×

Kennis over geneesmiddelinteracties in de toekomst

Interview

6 maart 2020 Geen reacties

Naar aanleiding van het artikel ‘Serie: Onderwijs en de tandarts anno 2025. Kunnen tandheelkundestudenten en mondzorgverleners in Nederland effectief en veilig geneesmiddelen voorschrijven?’ spraken wij met eerste auteur dr. David Brinkman, klinisch farmacoloog en anesthesioloog in opleiding, over zijn onderzoek en stelden hem een aantal vragen.

Er waren weinig respondenten. Zou dit gelegen kunnen hebben aan de lengte van de vragenlijst?

In eerste instantie bestond de vragenlijst in het onderzoek uit zowel een kennis- als vaardighedentoets. Vanwege de duur hebben we de vragenlijst al in 2 delen opgesplitst (kennis en vaardigheden) en voorgelegd aan 2 vergelijkbare onderzoeksgroepen. De maximale duur van de vragenlijst was 45 minuten, maar de meeste respondenten deden er ongeveer 20 minuten over. Het probleem van een nog kortere vragenlijst is dat dit ten koste gaat van de validiteit en het lastig wordt iets te zeggen over het competentie van de respondenten. Het nadeel van een grote vragenlijst is inderdaad het risico dat men het gaat afraffelen, hoewel wij geen verschil zagen tussen vragen aan het begin en einde van de vragenlijst.

In het artikel wordt gesteld dat de tandheelkundestudenten, tandartsen en tandartsspecialisten, net als geneeskundestudenten en artsen, weinig kennis hebben over geneesmiddelinteracties. Hoe verhouden de resultaten van dit onderzoek zich tot die van onderzoek onder geneeskundestudenten en artsen?

Wij kunnen niet zeggen hoe de kennis van geneeskundestudenten en artsen zich verhoudt tot die van tandheelkundestudenten en tandartsen, omdat wij dit niet onderzocht hebben. Uit eerdere onderzoeken die wij en andere onderzoekers gedaan hebben, weten we wel dat het niveau van geneeskundestudenten en artsen op dit gebied ook onvoldoende is. Geneesmiddelinteracties blijkt ook bij geneeskundestudenten en artsen een lastig onderwerp en krijgt momenteel meer aandacht binnen het onderwijs.

De kritiek in het artikel betreft de extra hulpmiddelen tijdens de toets. Dit lijkt ons echter eerder een aanbeveling. De moderne tandarts gebruikt in de praktijk ook extra hulpmiddelen, zoals internet, om tot een juist plan of voorschrift te komen. Ook veranderen de farmaceutische producten voortdurend en zijn de interacties ingewikkeld.

Ja, daar ben ik het mee eens. Voor onze lessen maken wij zelf veel gebruik van patiëntcasuïstiek en simulatiepatiënten. Studenten mogen tijdens deze lessen alle hulpmiddelen gebruiken die ze nodig denken te hebben, zoals het ‘Farmacotherapeutisch kompas’ en (inter)nationale richtlijnen. Zo gaat het immers ook in de praktijk. Wij vinden dat je studenten het beste in een zo realistisch mogelijke setting moet trainen en toetsen.

En ‘elektronisch voorschrijven’ (EVS), zou dat ook voor tandartsen moeten worden ingevoerd? Daar is al langer sprake van. Komt dat er ook?

Of dat er komt weet ik niet maar ik hoop het wel. Het elektronisch voorschrijven heeft namelijk veel voordelen, zoals een betere leesbaarheid en volledigheid van geneesmiddelrecepten. Dat neemt overigens niet weg dat voorschrijvers nog steeds voldoende kennis moeten hebben over interacties en contra-indicaties van de geneesmiddelen die zij voorschrijven. Het systeem geeft weliswaar waarschuwingen (pop-ups) bij gevaarlijke geneesmiddelinteracties maar uit onderzoek blijkt dat deze waarschuwingen vaak nauwelijks worden gelezen en meestal weg worden geklikt. Dit komt ook omdat de meeste systemen op dit moment nog te veel niet relevante waarschuwingen geven. Er lopen wel initiatieven om dit in de toekomst te verbeteren.

Hoe ziet de geneesmiddelvoorschrijving er in 2025 uit volgens u?

Ik verwacht dat in 2025 de meeste tandartsen een elektronisch voorschrijfsysteem hebben. Ik hoop dat er een koppeling gemaakt wordt met het Landelijk Schakelpunt (LSP). In het LSP staan actuele medische gegevens zoals de verstrekte (actieve) medicatie van de laatste 6 maanden, eventueel aangevuld met allergieën, contra-indicaties en intoleranties. Voor het gebruik van het LSP moeten patiënten overigens wel toestemming geven.

art09a_19ntvt136_01_actueel.jpg

Dr. David Brinkman, klinisch farmacoloog en anesthesioloog i.o. (Beeld: D.J. Brinkman)

Naar het artikel Serie: Onderwijs en de tandarts anno 2025. Kunnen tandheelkundestudenten en mondzorgverleners in Nederland effectief en veilig geneesmiddelen voorschrijven?

Thesaurus woorden bij dit item: geneesmiddel