke tandartsen in Nederland

    J.J.M. Bruers, B.A.F.M. van Dam

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Vrouwen in de tandheelkunde

  • Vrouwen vormen 40% van de actieve beroepsgroep van tandartsen in Nederland. Op grond van de opleidingsinstroom kan worden verwacht dat hun aandeel verder zal toenemen tot ruim de helft. Uit de literatuur blijken verschillen tussen man en vrouw wat betreft voorkeuren voor werksetting en omvang van de werkweek. Ook in de feitelijke zorgverlening verschillen zij van elkaar. De gepresenteerde gegevens tonen de opmars van vrouwen en onderzoeksgegevens bevestigen de veronderstelde verschillen tussen mannelijke en vrouwelijke tandartsen. Vrouwen zijn minder vaak praktijkhouder, vrouwelijke praktijkhouders werken vaker samen met collega’s en hebben een kortere werkweek. In de patiënt­behandeling lijken vrouwen iets meer individueel gericht te zijn en oog te hebben voor de algemene gezondheid. Waardetheorieën in de literatuur bieden verklaringen voor deze sekseverschillen. De voorkeur van vrouwen voor samenwerking past in elk geval in de algemene ontwikkeling naar werken in teamverband.

  • Feminisering: maakt het verschil?

    H.W. van Essen, D.D. van Bergen, J. I. Stoker

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Vrouwen in de tandheelkunde

  • In een verkennend onderzoek, door middel van digitale enquête, naar sekseverschillen onder 156 mannelijke en 98 vrouwelijke tandartsen in Nederland werden veel overeenkomsten tussen beide groepen gevonden. Mannen en vrouwen rapporteerden over het algemeen een goede gezondheid, gelijke percentages voor burn-out (circa 10%) en tevredenheid met hun beroepskeuze. Voor een groot deel ervaarden ze dezelfde onderdelen van hun werk als aantrekkelijk, waarbij de omgang met patiënten verreweg het hoogste scoorde. Ook gaven zij, zowel volgens zichzelf als volgens 122 assistenten en mondhygiënisten (die hierop in dit onderzoek ook werden bevraagd), op een vergelijkbare manier leiding en schatten hun leiderschapsgedrag gemiddeld hoger in dan assistenten en mondhygiënisten deden. Daarnaast was er een beperkt aantal binnen de steekproef significante sekseverschillen gevonden. Vrouwen voelden zich minder competent bij complexe ingrepen dan mannen en vonden chirurgische ingrepen en complexe restauratieve behandelingen minder aantrekkelijk. Zij consulteerden vaker collega’s en hun voorkeur voor werken in teamverband was groter.

  • Kennistoetsartikel

    Musculoskelettale aandoeningen onder tandartsen en tandheelkundestudenten in Nederland

    J.J.M. Bruers, L.E.C.M. Trommelen, P. Hawi, H.S. Brand

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Vrouwen in de tandheelkunde

  • In dit onderzoek werd de prevalentie van musculoskelettale klachten onder tandartsen en tandheelkundestudenten in Nederland geïnventariseerd door middel van 2 overeenkomstige web-enquêtes. Hieraan namen 196 (25% respons) tandartsen en 359 (40% respons) studenten deel. Van de tandartsen gaf 80% en van de studenten gaf 95% aan de afgelopen 12 maanden last te hebben gehad van spieren en gewrichten, waarbij vooral nek, schouders en onderrug werden genoemd. Studenten meldden daarnaast ook vaak klachten in de bovenrug. Door vrouwelijke studenten werden veel lichamelijke klachten vaker genoemd dan door de mannelijke studenten. Bij tandartsen werd daarentegen geen geslachtsverschil waargenomen, maar bleek ervaren stress een belangrijke risicofactor op het ontwikkelen van musculoskelettale klachten. Gezien de negatieve effecten op de beroepsuitoefening is nader onderzoek naar de preventie van musculoskelettale aandoeningen dringend gewenst, in het bijzonder wat betreft de doelmatigheid van (postacademisch) onderwijs en beroepsmatige voorlichting op dat gebied.

  • Kwetsbare ouderen gaan vaak niet meer naar een tandarts, terwijl hun mondverzorging en mondgezondheid achteruit gaan. Op basis van open interviews en vragenlijsten werd onderzocht waarom kwetsbare ouderen hun mondzorggedrag veranderen en met welke (kwetsbaarheids)factoren dit samenhangt. Deze factoren bleken vooral gerelateerd te zijn aan motivatie: zodra vermeende inspanningen niet langer opwogen tegen vermeende voordelen van tandartsbezoek en mondverzorging, gaven kwetsbare ouderen hun mondzorgroutines op en maakte het hen niet langer uit of ze gebits­elementen verloren. Voor het meten van de mondgezondheidgerelateerde levenskwaliteit van kwetsbare ouderen schieten standaard vragenlijsten zoals de gevalideerde Geriatric Oral Health Assesment Index-NL tekort omdat deze geen persoonlijke context opleveren die nodig is om de scores te kunnen interpreteren. (Mond)zorgverleners zouden vanaf de levensfase voorafgaande aan de kwetsbaarheid moeten monitoren op specifieke factoren, waaronder chronische pijn of afnemende mobiliteit, motorische vaardigheden, cognitie, levenslust, energie en sociale steun, die de mondgezondheid en het mondzorggedrag van hun oudere patiënten negatief kunnen beïnvloeden.

  • Restauratieve tandheelkunde

    Monolithisch lithiumdisilicaat is een veelgebruikt glaskeramiek waarmee indirecte restauraties in de zijdelingse delen kunnen worden gemaakt. Over de resultaten op lange termijn is echter weinig gepubliceerd. In dit onderzoek wordt de duurzaamheid geëvalueerd van lithiumdisilicaat kronen, ge...

  • Minder approximale cariës na fluoridelakbehandeling

    Cariologie

    J.H.G. Poorterman

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Excerpten

  • Cariologie

    De cariësprevalentie onder kinderen en adolescenten is de laatste jaren sterk gedaald in Zweden en andere westerse landen. Desalniettemin blijft cariës een belangrijk gezondheidsprobleem. Nog steeds lijden 60-90% van schoolgaande kinderen en nagenoeg alle volwassenen aan deze infectiezi...

  • Prothetische tandheelkunde

    Enkele onderzoeken hebben aangetoond dat vrij-eindigende metaal-porseleinadhesiefbruggen in het front en in de zijdelingse delen op een termijn van 10 tot 18 jaar uitstekende overlevingspercentages hadden van 84 tot zelfs 100. Dit onderzoek had als doelstelling over een ongeveer gelijke periode d...

  • Gnathologie

    Hoewel depressie algemeen wordt beschouwd als risico-indicator voor temporomandibulaire disfunctie, ontbreekt gedegen bewijs voor deze stellingname. Daarom was de doelstelling van dit onderzoek een wetenschappelijke onderbouwing te geven voor de mogelijke relatie tussen depressie en temporomandib...

  • Gnathologie

    Temporomandibulaire disfunctie komt vaak tegelijkertijd voor met hoofdpijn, disfunctie van de cervicale wervelkolom en fibromyalgie. Onbekend is of er (causaliteits)relaties zijn. In dit onderzoek was de doelstelling meer te weten te komen over de relaties tussen temporomandibulaire disfunctie en...

  • Kindertandheelkunde

    Cariës is geassocieerd met bepaalde cariësvormende bacteriën, waarbij de aanwezigheid van Streptococcus mutans een risicofactor vormt. Het doel van dit onderzoek was de overdracht van de Streptococcus mutans van moeder op kind via genetische analyse te evalueren.

    Voor h...

  • Sociale tandheelkunde

    Cariës is nog steeds een groot gezondheidsprobleem met een prevalentie tussen de 60% en de 90% onder schoolkinderen wereldwijd. Dit leidt niet alleen tot een aan verlaagde mondgezondheid gerelateerde kwaliteit van leven bij deze schoolkinderen en hun ouders, maar beïnvloedt ook de ontwi...

  • Roken en marginaal botverlies

    Sociale tandheelkunde

    J.H.G. Poorterman

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Excerpten

  • Sociale tandheelkunde

    Marginale parodontitis is een ontstekingsreactie in de parodontale steunweefsels resulterend in afbraak van de betrokken weefsels. Het wordt beschouwd als een multifactoriële ziekte waar factoren als leeftijd en roken een belangrijke rol spelen. Intraoraal wordt dit proces beïnvloed doo...

  • Mondholtekanker in relatie tot seksueel gedrag

    Sociale tandheelkunde

    J.H.G. Poorterman

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Excerpten

  • Sociale tandheelkunde

    Orale tumoren zijn meestal plaveiselcelcarcinomen. Ze kunnen worden onderverdeeld in orofaryngeale en mondholte tumoren. In de laatste 10 jaar is in de westerse wereld een toename te bespeuren van orofaryngeale tumoren, terwijl de prevalentie van mondholtetumoren stabiel blijft of wellicht iets a...

  • Depressie moeder leidt tot cariës kind

    Sociale tandheelkunde

    J.H.G. Poorterman

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Excerpten

  • Sociale tandheelkunde

    Depressiviteit is een veel voorkomende ziekte wereldwijd, met een hoge impact op het alledaagse leven en gekarakteriseerd door verdriet, verlies van interesse en plezier, schuldgevoel, laat zelfbeeld, verstoord slaap- en eetgedrag, moeheid en concentratieverlies. Depressiviteit is gerelateerd aan...

  • Implantologie

    In dit in vitro -onderzoek werd de belastbaarheid van rechte en gehoekte titanium en zirkoniumdioxide implantaat­opbouwen bij 3-delige frontimplantaatbruggen onderzocht. In totaal werden 4 testgroepen van ieder 8 specimen gemaakt. Er werden 64 titanium implantaten met een diameter van 3,7 ...

  • Primair syndroom van Sjögren

    Academisch proefschrift

    W.W.I. Kalk

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Media

  • Academisch proefschrift

    17ntvt178.jpg

    K. Delli
    Primary Sjögren’s Syndrome: towards a new era in diagnosis, ­treatment and e-patient education
    Groningen: Rijksuniversiteit ­Groningen, 2017
    255 bl. geïll.
    ISBN 978 90 367 9789 4
    E-book 978 90 367 9788 7

    Achter de ingetogen kaft van dit pr...

  • Biomarkers bij orofaciale pijn

    Boek

    B. Stegenga

    3 november 2017

    NTvT november 2017 Media

  • Boek

    J.-P. Goulet, A.M. Velly (eds.)
    Orofacial pain biomarkers
    New York: Springer, 2017
    155 bl., geïll. € 109,99
    ISBN 987 3 662 53992 7
    (hardcover)

    Hoewel met betrekking tot de kennis over pijn afgelopen decennia aanzienlijke stappen zijn gezet, is...

Selecteer zoekcriteria