× ABONNEREN

Gingiva biotype bepaalt verticale plaatsing implantaat

Promotie R. Doornewaard

23 mei 2022 Geen reacties

Vroege blootstelling van het implantaatoppervlak door initiële botremodellering kan voorkomen worden door de verticale positie van het orale implantaat (equi- of subcrestaal) te kiezen op basis van de dikte van het tandvlees, respectievelijk dik of dun. De ruwheid van het implantaatoppervlak, het type implantaat-abutmentverbinding en het ontwerp van de implantaathals hebben geen effect op botmodellering. Dat concludeert Ron Doornewaard op basis van zijn promotieonderzoek.

In een klinisch onderzoek vergeleek Doornewaard de botremodellering rond implantaten van een gemiddelde ruwheid die op botniveau (equicrestaal) of onder botniveau (subcrestaal) geplaatst werden. Elke patiënt kreeg 1 equicrestaal en 1 subcrestaal implantaat. De subcrestaal geplaatste implantaten zorgden voor ten minste 3 millimeter ruimte voor de instelling van de biologische breedte ter hoogte van het implantaat en het abutment. Na 3 jaar was het overlevingspercentage van de implantaten 100%. De halzen van de equicrestaal geplaatste implantaten waren vaker niet geheel bedekt met bot. Na 5 jaar leverde equicrestale plaatsing 0,68 millimeter extra oppervlakteblootstelling op vergeleken met subcrestale plaatsing. Het botniveau en de gezondheid van het weefsel waren voor beide typen plaatsing gelijk. Het blootliggende implantaatoppervlak had geen invloed op de prognose voor het implantaat.

Doornewaard onderzocht ook wat het effect van de oppervlakteruwheid van het implantaatoppervlak op botremodellering was. Op basis van een systematisch literatuuronderzoek was zijn hypothese dat implantaten met een minimaal ruw oppervlak minder crestaal botverlies opleveren op de lange termijn. Hij gebruikte een implantaat met een hybride oppervlak: een gemiddeld ruw oppervlak voor het onderste gedeelte van het implantaat en een minimaal ruwe implantaathals. Na 3 jaar was er geen verschil in botremodellering tussen de implantaten met een hybride oppervlak en de gemiddeld ruwe implantaten.

Op 14 april 2022 promoveerde Ron Doornewaard aan de Radboud Universiteit Nijmegen en de Universiteit Gent op zijn proefschrift ‘Peri-implant health; the effect of implant design and surgical procedure on bone and soft tissue stability’. Promotoren waren prof. dr. H. de Bruyn en prof. dr. S. Vandeweghe. Copromotor was dr. S. Vervaeke.

(Beeld: Shutterstock)

Naar alle nieuwsberichten

Reacties