Tandmeesters en hun advertenties in Nederlandse kranten van 1691 tot 1876

Door D.J. Schutte
op 4 juni 2021
Afbeelding

D.J. Schutte

Geschiedenis en tandheelkunde

Samenvatting. Door gebruik te maken van advertenties uit kranten, wordt een beeld geschetst van het tandmeesterschap in de zeventiende, achttiende en negentiende eeuw, De eerst bekende en waarschijnlijk allereerste advertentie die in 1691 zowel in de Oprechte Haerlemsche Courant als de Amsterdamsche Courant over tandheelkunde verscheen was van Dorothea Bokstal. Zij gaf daarin aan dat zij verstand had van de Wetenschap van Tanden. In 1724 meldde zich de eerste tand(en)meester, maar pas na de vestiging van Lehman Joseph en zijn verschillende nazaten, die van elkaar het vak leerden, ontstaat door hun vele advertenties meer inzicht in hoe de tandmeesters hun tandheelkundige werkzaamheden deden. Met welke problemen hadden zij te maken en wanneer mochten zij ergens werken. Na de Franse tijd, 1813, moest de tandmeester aantonen dat hij of zij het vak beheerste en was er door de uitvinding van nieuwe materialen en instrumenten veel meer tandheelkundig mogelijk. De invoering van de Geneeskundige Wetten van Thorbecke was een terugslag in het aantal tandmeesters maar de invoering van het Staatsexamen in 1886 bracht de tandmeesters tot een verdere kennis van het vakgebied.
Schutte DJ. Tandmeesters en hun advertenties in Nederlandse kranten in de periode 1691 tot 1876 Ned Tijdschr Tandheelkd 2021; 128: 302-306 doi: https://www.doi.org/10.5177/ntvt.2021.06.21035

Inleiding

In 1913 kreeg de beoefenaar van het tandheelkundig beroep in Nederland bij het behalen van het staatsexamen wettelijk de naam tandarts, hetgeen betekende dat de titel tand- en kiesmeester niet meer kon worden gevoerd. Maar terugkijkend konden deze voormalige beroepsbeoefenaren eigenlijk in 3 periodes worden ingedeeld:

1. Zij die zich Tandmeesters noemden, de opvolgers van de kiezentrekkers, maar geen officiële status bezaten. Zij konden echter tussen 1725 en 1815 met toestemming van plaatselijke autoriteiten en gilden toch praktiseren.

2. Tandmeesters met een provinciale erkenning verkregen na het afleggen van een proeve van bekwaamheid. Dit was in de periode 1815 – 1876.

3. Tandmeesters in het bezit van een staatsexamen gedurende 1876 – 1914.

Van de eerste groep weten we van prenten of andere afbeeldingen en geschriften enigszins wat de werkzaamheden, opleiding en leefwijze van deze tandmeesters inhielden, maar uit advertenties in kranten geplaatst door de tandmeester zelf, komt een veel duidelijker beeld naar voren.

Een van de eerste advertenties over tandheelkundige zorg in Nederland stond in 1691 in de Oprechte Haerlemsche Courant (zie kader 1). Later in hetzelfde jaar verscheen deze advertentie ook in de Amsterdamsche Courant waarbij toegevoegd was: “dezelve verkoopt ook tantpoeders”.

Kader 1. De juffrouw uit Rotterdam
Originele tekst
"Men laet aen alle Heeren en Dames, Burgers en Liefhebbers weten, dat in de Stad Rotterdam gekomen is een juffrouw, die een uytnemende Wetenschap heeft voor Tanden, gelijk deselve juffrou daer voor bekent is in Vlaenderen, Brabant, Arroys en Zeelant, alwaer zy in de omleggende Plaetsen, meenigte Personen van Qualiteyt en Conditie door dezelve Konsten gedient en geholpen heeft; zoo dat aldaer haers gelijken niet is in deselve Konsten: Aen Persoonen, die geincommodeert zijn van ’t uytvallen der Tanden, het zy veel of weynig zal zy in dezelve plaets andere Tanden instellen, dat’t van geen personen zal bekent werden en zy om ’t Eeten, in Spraek, Sang en alles zo dienstig en de in het gebruyk zoo vast blijven staen of het eygen Tanden waren, zonder Gelt voor die Probatie: Die Swarte of Geele hebben, het zy van ’t Blauschuyt of Quqlen, zal zyze zonder Pyn of Smert op staende voet wel wit en zuyver maeken en dat zy van de Blauschuyt in de Mont zullen geholpen zyn, zonder eenige de minste Pijn en alleen door Instumenten. Die lange of ongefatsoeneerde Tanden hebben kan zy oock fatsoeneeren: Die geincommodeert zyn met Gescheurtheyt, het zy Mannen, Vrouwen of Kinderen zal zy door Banden zeer konstig helpen, yder na syn Gebreck en alleenlijck op haer Woort, zo als deselve haer onderrechtinge daer van zullen geven. Deze Juffrou is te vinden in de Schrijnwerkers Steeg in de Blinde Werelt, ten huyse van Barbertje Gerrits by de groote Marckt”. (Delpher, 2021)
Vertaling
"Men laat aan alle heren en dames, burgers en liefhebbers weten, dat in de Stad Rotterdam een juffrouw gekomen is die een uitnemende kennis heeft van tanden. Zij staat daar ook om bekend in Vlaanderen, Brabant, Artois en Zeeland alwaar zij in omliggende plaatsen menige personen met dezelfde kwaliteit en vaardigheid heeft behandeld en geholpen. Er is niemand zo goed als zij. Bij personen die gehinderd worden door uitgevallen tanden, hetzij veel of weinig, plaatst zij nieuwe tanden zodat deze personen geen last meer hebben met eten, spreken of zingen. De tanden blijven bij gebruik zo stevig zitten alsof het echte tanden zijn. Niet goed, geld terug. Mensen met zwarte of gele tanden, hetzij door scheurbuik of door kwalen: zij zal ze zonder pijn en verdriet direct wit en zuiver maken en zij kan scheurbuik in de mond genezen met instrumenten, zonder de minste pijn. Lange of lelijke tanden kan zij fatsoeneren. Zij die last hebben van een wond, hetzij mannen, vrouwen of kinderen, zal zij zeer kundig verbinden, zij weet wat nodig is Deze juffrouw is te vinden in de Schrijnwerkerssteeg in de Blinde Wereld, ten huize van Barbertje Gerrits bij de Grote Markt."

Deze juffrouw uit Rotterdam, die later naar Amsterdam verhuisde, was Dorothea Catherina Bokstal, die in latere jaren, na het overlijden van haar echtgenoot, tot 1720 min of meer regelmatig als de Wed. Vromhout adverteert. Het valt op dat in deze advertentie niets over ‘trekken’ van tanden of kiezen werd vermeld. Mogelijk werd deze behandeling door heelmeesters, de chirurgijns en mogelijk ook door de barbieren en kwakzalvers gedaan.

1725-1815: De Tandmeesters

Een aantal jaren later verscheen de eerste advertentie van een “oogen en tanden-meester”, te weten C.F. Gunther van Neurenberg die in 1724 in Amsterdam ging werken en in een advertentie aangaf een bijzondere wetenschap te hebben om “de Menschen gebreeken aan ’t Gezigts, ‘t Gehoor of aan de Tanden te geneesen”.

Joseph Lehman

De komst van Lehman Joseph naar Amsterdam, rond 1750, moet gezien worden als de doorbraak van de tandmeesters in Nederland (afb. 1). Hij en diverse anderen, veelal afkomstig uit Oost-Europa en Duitsland en vaak uit een Joodse familie, vestigden zich in hoofdzaak in Amsterdam rond de Zuiderkerk (de toenmalige Amsterdamse Jodenbuurt) (Gemeentearchief Amsterdam). Zij plaatsten advertenties over hun behandelingen. Lehmans eerste advertentie uit de Oprechte Haerlemsche Courant dateert van 1 augustus 1762 (kader 2).

Afb. 1. Een portret van Lehman Joseph. (Bron: Rijksmuseum, Amsterdam)
Kader 2. Joseph Lehmans eerste advertentie
Orginele tekst
"Lehman Joseph, Kies en Tand Meester t’Amsterdam, die gewoond heeft op de Joode Breestraat woond thans in de Eerste Nieuwe Hoogstraat tussen de ZyyderKerk en ’t Oost-Indies-Huys naast de Zandstraat boven de Tinnegieter. By dezelve is in Commissie te bekomen een Remedie, om alle Venus-Qualen in weinige dagen te genezen, zonder verzuym van eenige Affaires." (Delpher, 2021)
Vertaling "Lehman Joseph, kies- en tandmeester te Amsterdam, die gewoond heeft op de Jodenbreestraat, thans wonend in de eerste Nieuwe Hoogstraat tussen de Zuiderkerk en het Oost-Indisch Huis, naast de Zandstraat, boven de tinnegieter. Hij kan u ook snel genezen van geslachtsziekten, zonder dat men iets hoeft te verzuimen."

Lehman Joseph was oorspronkelijk barbier die als tandmeester ging werken. In het begin voerde hij dus ook een ander soort behandelingen uit, zoals uit zijn advertentie bleek. Hij trok door het hele land en gaf in kranten aan waar hij te vinden was. Hij wordt wel beschouwd als de stamvader van de tandmeesters. Van hem zijn diverse advertenties te vinden, zoals in de Leeuwarder Courant van 11 december 1771, waarbij bescheidenheid niet direct zijn sterkste punt was (kader 3).

Kader 3. Lehman Joseph, de beroemde tandmeester
Orginele tekst
"Lehman Joseph, Beroemd Tandmeester, wonende te Amsterdam, in de eerste Hoogstraat, boven de Tinnegieter door eenen der Professoren in de Medicynen na Groningen ontboden zynde en zyne Operatie aldaar met ongelooflyk succes verrigt hebbende, gedenkt hier te Leeuwarden maar 2 dagen te vertoeven zynde gelogeert in de Harlinger Kelder.” (Delpher, 2021).
Vertaling "Lehman Joseph, beroemd tandmeester, wonende te Amsterdam in de eerste Hoogstraat boven de tinnegieter, is door een professor in de medicijnen in Groningen ontboden en heeft daar een operatie met ongelooflijk succes verricht. Lehman Joseph verblijft nu 2 dagen in Leeuwarden en logeert in de Harlinger Kelder."

Doordat het beroep tandmeester vaak van vader op zoon ging en de zonen zo het vak leerden, is een aanzienlijk aantal tandmeesters nakomeling van Joseph Lehman. Zijn zonen, die zich Lehmans noemden, en schoonzonen Dentz en Son, oefenden vele jaren het beroep van tandmeester uit (later als tandarts). Amsterdam was hun hoofdvestiging en na toestemming van de lokale overheid en instemming van gilden, werkten zij ook in andere steden. De 2 meest bekende adverteerders waren Samuel Lehmans (1751-1818) en Simon Nathans (1755 – 1811). Enkele voorbeelden uit de jaren rond 1790 zijn te zien in kader 4 en 5.

Kader 4. Samuel Lehmans waarschuwt voor misbruik van zijn roem door anderen
Orginele tekst
“Wees voorzigtig zo gy gebreken aan uw Tanden hebt of genoodzaakt zyt een Kies of Tant te moeten laten uitnemen, dat gy u niet in handen geeft van een ieder die zig noemt Tandmeester-- De roem van den Tandmeester SAMUEL LEHMANS is zo wel gevestigt dat ryzende en zwervende Tandmeesters zyn Adres en Billieten naschryven en zyn naam gebruiken om in credit te komen--Dagelyks komen veele lyders van buiten by hem om te laaten verbeteren dat diergelyke zwervers bederven--zyn ongemeene groote praktyk in het UITNE-MEN, INZETTEN en SCHOONMAKEN van Tanden, behoeft geen recomman-deeren, maar waarschouwd enkel de mishandelingen voortekomen, nauw-keurig op zyn Naam SAMUEL LEHMANS en woonplaats te letten, zynde ’t nieuw vertimmerd Huis, tegen over de groote hardsteene Apotheek op de Anthonies- of Jooden-Breestraat; te Amsterdam” (Delpher, 2021)."
Vertaling "Wees voorzichtig als u gebreken aan uw tanden hebt of als u genoodzaakt bent een kies of tand te moeten laten trekken. Geef u niet in handen van eenieder die zich tandmeester noemt. De roem van tandmeester Samuel Lehmans is zó gevestigd dat reizende en zwervende tandmeesters zijn adres en biljetten naschrijven en zijn naam gebruiken om meer respect te krijgen. Dagelijks komen mensen van buiten de stad met gebitsproblemen bij Lehmans om te laten verbeteren wat de rondreizende lieden bedierven. Zijn zeer grote praktijk in het trekken, inzetten en schoonmaken van tanden behoeft geen aanbeveling. Hij waarschuwt u slechts mishandeling van uw gebit te voorkomen. Let daarom op zijn naam en woonplaats: Samuel Lehmans, in het nieuw verbouwde huis tegenover de hardstenen apotheek in de Anthonies- of Jodenbreestraat te Amsterdam."
Kader 5. Simon Nathans voert praktijk ten huize van weduwe Lehman Joseph
Orginele tekst
"”SIMON NATHANS”schoonzoon van de beroemde LEHMAN JOSEPH, Kies en Tandmeester, zet valsche Tanden in als nattuurlyke, maakt de zwarte, geele en met Kalk bezette Tanden schoon, vylt de scherpe en puntige, bevestigsd de losse, vult de holle met Goud Zilver of Lood, rangeert de Tanden van Kinderen, woont by de Wed. Lehman Joseph, vermaarde Kies en Tand-meester in de de HoogstraatTinnegieter-NB -Arme of Werklieden die by wylen haar Kiezen of Tanden verwaarloozen wegens gebrek aan geld kunnen ’s Maandags voordemiddags tot 2 uuren voor nie bediend worden het zy pynlyke Kiezen, Tanden, Worteltjes of andere ongemakken aan de Mond, ten Huize van de voorn. Wed. LEHMAN JOSEPH Kies en Tandmeester in de Hoogstraat by de Zanddwarsstraat boven de Tinnegieter waar het Beeld van Lehman Joseph levensgroot voor het venster staat. NB-- Recommandeert Parel Wassing en Opiat Royal om om het Gebit te versterken (Delpher, 2021)."
Vertaling
"Simon Nathans, schoonzoon van de beroemde Lehman Joseph, Kies- en tandmeester, zet valse tanden in als natuurlijke, maakt zwarte en gele tanden schoon en verwijdert tandsteen, vijlt scherpe en puntige tanden bij, zet losse weer vast, vult gaatjes met goud, zilver of lood, zet tanden van kinderen recht. Hij woont bij de weduwe Lehman Joseph, de vermaarde kies- en tandmeester in de De Hoogstraat boven de Tinnegieter. NB: Armen en arbeiders die hun gebit verwaarlozen wegens gebrek aan geld kunnen ’s maandags tot 2 uur ’s middags gratis geholpen worden bij pijnlijke tanden, kiezen en wortels of andere mondklachten, ten huize van de eerdergenoemde weduwe Lehman Joseph, Kies- en tandmeester in de Hoogstraat bij de Zanddwarsstraat boven de tinnegieter, waar het beeld van Lehman Joseph levensgroot voor het raam staat. NB: Hij beveelt Parel wassing en Opiat Royal aan om het gebit te versterken."

Voor 1800 plaatsten ongeveer 30 tandmeesters 1 of meer advertenties.

Een tandmeester aan het werk (Bron: Collectie Universiteitsmuseum Utrecht)

1815 – 1876: Proeve van bekwaamheid

Gedurende de periode van de Bataafse Republiek kwam er meer regelgeving. Het gevolg daarvan was dat vanaf 1818 de tandmeester bij vestiging verplicht werd bij een provinciale commissie een proeve van bekwaamheid af leggen of arts te zijn. Dat leidde ertoe dat in de periode 1818-1876 er nog zo’n 160 tandmeesters bijkwamen. Daarvan waren 136 provinciaal erkend. Zij hadden veelal een nevenberoep als koopman of diamantslijper, waarschijnlijk ook om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien. Het adverteren werd steeds minder, zowel in aantal als in uitgebreidheid. In die tijd waren er nog veel analfabeten en waarschijnlijk was het beperkte aantal lezers inmiddels voldoende op de hoogte van de werkzaamheden van een tandmeester. Een artikel uit het Dagblad van ‘s Gravenhage van 28 juli 1845 laat dat zien (afb. 2).

Afb. 2. Een artikel uit het Dagblad van ’s-Gravenhage van 28 juli 1845.

In 1874 waren er volgens het Geneeskundig overzicht nog slechts 57 erkende tandmeesters. Dit was mede een gevolg van de invoering van de Geneeskundige Wetten van Thorbecke (1866), waardoor er geen nieuwe tandmeesters meer bijkwamen. Eén en ander had als gevolg dat er slechts nog maar 1 tandmeester op ongeveer 70.000 inwoners was. Daarnaast verrichten heelmeesters tandheelkundige handelingen, wat vooral eerste hulp inhield (extracties, ontstekingen etcetera).

1876 – 1914: Het staatsexamen

Onder leiding van Theodore Dentz (arts-tandmeester, 1840-1933) kwam in 1876 een opleiding tot tandmeester tot stand (niet verplicht) en werd een staatsexamen voor tandmeester ingesteld. Dit betekende dat tot begin 1913, toen de naam tandarts wettelijk werd geregeld, er nog ongeveer 400 tandmeesters bij kwamen. Na het afstuderen noemden veel tandmeesters zich reeds tandarts, zoals te lezen valt in een advertentie in de Hoornsche Courant van 28 oktober 1885 van de eerste afgestudeerde “vrouwelijke tandarts” (afb. 3).

Afb. 3. Advertentie van de eerste afgestudeerde vrouwelijke tandarts. (Bron: Hoornsche Courant, 28 oktober 1885)

Na vele jaren van beperkte mogelijkheden werd door de oprichting van tandheelkundige beroepsverenigingen, als Nederlandsch Tandheelkundig Genootschap (1881, beperkte toegang), Nederlandsche Tandmeesters Vereniging (1893) en Vereniging van Nederlandsche Tandartsen (1904) en de uitgifte van het Tijdschrift voor Tandheelkunde (1894) het voor tandmeesters mogelijk meer kennis van het beroep te krijgen. Ook kreeg hun belangenbehartiging meer aandacht (zoals bestrijding van onbevoegde tandheelkunde).

Met het invoeren van de nieuwe benaming tandarts in 1913 was de tandmeestersperiode ten einde.

Naschrift

Uit de advertenties van de eerste generatie tandmeesters is duidelijk dat zij wel enige kennis van het beroep van familieleden kregen, maar het zelf verder moesten ontwikkelen en naar lezers van kranten moesten uitdragen. Door de jaren heen is adverteren met reclame door tandheelkundige verenigingen, mede door beroepsethiek, verschillend beoordeeld. Zo was het rond 1900 voor leden van het Tandheelkundig Genootschap niet toegestaan, maar wel voor de leden van de Tandmeesters Vereniging. Bij de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Tandheelkunde is in de loop der jaren dit standpunt, tot op de dag van vandaag, wisselend geweest.

Literatuur

* Delpher. Digitale krantenbank tot 1915. www. Delpher.nl (geraadpleegd 5 februari 2021). * Gemeentearchieven (vooral Amsterdam) en diverse stambomen. * Diverse Jaarboeken van Tandheelkundige Verenigingen. * Bisseling GH. Aankondigingen in Nederlandsche couranten van vroeger. Ned Tijdschr Tandheelkd 1922; 29: 28-60. * Lieburg MJ van. Het tandheelkundig beroep in Nederland voor 1865. Ned Tijdschr Tandheelkd 1991; 91: 271-282. * Schutte DJ. Twee Eeuwen Tandmeesters in Nederland 1725-1915. 2020. Uitgegeven in eigen beheer. * Wiggen GJ van. In meer eerbare banen, De ontwikkeling van het tandheelkundig beroep in Nederland van 1865-1940. Amsterdam: Rodopi, 1987.

Summary

Tooth-masters and their advertisements in Dutch Newspapers from 1691 till 1876

By means of newspaper advertisements, we can paint a picture of tooth mastership in the 17th,18th, and 19th century The first known advertisement about dentistry, written by Dorothea Bokstal, appeared in 1691 in two Dutch newspapers (in Haarlem and Amsterdam). She claimed to have an understanding of the Science of Teeth. The first tooth-master advertised himself in 1724, but the many advertisements by Lehman Joseph and his descendants in the 18th century were the ones that gave us real insight into the way that tooth masters worked, the problems they faced and when they were allowed to practice somewhere. After 1813 (the French period) a tooth master needed to prove his/her skills. And the invention of new materials and instruments made more treatments possible. The introduction of the medical laws by Thorbecke caused a setback, but the introduction of the State Exam in 1886 brought the tooth masters further knowledge in their field.

Auteursinformatie

D.J. Schutte Oud-adviserend tandarts Datum van acceptatie: 31 maart 2021 Adres: D.J. Schutte, Duinweg 21, 4325 EW Renesse djschutte@zeelandnet.nl

@Reacties?!
Hoe denk jij over adverteren in de tandheelkunde? Mail naar lezerspost@ntvt.nl of log in op www.ntvt.nl en geef je reactie onder dit artikel.
Read English abstract

Tooth-masters and their advertisements in Dutch Newspapers from 1691 till 1876

By means of newspaper advertisements, we can paint a picture of tooth mastership in the 17th,18th, and 19th century The first known advertisement about dentistry, written by Dorothea Bokstal, appeared in 1691 in two Dutch newspapers (in Haarlem and Amsterdam). She claimed to have an understanding of the Science of Teeth. The first tooth-master advertised himself in 1724, but the many advertisements by Lehman Joseph and his descendants in the 18th century were the ones that gave us real insight into the way that tooth masters worked, the problems they faced and when they were allowed to practice somewhere. After 1813 (the French period) a tooth master needed to prove his/her skills. And the invention of new materials and instruments made more treatments possible. The introduction of the medical laws by Thorbecke caused a setback, but the introduction of the State Exam in 1876 brought the tooth masters further knowledge in their field.

Inleiding

In 1913 kreeg de beoefenaar van het tandheelkundig beroep in Nederland bij het behalen van het staatsexamen wettelijk de naam tandarts, hetgeen betekende dat de titel tand- en kiesmeester niet meer kon worden gevoerd. Maar terugkijkend konden deze..