× ABONNEREN

‘Laten we vooral bij onze academische leest blijven’

Expert uitgelicht

10 mei 2022 W.E.R. Berkhout Geen reacties

Dr. Erwin Berkhout is als universitair hoofddocent en vakgroepsvoorzitter verbonden aan de afdeling Orale Radiologie van ACTA en daarnaast werkzaam als algemeen practicus in Loosdrecht. Hij is voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor DentoMaxilloFaciale Radiologie en vanaf juni 2022 tevens President van de European Academy of DentoMaxilloFacial Radiology. Daarnaast is hij sinds juli 2013 actief in de Raad van Commissarissen bij het NTVT. Op 24 mei zal hij spreker zijn bij het DentTalk webinar ‘CBCT, zinvolle zorg? Value based healthcare' in de praktijk.

Op welk vlak ligt jouw specialisatie?

De orale radiologie. Deze bestrijkt drie thema’s: radiologische diagnostiek, technologie en stralingsbescherming. Persoonlijk richt ik mij op technologische ontwikkelingen met een belangrijke focus op artificiële intelligentie (AI). Daarbij is het belangrijk om niet alleen het doel maar ook de doelmatigheid van de ontwikkelingen in het oog te houden. Dat is mijn tweede interessegebied.

Wat is de belangrijkste ontwikkeling binnen je vakgebied op dit moment?

De ondersteuning van beeldanalyse door computeralgoritmes. Nu het verkrijgen, bewerken en beheren van digitale beelden gemeengoed is geworden, is de volgende stap om daadwerkelijk meer te gaan doen met de schat aan informatie die digitaal beschikbaar is. Daarmee bedoel ik het labelen en segmenteren van de beelden waardoor deze, zeker in combinatie met andere patiëntengegevens, nog waardevoller kunnen worden. Daar hoort de toepassing van AI uiteraard ook bij, al is het trainen van algoritmes nog een grote uitdaging in het zorgdomein.

erwin berkhout

(Fotograaf: Joost Hoving)

Wat houdt je in je werk bezig op dit moment?

Op ACTA ben ik verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de vakgroep Orale Radiologie. Het is een florerende vakgroep die constant blijft vernieuwen op het gebied van interactieve en digitale onderwijstechnieken.

Sinds vorig jaar is de groep Digital Dental Training & Assessment Technologies aan de vakgroep toegevoegd. Dit team houdt zich bezig met ontwikkeling van en onderzoek naar van virtuele trainingsomgevingen en met het digitaliseren van de zorg en onderwijsprocessen in de onderwijskliniek. Intraorale videoscans worden niet alleen gebruikt voor het vervaardigen van prothetische werkstukken maar ook ingeladen in de virtuele trainingsomgeving zodat studenten complexe klinische procedures virtueel kunnen oefenen en voorbereiden. Dit proces vergt uiteraard veel data-uitwisseling en beeldverwerking; één van de redenen dat dit goed aansluit bij de expertise binnen onze vakgroep. 

Welke recente NTVT-publicatie is je het meest bijgebleven en waarom?

De artikelenreeks van Erik van der Meij over radio-opaciteiten op panoramische röntgenopnamen, waaraan ik zelf ook een bescheiden bijdrage mocht leveren, vind ik een zeer waardevolle NTVT-publicatie. Het is een serie van drie artikelen met een duidelijke klinische en educatieve waarde en voorzien van een wetenschappelijke basis. Eigenlijk zou iedere tandarts die panorama-opnamen gebruikt deze serie als naslagwerk in zijn praktijk moeten hebben liggen.

Wat is je belangrijkste boodschap aan de beroepsgroep?

Wat mij betreft mag de beroepsgroep zich dagelijks beseffen dat er een goede wetenschappelijke basis ligt onder ons doen en laten. We zijn academisch opgeleide professionals en die achtergrond moeten we koesteren. Zeker buiten ons vakgebied, maar ook regelmatig erbinnen, zijn in de huidige tijd geluiden te horen dat ‘’wetenschap ook maar een mening is’’ en daar moeten we niet in mee gaan. Laten we vooral bij onze academische leest blijven en ons handelen daarop baseren. Daarbij is goede diagnostiek en een uiteindelijk de daarop gebaseerde behandelkeuze cruciaal.

Wanneer heb je voor het laatst zelf een wetenschappelijk artikel geschreven?

Het is zelden dat ik ‘’zelf’’ een wetenschappelijk artikel schrijf. Eigenlijk is altijd sprake van een samenwerking met andere auteurs waarin mijn bijdrage groter of kleiner kan zijn. Als je het zo bekijkt is er door mij een continue betrokkenheid bij meerdere wetenschappelijke artikelen en diverse stadia van voltooiing.

Naar alle nieuwsberichten

Reacties