Voorlezen
Onderzoek toont aan dat het gebruik van een 3D-geprinte boormal bij de behandeling van pulpakanaalobliteratie de kans op kanaalidentificatie aanzienlijk vergroot en het risico op perforaties vermindert in vergelijking met conventionele behandeling. Hoewel de techniek foutgevoelig blijft, biedt guided endodontics een voorspelbaarder en veiliger alternatief, onafhankelijk van de ervaring van de behandelaar.
Introductie
De behandeling van pulpakanaalobliteratie is complex en risicovol door de kans op ledging of een perforatie. Met conebeamcomputertomografie (CBCT) kan de anatomie beter in kaart worden gebracht, maar dit brengt wel extra straling en behandeltijd met zich mee. Een alternatief is guided endodontics , waarbij een 3D-geprinte boormal helpt bij het gericht openen van de kanalen. Dit leidt mogelijk tot minder iatrogene schade, kortere behandeltijd en meer voorspelbaarheid, onafhankelijk van de ervaring van de behandelaar. Torres et al. (2025) vergeleken de klinische uitkomsten tussen behandeling met en zonder boormal bij geoblitereerde gebitselementen.
Materiaal en methode Voor dit gecontroleerde, prospectieve, niet-gerandomiseerde patiënt-controleonderzoek werden patiënten geïncludeerd die naar het Universitair Ziekenhuis Leuven waren verwezen met geoblitereerde frontelementen en symptomen met of zonder radiolucenties passend bij parodontitis apicalis. Geoblitereerde gebitselementen werden radiografisch gescoord op kanaalzichtbaarheid (1 = onzichtbaar; 2 = zichtbaar tot het apicale derde deel; 3 = zichtbaar tot het middelste derde deel; 4 = zichtbaar tot het coronale derde deel). Bij behandelingen met hoge moeilijkheidsgraad werd preoperatief een CBCT vervaardigd. Exclusiecriteria waren weigering van endodontische behandeling, extractie-indicatie of slechte prognose. De controlegroep werd geselecteerd uit de klinische database van de afdeling Endodontologie met de zoektermen ‘calcified’, ‘calcification’, ‘obliterated’, ‘obliteration’, ‘small’, ‘narrow’, ‘perforated’, ‘perforation’, ‘not found’, ‘not visible’. Een onafhankelijke beoordelaar selecteerde geschikte gevallen op basis van: behandeling door een endodontoloog, gebruik van een operatiemicroscoop, aanwezigheid van een preoperatieve CBCT, radiografisch zichtbare obliteratie, hoge moeilijkheidsgraad en klinische en/of radiografische tekenen van parodontitis apicalis. Met behulp van een intraorale scan, CBCT, ontwerpsoftware en een 3D-printer werden individuele boormallen met metalen hulzen vervaardigd. Alle behandelingen werden door dezelfde behandelaar uitgevoerd onder rubberdam en operatiemicroscoop. De primaire uitkomstmaten waren het identificeren van kanalen en het optreden van perforaties. Als secundaire uitkomstmaat werd de kwaliteit van de preparatie beoordeeld: optimale precisie (gecentreerd boortraject), acceptabele precisie (perifeer of zijdelings traject met noodzaak tot manuele correctie) of technische fouten (perforatie of niet geïdentificeerd kanaal). De gebitselementen werden gematcht op elementnummer, elementtype (anterieur: incisieven en cuspidaten; posterieur: premolaren en molaren), elementlengte (mm), kanaaldiepte (mm) en percentage kanaaldiepte. Endodontische behandelingen met en zonder boormal werden vergeleken op technisch falen (kanaal niet gevonden of perforatie) met binaire statistische modellen; p ≤ 0,05 werd als statistisch significant beschouwd.
Resultaten In totaal werden 133 gebitselementen behandeld, waarvan 60 met boormal (50 incisieven, 3 cuspidaten en 7 premolaren) en 73 zonder boormal (50 incisieven, 3 cuspidaten en 20 premolaren). Acht patiënten namen niet deel aan de herbeoordeling (13%). In de groep met boormal werden 59 kanalen geïdentificeerd (98,3%), waarbij 1 kanaal niet werd gevonden, en er traden geen perforaties op. In de groep zonder boormal werden 59 kanalen gevonden (81%); 7 kanalen (9,5%) konden niet worden gelokaliseerd en bij 7 gebitselementen (9,5%) trad een perforatie op. Het gebruik van een boormal gaf significant voordeel ten opzichte van de controlegroep, zowel bij de volledige dataset (-2,64; p = 0,014) als bij de gematchte paren (n = 54; -2,72; p = 0,011). Wat betreft de precisie vertoonden 49 gebitselementen in de boormalgroep een optimaal boortraject, terwijl 10 gebitselementen een acceptabel traject hadden dat manueel moest worden gecorrigeerd (8 bovenincisieven en 2 onderpremolaren). In 1 geval trad een technische fout op waarbij het kanaal niet werd geïdentificeerd.
Beschouwing Uit dit onderzoek blijkt dat het gebruik van een boormal bij geoblitereerde kanalen een significante meerwaarde biedt ten opzichte van behandeling zonder boormal, voor zowel kanaalidentificatie als het voorkomen van perforaties. Het aantal gebitselementen met een slechts acceptabele precisie illustreert echter dat, ondanks het gebruik van de boormal en de uitvoering door een endodontoloog, de methode foutgevoelig blijft en technisch uitdagender is dan verwacht. Vergelijkbare bevindingen zijn gerapporteerd door Hildebrand et al. (2025) en Li et al. (2025), die eveneens significant hogere nauwkeurigheid bij kanaallocatie rapporteerden in de boormalgroepen vergeleken met de controlegroepen zonder boormal. Een beperking van deze studie is dat het onderzoek binnen 1 centrum werd uitgevoerd, waardoor multicentrisch vervolgonderzoek met meerdere behandelaars noodzakelijk is om de generaliseerbaarheid van de resultaten te vergroten. Daarnaast omvat dit onderzoek uitsluitend frontelementen en premolaren. Aangezien de morfologie van molaren complexer is, blijft onduidelijk of de techniek ook hier succesvol toepasbaar is. Verder lijkt een reductie in behandeltijd alleen haalbaar wanneer CBCT, intraorale scan en vervaardiging van de boormal binnen dezelfde praktijk plaatsvinden; in andere gevallen moet een extra afspraak worden ingepland voor intake en productie van de boormal, waardoor de directe behandeling wordt vertraagd.
Literatuur
Hildebrand H, Krug R, Leontiev W et al. Real-time guided endodontics versus conventional freehand access cavity preparation by a specialist– an ex vivo comparative study. Clin Oral Investig 2025; 29: 232. https://doi.org/10.1007/s00784-025-06310-8
Li J, Hu Y, Ma Z, Lui H, Cao L, Wei X. Accuracy of static-guided endodontics for access cavity preparation with pulp canal obliteration: a randomized controlled clinical trial. BMC Oral Health 2025; 25: 933. https://doi.org/10.1186/s12903-025-06275-w
Torres A, Dierickx M, Lerut K et al. Clinical outcome of guided endodontics versus freehand drilling: A controlled clinical trial, single arm with external control group. Int Endod J 2025; 58: 209-224. https://doi.org/10.1111/iej.14157