Uit handen van NTVT adjunct-hoofdredacteur dr. Maurits de Kuijper ontving Henk Algra tijdens de Dutch Dental Science Days op 19 maart 2026 de NTVT Publicatieprijs 2026 voor het artikel ‘Als woorden tekortschieten’. De jury noemde als het vernieuwende karakter van dit artikel “de scherpe conceptualisering van communicatie als essentieel klinisch instrument binnen de mondzorg” . De jury meent dat door het combineren van wetenschappelijke inzichten met herkenbare praktijkvoorbeelden en direct toepasbare communicatiestrategieën de lezer een duidelijk handelingsperspectief krijgt. Algra is als orthopedagoog betrokken bij de opleiding Tandarts gehandicaptenzorg en Tandarts geriatrie en wordt regelmatig door de Stichting Bijzondere Tandheelkunde ingeschakeld bij complexe casuïstiek .
Wat was je reactie op het winnen van deze prijs?
Ik was verbluft. Het kwam voor mij echt uit de lucht vallen.
Waar gaat het winnende artikel over?
Het gaat over communicatie (letterlijk: iets samen delen) met ‘bijzondere patiënten’. We gebruiken vaak veel woorden, maar er zijn patiënten die onze taal niet of anders begrijpen. Zoals een meisje dat bij ‘boven verder poetsen’ dacht dat ze de trap op moest. Het artikel gaat onder andere over de vraag hoe het tekort aan taalbegrip kan worden omgezet naar andere vormen van communicatie.
Het artikel biedt direct toepasbare handvatten voor zorg aan kwetsbare patiënten. Wat vind je daarin het belangrijkst?
Een veelvoorkomende valkuil is die van het taalgebruik: met veel stoere praatjes in de stoel zitten en de kwetsbaarheid hebben van een jong kind. Dat noemen we ‘kunnen en aankunnen’. In de bijzondere tandheelkunde leren we om minder woorden te gebruiken, meer te laten zien en vooral het tempo (de schakelmomenten) aan te passen. Het kost bij hen meer tijd om dat wat er gebeurt in betekenis om te zetten.
Je bent als orthopedagoog betrokken bij de opleiding Tandarts gehandicaptenzorg. Hoe ervaar je de kennis onder mondzorgverleners van de genoemde patiëntengroep?
Het zijn altijd mensen met affiniteit voor bijzondere zorggroepen. Vooral bij de supervisies zie ik een duidelijke groei in kennis en vaardigheden rond het kunnen duiden van gedrag en dat kunnen omzetten in de praktijk van de behandeling. Die behandelaars zijn ook de dragers voor verdere ontwikkelingen.
Je belangstelling gaat vooral uit naar het creëren van ‘een veilige stoel’. Richt je je daarmee ook op tandartsen-algemeen practici of vooral op specialisten in de bijzondere tandheelkunde?
Die veilige stoel is van jong tot oud belangrijk. Tandartsen komen ook steeds meer ouderen tegen die moeite hebben om hun wereld te begrijpen. In zijn algemeenheid geldt: hoe minder de wereld wordt begrepen, des te belangrijker wordt die veilige stoel.
Zijn er de laatste jaren veranderingen in inzicht en handelen binnen dit aspect van de tandheelkunde geweest?
Er is in de afgelopen decennia een grote ontwikkeling geweest binnen de gehandicaptenzorg en die werpt ook zijn vruchten af binnen de bijzondere tandheelkunde. Er is meer ‘gedocumenteerd’ inzicht in hoe een pasvorm aan de stoel ontwikkeld kan worden.
Wat is in dit kader een moment in de praktijk geweest dat je niet gauw zult vergeten?
Dat zijn er tientallen. Ook na jaren zie ik bij elke observatie weer nieuwe dingen. Een voorbeeld is een meervoudig gehandicapte patiënt die zó angstig was dat hij naar de hoek van de behandelkamer schoof en zich daar verschanste. Zijn begeleidster had een mooie zangstem en ze zong liedjes met hem. Daardoor werd hij meer open. Na een tijdje zong ook de tandarts mee. Daardoor durfde hij ook haar nabijheid aan. De begeleidster kon zijn tanden (op de grond) poetsen en de tandarts keek mee. De tandarts was niet zo tevreden, maar bij deze patiënten zijn het de kleine dingen die het doen voor de toekomst, het was een bouwsteentje. De toon was letterlijk gezet.
NTVT-Publicatieprijs-2026-voor-Henk-Algra
Als-woorden-tekortschieten