Voorlezen
Interview
3 feb 2026
Lela Bidar is promovendus aan het ACTA en doet sinds oktober 2023 onderzoek bij de afdeling Orale Geneeskunde. Haar promotor is prof. dr. Fred Rozema en haar copromotoren zijn dr. Alexa Laheij en dr. Niels van der Aa. De redactie van het NTVT stelde haar 8 vragen over haar onderzoek.
Wat onderzoek je?
Mijn onderzoek richt zich op mondgezondheidsproblemen die kunnen optreden tijdens en na de behandeling van kanker. Verschillende oncologische behandelingen hebben een systemisch effect en kunnen daardoor ook problemen in de mond veroorzaken. Zulke orale complicaties kunnen een negatieve invloed hebben op de mondgezondheid, kwaliteit van leven en voedingsinname van patiënten. Door de frequentie en ernst van deze complicaties beter in kaart te brengen, kunnen tandartsen en medici gerichtere zorg geven.
Wat is je drijfveer om onderzoek te doen?
Naast mijn werk als tandarts in de algemene praktijk zocht ik een manier om mezelf te blijven uitdagen en mijn kennis te verbreden. De relatie tussen de algemene gezondheid en mondgezondheid heeft me altijd gefascineerd. Toen mij werd gevraagd of ik een promotietraject wilde volgen, twijfelde ik even of het te combineren was met mijn werkzaamheden in de praktijk. Gelukkig blijkt nu, 2 jaar later, dat deze combinatie juist goed werkt en ik er veel voldoening uit haal. Ik kijk uit naar wat het onderzoek me nog zal brengen.
Waarom is juist dit onderwerp interessant om te onderzoeken?
In mijn onderzoek richt ik me vooral op borstkankerpatiënten. Een op de 7 vrouwen krijgt borstkanker. Door verbeterde behandelmethoden overleven steeds meer patiënten en blijven zij langer een tandartspraktijk bezoeken. Een tandarts is dan bij uitstek de eerstelijns zorgverlener die deze effecten het best kan signaleren en zo nodig actie kan ondernemen. Door te weten wie het grootste risico lopen, kan de doelmatigheid van de zorg verbeterd worden. Met relatief eenvoudige preventieve maatregelen kun je de grootste impact van bijwerkingen al verminderen.
Wat zijn de belangrijkste hypothesen en onderzoeksvragen?
Op dit moment is onduidelijk hoeveel vrouwen orale complicaties ontwikkelen door de behandeling van borstkanker en hoeveel daarvan hier op langere termijn last van houden. Bekend is dat chemotherapie toxische effecten heeft op gezonde cellen, en dus ook in de mond. We verwachten dat vooral bij zware chemotherapieën de ergste gevallen zullen voorkomen.
Hoe is het onderzoek opgezet?
Het onderzoek is gestart met een systematisch literatuuronderzoek waarbij de meest voorkomende orale complicaties bij behandelde borstkankerpatiënten in kaart zijn gebracht. Op basis daarvan zetten we patiëntgerapporteerde uitkomstmaten (PROM’s) in, om met vragenlijsten verschillende patiëntengroepen te bereiken. Hierbij zijn we vooral benieuwd hoeveel last mensen hebben van mogelijke orale complicaties sinds hun kankerbehandeling. In de toekomst hopen we ook klinisch onderzoek toe te voegen aan dit project.
Wat is tot nu toe het grootste probleem waar je tegenaan bent gelopen?
De mond is maar een klein onderdeel van wat komt kijken na de diagnose ‘kanker’. Er is nog bijna geen onderzoek uitgevoerd waarbij orale complicaties het hoofdonderwerp waren. De grootste uitdaging is daarom aandacht vragen voor de impact van mondproblemen op het algemeen welzijn van patiënten.
Op welke onderzoeksresultaten hoop je?
Ik hoop een duidelijker beeld te kunnen geven van wat er speelt onder kankerpatiënten. Uiteindelijk is mijn wens dat deze data voldoende onderbouwen waarom mondzorg een vast onderdeel moet zijn van het oncologisch zorgtraject.
Wat levert dit onderzoek op voor de tandheelkunde, de patiënt of de mondzorgverlener?
Het laat zien dat tandartsen naast hun dagelijkse praktische werk ook een aanspreekpunt kunnen zijn voor deze kwetsbare patiëntengroep, juist in een voor hen moeilijke periode.